Secessieoorlog

(Blauw tegen grijs-bruin)
Oorzaken
Na de onafhankelijkheid van de Verenigde Staten bleek dat de verschillende
meningen van de Staten geen een geheel vormden. Door de verscheidenheid
van de geologische ligging van de Staten en dus van de verscheidenheid
van de manier van leven in de Staten waren er duidelijk verschillen
aanwezig. Toen er tijdens het vormen van wetten, nog geen 100 jaar
later, deze ongelijkheden naar voren kwamen stond het land op het
punt in een burgeroorlog verwikkeld te raken. Elke president was
tot nu toe voorstander geweest van de slavernij en compagnon van
het Zuiden. Het conflict barstte dus uit toen Lincoln in 1860 tot
president verkozen werd. Hij wilde als eerste een wet invoeren die
de slavernij afschaftte. Het Zuiden, met hun eigen handelsroute
naar Europa, reageerde hierop door uit de Unie te stappen. Ze hadden
zelfs al een eigen president gekozen, Jefferson Davis. President
Lincoln accepteerde dit niet en was van mening dat geen enkele staat
zomaar uit de Unie kon stappen. Hij werd ondersteund door alle noordelijke
staten. Met deze beslissing was de burgeroorlog bepaald. Het industriële
Noorden kon een echte oorlogsindustrie opbouwen, omdat zij genoeg
geld, tachtig procent van de mannelijke bevolking tussen de achttien
en vijfenveertig en alle belangrijke bodemrijkdommen bezaten. Het
Zuiden moest het doen met beperkte middelen maar hadden als voordeel,
slimme oorlog strategen zoals generaal Lee.
Verloop
Op 20 dec. 1860 begon South Carolina de secessie(afscheiding),
op 6 febr. 1861 sloten Georgia, Alabama, Mississippi, Louisiana,
Texas en Florida zich daarbij aan en riepen in Montgomery in Alabama
plechtig de nieuwe staat uit. Zij kozen Jefferson Davis als president.
Daar Lincoln pas op 4 maart 1861 zijn ambt kon aanvaarden en zijn
voorganger James Buchanan machteloos was, konden de zuidelijke staten
rustig hun gang gaan. Maar eenmaal aan de macht zond de president
hulp aan het bedreigde fort Sumter voor de haven van Charleston
in South Carolina. Daarop beschoten de zuiderlingen dit fort en
veroverden het. Hiermee was de burgeroorlog een feit geworden. Nog
vier staten sloten zich bij het zuiden aan: Arkansas, North Carolina,
Tennessee en Virginia, en de hoofdstad van het nieuwe land werd
nu Richmond in de laatste staat. Tegenover elkander stonden thans
23 staten met 22 miljoen inwoners en 11 staten met 9 miljoen inwoners,
waarvan bijna 4 miljoen slaven waren.
Het noorden bezat voorts de voordelen van een industrie en een
vloot, waarmee het direct de zuidelijke havens blokkeerde. Maar
het zuiden had betere militaire leiders en hoefde zich alleen maar
te verdedigen. Bovendien rekende het op de steun van Engeland en
Frankrijk. Inderdaad waren de regeringen van die landen voor het
zuiden, maar zij durfden niet openlijk partij te kiezen, daar de
publieke opinie sterk voor het noorden was. Wel miste Engeland voor
zijn industrie de toevoer van de katoen, maar aan het graan uit
het noorden komend had het evenzeer behoefte. Zo bleef het officieel
neutraal, al steunde het wel ondershands de zuiderlingen (zie Alabama-geschil).
Het grootste nadeel voor Lincoln was dat hij aanvankelijk goede
militaire leiders miste. Daardoor leed hij twee jaar lang nederlaag
op nederlaag. Anderzijds mislukten echter ook de pogingen van de
zuidelijke legers om in het noorden door te dringen. Tot tweemaal
toe werd de grote aanvoerder van het zuiden, Robert Edward Lee,
tegengehouden, in sept. 1862 bij de Antietam, in juli 1863 bij Gettysburg.
Aan het westelijk front langs de rivier de Mississippi ging de
oorlog goed voor het noorden. Admiraal Farragut landde in 1862 bij
New Orleans en bezette die stad, generaal Ulysses Simpson Grant
trok vanuit het noorden zuidwaarts en in de zomer van 1863 ontmoetten
de beide legers elkaar bij Vicksburg. Zodoende was de hele rivier
in handen van de noorderlingen en werd het zuiden in twee delen
gesplitst. Grant rukte nu door de staat Tennessee heen naar het
oosten en toen hij in 1864 door Lincoln naar het oostelijke front
werd geroepen als opperbevelhebber, zette generaal William Tecumseh
Sherman zijn werk voort. Deze trok in een wrede stoutmoedige tocht
dwars door Georgia naar de Atlantische kust bij Savannah, zonder
zich iets van klassiek-strategische problemen van verbinding aan
te trekken. Sherman werd zo het voorbeeld van alle latere voorstanders
van de bewegingsoorlog. Grant beukte ondertussen met zijn geweldige
legers op de wanhopig stand houdende troepen van Lee, terwijl een
derde bekwame aanvoerder, generaal Sheridan, door de Shenandoah-vallei
trok, diep het zuiden in. Begin april 1865 veroverde Grant Richmond,
op 9 april gaf Lee zich over bij Appomattox. Op 26 april capituleerde
de laatste zuidelijke generaal, Johnston, voor Sherman.
Terwijl het zuiden niet ten onrechte trots is op de figuur van
Robert Lee als een nobel en wijs leider, vereert het noorden met
nog veel meer recht de zoveel grotere gestalte van Abraham Lincoln.
De zin van de oorlog is als het ware in hem belichaamd. Aanvankelijk
was zijn doel de Unie te bewaren en alles had hij daarvoor over.
Maar langzamerhand begon hij in te zien dat de slavernij de kernkwestie
van het hele gebeuren was. In 1863 schafte hij de slavernij af.
Dat was een militaire maatregel, maar die werd gevolgd in 1865 door
een amendement op de grondwet, waarbij de slavernij voorgoed verdween.
Lincolns daad was ook bedoeld om de sympathie van Europa te verwerven,
terwijl zijn maatregel bovendien de morele aard van de strijd onderstreepte.
Vijf dagen na de capitulatie van Lee werd Lincoln neergeschoten
in de schouwburg. Van zijn programma van verzoening met het zuiden
kwam daardoor niets terecht
Gevolgen
Deze burgeroorlog had als belangrijkste gevolg het herstel van
de formele eenheid van de VSA, maar er bleven nog wel scherpe tegenstellingen.
Vb. het ontstaan van de Ku Klux Klan. Dit is een geheime protestantse
organisatie van de VSA, dat extreem-rechts gericht is. De Ku Klux
Klan is ontstaan in 1865 in Tennessee. Deze clan verzette zich tegen
de reconstructie na de secessieoorlog en bedreigde en intimideerde
de vrijgelaten zwarte slaven. Er zijn er verschillende geweest.
De eerste, die voor ons van belang is, werd ontbonden in 1875.
Een ander gevolg van deze oorlog was uiteraard de afschaffing overal
van alle vormen van slavernij. Een derde gevolg was de theoretische
waarborging van de politieke rechten van de zwarten: geen enkele
staat mocht stemrecht beperken op grond van ras of huidskleur. Maar
in werkelijkheid gebeurde dit niet zo. Vb. belastingen betalen om
te stemmen. De discriminatie bleef na de oorlog nog bestaan
|

|