Op een dag kregen we telefoon van de plaatselijke dierenbescherming, waar we Amber zijn verdwijning hadden gemeld. Er was een kater binnengebracht die beantwoordde aan zijn signalement... 

Neen, het was niet -zoals we hadden gehoopt Amber, maar een jonge  kater (men schatte zijn leeftijd op 8 à10 maanden), die -op enkele details en de ogen na- geweldig op hem leek...

Daar hij -na de vereiste wachttijd- niet was afgehaald, besloten we hem bij ons in huis te nemen. 

Zal ik je even met onze nieuwe huisgenoot laten kennismaken?

 

 

 

 

 

 

Kishi

22/02/2002

 

 

Het eerste wat ik van hem zag -hij kroop achterstevoren uit de reismand- was zijn fijn gestreepte diep-grijze vacht, die glansde in het middaglicht. Onmiddellijk keerde hij zich naar me toe en zijn ronde, goudbruine ogen, omkranst door lange zwarte wimpers, namen me nauwlettend op, zonder dat het me onaangename gevoelens gaf. Hij straalde geheimzinnigheid, originaliteit en vooral warmte uit. De soepele, voorzichtige tred waarmee hij de kamer inspecteerde, verraadde niets van zijn gevangenschap in een asielhok.  Ik fluisterde zijn -nieuwe- uiterst zorgvuldig gekozen naam: KISHI. Even bleef hij midden in de kamer staan, vouwde zijn lange, spits-toelopende oren laag naar voren, zodat het leek of hij een pet droeg: een pet van oren, een orenpet.

 

 

'KISHI' is Japans en betekent 'een lang en gelukkig leven', wat we hem van harte toewensen.

 

 

KISHI eet en drinkt uit twee verschillende bakjes en doet zijn behoefte in twee andere bakjes (één voor pipi en een tweede voor de rest). Hij weet hoe hij naar een vlieg moet happen en hoe hij een spin naar de andere wereld kan sabbelen. Zijn moto luidt dat alles wat kleiner is dan hijzelf en beweegt, onmiddellijk gevangen moet worden, tenzij hij er geen zin in heeft. 

 

 

 

 

Een echte kater is onze KISHI, stoer, wild en stout. Dat hij 'bestolen' werd, laat hem siberisch koud. Hij bruist van levenslust, want hij zit overal in, op, tussen en onder. Hij rent als een dolle de trappen op en af, van kelder tot zolder.

Voor een dutje verkiest hij een vensterbank voor één van de ramen. Eens ontwaakt, rekt hij zich uit en valt dan met een 'bons' en een geschrokken kreet prompt een meter lager...

Soms probeert hij een woldraad tot een bal op te winden, terwijl in werkelijkheid de draad alsmaar langer wordt, totdat hij het begin niet meer kan vinden.