|
|
|
|
Zelfstudie, de goede manier om jezelf je leven lang bij te scholen!Hieronder vind je de opdrachten die je te verwerken hebt dit jaar. Je
kan zelf een planning opstellen. Hou daarbij wel rekening met opgegeven
deadlines - dit zijn uiterste data waartegen bepaalde opdrachten afgewerkt
moeten worden - en wees realistisch bij het plannen.
|
| Globale grafieken | Som- en verschilgrafiek | Verbanden |
| Grafieken aflezen | Maximum en minimum | Formules |
| Grafieken tekenen | Periodieke grafieken | Formule naar grafiek |
MOET! Enkele grafische voorstellingsmogelijkheden... om te verkennen
Vooral de laatste eens goed bestuderen, aub! Een steel-bladdiagram of stengelbladdiagram moet je kunnen gebruiken.
Interpreteren:
alle grafieken overlopen en de vragen beantwoorden!
Alle
eindantwoorden voor elk van de 6 grafieken uit het 1° deel: 'interpreteren'
worden netjes genoteerd.
De werkwijze vermelden is niet nodig!
Diagrammen
omzetten: dit is een belangrijke werkwijze.
Hoe sneller je deze
onder de knie hebt hoe beter!
Voor dit deel 'diagrammen omzetten' maak je één volledige oefening.
Je krijgt een tabel met 3 kolommen waarvan één ingevuld
is.
Neem die tabel over (tekeningen niet!) en geef de oplossingen van de 2 andere
kolommen.
Gebruik een verschillende kleur voor gegeven kolom en antwoordkolommen.
Omzetten zorgt bij jou voor problemen? Klik
hier even voor meer uitleg
over procentrekenen.
Iets niet duidelijk? Vraag het me even. Je hebt - minstens - één week tijd voor deze opdracht.
Op verkenning
- MOET! Lees 5.1.1. pagina 176-177: Inleiding / pagina 6-14: Inleiding en terminologie (1.1. tot en met 1.3)
Studeer de definities. Noteer die op je verslag.
Geef de definitie van statistiek.
Wat is een populatie?
Wat is een steekproef?
Wat zijn waarnemingsgetallen?
Welke soorten waarnemingsgetallen bestaan er?
Zoek in een krant, tijdschrift of internet een voorstellingswijze van gegevens. Kleef dit op je verslag.
Wat is de populatie in jouw voorbeeld?
Wat is de steekproef uit jouw voorbeeld?
Wat zijn de waarnemingsgetallen?
Je krijgt een grafiek.

Wat staat hierop afgebeeld?
Je antwoord moet
volledig zijn.
Wat stel je vast op basis van de leeftijd?
Kan je daar een verklaring voor geven?
Zorg ervoor dat je verklaring
doordacht is en alle onderdelen van de grafiek bespreekt.
MOET! Studeer pagina 179-181 / pagina 14-17 (1.4)
MAG! Bestudeer nog even volgende grafische voorstellingswijzen
MAG! Oefeningen
Open "voorstellengeg.xls"
Voer de opdracht in een nieuw Excel rekenblad uit. Sla het resultaat op je eigen computer op zodat je het terug kan vinden. Dit moet je niet indienen.
1° week:
kijk bij 'in te dienen'
Maak hb pagina 182 oefening 1 (pagina 20 oefening
10).
Maak dit in Excel... of in Word...
Alleen als het je echt niet lukt met de computer, maak je
deze oefening op een takenblaadje.
Voorzie je pagina van je naam, klas en nummer en print het
resultaat.
Weet je echt niet hoe het moet? Kijk dan eens bij
Grafieken met Excel of bij
Grafieken met Word
Een startcursus Excel vind je eerst
hier en dan voor grafieken
hier.
2° week:
kijk bij 'in te dienen'
Na verbetering (in klas) van vorige opdracht begin je hieraan.
Maak hb pagina 182 oefening 2
(pagina 20 oefening
11) om verder te oefenen.
Voorzie je pagina van een koptekst met je naam, klas en nummer
Drop het resultaat in de uploadzone.
Het sommatieteken
MOET! Studeer blz. 184-185 punt 5.2.1 / pagina 24 (2.3)
Frequenties
MOET! Lees blz. 185-188 / pagina 25-29 (2.4 tot en met 2.6)
MOET! Zorg dat je volgende begrippen kort kan uitleggen:
Frequentietabel
Absolute frequentie
Relatieve frequentie
Cumulatieve frequentie
Cumulatieve absolute frequentie
Cumulatieve relatieve frequentie
MAG! Oefening (met oplossing - om jezelf eens te testen - niet in te dienen)
Tijdens de sportnamiddag willen de leraren lichamelijke opvoeding van de Sint-Jansschool de behendigheid van de 603 leerlingen testen.
Met behulp van banken, touwen, klimrekken en ander marteltuig stellen zij een hindernissenparcours op.
Met elk van de twintig hindernissen is er telkens één punt te verdienen.Om een idee te krijgen van het resultaat van de test noteert een leraar de scores van elke tiende leerling die de proef aflegt.
Op het einde heeft hij de score van 60 leerlingen genoteerd.De scores van deze 60 leerlingen zijn:
11
13
8
13
12
16
10
12
15
13
13
9
15
13
16
12
14
14
15
10
15
16
15
10
11
15
9
16
12
17
12
10
12
14
13
17
13
14
17
15
11
16
14
16
16
10
15
17
14
17
12
13
14
9
13
15
13
13
10
14
Vraag:
Wat is de populatie?
Wat is de omvang van de steekproef?
Vul de frequentietabel in (doe dit op papier) met xi, A.F., R.F. en R.F. in %.
xi A.F. R.F. R.F. in %
Maak een schijfdiagram in Excel met de procentuele relatieve frequentie.
Maak een strookdiagram in Excel met de procentuele relatieve frequentie.
De juiste oplossing vind je in het Excelbestand: behendigheid.
Oefeningen
Maak hb 196 oef 1 : a - d - e / pagina 33 oef 7 a - d - e
Maak hb 196 oef 3 a - c / pagina 33 oef 9 a - c
In Excel kan je ook aan statistiek doen. Vind je hoe?
(helpfunctie: probeer oef 3a (9a) op computer, oplossing in Excel vind je
hier)
MAG! Ook met je rekentoestel is het mogelijk om oefeningen op te lossen: grafisch rekentoestel en frequentietabel.
Op verkenning
MOET! Studeer blz. 189-190 ivm Histogram. / pagina 35-39 (3.1 tot en met 3.3) + pagina 41 (3.4)
Dit kan pas lukken als je je echt op de verschillende stappen concentreert.MAG! Hoe een klassenindeling maken wordt hier nog eens uitgelegd.
MAG! Uitleg over het histogram kan je ook hier vinden.
Enkele oefeningen om het onder de knie te krijgen...
MOET! Maak hb 199 nr 14 a, b, c, d / pagina 47 oef 7 a-b-c-d om dit in te oefenen. Houd je oplossing bij in je cursus. De oplossing vind je hier.
MAG! In een school worden op een dag de boekentassen van al de leerlingen van het derde jaar gewogen.
De resultaten vind je op een Excelblad: "wegingboekentas".Vragen :
Wat is hier de populatie?
Wat is de steekproef?
Maak frequentietabel met AF, RF, CAF en CRF.
Stel het histogram op met klassen
Kan je dit ook met Excel?
Los al deze vragen op een 2de werkblad in de opdrachtwerkmap "wegingboekentas"op.
Oplossing nodig? "wegingboekentasoplossing"
Nog even verkennen
MOET! Studeer blz. 192-193 ivm de enkelvoudige frequentiepolygoon. / pagina 35-39 (3.1 tot en met 3.3) + pagina 42 (3.5)
MAG! Meer informatie kan je hier ook vinden: Frequentiepolygoon.
Maak van één oefening - zie smartschool
- opgave mee kopiëren - een verslag.
Even oefenen in
Gegroepeerde
frequentietabellen (met klassen)?
Uitgewerkt
voorbeeld - met uitleg - van zo'n oefening vind je bij "In te dienen".
Met centrummaten geef je het 'midden' van een verdeling aan. Bij veel verdelingen liggen de getallen 'rond' een bepaald getal. Met een centrummaat geef je aan waar de getallen zo'n beetje om heen liggen. De 3 bekendste centrummaten zijn:
- Leer hb blz. 201 - 203 (pagina 51-53 4.1 en 4.2), je kan ook eens kijken bij Het (rekenkundig) gemiddelde.
- Oefening Maak van elke reeks oefeningen tot je het kan.
Ken je het? Eventjes testen? Hierna kan je Gemiddelde, Modus en Mediaan op een ludieke manier inoefenen.
Een ogief is eigenlijk een cumulatief frequentiepolygoon. Je maakt gebruik van C.A.F. en C.R.F. - in plaats van A.F en R.F - om de grafiek op te stellen.
Fris snel de leerstof ivm Histogram en Frequentiepolygoon op.
MOET! Studeer blz. 194 - 195 ivm Ogief. / pagina 40 (3.3.2)
MAG! Uitleg over het ogief of somfrequentiepolygoon kan je ook hier of hier vinden.
MAG! Hoe je zo'n cumulatief frequentiepolygoon moet tekenen kan je hier zien.
MAG! Controleer ook eens waarom het Combineren van frequentie- en somfrequentiepolygoon geen goed idee is.
Je maakte reeds hb p 199 oefening 14 a, b, c en d / pagina 47 oef 7 a-b-c-d. Werk deze oefening af door e (e) uit te voeren. De oplossing controleer je hier.
Maak hb p 199 oefening 17 / pagina 47 oef 10 helemaal. Doe dit overzichtelijk op een cursusblad. Daarna doe je dit nog eens over in EXCEL.
Heb je nog een extra oefening nodig? Maak dan oefening 16 uit je handboek. De oplossing kan je altijd bij mij komen nakijken.
Je kent de begrippen Rekenkundig gemiddelde, Modus en Mediaan. Daarbij komt nog een nieuw begrip namelijk Kwartielen
- MOET! Studeer blz. 206 5.3.6 / pagina 56-58 (4.6 - 4.7). Dit zou geen problemen mogen opleveren.
Ken je alle centrummaten nog? Eventjes testen...
Maak hb p 209 oefening 12 /
pagina 62 oefening 16 helemaal.
Een spreidingsmaat geeft aan of getallen in een verdeling dicht bij elkaar liggen of juist ver uit elkaar. Met centrummaten geef je het 'midden' van een verdeling aan. Een spreidingsmaat is een maat voor het al dan niet 'dicht of verder weg liggen' van het centrum.Variatiebreedte en interkwartielafstand
MOET! Leer hb blz. 210 - 211 / pagina 63 - 64 en bij Variatie- of spreidingsbreedte en Kwartielafstand.
Boxplot
of snorrendoos
MOET! Leer hb blz. 212 / pagina 65 - 67 en bij Boxplot of ook hier nog eventjes... Boxplot
Een boxplot is een grafiek waarin de spreiding van een variabele wordt weergegeven aan de hand van de mediaan en het eerste en derde kwartiel. De onderste en de bovenste lijn geven respectievelijk de laagst en de hoogst voorkomende waarde weer. De lijn in de rode boks stelt de mediaan voor en de onder- en bovenrand van de boks zijn respectievelijk het eerste en derde kwartiel. De helft van de waarnemingen ligt dus in de rode boks.
Variantie en standaardafwijking
MOET! Leer hb blz. 212 - 214 / pagina 67 - 69 en bij Standaarddeviatie
MOET! Klaar? Dan kun je alles eventjes samenvatten door het uitgewerkt voorbeeld te bestuderen en uit te werken.
In te dienen: ... niets
We maken volgende opdrachten en bereiden daarmee ons examen statistiek perfect voor.
Nog een oefening over standaardafwijking met controle nodig?
Zo jullie werk zit erop. Ik hoop dat je het niet te erg vond...
![]()
Bij een gezelschapsspel moet je werpen met twee dobbelstenen om een pionnetje te laten vooruitgaan. Je bent bijna gewonnen, maar je moet exact 7 werpen. Hoeveel kans maak je eigenlijk dat je 7 werpt? Laten we dit even bekijken met dit eenvoudig experiment.
Ik gooi 50 keer met twee dobbelstenen en noteren telkens de som.
De resultaten zijn :
|
2 |
3 |
4 |
6 |
9 |
4 |
9 |
11 |
7 |
7 |
|
10 |
9 |
9 |
7 |
4 |
8 |
8 |
4 |
2 |
3 |
|
4 |
4 |
7 |
7 |
5 |
8 |
2 |
2 |
11 |
5 |
|
10 |
12 |
6 |
2 |
12 |
10 |
8 |
12 |
3 |
11 |
|
12 |
6 |
8 |
11 |
6 |
7 |
11 |
6 |
2 |
2 |
Wat is de populatie?
Wat is de steekproef?
Vul tabel aan :
|
Volgnummer |
Xi |
Ni |
Fi |
cfi |
Cni |
cfi |
|
|
|
|
|
|
|
|
Stel het ogief op.
Maak ik veel kans?
Op het leercentrum (bij Documenten Deel 5 Statistiek) vind je een blanco voorbeeld van een examen. Als je in kolom M 25 willekeurige resultaten ingeeft en hetzelfde doet voor kolom N dan zal je de gegevenstabel zien veranderen. Dit gebeurt normaal gezien op elk van de volgende werkbladen ook. Je kan de opgave oplossen op werkbladen 2, 3, 4 en 5. De oplossing kan je nakijken op het laatste werkblad. Pas op! Hier moeten nog wat wijzigingen in de formules aangebracht worden, want jouw klassen zijn niet te voorspellen. Ik wens je veel succes bij het oplossen en hopelijk lukt het zonder al te veel problemen.
Ter herinnering: in informatica krijg je voldoende informatie om dit zonder problemen op te lossen. Gebruik je boekje 'Rekenblad' waar nodig.
An Vandersteene - Wiskundehoekske van steentje - ASO
|