Deel I Socio-demografische gegevens.


1. In welk jaar ben je geboren?

19


2. Wat is je geslacht?
  Man
  Vrouw

3. Wat is jouw geboorteland?
  België  
  Nederland  
  Andere EU-land, namelijk:
  Andere niet EU-land, namelijk:

4. Heb je de belgische nationaliteit?
  Ja
  Nee

5. Woon je in België?
  Ja
  Nee
    Indien neen, ga direct naar vraag 7

6. In welke provincie woon je?
  West-Vlaanderen  
  Oost-Vlaanderen  
  Antwerpen  
  Limburg  
  Vlaams-Brabant  
  Waals-Brabant  
  Luxemburg  
  Henegouwen  
  Namen  
  Luik  
  Brussels Hoofdstedelijk Gewest  

7. Wat is jouw moedertaal?
  Nederlands  
  Frans  
  Duits  
  Engels  
  Andere:

8. Hoeveel broers/of zussen heb je?
 




Deel II Volgende vragen verwijzen naar jouw schoolloopbaan tot nu toe. Kies het gepaste antwoord uit de vermelde keuzemogelijkheden.


9. Aanduiden wat past.
  Ik ben dagstudent
  Ik ben werkstudent

10. Ik zit nu in mijn eerste jaar Criminologie
  Voor de eerste maal
  Voor de tweede maal
  Voor de derde maal (al dan niet met cumul of IAJ)

11. Welke opleidingsvorm volgde je in het secundair onderwijs?
  ASO ga naar vraag 12
  TSO ga naar vraag 13
  KSO ga naar vraag 14
  BSO ga naar vraag 14
  Andere:

12. Welke studierichting volgde je?
  Latijn - Grieks  
  Latijn – Wiskunde  
  Latijn – Moderne Talen  
  Moderne Talen – Wiskunde  
  Moderne Talen – Wetenschappen  
  Wetenschappen – Wiskunde  
  Economie – Moderne Talen  
  Economie – Wiskunde  
  Andere:
  ga naar vraag 15

13. Welke studierichting volgde je?
  Toerisme  
  Handel  
  Sociaal - Technische wetenschappen  
  Secretariaat Talen  
  Informatica  
  Grafische Technieken  
  Andere:
  ga naar vraag 15

14. Welke studierichting volgde je?
 

15 A. Ben je al eens blijven zitten?
  Ja
  Nee
15 B. Zo ja, hoeveel keer ben je blijven zitten?
   

16. Is criminologie de eerste hogere opleiding die je volgt?
  Ja (ga naar vraag 18)
  Nee

17. A. Welke opleiding heb je reeds gevolgd/ben je al eens begonnen na je  middelbaar onderwijs?
  Universitaire opleiding, namelijk
  Opleiding aan een Hogeschool, namelijk
  Andere:
B. Heb je die opleiding afgemaakt  
  Ja  
  Nee  
C. Waarom wel/niet?  
 

18. Zit je op kot?
  Ja
  Nee

19. Sommige studenten dienen geheel of gedeeltelijk hun studies (inschrijvingsgeld, boeken, kot,....) zelf te betalen. Hoe zou je jouw situatie omschrijven?
  Mijn ouders betalen mijn studies volledig  
  Mijn ouders betalen mijn studies gedeeltelijk  
  Ik betaal geheel zelf mijn studies  
  Ik ben beursstudent  
  Andere:




Deel III Volgende vragen handelen over je vrijetijdsbesteding.


20. Naast studeren werk ik…
  Niet
  1 tot 8 uur per week
  Tussen 8 en 16 uur per week
  Tussen 16 en 24 uur per week
  Meer dan 24 uur per week

21. Naast studeren ben ik ook geëngageerd in een jeugdbeweging en/of sociale of culturele vereniging, enz… gedurende…
  Niet  
  1 tot 4 uur per week ga naar vraag 23
  Tussen 4 en 8 uur per week ga naar vraag 23
  Tussen 8 en 12 uur per week ga naar vraag 23
  Meer dan 12 uur per week ga naar vraag 23

22. Waarom niet?
  Ik breng mijn vrije tijd liefst alleen of met een enkele vriend/vriendin door  
  Hoewel ik mijn vrije tijd doorbreng met een groep van vrienden/vriendinnen, ben ik geen lid van een georganiseerde vereniging  
  Andere:

23. Doe je aan sport (al dan niet in een vereniging)? Zo ja, hoeveel uur per week?
  Niet
  1 tot 2 uur per week
  Tussen 2 tot 3 uur per week
  Tussen 4 tot 5 uur per week
  Meer dan 5 uur per week

24. Kijk je TV? Zo ja, hoeveel uur gemiddeld per week?
  ik kijk nooit TV
  minder dan 4 uur
  tussen 4 en 10 uur
  tussen 10 en 16 uur
  meer dan 16 uur

25. Surf je op internet? Zo ja, hoeveel uur gemiddeld per week?
  ik surf nooit op internet
  minder dan 4 uur
  tussen 4 en 10 uur
  tussen 10 en 16 uur
  meer dan 16 uur

26. Onder de 1e bachelorstudenten Criminologie aan de VUB reken ik momenteel … tot mijn vriendenkring
  Niemand
  1 tot 2 andere studenten
  3 tot 4 andere studenten
  meer dan 4 andere studenten




Deel IV Nu volgen enkele vragen in verband met jouw ouders.


27. Wat is het geboorteland van je vader?
  België  
  Nederland  
  Andere EU-land, namelijk:
  Andere niet EU-land, namelijk:

28. Wat is het geboorteland van je moeder?
  België  
  Nederland  
  Andere EU-land, namelijk:
  Andere niet EU-land, namelijk:

29. Is je moeder op dit moment:
  Werkend ga naar vraag 30
  Werkzoekend ga naar vraag 31
  Gepensioneerd ga naar vraag 31
  Arbeidsongeschikt ga naar vraag 31
  Niet-Werkend (huisvrouw) ga naar vraag 31
  Andere: ga naar vraag 31
  Niet van toepassing ga naar vraag 31

30. Wat is het beroep van je moeder?
  Bediende  
  Arbeider  
  Zelfstandige of vrij beroep  
  Ambtenaar  
  Andere, namelijk
  Weet niet  

31. Is je vader op dit moment:
  Werkend ga naar vraag 32
  Werkzoekend ga naar vraag 33
  Gepensioneerd ga naar vraag 33
  Arbeidsongeschikt ga naar vraag 33
  Niet-Werkend (huisman) ga naar vraag 33
  Andere: ga naar vraag 33
  Niet van toepassing ga naar vraag 33

32. Wat is het beroep van je vader?
  Bediende  
  Arbeider  
  Zelfstandige of vrij beroep  
  Ambtenaar  
  Andere, namelijk
  Weet niet  




Deel V Vragen met betrekking op het verder studeren in het algemeen.


33. Ik heb gekozen om verder te studeren omdat... Meerdere antwoorden zijn mogelijk.
  ik nog geen zin had om te beginnen werken
  ik me nog verder wil ontplooien en nog wat meer kennis wil vergaren
  ik denk dat ik hierdoor kans maak op een interessantere job
  ik denk dat ik hierdoor later meer zal verdienen
  het een logische stap was na het beëindigen van mijn middelbare school
  mijn omgeving (familie, vrienden,…) erop aandrongen
  andere namelijk

33a. Wat is het hoogste diploma of getuigschrift dat je vader/moeder behaalden?
  Diploma Vader Moeder
  Lager onderwijs
  Lager middelbaar onderwijs
  Hoger middelbaar onderwijs
  Hogeschool
  Universitair onderwijs
  Weet niet

33B. Heeft hun diploma invloed gehad op jouw studiekeuze?
  ja
  nee

34. In welke mate hebben deze mensen je beïnvloed om verder te studeren?

1 is helemaal geen beïnvloeding, 4 is een hele grote beïnvloeding.

NVT staat voor Niet Van Toepassing. Dit kan het geval zijn voor als je bijvoorbeeld geen broers of zus hebt.

  1 2 3 4 NVT
Ouders
Broers en../of zussen
Andere familieleden
Vrienden
CLB
Infobeurzen, SID' IN
Opendeurdagen universiteit




Deel VI Vragen met betrekking tot de keuze van de opleiding criminologische wetenschappen.


35. In hoeverre heb je je laten leiden bij je keuze om criminologie verder te studeren door: (1= helemaal niet, 4 = helemaal).
  1 2 3 4
A. interesse voor de job als criminoloog/criminologe
B. er voor deze opleiding geen specifieke voorkennis vereist is
C. er niet zoveel uren les per week zijn
D. er gezegd wordt dat criminologie een “gemakkelijke” richting is
E. interesse voor de opleiding
F. ik niet meteen een andere richting vond die me interesseerde
G. ik niet hou van exacte wetenschappen
H. andere, namelijk …

36. Welke vakken leken jou het meest interessant bij de aanvang van je opleiding? Geef een cijfer van 1 tot 9 waarbij je een 1 geeft aan het meest interessante en 9 aan het minst interessante. Gelieve aan elk vak een ander cijfer te geven.
 

Bij aanvang

Nu
  1 2 3 4 5 6 7 8 9   1 2 3 4 5 6 7 8 9
A. Sociologie  
B. Bronnen van de criminologie  
C. Algemenen inleiding tot het recht  
D. Beschrijvende statistiek  
E. Psychologie  
F. Inleiding tot criminologie en strafrechtsbedeling  
G. Politieke geschiedenis van België  
H. Vakgericht Frans  
I. Hedendaagse cultuurfilosofie  

37. In welke sector zou je later het liefst tewerkgesteld zijn? Geef een cijfer van 1 tot 6 waarbij je een 1 geeft aan de sector waar je het liefst zou werken en een 6 aan de sector waar je het minst graag zou werken. Gelieve aan elke sector een ander cijfer te geven.
  1 2 3 4 5 6
A. politionele sector (federale/lokale politie,…)
B. justitiële sector (uitvoeren van vrijheidsberovende straffen, alternatieve maatregelen en straffen, strafrechtsprocedure,…)
C. jeugdsector (preventie en hulpverlening, gerechtelijk luik,…)
D. sociale sector ( migrantenwerking, buurtwerk, telefonische hulpverlening, projecten rond drugs en drugspreventie,…)
E. sector van de private bewaking, beveiliging en opsporing (detective en onderzoeksbureaus, bewaking/beveiliging/opsporing in bedrijven,…)
F. media (journalistiek, persdiensten,…)


STELLINGEN

38. Beantwoord de volgende stellingen. Als je een 1 antwoordt wil dit zeggen dat het helemaal niet van toepassing is. Als je een 4 antwoordt, wil dit zeggen dat het helemaal van toepassing is. Omcirkel het meest passende antwoord.
  1 2 3 4 NVT
Ik lees graag boeken over misdaad en criminaliteit
Ik kijk graag naar misdaadseries en misdaadfilms
Ik volg graag de actualiteit wanneer het gaat over justitie en criminaliteit
Ik wil meer inzicht krijgen in motieven van daders
Ik wil graag weten hoe politie en justitie in België te werk gaan
Ik vraag me af of het huidige strafrechtssysteem efficiënt is

39. Hoelang voor de aanvang van je studies ben je beginnen na te denken over de studie criminologie? Deze tijdspanne is....
  Langer dan 2 jaar
  1 jaar tot 2 jaar
  6 maanden tot 1 jaar
  3 maanden tot 6 maanden
  1 maand tot 3 maanden
  minder dan 1 maand

40. Beantwoord de volgende stellingen met ja of nee. “Voor ik mijn keuze voor de opleiding criminologie heb gemaakt, ….”
  JA NEE
Heb ik de cursussen ingekeken van criminologie
Heb ik met studenten criminologie gepraat
Heb ik de brochures zorgvuldig gelezen
Heb ik met mensen uit het criminologisch werkveld gepraat
Ben ik naar het CLB gegaan voor extra informatie over criminologie
Ben ik naar de opendeurdag van de VUB gegaan om informatie over criminologie in te winnen
Heb ik al eens een les bijgewoond uit de richting criminologie