|
|
||
|
DIE AMBER TOCH!
|
terug |
JOJO EN DE POEZEN
|
| Amber
staat op en springt
van de zetel. Ze rekt zich uit, met haar buik tegen het tapijt. Haar
staart staat recht omhoog, als een vlaggenstok.
Amber geeuwt luid. 'Iiiieeet', zegt ze en schudt zich uit. Het begint met een rilling, aan het puntje van haar snuit, kruipt over haar kop, haar rug en eindigt in het puntje van haar staart. Wat fijn! Ik ga op stap, zegt Amber, en ze loopt zomaar het huis uit...
|
Jojo
werd hij genoemd en hij was een dwergpoedel-pup.
Hij had een boel krullend
haar, korte pootjes en een grappig stompstaartje dat altijd heen en weer
wiegde.
Toen Jojo groot genoeg was om van zijn moeder afscheid te nemen, ging hij bij de familie Artis wonen. Daar was hij de eerste hond, maar niet het enige dier. Welnee, want ten huize Artis woonden reeds zes poezen...
|
|
| nr. 20 | nr.11 | |