* Recensie nieuwe Van Dale XIV *




aan · 1. (bij prijzen) tegen, voor 2. (bij snelheden) met 3. (bij spelletjes) in de verbinding: Het is aan mij (hem, u...) Het is mijn (zijn, uw...) beurt
— (bet. 1) Peren aan 1 euro per kilo verkopen.
— (bet. 2) Hij racete aan 150 km/h over het asfalt.

zich aanbieden · (Fr. se présenter) zich aanmelden, zich opgeven (als kandidaat, belangstellende enz.)

aandacht! · opgelet! attentie!

aandampen · met damp bedekt worden, beslaan, bewasemen

aanduiden · (iemand) aanwijzen, benoemen, kandidaat stellen
— VN-secretaris-generaal Kofi Annan heeft een speciale gezant aangeduid voor Irak [...]

aanhoudingsmandaat · arrestatiebevel

dat zou men hem niet aangeven · dat zou men hem niet nageven

aangewezen · aanbevelenswaardig, raadzaam, gewenst:
— In sommige gevallen is het gebruik van Microsoft SharePoint Portal Server niet aangewezen om te voldoen aan de noden van een intranet/extranet.
— Het lijkt inderdaad aangewezen dat dit personeel wordt bijgeschoold inzake de milieuhygiënische aspecten.

aankomstlijn · (sport) finish, eindstreep

aankondiging · advertentie

aanrander · (soms gebruikt zonder seksuele connotaties, in de betekenis van) aanvaller, overvaller

aanvijzen · aanschroeven

aanwervingsstop · vacaturestop

aanwezigheidslijst · presentielijst

aanzien · (aanziet, aanzag, h. aanzien) beschouwen
— Ik aanzie dit als een zeer zware en directe beschuldiging.

iemand voor de aap houden · voor de gek

aarde aan de dijk brengen · zoden aan de dijk zetten (brengen)

abonnent · (niet alg.) abonnee

academicus, academica · universiteitsmedewerk(st)er

accident · ongeluk, ongeval

achterkeuken · bijkeuken

achterophinken · (ook: achterop hinken) achterlopen, niet bij de tijd zijn, niet mee kunnen.

achterpoort(je) · onnauwkeurigheid in een wet waardoor men die kan omzeilen, achterdeurtje

achterstal · schuld (vrijwel altijd in de verbinding 'achterstal van betaling')

administratie · ministerie

afbieden · afdingen

afbollen · (vrijwel altijd met het -) (informeel) weggaan, opstappen, ophoepelen, opkrassen
— Het wordt al laat, ik bol het maar weer eens af.
— Ach, bol het af met die rommel.

afdankingspremie · ontslagpremie

afdoen · (gras, graan e.d.) maaien

afdokken · (informeel) betalen, dokken

afdweilen · (straten, plaatsen) doelloos aflopen

hij heeft er geen affaire(s) mee · die zaak gaat hem niet aan, moet er zich niet mee bemoeien

afgang · (verouderd, zeldzaam) diarree

afgevaardigd beheerder · gedelegeerd commissaris

afgiftekantoor · kantoor waar grote hoeveelheden post kunnen worden afgegeven om gefrankeerd en verzonden te worden

afhankelijkheden · bijgebouwtjes, aanbouw. 2. Bij uitbreiding ook voor al wat ergens toe of bij behoort, aanhangsels.
— De belasting wordt berekend per kubieke meter inhoud voor al de gebouwen, met inbegrip van de afhankelijkheden [...], zoals werkplaatsen, magazijnen, stallen en garages.

afkomen · (langs, op bezoek) komen
— Als je morgen tijd hebt kom je maar af.

met iets afkomen · ermee aan komen zetten

afkuisen · reinigen, schoonmaken, afvegen

afrijden · (gras) maaien

afscheidspremie · ontslagpremie

afschrijven · overschrijven
— Afkijken, het maken van spiekbriefjes en het afschrijven van andermans werk zijn ontoelaatbare praktijken en zullen door de examencommissie zwaar bestraft worden.

afstappen · 1. opstappen, weggaan 2. uitstappen (bus, trein, e.d.)
— (bet. 1) Ik stap het maar weer eens af

aftasten · fouilleren

aftrappen · (vrijwel altijd met het -) (informeel) weggaan, opstappen, ophoepelen, opkrassen. Vergelijk afbollen

aftrekken · (een fles) openen met een aftrekker

aftrekker · 1. flesopener 2. vloertrekker

aftroeven · afranselen

afvijzen · afschroeven

afwassen · (van stoffen) door te wassen bleker worden
— Ik haatte destijds die vettige gasten in hun blauwe afgewassen jeans (E.V. in be.radio)

agentschap · woningbureau

agglomeratie · bebouwde kom

ajuin · 1. ui 2. domoor

akkoord zijn met · akkoord gaan met

met, bij algemeenheid van stemmen · met eenparigheid van stemmen

alleenverdeler · alleenvertegenwoordiger

alleszins · hoe dan ook, in ieder geval
— Op gebied van snelheid is Maxtor alleszins zeer goed (F.);
— Alleszins bedankt voor je snelle reactie (D.)

een allusie maken op · zinspelen op

als · (spreektaal) toen
— Hij was er al als ik binnenkwam

amai · uitroep van verbazing of teleurstelling

ambachtelijk · industrieel

ambetant · vervelend, naar

ambeteren · lastig vallen

het openbaar ambt · de ambtenarij, de openbare dienst

ambulancier · chauffeur van of begeleider in een ziekenwagen

ancien · oude rot, geroutineerd of ervaren persoon in een bepaald beroep of functie

ten andere · in de tweede plaats, ten tweede

animatie · ontspannings- of feestelijke activiteiten
— In het hoogseizoen is er elke dag animatie voorzien voor de kleintjes. (W.B.)

anticipatief · anticiperend

apenjaren · pubertijd

appartementsgebouw · flatgebouw

appelsien · sinaasappel

appelspijs · (niet alg.) appelmoes

applausvervanging · publiekswissel

aprilse grillen · veranderlijk, buiig weer in april

aprilvis · aprilgrap

arbeidsgeneesheer · bedrijfsarts

arbeidskamer · voorbereidingskamer in een kraamkliniek

arbeidstoezicht · arbeidsinspectie

Ardeens · Ardens

armoezaaier · armoedzaaier

arrest · schooltuchtelijke straf

arsenaal · werkplaats bij de spoorwegen

artisanaal · ambachtelijk, kunstambachtelijk

artisanaat · de (kunst)ambachtelijke sector

artsensyndicaat · artsenvereniging

ascendentenverdeling · boedelverdeling

autocontrole · verplichte periodieke autokeuring

automobielinspectie · autokeuring

autopiloot · autocoureur

autorodeo · spectaculaire terreinrit

autostop (doen) · liften

autostrade · autosnelweg, snelweg

autovoerder · (zeldzaam) chauffeur, bestuurder
— Als autovoerder moet je kunnen stoppen voor elke hindernis. (G.K.)

avondleergang · avondschool

awel · welnu, wel, nu




baalkatoen · grof, ongebleekt katoen

de baan ruimen · het veld ruimen
— Moet een burgemeester na 12 jaar verplicht de baan ruimen voor een opvolger?
— Eerder moest coach Lien al de baan ruimen voor André Maes, die vorig seizoen Brother Gent onder zijn leiding had.

baancafé · aan een grote weg gelegen café

baanvast · (van auto's) met een goede wegligging

baanvastheid · wegvastheid

iemand de baard afdoen (in –) · hem de baas zijn, hem in iets overtreffen

iemand siroop (stroop) aan de baard smeren · iemand stroop om de mond smeren

badstad · badplaats

bain de soleil · zonnejurk

bak · 1. krat 2. het bakken, in samenstellingen als wafelbak, pannenkoekenbak

bakkersgast · bakkersknecht

de bal misslaan · (vaak ook in twee woorden: mis slaan) de plank misslaan

ballonglas · bolvormig bier- of wijnglas

ballotage · herstemming

balloteren · herstemmen

bandbreuk · (bij wielrenners) lekke band
— Museeuw verloor tijd na een bandbreuk (G.v.A.)

bankbriefje · bankbiljet

bankkaart · pinpas, betaalpas

barema · loonschaal, tariefschaal
— Volgens de woordvoerder trok de directie haar voorstel in om voor de nieuwkomers een ander barema met een hoger startloon te gebruiken.

baremiek · volgens de loonschaal, de barema's
— Een baremiek loon op basis van een contract van onbepaalde duur.

basisoptie · datgene waarvoor men prioritair opteert

basket · (als verkorting van) basketbal

batterij · accu

baxter · infuus

bebloemen · met bloemen versieren: een bebloemde gevel

bedanking · dankbetuiging, bedankje

bedelen · (briefwisseling, drukwerk) bezorgen

bedeling · geregelde levering

bedenking · opmerking, aantekening
— Uiteraard zijn alle bedenkingen en suggesties welkom.

bedevaarder · bedevaartganger

bedrijfslasten · bedrijfskosten

bedrijfsuitgaven · bedrijfskosten

iets aan zijn been hebben · met iets opgezadeld zitten

beenhard · keihard

beenhouwer · slager

beenhouwerij · slagerij

begankenis · 1. processie, bedevaart 2. mensenmassa 3. drukte, gedoe

te begeven · (van een betrekking) vacant

begingeneriek · begintitels

begoed · bemiddeld, welgesteld
— Het concern is volop bezig met het uitbouwen van een volledige internetbank. Die moet nog dit jaar van start gaan en zal zich volledig richten op begoede particuliere klanten (G.v.A.)

bekampen · bestrijden

beknibbelen · bedillen

bekomen · verwerven, ontvangen, krijgen, in het bezit komen van

bekommernis · bekommering

belanghebbende · betrokkene

belastingbrief · fiscaal aanslag- of aangiftebiljet

dat belooft! · dat belooft wat!

bemeubelen · van meubelen voorzien

bémol · (muziek) mol

beneden alles · onder de maat, beneden peil

beroep doen op iets of iemand · te hulp roepen

beroepsoriëntatie · beroepsvoorlichting

beroepsschool · vakschool

beschaamd · schuchter, verlegen

beschaamdheid · verlegenheid, schuchterheid

beschermd · beschut

de beschikking van een wet · de bepalingen, voorzieningen

besluit · conclusie

best · beter, bij voorkeur

bestatigen · constateren, vaststellen

bestemmeling · geadresseerde

derde betaler · ziekenfonds; instelling die medische kosten betaalt of voorschiet

aan de beterhand · aan de beterende hand

betichte · beschuldigde, verdachte
— De betichte werd al eerder veroordeeld tot één jaar cel met probatie-uitstel wegens drugsverkoop.

betoelagen · subsidiëren

betrachting · wat nagestreefd wordt

beurtrol · toerbeurt

beurtsysteem · werkregeling volgens een vastgestelde orde

bevallingsverlof · zwangerschapsverlof

bevoordeligen · bevoordelen

bevraging · enquête

bewerking · financiële verrichting

bezetsel · bepleistering

bezoedeling · vervuiling, verontreiniging

bibbergeld · gevarentoeslag

bic · balpen

uit de biecht klappen · zaken vertellen die men geheim behoorde te houden, iets of iemand verraden

bierbak · bierkrat

bierkaartje · bierviltje

bijbouw · aanbouwsel, bijgebouw

bijhebben · bij zich hebben

bijhorend · bijbehorend

bijhouden · bewaren

bijhuis · filiaal

bijkomend · extra
— Hoewel er nog plaats is voor 2 latjes, aanvaardt het systeem blijkbaar geen bijkomend geheugen.
— Maar in de voorwaarden staat niet dat ze een bijkomend bedrag mogen vragen.

bijstandsverzekering · reisverzekering

bijtreden · (een persoon of een standpunt, mening, uitspraak) zich aansluiten bij

bijzit · minnaar met wie een vrouw samenleeft

het bijzonderste · het voornaamste, het belangrijkste

bil · (van slachtvee) dij, poot, bout

bilan · balans

bindtekst · verbindende tekst

binnen · (in tijdsbepalingen) over
— De studenten spraken af om binnen vijf jaar een reünie te houden.

binnenbreken · inbreken

binnenkoer · binnenplaats

binnennummer · intern telefoonnummer

binnenpost · huispost

binnenspelen · (spijs en drank) gretig gebruiken, opeten

binnenzicht · binnenaanzicht

bio-ingenieur · landbouwingenieur

bisjaar · jaar dat men overdoet

bissen · (een studiejaar) overdoen

bisser, bisstudent · leerling of student die zijn jaar moet overdoen

bitsig · bits

blaasjes (verkopen, vertellen...) · praatjes

een blad, bladzijde omdraaien · met een schone lei beginnen

warm en koud blazen · geen definitieve keuze maken, ergens omheen draaien

geen blijf met iets weten · er geen weg, raad mee weten

(schoen)blink · schoensmeer

blinken · (schoenen) poetsen

bloedpens · bloedworst

bloemen · in bloei staan, bloesem dragen
— De Passiflora heeft veel licht nodig om te bloemen (D.)

bloemenstoet · bloemencorso

bloemsuiker · poedersuiker

bloemzak · iem. zonder ruggengraat

blok · (spoorwegen) seinhuis

blokbeest · blokker

blokletteren · in grote krantenkoppen melden

blokpolis · pakketpolis

blokrijden · het vermijden van files door groepen voertuigen op de autosnelwegen aan een constante snelheid en onder politiebegeleiding te laten rijden
— De politie liet de auto's blokrijden om gevaarlijke situaties door opstoppingen in de tunnel te voorkomen. (G.v.A.)

bobijn · spoel

boerenbuiten · platteland

boetstraffelijk · correctioneel
— Criminele, boetstraffelijke en civiele processen

boks · duw, stoot met de vuist

bollen · (met een voertuig) rijden

bolwassing · schrobbering, uitbrander

bomauto · autobom

bomma · grootmoeder, oma

bompa · grootvader, opa

boogscheut · kleine afstand, steenworp

een boontje voor iemand hebben · een zwak, een voorliefde voor iemand hebben

zijn boontjes op, bij, voor iemand te week of weken leggen · hoopvolle verwachting koesteren

boord · rand, berm aan een weg

iets aan boord leggen · iets plannen

borstel · bezem

bosklas · verblijf en (openlucht)klas van een groep schoolkinderen in een bosrijk gebied

bot · 1. laars 2. (altijd mv. botten) lijf, lichaam

dat hangt mijn botten uit · dat ergert mij; bevalt mij in ’t geheel niet; begint mij te vervelen

iets uit zijn botten slaan· onzin vertellen, praatjes verkopen

boterkoek · zacht, zoet koffiebroodje

botermelk · karnemelk

het zit er bovenarms op · er wordt flink geruzied, gevochten

bouwpromotor · projectontwikkelaar

bouwtoelating · bouwvergunning

bouwverlof · bouwvak

bouwwerf · bouwwerk in aanbouw, bouwplaats

bouwzone · woongebied

brandalcohol · methanol, brandspiritus

Bretoen(s) · Breton(s)

brevet · octrooi

briefomslag · enveloppe

brik · baksteenvormige kartonnen verpakking van dranken

gewonnen brood · wentelteefjes

zijn broodje is gebakken · zijn fortuin is gemaakt

brol · rommel, prullen

brossen · spijbelen, verzuimen

brugpensioen · pensioen bij (vrijwillige) vervroegde uittreding

bucht · bocht (slechte waar)

building · groot gebouw, m.n. flatgebouw

buis · onvoldoende voor een examen

buiten · naar buiten, eruit
— Buiten of ik sla u buiten! (ex-leraar BVDM)

buiten · platteland

buitenwipper · uitsmijter (in café, dancing e.d.)

buitenzicht · buitenaanzicht

buizen · 1. zakken (voor een examen), niet slagen 2. laten zakken (voor een examen)
— (bet. 1) Hij was gebuisd voor Frans
— (bet. 2) De leraar heeft hem voor Frans gebuisd

bulletin · rapport

bundel · dossier

bureel · bureau, kantoor

bewijs van burgerdeugd · bewijs van politieke betrouwbaarheid

burgerlijk ingenieur · civiel ingenieur

burgerlijke aansprakelijkheid · wettelijke aansprakelijkheid

burgerlijke bescherming · (ook: civiele bescherming, tweedelijnshulp) In Nederland: Bescherming Bevolking (B.B.)

burgerlijke partij · beledigde partij, civiele partij

burgertrouw · burgerlijke betrouwbaarheid

burotica (ook bureautica) · voor gebruik in kantoren ontwikkelde elektronica en informatietechnologie

bussel · bos, bundel, schoof

buurtweg · lokale weg




camion · vrachtwagen

camionette · bestelwagen

caracole · wijngaardslak

catalogeren · catalogiseren

cataloog · catalogus

categoriek · formeel, categorisch

cavalcade · carnavalsoptocht

chape · ondervloer, slijtlaag

chapelure · paneermeel

chauffage · centrale verwarming

christen (adj.) · christelijk

chrono · chronometer

cijnskiesrecht · censuskiesrecht

cijnskiezer · censuskiezer

clark · vorkheftruck, hoogstapelaar

classeur · opbergmap, ordner

coca · cola

codex · liedbundel van een studentenvereniging

in een Franse colère schieten · plotseling razend (kwaad) worden

collant · maillot

commerçant · gewiekst of overdreven op winst belust handelaar

commissaris · lid van een commissie

commissie · provisie

communautariseren · in de sfeer van de Vlaams-Waalse tegenstellingen plaatsen

communautarisering · overdracht van bevoegdheden van het centrale bestuur aan de Vlaamse, Franse en Duitstalige gemeenschappen en aan de Vlaamse, Waalse en Brusselse gewesten

compagnie · gezelschap

compensatiekas · fonds voor de kinderbijslag

compote · (niet alg.) appelmoes

concordaat · gerechtelijk akkoord

concurrentieel · concurrerend

conducteur, conductrice · opzichter

confituur · jam

congé · vakantie, verlof, vrijaf

constatatie · constatering

containerpark · terrein waar men gesorteerd afval in daartoe bestemde containers kan deponeren

contractueel · tijdelijk ambtenaar

contrainte · beperking

cornichon · augurk

correctioneel · strafrechtelijk

crème fraîche · slagroom

crèmerie · ijssalon

creveren · creperen

croque-monsieur · tosti

cumul · het gelijktijdig uitoefenen van verschillende banen of functies

cumulard · iem. met (veel) bijbaantjes

cumuleren · verschillende ambten gelijktijdig uitoefenen

curieus · nieuwsgierig

cyclocross · het veldrijden

cyclus · afdeling in een school (hogere, lagere cyclus)




dactylo · typist(e)

de dag van vandaag · [Cf. FR: Le jour d'aujourd'hui] vandaag de dag

in zijn of een goede, slechte dag zijn · goed, slecht gehumeurd zijn

dagdagelijks · daags, dagelijks, doordeweeks

daim · suède

dakappartement · penthouse

dal · zware (stoep)tegel

darm · (meestal verkleinv. darmpje) lange, soepele dunne buis, slang

na datum · na dato

van de hemelse dauw leven · van niets, van niet-materiële dingen leven

decafeïné · decafeïne

decanaat, dekenaat · dienst van de decaan

deculturatie · cultuurverlies

deftig · fatsoenlijk, net

dekenij · decanaat

deknaam · schuilnaam, pseudoniem

délégué, déléguée · gedelegeerde

deliberatie · beraadslaging over examenuitslagen in hoger onderwijs

democratische prijzen · gunstige, schappelijke prijzen

démodé · uit de mode

demoderen · uit de mode raken

denkpiste · denkrichting, gedachtegang
— Frankrijk en Duitsland hadden die denkpiste onlangs gesuggereerd met het oog op een diplomatieke oplossing voor de Irak-crisis. (G.v.A.)

deontologie · beroepsethiek, plichtenleer voor een bepaald beroep
— Het programma heeft in deze zaak [...] alle regels van de journalistieke deontologie gevolgd. (G.v.A.)

deontologisch · betreffende, volgens de deontologie

depannage · 1. takel- en sleephulp 2. (bij uitbreiding) herstellen van pechgevallen in het algemeen

depanneren · 1. (een auto enz.) repareren 2. uit de nood helpen

depenaliseren · uit het strafrecht halen
— Daarnaast wil de meerderheid een aantal gewone overtredingen [...] depenaliseren en administratief afhandelen. (G.v.A.)

desgevallend · in voorkomend geval, zo nodig

detail · specificatie

een dialoog van doven voeren · voor dovemansoren spreken

dieetwinkel · reformhuis

dienst · bediening, service
— Prijs per kamer, taksen en dienst inbegrepen, exclusief ontbijt (EUR 18.50 ontbijtbuffet per persoon)

dienst na verkoop · klantenservice

dienstdoend · waarnemend

diensthoofd · hoofd van dienst

dienstnota · dienstorder

de dieperik ingaan, naar de dieperik gaan 1. zinken 2. verdrinken 3. (zeldzaam) sterven

dierentuinbezoekersmentaliteit · bijzonder soort arrogante toeristenmentaliteit, meer bepaald de mentaliteit van Nederlanders op bezoek in België

dubbel en dik · dubbel en dwars

er dik lopen · veel voorkomen

dikoor · bof

diplomatisch · diplomatiek

directe trein · sneltrein

discuteren · discussiëren

dispatching · verkeerscentrale

dispensarium · medisch consultatiebureau

dissidentie · afscheiding, scheuring
— Hoewel iedereen bij de VLD rekening hield met een dissidentie van Beysen, ging er gisteren toch een siddering door de partij.

doctoreren · promoveren

onopzettelijke doding · onwillige manslag

doef · drukkend warm, laf, zwoel
— Het is vandaag ontzettend doef.

doelwachter · keeper, doelman

doen · laten
— Door aan het touwtje te trekken kun je de pop doen zingen.

zich (niet) laten doen · (niet) met zich laten sollen

van doen zijn · nodig zijn

dokkeren · het geluid dat het stoten van wielen op straatstenen maakt, ratelen
— Alleen het binnenrijden van de dorpen vond ik iets minder leuk, want dan was het meestal dokkeren op van die typische Nederlandse klinkertjes. (website Stichting Rolstoelmeerdaagse)

dominostekker · verdeelstekker

dompelaar · stakker, sukkel, sul

dondervlaag · donderbui

dood punt · 1. dode punt 2. (zeldzaam) vrije stand van een koppeling

dooddoen · (spreektaal) doodmaken, slachten, doden

doop · ontgroeningsceremonie

er door komen · er bovenop komen, het halen

doordoen · een bepaalde handeling doorzetten, doorgaan

dooreen · door elkaar

dooreen- · als eerste lid in samengestelde werkwoorden die betekenen dat iets door elkaar raakt door de in het tweede lid genoemde handeling: dooreengooien, dooreenmengen, dooreenschudden...

doorgaan · 1. plaatshebben 2. naar huis gaan, weggaan

doorheen · door, dwars door

doormeter · diameter, doorsnede

doorprikken (doorprikte, h. doorprikt) · doorprikken (prikte door, h. doorgeprikt)

doortrappen · niet goed wijs zijn, gek zijn

doorwegen · van belang zijn, een rol spelen

doorwinterd · doorgewinterd

doos · pak: een doos melk

dop · het werkloos-zijn, stempelcontrole

dopen · ontgroenen

dopgeld · werklozensteun

doppen · 1. werkloos zijn, werklozensteun ontvangen 2. indopen, dopen

dopper · iem. die dopt, werkloze

dotatie · rijkstoelage aan lagere overheden en instellingen van openbaar nut

douaneagentschap · expeditiekantoor

dovemansgesprek · dialoog tussen mensen die elkaar niet of nauwelijks willen of kunnen begrijpen
— Haar Nederlands is trouwens net zo slecht als mijn Frans. Het zou dus bij voorbaat uitdraaien op een dovemansgesprek. (G.v.A.)

draaitrap · wenteltrap

draperie · overgordijn

drempelgeld · sleutelgeld te betalen bij overname van een winkel

driegdraad · rijgdraad

driegen · met losse rijgsteken vasthechten

driepikkel · bankje of voetstuk met drie poten

drink · borrel, receptie

drinkbus · veldfles

drinkgeld · fooi

droogkuis · stomerij

droogzwierder · centrifuge

droogzwieren · centrifugeren

druivelaar · wijnstok

drukkingsgroep · pressiegroep

drummen · dringen, duwen, zich verdringen, drommen

druppel(tje) · glaasje jenever

in het dubbel · in tweevoud

dubbelen · een klas overdoen, doubleren
— [...]zo goed als zeker tweede jaar dubbelen omdat die klote docenten zich van dat formuliertje niets aantrekken (D. in be.misc)

dubbelmandaat · gecumuleerde functie van een gekozen afgevaardigde in twee lichamen (m.n. in het federale Belgische parlement en een van de regionale parlementen)

duiker · opening waardoor het water (op straat) in de riolen loopt, rioolkolk

de duim(en) leggen · zich overgeven, de tegenstand opgeven

duimspijker · (zeldzaam) punaise

duitenkliever · vrek

tekeergaan als een duivel in een wijwatervat · als een bezetene

duvel-doet-al; duivel-doet-al · manusje-van-alles

duplex(appartement) · appartement dat zich uitstrekt over twee etages

dwarken · dwarsdrijven, tegenspreken

dwarsen · kruisen, dwars oversteken

dwazerik · dwaas




echtelingen · echtelieden

editoriaal · hoofdartikel

eendagstoerisme · dagtoerisme

eendagstoerist · dagjesmens

eenenhalf · anderhalf

eenheidswet · kaderwet

eens dat · als eenmaal

eenzaat · eenzelvig en contactarm persoon, eigenzinnig iemand, einzelgänger

eenzelvigheidskaart · persoonsbewijs

in eer en geweten · in alle eerlijkheid

eerder · nogal, vrij, tamelijk

eerherstel · juridische rehabilitatie

eetappel · handappel

eetmaal · maaltijd

eetpeer · handpeer

effectief · (daad)werkelijk

effenaf · zonder omweg

ei zo na · (archaïsch) bijna, ongeveer

met iemand een eitje te pellen hebben · met iemand een appeltje te schillen hebben

eierkoek · (verouderd) eierstruif, omelet

eierschelp · eierschaal

eindejaar · jaareinde, vooral in samenstellingen: eindejaarsdrukte, eindejaarsgeschenk

eindejaars · laatstejaarsstudent, laatstejaars

eindejaarspremie · eindejaarsuitkering

eindgeneriek · aftiteling, eindtitels

eindmeet · eindstreep

eindwerk · eindscriptie

element · werkkracht

enggeestig · bekrompen, benepen, kleingeestig

erdoor zitten · aan het eind van zijn krachten zijn, uitgeput zijn

eremis · plechtige eerste mis

erfenisrecht · successierecht

het zit erop · er wordt flink geruzied, gevochten

errond · eromheen
— Experts doorzochten met speurhonden alle verdiepingen van het gebouw, terwijl alle straten errond voor het verkeer gesloten werden (G.v.A.)

ervanonder trekken · ervandoor gaan, ertussenuit knijpen

etalagist(e) · etaleur

examenzittijd · zittijd, examenperiode

ex-cathedraonderwijs · onderwijs dat alleen bestaat uit hoorcolleges

exploot · knappe, opzienbarende prestatie
— Het team, dat onder leiding staat van de Belg Bernard de Launoit, wil zijn exploot verfilmen en de fans thuis laten volgen met een dagelijks Everestjournaal op de RTBF en Canal+ (G.v.A.)

extralegaal · verder gaand dan wat wettelijk bepaald is




fabrikeren · fabriceren

facteur · brievenbesteller, postbode

faculteitskring · studentenvereniging aan een faculteit

faling · faillissement

familiaal · het gezin betreffend

familiale verzekering · WA-verzekering

familiekunde · genealogie

fantasiebrood · brood zonder kruimzijde

farde · 1. omslag met losse bladen, map 2. slof sigaretten

fermette · (gerestaureerd) boerderijtje, boerderette

fiche · dossier

fiduciaire · administratiekantoor

figureren · vermeld staan
— Smet zal op de kieslijst figureren, maar wil wel schepen blijven in Aartselaar (G.v.A.)

filet d'anvers · gerookte runderfilet

filigraanpapier · papier met een watermerk

finaliteit · doelstelling, oogmerk

fit-o-meter · parcours voor conditietraining

flamingant(e) · aanhanger van de Vlaamse beweging

flessen · een onvoldoende geven/krijgen, (laten) zakken

iemand op flessen trekken · voor de gek houden, beetnemen

flik · politieagent, smeris

fluitjesbier · bier met laag alcoholgehalte

fluitjesmelk · afgeroomde melk

fluostift · (soms verkort tot 'fluo') markeerstift

foefelen · knoeien, prutsen

fondant · pure chocolade

fonoplaat · (verouderd) grammofoonplaat

foorkramer · kermisexploitant

forfait geven · niet komen opdagen

forfaitcijfers · uitslag van een wedstrijd wanneer één partij niet is komen opdagen en daarom automatisch verloren heeft. Ook in andere samenstellingen als forfaitscore, forfaitnederlaag.

francofonie · Franstaligheid die gepaard gaat met anti-Vlaamse gezindheid

frank, vrank · vrijpostig, brutaal

zijn frank is gevallen · hij snapt het (eindelijk)

Beulemans Frans · slecht Brussels Frans

Frans brood · stokbrood

Frans met haar op · slecht Frans

Fransdol · heftig franskiljons, anti-Vlaams

frazelen · (van baby's) beginnen te spreken, stamelen
— Na het gefrazel van de eerste maanden komt de periode waarin hij zijn eerste woordjes, zoals papa en mama, leert.

freewheelen · zijn gedachten de vrije loop laten
— "Voor anderen kan het leuk zijn om even te freewheelen rond een probleem, voor anderen wordt dat echter al snel een bron van bekommernis." (Vacature)

frietkot · frietkraam

frietvet · frituurvet

frigo · ijskast

frigobox · koelbox, koeltas

frigoboxtoerist · bij benadering bermtoerist

frituur · frietkraam

fruitpap · fruithapje

fruitsap · vruchtensap

frul · prul, lintje of strikje, onbetekenend ieets

fuif · (dans)feest

in functie van – · op grond van, afhankelijk van –

functionaris, functionaresse · staatsambtenaar

fusee · vuurpijl

fusioneren · fuseren
— Verenigingen veranderen van naam of fusioneren en websites zijn stukken mobieler dan de gemiddelde ochtendfile (T.D.B. in be.sport)
— De directie van de Generale Bank wou de bank laten fusioneren met ABN-Amro (L.V.B. in be.politics)

fysiotherapeut · revalidatiearts

fysisch · fysiek




galerij · galerie

gans · geheel, heel: gans de dag, gans de wereld

garçon · kelner, ober

kleine garnaal · minder belangrijk lid van een (criminele) groep

gast · knecht van een ambachtsman, gezel

gasthof · logement, hotel

gasvuur · gaskachel, gasfornuis

gazet · krant

geassorteerd · bijpassend

gebaren · veinzen

gebeurlijk · eventueel
— Het bestuur is niet verantwoordelijk voor gebeurlijke ongevallen.

geboortelijst · verlanglijstje waaruit men een geschenk kan kiezen voor een pasgeborene

geboortepremie · kraamgeld

geboortevlek · moedervlek

wegens dubbel gebruik · wegens overcompleet

gebuisd · gezakt voor een examen

gebuur · buurman of buurvrouw

gecrispeerd · gespannen, krampachtig

gedaagde in cassatie · gerekwireerde

gedacht · mening, gedachte: onverbloemd zijn gedacht zeggen

geestesarbeider · hoofdarbeider

gefumeerd · (van glas) getint

gegeerd · [vormvariant van begeerd] in trek

geheimstoker · clandestiene jeneverstoker

geheimstokerij · clandestiene jeneverstokerij

gekend · bekend
— Allemaal zeer gekende problemen waar het net vol van staat en waar blijkbaar niemand een deftige oplossing voor heeft (X. in be.comp)

gekwetst · gewond

gekwetste · gewonde

geldbeugel · portemonnee

geldomhaling · collecte

geldspel · spel om geld

geleid bezoek · [Cf. FR: visite guidée]rondleiding

gelijk wanneer, wie, welke... · wanneer dan ook, wie dan ook, onverschillig welke

gelijkaardig · gelijksoortig

gelijkvloers · benedenverdieping

voor gelijkvormig afschrift · voor gelijkluidend afschrift

geluidsmuur · geluidsbarrière

gelule · capsule

gemak van betaling · gemakkelijke betalingsvoorwaarden

op zijn duizend gemakken · uiterst traag, zonder enige haast

gemeenrechtelijk · volgens het gemene recht

gemeenteverkiezing · gemeenteraadsverkiezing

genaaid · ingenaaid

gendarme · 1. rijkswachter 2. brutaal vrouwmens

genegenheidsschade · smartengeld

generiek · begin- en eindtitels

geniepigaard · geniepigerd

genieten · tot zijn gebruik, nut, voordeel enz. ontvangen, het genot hebben van

genster · vonk

gepalaver · eindeloos gepraat

gepelde biefstuk · runderlapje uit het staartstuk of de platte bil

gepermitteerd · gepast, wenselijk

geperste kop · preskop

geplogenheid · (meestal mv.) gewoonte, gebruik, usance
— Sommige mensen lappen altijd hun laars aan wetten, reglementen en geplogenheden. (E.S. in be.burgerrechten)

goed of slecht gequoteerd staan, zijn · goed, resp. slecht bekendstaan

geraadzaam · raadzaam, aanbevolen
— Het is geraadzaam de IC's zo weinig mogelijk in en uit te pluggen, dit om beschadiging van de pinnen te vermijden

geraken · 1. raken 2. ergens komen, een plaats of toestand bereiken 3. (met aan:) iets te pakken krijgen, in zijn bezit krijgen
— (bet. 2) Kent u het Rijksmuseum? Kunt u me zeggen hoe ik daar geraak?
— (bet. 3) De minister vroeg zich af hoe hij in deze chique buurt aan een beetje wiet kon geraken.

gerechtshof · rechtbank (in 't alg.)

gerief · (algemener dan) gerei

geschrift · handschrift, schrijfwijze

gesyndikeerde · vakbondslid

getrouwheidskaart · klantenkaart

getrouwheidspremie · extra rente op tegoeden die langer (dan een jaar) aangehouden worden

geus · 1. niet-katholiek persoon 2. scheldnaam voor liberaal

geut(e), · scheut

geuzengemeente · protestantse gemeente

geworden · worden

gezien · 1. aangezien, omdat 2. niet te redden, verloren

gezind · gehumeurd, geluimd

gezinsplaatsing · toewijzing (b.v. bij verwaarlozing of mishandeling) van een kind aan een pleeggezin door een overheidsinstantie

gieten · water geven: bloemen en planten gieten

gild(e) · vereniging van studentenclubs

glasbraakverzekering · glasverzekering

glasbreuk · glasschade

globaal · alle relevante facetten en onderdelen omvattend, volledig, compleet, totaal

globaliseren · tot een geheel maken

goedgezind · goedgehumeurd

goesting · lust, trek, zin, smaak

goesting is koop · ieder zijn meug

gouvernement · provinciaal bestuur

gracht · sloot

grasplein · gazon, grasveld in tuin of park

grieventrommel · het geheel van de klachten van een bevolkingsgroep t.a.v. de overheid
— Jullie hebben de grieventrommel geroerd bij de kersverse eurocommissaris Loyola de Palacio (interview G.v.A.)

grijs brood · van ongebuild meel

grijze kaart · kentekenbewijs

groentjes · (>Fr. petits légumes) groenten

grootoom · oudoom

grootstad · zeer grote stad, metropool

groottante · oudtante

grootwarenhuis · warenhuis

grossist · grossier

gunst- · in samenstellingen: voordelig, goedkoop: gunstkaart, gunstkoopje, gunstprijs, gunsttarief, gunstvoorwaarden




uit de haak zijn, vallen enz. · niet in de gewenste toestand zijn, uit de toon vallen

hij heeft geen haar op zijn kop dat deugt · er deugt niets aan hem

iemand van haar noch pluim(en) kennen · helemaal niet

van kromme haas gebaren · niets laten blijken, doen alsof men van niets weet

in zeven haasten · in allerijl

met haken en ogen aan elkaar hangen · op een slordige, onvolkomen manier gemaakt zijn

halfopen bebouwing · twee huizen gebouwd onder één kap

halfrond · halfronde vergaderzaal van een parlement

hallucinant · verbijsterend

halveling(s) · half en half, min of meer
— Al gaven beide spelers halvelings mee niet weigerachtig te staan tegenover een verlengd verblijf bij de Pallieters.

halvemaan · ragebol

hamerslingeren · kogelslingeren

iets aan de hand hebben · met iets bezig zijn, in iets betrokken raken

(als) van de hand Gods geslagen zijn · verlamd, roerloos van schrik of verbazing

handborstel · stoffer, handstoffer

handdoek · theedoek, keukenhanddoek

handelend voorwerp · passieve door-bepaling

handelsfonds · handelszaak

handelshuis · winkelpand

handelshuur · huur van een winkelpand

handelspubliciteit · reclame

handgift · niet-geregistreerde schenking

het hart van in zijn · zeer teleurgesteld zijn

tegen zijn hart spreken · tegen zijn overtuiging in

van zijn hart een steen maken · zijn gevoelens aan de kant zetten

hartsgrondig · hartgrondig

havenkapitein · havenmeester

hechtenis · vrijheidsstraf wegens misdaad, gevangenisstraf

heem, heim · lokaal van sommige jeugdbewegingen

heenronde · eerste helft van een competitie, waarbij alle clubs tegen elkaar spelen

heenwedstrijd · uitwedstrijd, wedstrijd die een club moet spelen op het veld van de tegenstander

ter ere van welke heilige? · waarom?

heirkracht · overmacht
— Dergelijke steunmaatregelen worden door Europa in principe niet goedgekeurd, maar de Commissie oordeelde dat het om een geval van heirkracht ging. (G.v.A.)

hekken · hek

helling · talud

te herinneren · (in uw antwoord) te vermelden

herinneringsbrief · rappel; brief waarin iemand aan een nog niet nagekomen verplichting herinnerd wordt

herleiden · reduceren

hernemen · hervatten

hernieuwbaar · verlengbaar

heropstart · het opnieuw in gang zetten, opnieuw opstarten
— Als productiemanager bent U in een eerste fase verantwoordelijk voor de heropstart van de productielijn.
— Na de heropstart bleek dat mijn partitie van 20gb er nog was maar die van 60 is nergens meer te vinden.

herpakken · hervatten

hervallen · terugvallen in een vorige toestand; tijdens een herstelperiode opnieuw ziek worden

hervormen · (een vonnis) vernietigen

herwaarderingsgebied · woongebied waarvoor subsidies worden verleend voor renovatie en infrastructuurwerken
— Naar aanleiding van een erkend herwaarderingsgebied ontstond in Borgloon de werkgroep “Stad & Dorp”.

hesp · ham

hespenworst · hamworst

heten · (mogelijk hypercorrectie voor) noemen: Een iep wordt ook wel olm geheten

hetzij · namelijk, d.i., d.w.z.

heu · (tussenw.) eh

historiek · historische achtergrond, wordingsgeschiedenis

hoederecht · recht om na echtscheiding de kinderen bij zich te houden

achter hoeken en kanten · in ’t verborgen

hoerenkot · bordeel

hoeveboter · boerenboter

hof · omheind en beplant stuk grond

hogervermeld · bovenvermeld

holebi's · verzamelnaam voor homo’s, lesbiennes en biseksuelen (ook in samenstellingen: holebifuif, holebivereniging)

homejacking · autoroof waarbij de eigenaars thuis overvallen worden en verplicht worden hun autosleutels af te geven

ontvangen worden, welkom zijn als een hond in een kegelspel · slecht ontvangen worden, zeer ongelegen komen

op zijn honger blijven · niet voldaan zijn, niet gekregen hebben wat men hoopte te krijgen

hoofdbekommernis · voornaamste, grootste zorg

in hoofde van · wat betreft (iemand of iets)

in mijnen, zijnen, hunnen [...] hoofde · wat mij, hem, hun [...] betreft

hoofding · briefhoofd

de hoofdvogel afschieten · iets bijzonders bereiken; een knappe prestatie leveren

hoogdringend · spoedeisend, urgent

hoogdringendheid · spoedeisend geval, dringende noodzaak, urgentie

hoogstudent · student aan een hogeschool

ergens het hoofd bij neerleggen · erin berusten

hoop en al · ten hoogste; alles samen
— Het is hoop en al een uurtje rijden

eraan houden iets te doen · zich aan iets houden

er komt niets van in huis · er komt niets van terecht, het zal niet lukken

huisbewaarder · conciërge

huishoudbrood · brood waarvan de samenstelling en de prijs door de overheid bepaald is

huiskring · huiselijke kring

huissier · (met Franse uitspraak) deurwaarder, ambtenaar bij het gerecht, belast met de dienst bij de zittingen en met het doen van gerechtelijke aanzeggingen

huistaak · huiswerk

huisvestingsmaatschappij · woningbouwvereniging

hutsekluts · rommel, hutspot

hutsepot · hutspot

huurverbreking · verbreking van een huurcontract

hypothekeren · de realisering of het voortbestaan van iets bemoeilijken of in gevaar brengen




iet(s) of wat · enigszins

ijsroom · ijs

immatriculeren · registreren
— Bij aankomst dient u uw voertuig te immatriculeren bij de prefectuur van uw woonplaats zodra u in het bezit bent van uw verblijfskaart. (Diplobel)

immobiliën · onroerend goed

immobiliënkantoor · woningbureau

imperatief · dwingende opdracht, noodzakelijke actie

in bijlage · als bijlage, bijgevoegd

inbreuk · overtreding, misdrijf

inciviek (adj.) · getuigend van of gekenmerkt door incivisme

inciviek · politiek onbetrouwbaar persoon

incivisme · gebrek aan burgerzin

indexaanpassing · prijscompensatie

indexmanipulatie · interventie (door de overheid) in de automatische vorming van het indexcijfer

indicatief · herkenningsmelodie, jingle, tune

ingangsdeur · toegangsdeur

ingangsexamen · toelatingsexamen

ingebruiktreding · aanvaarding

ingenottreding · (in verband met een verworven pand e.d.) aanvaarding, ingebruikneming

kort ingespannen · kortaangebonden

inhuldigen · (in Nederland meestal gezegd van personen, in België ook van gebouwen e.d.) plechtig of officieel in gebruik nemen, inwijden

initiatie · inwijding; kennismaking met de eerste beginselen van iets

initiatiecursus · cursus waarin de eerste beginselen van een wetenschap, kunst, vak of vaardigheid worden aangeleerd

inkom · 1. het binnenkomen, entree, toegang 2. toegangsprijs, entreegeld 3. ingang 4. vestibule 5. hal(letje)

inkomgeld · entreeprijs, toegangsgeld

inkomhal · hal, halletje, voorportaal, vestibule

Chinese inkt · Oost-Indische inkt

veel inkt doen vloeien · [Cf. FR: faire couler beaucoup d'encre]heel wat pennen in beweging brengen

inmaakkast · ingebouwde kast

inox · roestvrij staal, vooral gebruikt voor keukengerei

inox (adj.) · van inox gemaakt

inpikken op– · (in een gesprek of discussie) inhaken, inspelen op, aanknopen, aansluiten bij

inplanten · gebouwen of bedrijven op een bepaalde plaats vestigen

inplanting · vestiging

inrichten · organiseren, oprichten, stichten

inroepen · ter verdediging gebruiken

inschrijvingsrecht · voorkeursrecht, claimrecht

inschrijvingstaks · belasting op een motorrijtuig bij het registreren ervan

instaan · belast zijn met, als taak of opdracht hebben

interdictie · curatele

interim · tijdelijke betrekking

interimarbeid · uitzendarbeid, uitzendwerk

interimbureau · uitzendbureau

interimkantoor · uitzendbureau

interprofessioneel · m.betr.t. versch. beroepsgroepen, -organisaties, economische sectoren

interzonaal · interlokaal

invraagstelling · het betwijfelen, tegenspreken, betwisten (van een opvatting)

reglement van inwendige orde · huishoudelijk reglement

inwijkeling(e) · immigrant

inwijken · immigreren

kost en inwoon · (in advertenties) voeding en huisvesting

inzicht · bedoeling, oogmerk, voornemen

inzien · in aanmerking nemen




jeans · 1. denim, keperstof, als eerste lid in samenstellingen: jeansbroek, jeansrok 2. broek van deze stof

jeugdrecht · op rechtsregels berustende maatregelen van jeugdzorg

jobdienst · bemiddelingsdienst voor baantjes

jobist(e) · werkstudent(e)

jogging · joggingpak

jury · examencommissie

justitiepaleis · paleis van justitie




kaap · belangrijke numerieke grens, mijlpaal in de vorm van een belangrijk getal of aantal
— De omzet zal dit jaar voor het eerst de kaap van 40 miljard BEF overschrijden
— Mensen die de kaap van 50 overschreden hebben, komen niet meer op de werklozenlijst

kabinet · praktijk(ruimte) van een beoefenaar van een vrij beroep, dokterskamer

kacheluitwaseming · kolendamp

kader · 1. ruimtelijke omgeving, entourage 2. (wissel)lijst van een foto of schilderij 3. fietsframe

kaderen in- · passen in, stroken met, plaatsen in, in verband brengen met, laten aansluiten bij
— De garagisten kijken tot dan gratis de banden [...] en de remmen na. De controles kaderen in de verkeersveiligheidsactie "Denk aan uw gezondheid" van het Belgisch Instituut voor de Verkeersveiligheid [...] (G.v.A.)

kamp · honk bij kinderspelen

kantelpoort · kanteldeur

kapblok · hakblok

kapitaalbelasting · vermogensbelasting

kapitalisatiebon · kasbon waarbij de mogelijkheid bestaat om de jaarlijkse rente te herbeleggen

kapitein · aanvoerder van een ploeg, captain

kapoen · 1. (verouderd) deugniet, guit, schalk 2. (verouderd) driearmige kandelaar

kappen · gieten, storten
— Kap het water hier maar tussen de planten.

karakterieel · wat het karakter betreft, karakterologisch

karbonade · (vaak in 't mv.) stoofvlees

kartel · tijdelijk verbond van politieke partijen

kasbon · termijnbelegging met een vaste rente, met jaarlijkse rentecoupons

kaskrediet · kortlopend bedrijfskrediet waarvan het bedrag dagelijks kan wisselen

kasseien · plaveien, bestraten

kasseisteen · kassei

kasseiweg · met kasseien bestrate weg

kassierster · caissière

kasteelwijn · van een wijnkasteel afkomstige wijn

kasticket · kassabon

andere katten (katjes) te geselen hebben · [Cf. FR: avoir d'autres chats à fouetter]wat anders aan zijn hoofd hebben

een kat een kat noemen · de dingen bij hun naam noemen, iets niet verbloemen

er is geen kat; geen kat die... · er is niemand, geen hond die...

nu komt de kat op de koord · nu hebben we de poppen aan het dansen

zijn kat sturen · ergens niet komen opdagen

katholiek · (schertsend) zoals het hoort

kattin · wijfjeskat

hij gaf (hem van) katoen · hij zette er kracht achter, spande zich in

zijn kazak keren · van (politieke) richting of mening veranderen

kazakdraaien · overlopen, de huik naar de wind hangen

kazakdraaier · kazakkeerder

kazakkeerder · iemand die de huik naar de wind hangt

dat hangt mijn keel uit · dat ergert mij, bevalt mij in ’t geheel niet

keikop · iem. die zeer koppig is, ontoegeeflijk persoon

keldering · geheel van kelders

kennis met iemand hebben · (verouderd) verkering hebben

kepie · uniformpet (van een politieagent, postbode e.d.)

het ergens niet kunnen keren · het ergens niet kunnen uithouden

kerselaar · kersenhout

kerselaren · van kersenhout gemaakt

kerstenkind · (verouderd) pasgeboren kind

kerststronk · kerstgebak in de vorm van een boomstronk

ketje · Brusselse straatjongen

keukenhanddoek · theedoek

keurgroep · geselecteerde groep die een technisch goed verzorgde vertoning geeft

keurraad · commissie van beoordeling

kickeren · tafelvoetbal spelen

kieken · uilskuiken, sufferd

kiekenfretter · Brusselaar

kiesbrief · stembiljet

kiescampagne · verkiezingscampagne

kiesomschrijving · kieskring

kiesplatform · verkiezingsprogramma

kijkwoning · modelwoning

op zijn kin mogen (of moeten) kloppen · niets te eten krijgen, niet kunnen of mogen delen in iets

kindergeld · kinderbijslag

kinderkribbe · crèche

kindertuin · kinderdagverblijf

kine · (verkorting van) kinesitherapie

kineast · cineast

kinema · cinema

kinematografie · cinematografie

kinesist · fysiotherapeut

kinesitherapeut, -therapie · fysiotherapeut, -therapie

kitzak · plunjezak

klak · muts met een klep

klas, klasse · (militaire) lichting

klasagenda · schoolagenda

klasdagboek · schoolagenda

klassegerecht · klassejustitie

klasseren · op de monumentenlijst plaatsen
— Het eenbeukige kerkje van Sint-Jan-in-Eremo werd als belangrijk historisch gebouw geklasseerd.
— In België werden ook veel eeuwenoude linden en eiken als monument geklasseerd.

klastitularis · klassenleraar

klauwaard · flamingant

klauwen · gretig grijpen (naar -), wegkapen, stelen

kleed · kledingstuk, jurk

kletskop · kaalkop

kleutertuin · [Cf. FR: jardin d'enfants]kleuterschool

klieven · kloven

met z’n klikken en klakken · [Cf. FR: avec ses cliques et ses claques]met alles wat hem toebehoort, met zijn hele hebben en houden

klinken · kantelen (?)

klinkt het niet, dan botst het · zoveel als: op goed geluk, zonder zich om iets te bekommeren

klokvast · (van treinen) precies om het uur rijdend

klontjessuiker · suiker in de vorm van klontjes

geen klop · geen klap, helemaal niets

kloppen · (een tekst) tikken, typen

kloterij · fopperij, bedriegerij

knolselder · knolselderie

familie van het zevende knoopsgat · zeer verre familie, ver bloedverwantschap

een hart van koekebrood hebben · zeer goedhartig zijn

iets in de koelkast stoppen · een beslissing uitstellen

koer · plaatsje, binnenplaats

koersauto · raceauto

koersfiets · racefiets

koerspaard · renpaard

koffer · safe, kluis

koffiekoek · koek voor de koffietafel

koleriek · choleriek

ergens komaf mee maken · het eens en voor altijd oplossen

iemand zien, horen, voelen komen of afkomen · iemands bedoelingen raden

koninginnenhapje · pasteitje gevuld met stukjes kip, gehaktballetjes en champignons

koningswens · rijkeluiswens

konsoorten · consorten

aan één koord trekken · (met iemand) één lijn trekken, samenspannen, dezelfde mening delen

kop of letter · kruis of munt

op de kop · precies, exact, welgeteld

van kop tot teen · van top tot teen

kopman · lijsttrekker

koppigaard · koppig, stijfhoofdig mens

kopvlees · hoofdkaas

korte drank · met veel alcohol, sterkedrank

kortelings · dezer dagen, binnenkort

kortingzegel · zegeltje ter vervanging van directe reductie

kortteken · (zeldzaam) paraaf

korttekenen · (zeldzaam) paraferen

kortverhaal · kort verhaal, short story

de kost · (zeldzaam) kosten als geheel beschouwd (in: de maandelijkse kost)

kostelijk · kostbaar, duur

kot · studentenkamer

kotbaas · eigenaar of verhuurder van studentenkamers

kotbazin · hospita

koterij · verzameling onaanzienlijke huisjes

kotmadam · hospita

kotstudent · op kamers wonende student

kozijn · neef, kind van iemands oom of tante

kraakprijs · afbraakprijs, stuntprijs

kraantjeswater · kraanwater

kramiek · fijn tarwebrood met krenten

uit zijn krammen schieten · kwaad worden, uitvliegen, uit zijn slof schieten

kredietopening · doorlopend krediet

kribbe, krib · crèche

kriekelaar · kriekenboom

kriekenboom · kersenboom

kroezelen · kroezen, krullen

kroezelhaar · kroeshaar

krommenaas · kromme haas

kroongoed · kroondomein

kruim · het fijnste, beste deel van iets

een kruis(je) maken over · er niet meer over spreken, een zaak als afgedaan beschouwen

kruisingslicht, kruislicht · dimlicht

kruisvaart · cruise

kuis · schoonmaak

kuisen · schoonmaken, reinigen

kuiser · schoonmaker

kuisvrouw · schoonmaakster

kunstpatrimonium · bezit aan oude, overgeleverde kunstwerken of voorwerpen met kunstwaarde, nationaal kunstbezit

kursaal · kurhaus

kusjesdans · rondedans waarbij gekust wordt

het gaat van kwaad naar erger · het gaat van kwaad tot erger

kwakkel · vals bericht

kwatong · kwaadspreker

kwestie van · met de bedoeling om

kwijtspelen · kwijtraken




laatavond- · (in samenstellingen) in de late avond gesitueerd: laatavondfilm, laatavondjournaal

laattijdig · (te) laat komend of geschiedend

labeur · zwaar werk

labo · laboratorium

lacheding · trivialiteit, onbelangrijk iets

groen lachen · zuurzoet lachen, zich bedrogen weten

met iemand of iets lachen · om iemand of iets lachen

lait russe · koffie verkeerd

het laken naar zich toe halen, trekken · de touwtjes in handen krijgen, de overhand krijgen

van hetzelfde laken een broek krijgen · van hetzelfde laken een pak krijgen

lam · jong van een geit, geitenlam

lanceerprijs · introductieprijs

langsheen · langs

van langsom meer · hoe langer hoe meer, steeds meer

langspeelfilm · film met een lange speelduur

lansiers · tanktroepen

lap · (tussenw.) zoveel als: hup, hupsakee
— Lap, daar gaan we weer.

laspost · lasaggregaat, lasapparaat

lastenkohier · bestek en voorwaarden van een aan te besteden werk

ergens zijn Latijn in steken · er tijd en moeite aan besteden

lattenvering · lattenbodem

lavabo · wastafel

ledenslag · ledenwerfactie

leefbaar · levenskrachtig, levensvatbaar

leefkamer · woonkamer, huiskamer

leefmilieu · milieu

leeggoed · lege flessen, kratten e.d.

leercontract · leerovereenkomst

legerdienst · militaire dienst

legislatuur · zittingsperiode van het parlement, kabinetsperiode

legistiek · wetgevingstechniek

leliaard · Fransgezinde Vlaming

lelijkaard · lelijkerd

iemand de les spellen · iemand berispen

letteroog · letterbeeld

leurhandel · colportage

levensduurte · kosten van levensonderhoud

dat ligt op zijn lever (maag) · dat kan hij niet verkroppen, daar zit hij mee verlegen (zie ook: verveeld zitten met iets)

liberatoir · (van een roerende voorheffing) recht gevend op vrijstelling van aangifte in de belasting

de gestelde lichamen · de gestelde machten

lidboekje · lidmaatschapsbewijs in de vorm van een boekje

lidgeld · contributie

lidkaart · bewijs van lidmaatschap

lief · vriend, vriendin

liefhebberstoneel · amateurtoneel

lijn · 1. hengel 2. (niet alg.) regel: Lees de bovenste 4 lijnen eens.

limogeren · aan de dijk zetten

lintmeter · centimeter, meetlint

lippen · playbacken

eigen lof stinkt · eigen roem stinkt

look · knoflook

loonraad · paritaire bedrijfscommissie

loontje komt (nog wel) om zijn boontje! · je krijgt (nog wel) je verdiende straf!

loopgracht · loopgraaf

lopend verband · kruisverband

lopende meter · strekkende meter

lossen · losgaan, loslaten

losvijzen · losschroeven

lot · kavel, perceel

uit de lucht (komen) vallen · nergens van af weten

luchtbezoedeling · luchtvervuiling, luchtverontreiniging

luchtmatras · luchtbed

luchtwaardin · (zeldzaam) stewardess

luidop · hardop

luieriken · luieren

luik · (van een formulier) onderdeel, gedeelte, strook

luizig · smerig, vies

lukken · slagen, in de verbinding: in iets lukken

lunapark · gokhal

luxetelegram · gelukstelegram








maaltijdcheque · vergoeding voor het middageten, door de werkgever aan de werknemer uitgereikt in de vorm van cheques.

maartse buien, aprilse grillen · veranderlijk weer in de vroege lente

een maat voor niets · een vruchteloze poging

madam · gehuwde dame (ook als aanspreektitel)

magazijnier, magazijnierster · magazijnmeester

magistrale bereiding · (bij apothekers) volgens magistrale receptuur

makaron, makron · makroon

mali · nadelig saldo

een mandaat tot aanhouding · arrestatiebevel

mandataris · iem. die een politiek mandaat bekleedt

manken · mank lopen, hinken

mankeren · missen

mantel · overjas

marina · (jeugdtaal) ordinair meisje (in Nederland: Anita)

mastiek · stopverf

mastieken · met stopverf dicht-of vastmaken

in de mate van het mogelijke · voor zover het mogelijk is

materniteit · kraaminrichting, kraamkliniek

matrak · knuppel, gummistok

de max · (vooral jeugdtaal) het summum, het einde, uitstekend, prachtig

mazout · stookolie

mecanicien · monteur

medepastoor · pastoor die samen met een of meer anderen een parochie bedient

meerkost · meerkosten

meestergast · meesterknecht, voorman, ploegbaas

meet · eindstreep

mekanieker · monteur, mecanicien

melkerij · melkfabriek

melkerijboter · fabrieksboter

melkerijmelk · flessenmelk

melkronde · rit van een melkrijder of melkboer

memo · notitieboekje

memoriaal · gedenkteken

dat kost stukken van mensen · veel geld

mercerie · fourniturenzaak

merkelijk · aanmerkelijk

messagerie · koeriersdienst

metsen · metselen

metser · metselaar

micro · (radio)microfoon

microgolf · magnetron

midden · (vaak mv. middens) maatschappelijke kring, omgeving, milieu

middenjury · centrale examencommissie

milieutaks · milieuheffing

militaire dokter · officier van gezondheid, militaire arts

militant(e) · actief lid van een organisatie of partij

militeren · actie voeren als lid van een organisatie of partij

militie · dienstplicht

milt · hom (van vis)

minarine · margarine met een zeer laag vetgehalte, halvarine

ministerpapier · groot foliopapier

minoriseren · geringschattend, onderwaarderend behandelen

minuterie · tijdschakelaar

miserie · ellende, misère

miskennen · (zeldzaam) niet naleven
— Een voorschrift, bevel, verbod miskennen

misleggen · op een ongewone, verkeerde plaats leggen

mismeesteren · medisch verkeerd behandelen

mispakken · verkeerd pakken of grijpen

mispeuteren · iets slecht of verkeerd doen

misspreken · zich verspreken, zich in het spreken vergissen

mistevreden · misnoegd, ontevreden

mistoestand · misstand, wantoestand

misval · miskraam

mits (voorz.) · op voorwaarde van, onder beding van

mobilhome · camper, motorhome

modaliteit · (meestal mv.) specifieke maatregel of voorwaarde volgens welke een plan, voorstel, besluit verder ingevuld en gerealiseerd wordt

moederhuis · (verouderd) kraamkliniek, kraaminrichting

moeial · bemoeial

moeten · 1. in de o.v.t. gebruikt ter inleiding van conditionele bijzinnen 2. hoeven (met negatie) 3. iemand iets schuldig zijn
— (bet. 1) Moest ik rijk zijn, kocht ik mij een riante loft. (i.p.v. 'Mocht ik...')
— (bet. 2) Je moet je daar echt niet om bekommeren. (i.p.v. 'Je hoeft...')
— (bet. 3) Hoeveel moet ik je nog?

het was van moetens · (van een huwelijk) het kon niet anders, het was een moetje

voor het moment · op dit ogenblik

monitor, monitrice · jeugdleid(st)er

moralist(e) · humanistisch geestelijk verzorger

morzel · (zeldzaam) kruimel, brok

mossel · klap, oorveeg

(noch) mossel noch vis · het een noch het ander

mot · (vuist)slag, klap

iets in de mot (in het motje) hebben · 1. (van een persoon) zijn bedoeling raden 2. (iets) bemerken, vermoeden, lucht hebben van iets

moto · motor(fiets)

mottig · 1. (uiterst) lelijk 2. misselijk, onpasselijk, onwel

moulure · sierlijst, sierband

mousse · schuimrubber, schuimplastic

dat is een ander paar mouwen · heel wat anders

mouwveger · vleier

muntje · pepermuntje

muntontwaarding · geldontwaarding

muskaatnoot · nootmuskaat

mutualist · functionaris of lid van een ziekenfonds

mutualistisch · betrekking hebbend op een ziekenfonds

mutualiteit · ziekenfonds




naad · naailes, vrijwel uitsluitend in de verbinding snit en naad

de naakte eigendom · de blote eigendom

iets vertellen van de naald tot de draad of van naaldje tot draadje · van het begin tot het einde

naamstemming · hoofdelijke stemming

nachtkleed · nachtgewaad, nachtpon

nadar, nadarafsluiting · dranghek

nadienst · service(dienst)

nadrukteken · accentteken

natie · veem, gebouw waar een veem gevestigd is

natiebaas · aandeelhouder van een veem

navorser · wetenschappelijk onderzoeker

nazicht · het nazien

nazinderen · natrillen

neep · oprijg in een rok of broek

een dikke nek · opschepper, (rijk en) hoogmoedig iemand

een dikke nek hebben · naast zijn schoenen lopen

nemen · (verouderd) veronderstellen, aannemen
— Neem dat het waar is wat hij zegt, dan...

te nemen of te laten · kiezen of delen

neofiet · nieuweling, nieuwkomer (in sporten)

nepstatuut · minder gunstige arbeidsovereenkomst

de neus aan het venster steken · zich vertonen, naar buiten treden

van zijn neus (of oren) maken · drukte maken, een hoge toon aanslaan

niersteenverbrijzelaar · niersteenvergruizer

nietjesmachine · nietmachine

nieuwkuis · chemische wasserij

nijg · (niet alg.) 1. geweldig, prachtig 2. hard, krachtig 3. (bijwoord) heel, zeer, in hoge mate

nijpen · knellen: nijpende schoenen

nijveraar · industrieel

niknak · letterkoekje

niks van · niks daarvan

nivelleerwerktuig · flesjeswaterpas

nivelleren · met het waterpas afmeten

nobiljon · adellijk persoon

nocturne · (musea en tentoonstellingen) avondopenstelling

nood · (vaak in het mv: noden) behoefte
— Le Cobourg innoveert voortdurend het assortiment volgens de noden van de markt.
— België heeft nood aan een eigen taalstandaard.

noemen · heten: Hoe noemt dat ook alweer?

dat smaakt naar nog · smaakt naar meer, is heel lekker

nonkel · oom

noordkriek · kleine zure kers

Noord-Nederlander · (in een culturele context) Nederlander

Noord-Nederlands · (in een culturele context) behorend tot of eigen aan Nederland

normalist(e) · leerling van een normaalschool

nota · aantekening, notitie, korte mededeling

notaboekje · aantekenboekje

noteer dat... · let wel, vergeet niet

notelaar · notenhout

notelaren · notenhouten

notenschelp · notendop

notie · (meestal mv., vaak in personeelsadvertenties) kennis
— goede noties Frans vereist

noyauteren · infiltreren

groen nummer · gratis te gebruiken telefoonlijn

nutritionist(e) · voedingsdeskundige




objectief · oogmerk, doel, doelstelling

obus · projectiel van een kanon

occasie · koopje

occasie- · als eerste lid in samenstellingen: tweedehands-

officialiseren · officieel maken

de officiëlen · de officials

olfactief · olfactorisch

omdriegen · met rijgsteken omzomen

omhalen · collecteren

omliggende · omgeving, omtrek

omloop · parcours, circuit

omnibus · stoptrein, boemeltrein

omnipracticus · huisarts

omnium · (verkorting van) omniumverzekering

omroepreclame · etherreclame

omslaan · verzwikken

omslag · enveloppe, couvert

onder omslag · in een enveloppe

omstandigheidsverlof · buitengewoon verlof

kapitein ter lange omvaart · op de grote vaart

omwille van · tengevolge van, wegens, door

omzeggens · (om) zo te zeggen, als het ware

omzendbrief · circulaire

onbegrip · verkeerd begrip, wanbegrip

onbeleefderik · onbeleefd mens

onder de middag · in de middagpauze

onderchef · souschef

onderduims · onder de hand

ondereen · door elkaar

onderhandstelling · sekwester

onderlijnen · onderstrepen

onderpastoor · kapelaan van een parochie

onderschreven · voltekend

onderschrift · ondertitels, ondertiteling

onderschrijven · intekenen op (een lening e.d.)

de openbare onderstand · de bijstand

ondertas · schoteltje

ondervragen · overhoren, examineren

ondervraging · overhoring

(gesubsidieerd) officieel onderwijs · openbaar onderwijs

onderwijzersdiploma · onderwijzersakte

ondeugdelijkheid · waardeloosheid

onevenwicht · gebrek aan evenwicht

ongekend · nog niet ontdekt of verkend

onkans · (zeldzaam) tegenslag, pech

onpaar · oneven
— pare en onpare getallen

ontdubbelen · een tweede exemplaar toevoegen (om overbelasting te vermijden), splitsen, verdubbelen

onthaal · receptie

onthaalbediende · receptionist(e)

onthaalcentrum · ontvangstcentrum, opvangcentrum

onthaalmoeder · opvangmoeder, gastmoeder, thuismoeder

ontlasten · van zijn opdracht ontheffen

ontlenen · lenen
— Ontleende werken kunnen maximaal twee keer verlengd worden

ontmijnen · (niet alg.) [Fr. déminer] een conflict vermijden door het wegnemen van de conflictstof: Een discussie ontmijnen

ontmijner · lid van een mijnopruimingsdienst

ontmijningsdienst · mijnopruimingsdienst

ontschepen · uit het schip gaan, aan land gaan

ontwaarden · (reisbiljetten e.d.) afstempelen, knippen

onverdeeldheid · het niet verdeeld zijn van een nalatenschap onder erfgenamen

onverlet · onaangeroerd, achterwege

onverstoord · onverstoorbaar

onvrijwillig · onwillekeurig, onopzettelijk

onwettelijk · strijdig met de wet

onzijdig onderwijs · ongodsdienstig

oogstappel · vroegrijpe appel

oorlogsstoker · oorlogshitser

oostfronter · oostfrontstrijder

op · (in verbindingen als 'vier op vijf meter') bij

op de middag · rond het middaguur

op de minuut · stipt

opblinken · oppoetsen

opbrengsteigendom · beleggingspand

opbrengsthuis · beleggingspand

opcentiemen · opcenten

opdeciemen · opcenten

opdoen · opmaken, verteren, verkwisten

zich opdringen · dringend gewenst, uitermate nodig zijn, geboden zijn
— Een schaalverandering dringt zich op wanneer het oorspronkelijk gegeven één of twee decimalen omvat.
— De vraag dringt zich op of onze ‘militaire verbintenissen’ niet in vraag moeten worden gesteld

opendeurdag · open dag

opgeëiste · iemand die tijdens WO II door de Duitse bezetter gevorderd werd voor tewerkstelling in het buitenland

het is opgezet spel · het is doorgestoken kaart; het is van tevoren beraamd

ophefmakend · geruchtmakend

opkomen · zich kandidaat stellen bij een verkiezing

opkuisen · opvegen, schoonmaken

opleg · wat men op (de prijs van) iets toelegt

opleggen · toeleggen, erbovenop leggen, extra geven (bij een handelstransactie)

hoog oplopen met – · hoog (weg)lopen met –, veel op hebben met –, waarderen, prijzen

oppensioenstelling · pensionering

oppuntstelling · regeling, afstelling, afwerking

oproepapparaat · oproepinstallatie

oprustgesteld · gepensioneerd

opruststelling · pensionering

opsolferen · iemand iets bedrieglijk of tegen de zin opdringen
— Deze [...] wapenaankopen waarbij Ecuador bedot werd door zich verouderd materiaal te laten opsolferen, leidden tot een onderzoek naar de verantwoordelijkheden van de legertop.

opstappen · demonstreren, aan een betoging of andere publieke manifestatie deelnemen
— Dat de oppositiepartijen in een betoging tegen het regeringsbesluit opstappen is hun goed recht.

opsteller, opstelster · 1. redacteur 2. lagere ambtenaar

opstoken, opsteken · influisteren, voorzeggen

optie · afstudeerrichting als keuzemogelijkheid binnen een opleiding

optieker · opticien

optievak · keuzevak

opvijzen · opschroeven, op iets schroeven

opvolgend · successievelijk

opvolging · controle op de kwaliteit en de voortgang van een proces of van werkzaamheden, follow-up

opzeg · opzegging

opzoeking · nasporing, onderzoek

opzoekingswerk · onderzoekswerk, research

ordewoord · devies of kernwoord

op beide oren (kunnen, mogen) slapen · ergens heel gerust op zijn, zich geen zorgen hoeven te maken

organisme · organisatie, instelling

orgelpunt · hoogtepunt

orkestzetel · stallesplaats

zo oud als de straat · zeer oud

ouderdomsdeken · oudste in (dienst)jaren, oudste lid, nestor

ouderling · bejaard persoon

over · (in tijdsbepalingen) voor

van over · sinds

daar kan ik niet van over · dat kan ik maar niet begrijpen, dat kan ik niet aanvaarden

overdrachttaks · omzetbelasting

overeenkomen · met iem. (kunnen) opschieten

overhoekslijn · diagonaal

overkop · over de kop

overlaatst · onlangs, laatst

overlezen · (verouderd) een bezweringsformule uitspreken over, belezen
— Een ziek kind overlezen

overlopen · doorlopen, doornemen, doorbladeren
— Een dagblad overlopen

zich overslapen · zich verslapen

oversnijden · doorsnijden

overtrekken · betrekken, bewolken

overtuigingsbewijs · intieme convictie

overzitten · zittenblijven

overzitter · zittenblijver, doubleur




paar · even
— pare en onpare getallen

zo dom als het paard van Christus · zeer dom

paardenmolen · draaimolen, paardjesmolen, kermismolen

paardenremedie · paardenmiddel

paasklok · klok die volgens de folklore paaseieren brengt

pagadder · klein kind

pak · 1. pakkende, grijpende beweging 2. greep

een pak · heel wat
— In Duitsland of Luxemburg zijn de toestellen nog een pak goedkoper.

pakken · 1. onaangenaam aandoen, bevangen 2. aangrijpen, ontroeren 3. lukken
— De rook pakte mij op mijn adem
— Het romantische verhaal heeft hem fel gepakt
— Dat truukje pakt bij mij niet hoor!

palmares · lijst van prijswinnaars, erelijst

pan · koekenpan, steelpan

de pannen van het dak spelen · de sterren van de hemel spelen

panacheren · bij verkiezingen zijn stem verdelen over kandidaten van verschillende partijen

pandoering · pak slaag

paneel · (zeldzaam) panel

panikeren · in paniek raken

(niet) veel in de pap te brokken hebben · (niet) veel invloed hebben

in slechte papieren zitten · (financieel) in de problemen zitten

papierslag · inzameling van oud papier voor een goed doel

papiersnijder · briefopener, vouwbeen (?)

papschool · (verouderd) kleuterschool

parafiscaal · betrekking hebbend op of bestaande uit heffingen die niet als belasting in eigenlijke zin gelden

parascolair, parascholair · betreffende het aanvullend onderwijs, bijscholing, buitenschools

park · (baby)box

parking · parkeerterrein, parkeerplaats

parlementair · parlementslid

pas · pass

pastorij · pastorie

paswoord · wachtwoord

patat · 1. aardappel 2. klap, slag

paternoster · rits, resem

patersbier · trappistenbier

patronaal · betrekking hebbend op de patroons, de werkgevers

patronaat · de gezamenlijke werkgevers (als tegenpartij van vakbonden)

pechdienst · hulpdienst bij motorpech

peda · tehuis voor (meisjes)studenten

pedalo · waterfiets

de peer in tweeën snijden · een compromis sluiten; samsam doen

iemand een peer stoven · hem beetnemen, in het ootje nemen

pellicule · film

penaliseren · straffen, bestraffen, beboeten

penalist(e) · strafrechtdeskundige

penitentiair verlof · verlof voor verblijf buiten de gevangenis

pennenridder · journalist

pennenzak · etui voor pennen en ander schrijfgerei

pens · soort braadworst, beuling

pensenkermis, penskermis · feestje bij gelegenheid van het slachten van een varken

peperkoek · ontbijtkoek

perequatie · aanpassing, verhoging

performant · in staat tot hoge prestaties, goed presterend

permanentie · doorlopende secretariaats- of receptiedienst

personaliteit · vooraanstaand persoon

personenbelasting · inkomstenbelasting geheven van natuurlijke personen

persvisie · persvoorstelling

perte totale · total loss

peter · iemand die een vereniging, persoon of activiteit steunt of sponsort

peutertuin · kinderdagverblijf voor peuters, peutercrèche

pezewever · beuzelaar, kniesoor, femelaar

piccolo · hard puntbroodje

piet · mannelijk lid

pietjesbak · triktrak

niet meer weten van welk hout pijlen te maken · geen uitkomst meer weten, ten einde raad zijn

pijpajuin · bosuitje, lente-uitje

pijpenkop · verbreding (tot een rond pleintje) aan het einde van een doodlopende straat

piket · stakerspost

pilchard · pelser

piloot · autocoureur

piloot- · (in samenstellingen) model-, proef-, pilot-

pinker · knipperlicht of richtingaanwijzer

pinklicht · pinker

voor de pinnen komen · te voorschijn komen, zich vertonen

pinnenmuts · puntmuts

pintelieren · veel bier drinken

piot · soldaat

pistoolschilder · lakspuiter

pitsen · 1. nijpen 2. frunniken

plaaster · gips, stuc

plaasteren (adj.) · gipsen

plaasteren · pleisteren

plaats · kamer: een huis met zeven plaatsen

plaatsaanvraag · personeelsadvertentie waarin een vacature bekend wordt gemaakt

ter plaatse trappelen · geen vorderingen maken

pladijs · schol

de plak zwaaien · de baas spelen; heersen
— Zij houden niet van de opdringerige manier waarop platenproducenten tegenwoordig de plak zwaaien en de grootste winsten opstrijken.

plan · plattegrond

zijn plan trekken · zich met eigen middelen weten te redden

planificatie · planning

planifiëren · plannen

de plank maken · op zijn rug drijven

plankvast · geen last hebbend van plankenkoorts

plantrekker · iem. die zich wel weet te redden

plat water · niet-koolzuurhoudend bronwater

zo plat als een vijg · zo plat als een dubbeltje

platform · plat zinken dak

plattekaas · kwark

plebisciteren · met een overweldigende meerderheid verkiezen

plek · vlek, klad

plezant · plezierig

plichtsbewust · plichtsgetrouw

plichtstuk · opgelegd stuk

plichtvak · verplicht vak

plonsbad · pierenbad

niet in, op zijn plooi zijn · niet in orde zijn, zich niet goed voelen

plooien · kreuken, vouwen, doorbuigen, zwichten

pluim · veer van een vogel

pluimen (adj.) · met veren opgevuld

pluimen · plukken: een geslachte kip pluimen

poep · bips

poepen · (verouderd) (iets minder sterk dan) neuken

poepsnoepje · (schertsend) zetpil

poets wederom poets · leer om leer

pol · (kleine, mollige) hand

politieker · politicus

poll · stemming onder de leden van een politieke partij waarbij de kandidatenlijst voor een verkiezing wordt vastgesteld

pollepel · soeplepel

polluent · verontreinigende stof

polluerend · vervuilend

polykopiëren · (foto)kopiëren of stencilen

polyvalente zaal · voor verschillende doeleinden te gebruiken zaal

pompaf · bekaf, doodmoe

pompelmoes · grapefruit

pompier · brandweerman

pompthermos · airpot

dat is zo klaar als pompwater · zo klaar als een klontje

porto · port

postbedeling · postbestelling

postchequerekening · postrekening

postgraduaat · postdoctorale cursus, opleiding

postgraduaat (adj.) · behorend tot het postdoctoraal niveau

postkaart · (prent)briefkaart

postman · postambtenaar

postmandaat · postwissel

postmeester · postdirecteur

postontvanger · postdirecteur

tussen pot en pint gezegd · al drinkende, losjes weg

rond (of om) de pot draaien · ergens omheen draaien, om de hete brij [heen] draaien

het potje gedekt houden · een bedenkelijke zaak niet verder onderzoeken

(ergens) niet veel potten gebroken hebben · (daar) niet veel gepresteerd hebben

met de gebroken potten zitten · het gelag moeten betalen

potpolder · rivierpolder waarin men bij een te hoge stand van de rivier het water kan laten wegstromen

praalboog · ereboog

praatbarak · bestuurlijk overlegorgaan waarin veel gepraat maar weinig besloten wordt

pramen · aansporen, aanporren

pratikeren · praktiseren

pree · 1. loon, salaris 2. zakgeld 3. (verouderd) soldij

prefect · (als verkorting van) studieprefect

prefix · netnummer

premieverkoop · cadeaustelsel

pressing · druk, dwang

prijsbeest · kunstenaar of sporter die vaak in de prijzen valt

prijsschutter · speler die vaak raak schiet

prijsvlucht · (bij duivenmelkers) wedvlucht

te allen prijze · wat het ook moge kosten, hoe dan ook

prijzenstop · prijsstop

primauteit · doorslaggevend belang

primordiaal · cruciaal, essentieel, doorslaggevend

princiep · principe

principaal · directeur van een r.-k. middelbare school of internaat

prk · postrekening(nummer)

pro justitia · proces-verbaal

probatie · proeftijd

proclamatie · plechtige bekendmaking van wedstrijd- of examenresultaten

prodecaan · iem. wiens decaanschap net voorbij is

proef · 1. examen 2. onderdeel van een sportwedstrijd

proefbuisbaby · reageerbuisbaby

niet aan zijn proefstuk (toe) zijn · al enige ervaring met iets hebben

profijtelijk · zuinig

profijtig · voordelig

profitariaat · het misbruik maken van politieke structuren en sociale regelgeving om zichzelf te verrijken ten koste van de medeburgers

programmatie · programmering, kaderwet

in promotie · in de aanbieding

promotor · projectontwikkelaar

pronostiek · 1. persoonlijke verwachting of voorspelling (van wedstrijduitslagen) 2. toto

pronostikeren · 1. als persoonlijke voorspelling formuleren 2. deelnemen aan een toto

prorector · hij die het voorgaande jaar rector is geweest van een universiteit

prospecteur · speurder, talentenjager, scout

prothesist(e) · protheticus, prothesemaker

pruts · iets dat niets bijzonders is, prul

psychanalist(e) · psychoanalyticus

publiciteit · reclame (ook in samenstellingen: publiciteitsbureau, publiciteitscampagne)

publieke vordering · strafvordering

punch · pit, doortastendheid

op punt staan · volledig in orde zijn, tot de laatste details in orde zijn

op punt stellen · volledig in orde maken, tot de laatste details in orde maken

punten · prikken

puntklok · prikklok

pupiter · lessenaar




quarté · weddenschap op vier paarden

quasi · als het ware, bij wijze van spreken

quatuor · kwartet

quoteren · een waarderingscijfer geven




raadpleging · consultatie (van een arts, notaris e.d.)

vrije radio · niet-openbaar radiostation

rampenschade · schade als gevolg van een ramp

randbemerking · kanttekening

rang · 1. rij van personen, gelid 2. (in ’t mv.) geheel van personen die zich met een bepaalde doelstelling aaneensluiten of door een gemeenschappelijke situatie verbonden zijn

rap · (zeldzaam) schrander, slim

rapte · gauwte

rat · stakingsbreker

razernij · hondsdolheid

recht · omhoog, overeind: iemand recht helpen

rechtover · tegenover

rechtsfaculteit · rechtenfaculteit

rechtsstudent · student in de rechten

rechtstaan · (rechtop) staan

reclameren · klagen, mopperen

reconversie · herstructurering, omschakeling (van bedrijven of industrietakken)

einde reeks · restanten (bij seizoenopruiming)

referte · (in brieven e.d.) kenmerk

refoulement · verdringing

refter · eetzaal (in een school of bedrijf)

in regel · in orde

regels · menstruatie: Zij heeft haar regels nog niet

regenvlaag · regenbui

regeringsraad · vergadering van ministers en staatssecretarissen

regie · openbaar nutsbedrijf

reisbijstandsverzekering · reisverzekering

reisduif · postduif

rekenplichtige · accountant

de benen rekken · zich vertreden, de benen strekken

relance · opleving

relancepolitiek · herstelbeleid

relaxeren · relaxen

rentabiliseren · rendabel maken

rentetitel · rentebrief

reparatief · curatief

repereren · ontdekken, vinden, zien

repertoriëren · inventariseren

replikeren · repliceren

repressie · bestraffing van collaborateurs (na WO II)

resem · rits, reeks, rij

reservatair · betrekking hebbend op een nalatenschapsreserve

reservatie · plaatsbespreking, reservering

resident · 1. inwoner 2. bewoner

residentie · flatgebouw met dure en luxueuze appartementen

residentieel · (van woonwijken) chic, bestemd voor duurdere woningbouw

responsabilisering · stimulering van de eigen verantwoordelijkheid

restbevoegdheid · (in de Belgische staatshervorming) bevoegdheid die nog niet definitief aan de federale overheid of aan de deelstaten is toegewezen

revendicatie · het opeisen van politieke of sociale rechten

enkele richting · eenrichtings(verkeer e.d.)

rictus · grijns

rijhuis · rijtjeshuis

rijkskas · rijksfonds

rijksmiddelenbegroting · staatsbegroting

rijksonderwijs · (eertijds) het onderwijs georganiseerd onder de bevoegdheid van de centrale overheid

rijnzand · rivierzand

rijstpap · rijstepap

rijtaks · belasting op auto's en motorfietsen

rijvak · rijstrook

rijwoning · rijtjeshuis

ristorno, restorno · deel van de inkomsten van de centrale overheid dat wordt overgedragen aan de gemeenschappen of de gewesten

rittenkaart · strippenkaart voor het openbaar vervoer

rocambolesk · (van verhalen) fantastisch, onwaarschijnlijk, ongelofelijk

roderen · inrijden

roepzaal · verkooplokaal, veilingzaal

de rol (moeten) lossen · (moeten) afhaken, achterblijven

rommelkot · kamer of hok waar men allerlei rommel bewaart

ronde · omtrek (?)

rondpunt · verkeersplein, rotonde

roofing · waterdichte kunststof als dakbedekking, asfaltpapier, dakleer

iemand op de rooster leggen · hem streng ondervragen

rotswol · steenwol

ruitenwasser · glazenwasser

rundslap · runderlap

rustpensioen · ouderdomspensioen








sakkeren · vloeken, foeteren, mopperen

salamander · heildronk waarbij het glas tot op de bodem wordt leeggedronken, lied dat bij zo'n heildronk gezongen wordt

salamanderen · een salamander drinken

salon · 1. zithoek, bankstel 2. grote beurs (ook in samenstellingen: autosalon, voedingssalon, vakantiesalon)

saluut en de kost · (spreektaal) minachtende afscheidsgroet, "hoepel maar op"

samentroepen · geleidelijk samenkomen een groep vormen, samendrommen

sandwich · zacht puntbroodje, kadetje

niemand is sant in eigen land · opvallende prestaties worden in eigen omgeving niet gewaardeerd

schacht · 1. rekruut 2. eerstejaars, noviet

schachtendoop · ontgroeningsceremonie

schachtenmeester · leider van een ontgroeningsritueel

scheefslaan · stelen

schelp · 1. schaal van een ei 2. (zeldzaam) peul

iemand uit zijn schelp doen komen · iemand uit zijn tent lokken

in zijn schelp kruipen · zich terugtrekken

scheper, schaper · herdershond

scheurlijst · verkiezingslijst van een splinterpartij

scheurpartij · splinterpartij

scheutig zijn op iets · belust zijn op iets

schiedam · (zeldzaam) jenever (uit Schiedam)

schietkraam · schiettent

schifting · voorronde, serie

schiftingsproef · wedstrijd of examen waardoor wordt geselecteerd

schikking · beschikking, maatregel

schoenblink · schoensmeer

in nauwe schoentjes zitten, raken, brengen · in de knel, in het nauw zitten

schooier · bedelaar

schoollopen · naar school gaan

schoon · fraai, mooi

schoteldoek · vaatdoek

schotelvod · 1. vaatdoek 2. slet

schouw · schoorsteen (op een dak)

schouwingsbewijs · bewijs dat een motorvoertuig volgens de verplichte technische keuring voldoet aan de wettelijke eisen, keuringsbewijs

schrijfgerief · schrijfgerei, schrijfbehoeften

schrijvelaar · prulschrijver

schrik hebben van · bang zijn voor

schuif · lade

schutkring · beschermende zone rondom een besmettingshaard

schuurborstel · luiwagen

scolarisatie · (mate van) deelneming aan het onderwijs

secondje · ogenblikje, momentje
— Een secondje, ik verbind u door met de klachtendienst.

secreet · eenzame opsluiting (m.n. zonder contact met een advocaat)

sectair · sektarisch, radicaal, fanatiek

selder · selderie

seniorie · luxueuze verzorgingsflat

sensibiliseren · (personen) gevoelig maken voor een bepaald probleem of een maatschappelijke kwestie

septische put, tank · septic tank

serviceclub · vereniging van mensen uit de zakenwereld en uit de hogere beroepsklasse ter bevordering van het algemeen welzijn (vb. de Rotary)

servitude · servituut

shotten · 1. voetballen 2. (hard) tegen iets trappen

signalisatie · bewegwijzering, bebakening

signataire · vloeiboek

simoniseren · in de was zetten: een auto simoniseren

Sinksen · Pinksteren

zich situeren · zich bevinden, ook: verband houden met, ingedeeld worden bij, deel uitmaken van

slabakken · slecht gaan, teruglopen, achteruitgaan
— Toen we onze organisatie eenmaal hadden aangepast, begon de economie te slabakken. (G.v.A.)

zich uit de slag trekken · uit een moeilijkheid weten te raken

slechtgezind · slechtgehumeurd

sletig · slijtage veroorzakend

sleutel-op-de-deur · (van woningen) onmiddellijk te betrekken, sleutelklaar

geld verdienen als slijk · geld verdienen als water

slikken · (van een gracht, een riool enz.) het water afvoeren, verzwelgen, verwerken

sluik- · in samenstellingen: clandestien, illegaal, heimelijk: sluikblad, sluikpers, sluikslachter, sluikstokerij, sluikstorten, sluikweg, sluikzender

smoelentrekker · bekkentrekker

smos · broodje met ham, sla, mayonaise, schijfjes hardgekookt ei en tomaat

smoutbol, smoutebol · oliebol

sneeuwklas · klas die ’s winters naar de bergen trekt voor het volgen van lessen en het beoefenen van de wintersport

sneuveltekst · voorlopige, voor amendering bestemde tekst

snit en naad · opleiding, cursus knippen en naaien

snokken · rukken

snuisteren · snuffelen

snul · sul

een sociaal assistent(e) · maatschappelijk werk(st)er

sociale woning · met overheidssubsidie gebouwde woning voor minder bemiddelde kopers of huurders

soepboer · straatventer met warme soep

soeplepel · eetlepel

sofisticatie · ingewikkeldheid, gekunsteldheid, gemaaktheid

iemand op zijn sokken horen afkomen · iemands bedoelingen raden

soldatenkoek · kaak (droge koek), scheepsbeschuit

solden · seizoenopruiming, uitverkoop

soldenhuis · winkel waar restanten verkocht worden

solderen · tegen lage prijs (uit)verkopen

sonoriseren · (een film, een diamontage e.d.) van geluid voorzien

sossen (mv.) · (pejoratief) socialisten

spaarbon · spaarbiljet

spaarkas · spaarbank

specifiëren · specificeren

speculoos · speculaas

dat speelt in mijn (zijn, haar...) hoofd · daar zit ik (hij, zij) over te tobben

speeltijd · speelkwartier

speelvogel · speels kind

speen · aambeien

spel · speling

spiering · vlees van het schouderstuk van een varken

spijs · 1. moes of jam van vruchten 2. weke massa

spijshuis · eethuis, gaarkeuken

tot spijt van wie ’t benijdt · gezegd om zijn tevredenheid uit te drukken over iets waarvan men aanneemt dat niet iedereen het zal waarderen

spijts · ten spijt

spijzen · van het nodige (geld) voorzien
— Als pianist creeërde hij een fonds om het begeleiden van de stomme films te spijzen. (G.v.A.)

spitant · bruisend, vitaal

spits · in samenstellingen: top-spitsindustrie, spitsonderzoek, spitstechnologie

spleet · (zeldzaam) (van deur, venster...) kier

sponshanddoek · badstof handdoek

spook · bleek, mager, lelijk persoon

springtuig · bom, explosief

springuur · tussenuur

square · (veelal in straatnamen) plein

stadsplan · stadsplattegrond

stafhouder · deken van de orde van de advocaten

stageles · proefles van een hospitant

stakingsaanzegging · officiële kennisgeving door de vakbond aan de werknemers van een voorgenomen staking

stamlokaal · stamkroeg, stamcafé

stamp · trap, schop

standlicht · stadslicht

standplaatsvergoeding · toeslag op het salaris van mensen die hun functie op een bijzondere (b.v. verafgelegen) plaats moeten uitoefenen

standregels · statuten

stapelhuis, stapelplaats · (zeldzaam) entrepot

stationeren · parkeren

blauwe steen · arduinsteen

steendood · morsdood

steenezel · zeer dom mens

steenweg · straatweg (vaak in straatnamen): Brusselse steenweg

stek · (zeldzaam) zie stekske

stekske · (eig. verkleinvorm van 'stek' in de betekenis van 'stok') lucifer

het stellen · (spreektaal) het maken
— Hoe stel je het?

stelplaats · remise (van bussen, trams, treinen...)

stemafspraak · afspraak om te pairen

stemmen · goedkeuren, voteren

stemmig · gezellig, aangenaam, knus

iets op iemand of iets steken · daar de schuld van geven

stencileren · stencilen

stenodactylo · stenotypist

tegen de sterren op drinken, vloeken, liegen enz. · zonder maat te houden, overdreven

sterfput · zinkput

steriliseerpot · weckfles

steriliseren · wecken

stielkennis · vakkennis

stielman · vakman

stielvaardig · vakbekwaam, vakkundig

stierhouderij · hoeve waar een dekstier aanwezig is

stil · 1. langzaam 2. ingetogen, zedig, stemmig

stilletjes · 1. slechts matig 2. (van een zieke) minnetjes

stilstand · halte

stinkerd, stinker · (meestal in de verkleinv.) afrikaantje (bloem)

stockeren · opslaan, opbergen, verzamelen

stoefen · opscheppen

stoefer · opschepper

stoffelijke schade · materiële schade

stofvod · stofdoek

stofwikkel · stofomslag

stokken in de wielen steken · iemand of iets dwarsbomen

stokhouder · stafhouder

stoof · kachel

stoofkarbonade · (vaak in 't mv.) stoofvlees

stoot · opzienbarende, krasse daad

stootkar · handkar

stortingsbulletin · stortingsformulier

stoverij · stoofvlees

straatje zonder einde, zonder eind · iets waar geen eind aan komt

straf · 1. fors, krachtig, erg 2. brutaal

strafcompagnie · strafklasse

strafstudie · als straf op school moeten nablijven

streep · scheiding in het haar

ergens een streep onder trekken · ergens een streep onder zetten

strooibrief · strooibiljet

strooiweide · strooiakker

strop · 1. strik 2. Gentenaar

stropzitten · vastzitten

struikelsteen · iets waarover men (figuurlijk) struikelt

studax · studiekop

studentenkot · studentenkamer

studentin · (zeldzaam) meisjesstudent, studente

studie · kantoor van een notaris

studiebureau · adviesbureau

studiedienst · afdeling van een organisatie belast met onderzoeks- en studieopdrachten

studio · eenkamerflat met keukentje en sanitaire voorzieningen

stuiken · vallen, neerstorten

het zal er stuiven · het zal er heet toegaan

stuk · perceel, lap grond, akker

zeker van zijn stuk zijn · vol zelfvertrouwen, zelfverzekerd

stukken van mensen kosten · heel duur zijn

stuurbrevet · vaarbewijs

stylo · balpen, kogelpen

suïcidair · suïcidaal

in het of een sukkelstraatje (gelogeerd) zijn (wonen, verzeild raken) · aan het sukkelen zijn, pech hebben

superette · kleine supermarkt

suppleant · plaatsvervanger

supplement · 1. toeslag 2. extra portie

van zijn sus vallen · van zijn stokje vallen, flauwvallen

suppositoire · zetpil

syndic · syndicus

syndicaal · betreffende de vakvereniging of de activiteiten daarvan

syndicaat · vakvereniging, vakbond

syndicalisme · politieke theorie waarbij aan de vakverenigingen een overwegend aandeel in de staatsorde wordt toegekend

syndicalist · lid van een vakvereniging

syndicus · beheerder van een flatgebouw

syndikeren · lid maken van een vakbond

synthese · samenvatting

synthetiseren · samenvatten




taak · (verkorting van) huistaak (zie ald.)

taalkamp · vakantie voor jongeren waarin een vreemde taal wordt geleerd

taallab · (verkorting van) taallaboratorium

taallabo · taallab

taallaboratorium · talenpracticum

taalleergang · taalcursus

taalraadsman · taaladviseur

taalracisme · opvatting dat de ene taal superieur is aan de andere.
— Maar om aan de gevaren van exclusivisme en taalracisme te ontsnappen, moet iedereen het pleiten voor de eigen taal in dezelfde adem altijd verbinden met het pleiten voor meertaligheid, waarbij kennis van het Engels onontbeerlijk maar niet genoeg is. (Luc Devoldere)

taaltuinier · taalzuiveraar

Tabernakelfeest · Loofhuttenfeest

zijn benen onder tafel steken · aan tafel gaan, gaan eten

tafelspringer · (zeldzaam) druktemaker, betweter

takeerhout · dresseerhamer

takeren · (de letters van een zetsel) dresseren, gelijkkloppen

taks · 1. heffing, belasting, recht 2. strafport

taksplaat · fietsplaatje

taksplichtig · belastingplichtig

tas · kopje

tateren · 1. veel praten, babbelen, keuvelen 2. (soms ook van dieren:) snateren, kwetteren

taxatie · belastingheffing, belastingaanslag

taxeren · belasten

technieker · technicus

tegenaangewezen · niet aanbevelenswaardig

tegeneen · tegen, tot elkaar

tegengoesting · (zeldzaam) tegenzin

tegensprekelijk · contradictoir

tegenstaan · (van een deur) op een kier staan

tegensteken · afkeer verwekken, tegenstaan

tegenstelbaar · (van overeenkomsten e.d.) geldig ten aanzien van derden

tegentekenen · medeondertekenen, contrasigneren

tegenvordering · wedereis

tegenwijzerzin (in -) · tegen de wijzers van de klok

van geen tel zijn · onbelangrijk zijn, niet meetellen

teleboetiek · telefoonwinkel

teledistributie · kabeltelevisienet

teleferiek · stoeltjeslift

telekaart · telefoonkaart

teleurgang · teloorgang

televisietaks · kijkgeld

telkens · elke keer dat, telkens als

tempeesten · stormen

terbeschikkingstelling · recht van een boventallig ambtenaar op wederindienstneming en op wachtgeld in afwachting hiervan

termijnkrediet · bankkrediet terugbetaalbaar over een middellange termijn

terminus · eindpunt van een tram- of buslijn

terug · weer, wederom, opnieuw
— Eigenlijk zou ik terug wat meer Franstalige boeken moeten gaan lezen.

terugbetaling · rembours

van een kale reis thuiskomen, terugkomen · ergens slecht afkomen, onverrichter zake terugkeren

terugplooien · zich terugtrekken om een betere verdediging te zoeken

terugronde · tweede helft van een competitie, waarbij alle clubs voor de tweede keer tegen elkaar spelen

tewerkstellen · als werknemer aannemen, in dienst nemen

tewerkstelling · werkgelegenheid

thé dansant · dansfeest, swingavond, (studenten)party

thee citroen · thee met citroen

thermalisme · bezoek aan of exploitatie van kuuroorden

thesis · eindwerk, scriptie, licentiaatsverhandeling, doctoraalproefschrift

thesisjaar · extra studiejaar voor het voltooien van een scriptie

thuiswijzen · thuisbrengen

ticket · (uitgesproken als: tiket) biljet, plaatsbewijs, toegangsbewijs

tiercé · weddenschap waarbij gegokt wordt op drie paarden

op tijd en stond · op het geschikte ogenblik

time · helft van een wedstrijd

ten titel van · bij wijze van, in de hoedanigheid van

ten definitieven (individuelen, kostelozen, persoonlijken) titel · definitief (individueel, kosteloos, persoonlijk)

titelvoerend · titulair

titularis · 1. iemand die met het onderwijzen van een bepaalde cursus belast is, klastitularis 2. (juridisch) houder, bezitter, eigenaar

toch · althans, tenminste

tochthond · tochtafsluiter in de vorm van een hond

toegangsexamen · toelatingsexamen

toekomen · (van personen) aankomen, arriveren

toekomende · (genealogie) lid van een komend geslacht

toelaten · mogelijk maken, in staat stellen tot
— De versterking moet toelaten om de controle over de veroverde steden veilig te stellen en op te rukken naar Tikrit.

toelating · goedkeuring, toestemming, vergunning, permissie

toemaat · overmaat, extraatje, toegift

toer · 1. (vaak verkleinv.) wandeling 2. beurt 3. kuur, gril, luim

toerismebureau · toeristische dienst, VVV(-kantoor)

toespijs · broodbeleg

toesteken · 1. overhandigen, verschaffen 2. heimelijk geven, toestoppen

een handje toesteken · een handje helpen

toezichter · opzichter

toeziener · opzichter

toile cirée · wasdoek

tol · douanerechten

tolkantoor · douanekantoor

toneelkring · amateurtoneelgezelschap

niet op zijn tong (mond) gevallen zijn · assertief zijn, van zich kunnen afbijten

tonifiëren · toniseren, opwekken, stimuleren

tooghanger · iemand die vaak of lang aan de tapkast zit

(geen) hoge toppen scheren · (niet) succesvol zijn

tournee · rondje

trac · plankenkoorts

tract · pamflet

transatlantieker · oceaanstomer

transmissietroepen · verbindingstroepen

trapzaal · trappenhuis

treffelijk · fatsoenlijk, behoorlijk

treinwachter · conducteur

trekken · 1. (een foto) maken 2. (verouderd) (iets of iemand) fotograferen

trekken op · lijken op
— Een negatieve recensie wil nog niet zeggen dat een boek op niets trekt.

het lang of kort trekken · 1. ergens lang of kort over doen 2. lang of kort leven

trektang · nijptang

tribune · spreekgestoelte

tricolor · belgicistisch, unitaristisch

tripartite · driepartijenregering

trissen · voor de tweede maal (een studiejaar) overdoen

bij de troep zijn · (verouderd) in militaire dienst zijn

tuchtvervolging · aanklacht om disciplinaire redenen

tuinbouwraad · adviescollege voor de tuinbouw

turfkantoor · wedkantoor

turnen · gymnastiekles hebben

turnzaal · gymnastiekzaal

er voor niets tussen zitten · er niets mee te maken hebben

tussendoor · nu en dan

tusseneen · tussen elkaar

tussengeschil · (juridisch) geschil dat tijdens het proces naast het eigenlijke opkomt

tussenkomen · 1. mee betalen (aan -), bijdragen (aan -) 2. tussenbeide komen, bemiddelend optreden, ook: het woord nemen

tussenkomst · 1. financiële bijdrage 2. interruptie, inmenging, interventie

tut · fopspeen

tutter · fopspeen

tuyau · vertrouwelijke mededeling

tweedelijnshulp · burgerlijke bescherming (zie aldaar)

tweepaardje · lelijke eend (type auto)

twee-pk · (meestal verkleinv.) auto met een motor van twee pk, deux-chevaux

tweewoonst · twee huizen onder één dak




uit · (als verkorting van) leeggedronken, leeg

uitbaten · gebruik maken, zoveel mogelijk voordeel trekken van, benutten, uitbuiten

uitbating · geëxploiteerde onderneming, m.n. als dochteronderneming of filiaal van een moederbedrijf

uitbollen · 1. (van voertuigen) uitrollend tot stilstand komen 2. (van mensen) zich niet meer inspannen, het rustig aandoen

uitbrieven · (zeldzaam?) overal bekendmaken

uitdoen · 1. volbrengen, afmaken 2. het einde halen van - 3. uitvegen, wegvegen, doorhalen

uitgeven in · (van kamers, deuren) uitkomen op

uitgifte · officieel afschrift

uitgiftekantoor · expeditiekantoor van de posterijen

uitgiftepremie · verschil in waarde ontstaan door het uitgeven van obligaties beneden pari en het terugbetaalbaar stellen a pari

uithorsten · (een roofvogeljong) uit het nest halen en africhten
— Andere oorzaken van de achteruitgang waren het uithorsten van nesten en in de landbouw gebruikte gifstoffen

uitkappen · 1. (van vloeistoffen) uitgieten, leeggieten 2. uit een kiepkar storten

uitklaren · (zeldzaam) duidelijk(er), transparant(er) worden of maken

ergens op uitkomen · toevallig te weten komen

uitkuisen · (de binnenkant van iets) schoonmaken

uitmaken · (zonder voorwerp) beledigen, uitschelden

tot uitputting van de voorraad · zolang de voorraad strekt

iets laten uitschijnen · iets laten doorschemeren, laten blijken; (bij uitbreiding ook:) onofficieel aankondigen
— Inmiddels heeft de minister gisteren [...] laten uitschijnen dat hij niet lijdzaam zal toekijken
— Google heeft afgelopen week laten uitschijnen dat het zijn zoekrobot binnenkort zal uitbreiden met een extra dienst.

uitschuiver · blunder, uitglijer, misser

uitstalraam · etalage

uitsteken · uithalen, uitvoeren (vaak negatief: Wat steek je nu toch weer allemaal uit?)

uittreksel · (dag)afschrift

uitvliegen · uitvaren

uitwerving · outplacement

uitwijkeling(e) · emigrant

uitwijken · naar een andere plaats of streek verhuizen

uitwijking · emigratie

uitzicht · aanzicht, gezicht, voorkomen, aanblik
— Het uitzicht van de site wordt bijna dagelijks veranderd.

het uitzicht hebben van · eruitzien als
— De granieten Santa-Mariakathedraal uit 1186 heeft het uitzicht van een vesting.

uitzonderingsrechtbank · buitengewone rechtbank

uitzonderlijk · bij wijze van uitzondering

unief · (als verkorting van) universiteit

unitair · niet gefederaliseerd, behorend bij de eenheidsstaat

unitarist(e) · aanhanger van het unitarisme, belgicist

universitair · academicus

universiteitsprofessor · hoogleraar

uperisatie · ultrapasteurisatie

urbanisatie · ruimtelijke ordening

urgentierecht · recht te betalen voor een versnelde bestelling van een poststuk

uurregeling · regeling van dienst-, les- of werktijden

uurrooster · (les)rooster

uurregeling · dienstregeling




vaak · behoefte aan slaap, neiging tot slapen

vaandelvluchtige · deserteur

vaandrig · vaandeldrager

naar de vaantjes zijn · onherroepelijk verloren of stuk zijn

vakbondsfront · samengaan van verschillende vakbonden bij specifieke acties

vakcentrale · bij een vakverbond aangesloten vereniging van werknemers uit eenzelfde of verwante bedrijfstakken

valavond · het vallen van de avond, avondschemering

valling · (informeel) gevatte kou, verkoudheid

valoriseren · ten nutte maken

valsmunter · valsemunter

valsmunterij · valsemunterij

van · 1. (in verbindingen met een voegwoord: van als, van dat, van toen, van over enige dagen, van voor halfzes) 2. (spreektaal) om
— (bet. 2) Is het mogelijk van morgen al te vertrekken?

vanachter · aan de achterzijde

vandoen · nodig

vannamiddag · vanmiddag

vanop · vanaf

variante · variant

vastgrabbelen · vastgrijpen

vastmaken · sluiten (?)

vaststelling · constatering

zijn broek aan iets vegen · zich er niets van aantrekken

velo · (verouderd) fiets

veloeren · vloeren, fluwelen

vent · (mv. venten) (informeel) kerel

ventileren · uitsplitsen, verdelen

verantwoordelijke · leider, baas, chef, bestuurder, beheerder

verbeteringshuis · tuchtschool

verbeteringsschool · tuchtschool

verblijfsvergoeding · vergoeding van verblijfkosten

verbreking · cassatie

verbrekingshof · hof van cassatie

prijs aan verbruiker · kleinhandelsprijs

verbruikersunie · consumentenbond, consumentenvereniging

verbruikstaks · verbruiksbelasting

verbruikzaal · (aparte) ruimte voor consumpties (in eet- en drankgelegenheden, tearooms enz.)

verdapperen · sterker, feller worden

verdelen · distribueren, bezorgen

verdeler · dealer, distributeur

verderzetten · voortzetten

verdiep · verdieping

verdoken · (vd. van verduiken) verborgen, aan het oog onttrokken, niet openbaar, geheim.

verduft · muf, onfris

verduldig · geduldig
— Papier is verduldig (zoveel als: je moet niet alles geloven wat je leest)

vereremerken · onderscheiden, decoreren

iets (dik) in de verf zetten · iets (sterk) benadrukken

verhaal op de rechter · actie tot schadeloosstelling

verhaalbelasting · baatbelasting

verhandeling · afstudeerscriptie

verhoog · estrade, podium

verhuis · verhuizing

verkeerswisselaar · verkeersknooppunt, klaverblad

verkoopzaal · venduhuis

last verkopen · lastig, moeilijk zijn

verlieslatend · verliesgevend

verloning · beloning, betaling, bezoldiging

verloren verpakking · wegwerpverpakking

verluchting · ventilatie, luchtverversing

verminderingskaart · kortingskaart

vermits · 1. aangezien, daar (ter inleiding van een redengevende bijzin) 2. immers

zwijgen als vermoord · geen stom woord zeggen

vernoemen · (eervol) noemen, vermelden

verpinken · met de ogen knipperen

zich op verplaatsing bevinden · [Cf. FR: être en déplacement] zich elders bevinden, met de bijgedachte aan een (zaken)reis
— Als u vroeger op verplaatsing online verbinding wilde met uw laptop, was de meest betrouwbare optie een telefoonlijn. (Microsoft Benelux)

verplaatsingskosten · reiskosten

verpleegassistente · verpleeghulp

verrechtvaardigen · rechtvaardigen

verruimingskandidaat · verkiezingskandidaat die een partij representeert

versassen · 1. verkassen, verplaatsen 2. schutten (?)

verschieten · schrikken

verschot · spit

versmachten · verstikken

verstaatsing · nationalisering

met verstomming geslagen (zijn, worden) · met stomheid geslagen (zijn, worden)

vertragen · vaart minderen

vertrouwensstemming · (politiek) stemming waarbij de vertrouwenskwestie gesteld word

vervangingsinkomen · verzamelnaam voor uitkeringen en pensioenen

ergens mee verveeld zitten of zijn · ermee omhoog zitten, er geen raad mee weten

vervoegen · zich voegen bij, aansluiten bij, een groep vormen met

zich verwachten aan (iets of iemand) · (iemand of iets) verwachten

verwijlinterest · rente op verzuim van betaling

verwijlinteresten · moratoire interesten

verwittigen · waarschuwen

verwittiging · mededeling, kennisgeving, tijding

verzaken · afstand doen, afzien van -

verzekeren · (een dienst) onderhouden, verrichten

verzekeringsmakelaar · verzekeringsagent

verzusteren · jumeleren

verzustering · jumelage

vest(e) · 1. jasje, colbert 2. (in straatnamen) boulevard aangelegd op gesloopte stadswallen

vestimentair · wat de kleding betreft

vetjes · met vet, in een dik lettertype

vetustiteit · verouderde staat

vidé · kippenpasteitje

vierentwintig uur op vierentwintig · dag en nacht, de klok rond

vierklauwens · 1. in galop 2. (schertsend) snel
— Ik rep me morgen alvast vierklauwens naar de platenzaak voor een exemplaar van die nieuwe cd

vies · 1. (spreektaal) uit zijn humeur, slecht geluimd 2. vreemd, zonderling

vijfdagenweek · vijfdaagse werkweek

vijg · oorveeg

vijgen na Pasen · mosterd na de maaltijd

vijs · schroef

vijzen · schroeven

vilbeluik · opruimingsdienst voor krengen en slachtafval

op vinkenslag liggen, zitten, staan · op het vinkentouw zitten

de violen stemmen · tot overeenstemming (proberen te) komen

violonist · violist

viseren · bekritiseren, op de korrel nemen

visioneren · (een film) keuren voor vertoning

vison · nerts

visverlof · viskaart

vitrine · groot glasraam van een winkel, café e.d.

vlakaf · zonder omwegen, zonder veel woorden

vliegenraam · hor

vloeren (adj.) · fluwelen

vluchthuis · blijf-van-mijn-lijfhuis

vluchtkoers · wielerwedstrijd met vlak parcours

vluchtmisdrijf · het doorrijden na een ongeval veroorzaakt te hebben

vluchtschot · volley

voddenvent · nietsnut

in voege zijn (raken, brengen, komen) · in zwang zijn, van kracht worden

voegen · zich (passend) gedragen

om de vijf voet(en) · om de haverklap

dat hangt mijn voeten uit · dat ergert mij, bevalt mij in ’t geheel niet

iemand of iets van mijn voeten · van niks

met iemandsvoeten spelen · iemand voor de gek houden

voetbalbelg · voetballer afkomstig uit het buitenland die, na vijf jaar in de Belgische competitie te hebben gespeeld, niet meer als buitenlander telt

men kent de vogel aan zijn pluimen · men kent iemand aan zijn doen en laten, zijn karakter of gedrag

vogelpik · darts

volgen · (producten) voeren

volgrecht · zaaksgevolg

voltapijt · kamerbreed tapijt

voluntariaat · vrijwilligerswerk in de welzijnssector

volzet · volledig bezet

voogdijminister · toeziende minister

voogdijoverheid · toeziende overheid

voor wat · (informeel) waarvoor
— Voor wat zou ik zoiets moeten doen?

voorafgaandelijk · van tevoren plaatsvindend

voorafneming · voorheffing

voorbehouden · reserveren

voorbijgestreefd · achterhaald

voorbijsteken · voorbijrijden, inhalen

voorexamen · examen vóór de gewone examenperiode

voorgaande · precedent

voorhebben · 1. denken 2. meemaken, beleven
— (bet. 2) Wat heb je nu weer voorgehad?

voorhechtenis · voorarrest

onroerende voorheffing · belasting op onroerend goed

roerende voorheffing · belasting op inkomsten uit coupons en dividenden

voorhuwelijkssparen · wijze van sparen bij een bank door ongehuwden met het oog op uitkering bij het huwelijk

voorkomingsbeleid · preventiebeleid
— In dit kader is de Commissie de mening toegedaan dat elke beleggingsonderneming een voorkomingsbeleid dient te voeren dat gericht is op de beheersing van haar reputatie in het fiscale domein door in alle opzichten fiscaal zuiver te handelen.
— De inhoud van het voorkomingsbeleid dient uiteraard, zoals dit het geval is in elk activiteitsdomein, volledig door de ondernemingen zelf te worden bepaald.

voorleggen · (m.betr.t. bewijsstukken) ter inzage tonen

vooropening · vernissage

vooropstellen · 1. voorstellen, bepalen 2. verkondigen, huldigen, beweren

vooropzeg · ontslag

vooropzegging · ontslagaanzegging

’t is maar een voorschoot groot · vrij klein van oppervlakte

voorsteken · inhalen

voortdoen · voortgaan met datgene waarmee men bezig is, doorwerken

voortractie · voorwielaandrijving

voortverkoper · commissionair, concessiehouder, dealer

voorzien · bepalen, vaststellen

sociale voorzorg · het geheel van sociale voorzieningen

vormen · (van telefoonnummers) kiezen, toetsen, draaien

vormingsstation · rangeerstation

iets in vraag stellen · in twijfel trekken, betwijfelen

op vraag van – · op verzoek van –

vragen · eisen, willen, verlangen
— De sector vraagt nu dat [...] werknemers tijdelijk kunnen gaan stempelen als er geen werk is voor hen.

niet beter vragen dan dat - · niets liever hebben dan dat …

vriendenmatch · vriendenwedstrijd

vriendenwedstrijd · vriendschappelijke wedstrijd

het vriest stenen uit de grond · zeer hard

vrijschop · vrije schop

vrijstelling · (bij een verzekeringsovereenkomst) eigen risico, franchise

vrijzinnig · ongelovig

vroegmarkt · vroege markt

ten vroegste · op het eerst mogelijke tijdstip

vuilblik · stofblik

vuilerik · vuilak

vuilkar · vuilniswagen

recht voor de vuist · ronduit, openhartig

vuurkruiser · gedecoreerde oud-strijder uit WO I




op een waakvlammetje · op een laag pitje

weten waaraan en waaraf · waar men aan toe is

waarborgkaart · legitimatiebewijs van een postrekeninghouder, vereist bij financiële verrichtingen

wachtdienst · weekend- en/of nachtdienst

wachtzaal · wachtkamer

de wagen aan het rollen brengen · iets op gang brengen

wallingant(e) · iemand die de politieke belangen van de Walen in België behartigt

wallingantisme · beweging ter bevordering van de autonomie van Wallonië

wanbedrijf · misdrijf dat gestraft wordt met een correctionele straf

wandeldijk · zee- of rivierdijk die voor wandelaars en wandeltoerisme is ingericht

iemand wandelen sturen · iemand afschepen

wapendracht · wapenbezit

wasspeld · wasknijper

het warm water weer uitvinden · het wiel weer uitvinden

waterbedeling · watervoorziening

waterbezoedeling · watervervuiling, waterverontreiniging

watergladheid · bij nat wegdek optredende gladheid die aquaplaning veroorzaakt

waterkans · (vaak verkleinv.) kleine, (zeer) onzekere kans

waterverwarmer · boiler of geiser

waterzuiveringsstation · installatie voor waterzuivering

verlof zonder wedde · onbetaald verlof

weddeschaal · salarisschaal

weddetrekkende · iemand die een wedde geniet

wederopvoedingsgesticht · heropvoedingsgesticht

wedersamenstelling · reconstructie van een delict of een (verkeers)ongeval e.d.

weer · kwast, knoest

op een weer zitten · 1. niet verder kunnen 2. geen besluit kunnen nemen 3. klagend zeuren, zaniken

weeral · alweer

weerhouden · 1. bezighouden (?) 2. (personen of zaken waaruit een keuze moet worden gemaakt) overhouden, behouden

weerstand · ondergrondse verzetsbeweging tijdens WO II

ermee weg zijn · het te pakken, gesnapt, begrepen hebben

aan de weg timmeren · iets proberen te verbeteren, zich ergens voor inspannen
— Er werd misschien iets te veel vergaderd en iets te weinig aan de weg getimmerd en activiteiten op touw gezet.
— Na de Tweede Wereldoorlog werd er door de volgende generatie Michielsen hard aan de weg getimmerd
— [...] niet meer dan logisch dat we die mensen die [...] zo lang aan de weg getimmerd hebben, een hartelijk en gemeend woord van dank toesturen.

wegel · weggetje, pad

wegenis · wegennet

wegeniswerken · bouw-, herstel-of onderhoudswerken aan de openbare wegen

wegsteken · verbergen, verhullen

wegfoefelen · wegmoffelen

wegkappen · (van vloeistoffen) weggieten, uitgieten

welgekomen (adj.) · welkom

welgelegen · een gunstige ligging hebbend

welgezind · goedgehumeurd

welstellend · welgesteld

wende · wending, keerpunt

wenen · tranen storten

op wereldvlak · mondiaal gezien, op internationaal niveau

werf · bouwplaats, bouwterrein

werfleider · uitvoerder

werk · (in 't mv.) werk in uitvoering, (bouw)werkzaamheden

werkaanbieding · openstaande betrekking

werkgemeente · gemeente waar iemand werkt

werking · geheel van activiteiten van verenigingen, instituten e.d.

werkingskosten · kosten bij het uitvoeren van activiteiten (exclusief loonkosten)

werkingsverslag · overzicht van verrichte werkzaamheden

werklozensteun · werkloosheidsuitkering

werkonbekwaam · arbeidsongeschikt

werkongeval · bedrijfsongeval

werkvrouw · hulp in de huishouding

wervingsstop · vacaturestop

wetens en willens · willens en wetens

wetsdokter · politiearts

wetsgeneesheer · politiearts

wijkmeester · wijkhoofd

wijsheidstand · verstandskies

wijzerzin (in -) · met (de wijzers van) de klok mee

windel · zwachtel

winkelwandelstraat · wandelstraat in een winkelgebied

wipschieting · schietoefening of -wedstrijd op de wip

wip · mast waarop mikvogels worden geplaatst, om daar met een hand- of kruisboog naar te schieten

wipschieten · vogelschieten

wipschieting · schietoefening of -wedstrijd op de wip

wisselagent · effectenmakelaar

wisselmeerderheid · alternatieve parlementaire meerderheid, die tijdens een regeerperiode een wetsvoorstel goedkeurt waar de regerende meerderheid als zodanig niet achter staat

wisseloplossing · (zeldzaam) alternatieve oplossing

wisselstuk · vervangstuk, (reserve)onderdeel

wit · in de verbinding wit product: merkloos (en daardoor goedkoper) product

witloof · witlof

witte · iemand die tijdens WO II tot het verzet behoorde of ermee sympathiseerde

witteke · witje, borreltje

wolfijzer · wolfsklem, voetangel

jonge wolven · (jonge) dynamische personen (in bedrijven, politiek...), jonge honden

wonde · wond

woningkrediet · hypothecaire lening voor de financiering van de aankoop van een woning of bouwgrond

woongemeente · gemeente waar iemand woont

woonsparen · sparen met de bedoeling een eigen woning te verwerven, bouwsparen

woonst · woning

woonzone · woongebied

geen gebenedijd woord zeggen · helemaal niets zeggen, (koppig) zwijgen

wrevelagent · politieagent belast met het neutraliseren van spanningen tussen de bewoners van wijken met een gemengde bevolking




zaag · zaniker, zeur

zaakpapieren · documenten van zakelijke aard

zaakvoerder · bedrijfsleider, filiaalhouder of uitbater van een zaak

zageman · zaniker, zeur

zagemeel · zaagsel

zagevent · zaniker, zeur

ergens geen zaken (affaire(s)) mee hebben · zich er niet mee te bemoeien hebben

zakencijfer · omzet

zakenkantoor · administratiekantoor

iemand zijn zaligheid zeggen of geven · hem flink de waarheid zeggen, de les lezen

zeekanaal · kanaal waardoor zeeschepen een binnenlandse haven kunnen bereiken

zeeklas · verblijf en (openlucht)klas van een groep schoolkinderen aan zee

zeel · dik touw

zeemzoet · 1. honingzoet, suikerzoet 2. zoetelijk, flauw, overdreven sentimenteel

zeepbaron · oweeër

zeeverslag · scheepsverklaring

zegedronken · in een overwinningsroes verkerend

het is te zeggen · dat is te zeggen; dat wil zeggen

zeker en vast · vast en zeker

zelfklever · sticker

zelfzeker · zelfverzekerd

zetel · 1. filiaal 2. luie stoel, stoel in auto of vliegtuig

de maatschappelijke zetel van een vennootschap · hoofdkantoor

zich zetten · (spreektaal) gaan zitten

iemand aan de deur zetten · hem de deur wijzen

zever · 1. kwijl 2. kletspraat, onzin

zeveren · kwijlen

zicht · 1. gezicht, uitzicht 2. aanzien, aanblik

zichtkaart · ansicht, prentbriefkaart

zichtrekening · rekening-courant

ziekenbedje · kwaal (fig.), problematische toestand. Vrijwel altijd in de verbinding: in hetzelfde ziekenbedje als, met de betekenis kampt met dezelfde problemen als.
— Vele jeugdwerkers vrezen terecht dat jeugdwerk wel eens in hetzelfde ziekenbedje als het onderwijs terecht kan komen.

ziekenboekje · boekje als lidmaatschapsbewijs van een ziekenfonds

ergens iets mee te zien hebben · ergens iets mee te maken hebben

wat er (ook) van zij,... · hoe dan ook

zinnens · van zins, van plan

zit · (als verkorting van) zittijd

zitpenning · presentiegeld

zitstaking · sit-downstaking

zittijd · examenperiode

zodanig dat · zodat
— Uitvoeren van secretariële werkzaamheden [...], zodanig dat een optimale ondersteuning wordt gegarandeerd.

van zodra · zodra

zodus · dus

zoekertje · advertentie, annonce

zoeterig · zoetelijk

zomeruur · zomertijd

zo'n · (bij meervoudige zn.) zulke
— Zo'n prachtige boeken kun je maar beter bijhouden.

zona · gordelroos

zonaal · (van telefoonverkeer) binnen de zone, lokaal

zone · gebied waarbinnen voor het telefoonverkeer een bepaald tarief geldt

ambachtelijke zone · gebied bestemd voor ambachtelijke bedrijven, industriezone

groene zone · gebied dat niet voor bebouwing bedoeld is, (beschermd) natuurgebied

zonenummer · netnummer

zonneklopper · iemand die niets doet dan in de zon liggen en genieten

zonneslag · zonnesteek

zonnetent · 1. markies 2. partytent

zoo · dierentuin

zorg · (in 't mv.) (medische) verzorging

zorgenverstrekker, zorgverstrekker · zorgverlener

zot (adj.) · (van schroeven) dol

zot · (bij kaartspel) boer

de zot met iemand houden · hem voor de gek houden

zo zot als een deur · zo gek als een deur

zotdraaien · (van schroeven) doldraaien

zothuis · (pejoratief) gekkenhuis, zwakzinnigeninrichting

zuiveringsstation · (als verkorting van) waterzuiveringsstation

zulle · (tussenwerpsel, informeel) hoor, hè, nietwaar?

zwaantje · (spot)naam voor een lid van de gemotoriseerde rijkswacht

zwans · grap, scherts, kletspraat

zwanzen · grappen, onzin vertellen

in het zwart (werken, kopen, verhandelen...) · zwart, clandestien, onwettelijk

zwarte · collaborateur tijdens WO II

zweeppartij · politieke partij die andere partijen onder druk zet om bepaalde maatregelen te nemen

zwemdok · zwembad

zwemkom · zwembad

op (de) zwier zijn, gaan · cafés, nachtclubs enz. bezoeken