Jawel,
ik ben de "blije" eigenaar geworden van zo'n paal.
En niet zomaar eentje. Hemeltje nee! De mijne verbindt
gewoon de hemel met de aarde en bezit diverse haltes. In
mensentaal betekent dit dat het ding van de vloer tot het
plafond reikt. Verder hangen er op diverse
hoogtes speeltjes aan rektouwtjes. Hou jij ook zo van
rektouwtjes? Ik vind ze zàààààlig! Je gaat eerst stevig
op je billen zitten, dan raak je voorzichtig het speeltje
aan, terwijl je geboeid naar je uitgestoken voorpoot kijkt,
alsof het niet de jouwe is. En dan opeens 'pets'! Haha, moet
je eens zien hoe dat rektouw naar beneden uitzakt, alsof het
naar de hel verdoemd is. Maar jongens, dan is het opletten
geblazen, wil je niet zelf het slachtoffer worden. Want
sneller dan je denkt, trekt het zich als een darmkoliek
samen en zwiept het speeltje een hele eind omhoog. Een
pijnlijke zaak, als je dat tegen de kop krijgt; ik kan het
weten. Vervolgens suist het ding weer ter helle om
vervolgens opnieuw als een raket omhoog te schieten. Zo gaat
het een tijde door: hel, hemel, héhé, enzovoort, en zo
verder.
Geweldig!
Zeg,
je kent toch zo'n 'kattenmeubel', niet? Voor het gemak zal
ik dat ding even in woorden verpakken. Het is zo'n ronde
stok, gemummificeerd met touw. Aan dat touw word je
verondersteld je nagels je scherpen. Eigenlijk zou je het
dus een 'scherppaal' moeten noemen, maar wat dan met de
diverse plateaus en hokjes die naar alle windrichtingen
uitkijken en zijn bekleed met zachte stof? Bont, ook wel 'plusj'
genoemd. Kijk, dat vind ik zo'n zacht woord, 'plusj', en
zacht is het ook. Daarom houd ik meer van 'PoezenPaal', of
'PoePa'.
Mijn
'hij' heeft hem gemaakt en mijn 'zij' vindt dat het maar
'niets'. Wat mijn 'zij' daarmee bedoelt, snap ik niet. Iets
waar je niet naast kan kijken, kan toch niet 'niets' zijn,
toch? Ikzelf heb respect voor het bouwsel. Al was het alleen
al door het aantal krachttermen dat ik te horen kreeg.
Daardoor is mijn klimmeubel precies geworden wat het nu is:
'iets' en niet 'niets', zoals sommigen durfden beweren.
'Wedden
dat hij er niet naar omkijkt? Moet je eens kijken hoeveel
spulletjes er hier rondslingeren. Hij ziet ze niet eens
liggen.' Dat zei mijn 'zij', maar ik ben het hartstochtelijk
met haar oneens, want nepmuisjes, balletjes en dergelijke
zijn geen meubels. Dus dat telt niet!
Toen
mijn 'hij' de 'PoezenPaal' een definitieve plaats gaf, had
ik me, moe van het toekijken, bescheiden teruggetrokken. Ik
lag dus op het bed met bestemming dromenland en keerde pas
uren later terug naar de realiteit.
Na
mijn dutje, kwam ik nietsvermoedend de kamer binnen, mijn
achterpoten lui achter me aan slepend, mijn ogen half
dichtgeknepen tegen het felle licht en mijn mond in een
geeuwkramp opengesperd. Maar wat was dat? Geschrokken
klapte ik mijn mond dicht en vergat daarbij mijn tong weer
naar binnen te halen, zodat die roze lap pijnlijk gekneld werd
tussen mijn snijtanden. Alle poezen, dat deed zo'n pijn dat
mijn linkeroor op half zes en het rechter op kwart voor negen
bleef staan. Omdat mijn mensen me verwachtingsvol gadesloegen,
schoof ik traag naar voor, tot mijn voorpoten op de grond
uitgestrekt lagen. Met stijve achterpoten bracht ik mijn
billen omhoog, de buik laag en prikte met mijn staart als een
degen omhooggestoken, een ijl gat in de lucht. Dan ging ik op
de grond liggen. De spanning om me heen was haast tastbaar.
Dus stond ik op en slenterde in de richting van de
'PoezenPaal'. Kwestie van tegemoetkomen, niet?! Langzaam zette
mijn voorpoten op het eerste niveau zodat ik op mijn
achterpoten kwam te staan en snoof ik de vreemde geur op en
staarde de hoogte in. Dan draaide ik me om, liep naar het raam
en ging naar buiten zitten kijken.
Dat was het dan...

'Jij
bent een ondankbaar schepsel', zei mijn 'hij' tegen mijn
'zij'. Wie nu daarmee bedoeld werd, weet ik niet zo goed, maar
MIJ zeker niet! Ach, eerlijk gezegd, moet ik toegeven dat ik
gewoon dol ben op dat meubel, 'MijnPoePa'. Maar een echte kat blijft
in alle omstandigheden aanvankelijk gereserveerd. Dat heeft mijn moeder mij
immers geleerd.
