ONZE VAKANTIEWONING IN TURKIJE
Het Turkije van vóór de komst der Turken wordt doorgaans Klein-Azië of Anatolië genoemd. Anatolië heeft een vele duizenden jaren teruggaande voorgeschiedenis, waarin volkeren als Hethieten, Phrygiërs, Lydiërs, Oerartiërs, Armeniërs en Grieken een grote rol hebben gespeeld.

In de 2e eeuw v. Chr. kwam Anatolië in de invloedssfeer van het Romeinse Rijk. Anatolië was de eerste provincie van het Romeinse Rijk waar een groot deel van de bevolking overging tot het christendom. Toen het westelijk deel van het Romeinse Rijk in verval raakte (omstreeks 400 na Chr.), werd Anatolië deel van het Oost Romeinse of Byzantijnse Rijk, met Constantinopel als hoofdstad. In die periode maakte de reeds eerder begonnen hellenisering grote vooruitgang.

 

 

 

 

 

Het gebied werd grotendeels Griekstalig, met uitzondering van het oostelijke deel, waar de Koerden en Armeniërs hun eigen taal behielden.

De Turken in het huidige Turkije zijn de afstammelingen van Oghuz-stammen die vanuit Centraal-Azië naar Anatolië zijn getrokken. In 1071 versloeg de Seldjoekse leider Alp Arslan de Byzantijnse keizer Romanus IV in de Slag van Malazgirt. Dit resulteerde in de stichting van een Seldjoeks sultanaat rond de stad Konya.

In 1176 deed de Byzantijnse keizer Manuel II een laatste poging om de in Centraal-Anatolië gevestigde Seldjoeken te onderwerpen, maar zijn leger werd in de slag bij Myriokephalon vernietigend verslagen. Toen westelijke kruisvaarders in 1204 Constantinopel veroverden, raakte het Byzantijnse rijk zodanig verzwakt, dat in de komende eeuw vrijwel geheel Anatolië in handen van de Turken viel.

In 1453, ongeveer 200 jaar na de stichting van het Ottomaanse Rijk, veroverden de Turken Constantinopel. Deze stad werd de nieuwe hoofdstad van het Rijk. Dit luidde een periode in van culturele bloei, verovering en overheersing van grote delen van het Midden-Oosten, de Balkan en Noord-Afrika.

Het Ottomaanse Rijk kende zijn bloeitijd in de zestiende eeuw. Daarna trad het verval langzaam in en heroverden Oostenrijk en Rusland grote delen van het Ottomaanse grondgebied.

Tijdens de Eerste Wereldoorlog kozen de Ottomanen partij met Duitsland, Oostenrijk en Bulgarije. Zij verloren de oorlog. De Ottomanen werden teruggedrongen tot hun kerngebied in Anatolië. Tijdens en kort na de oorlog werden diverse bevolkingsgroepen, zoals de Grieken, Armeniërs, Assyriërs gedwongen te verhuizen. Vele Armeniërs kwamen hierbij om het leven. Er woedt thans, 90 jaar na dato, een hevige discussie of er hierbij sprake is van uitlokking en volkerenmoord. Het officiële Turkse standpunt is "een ernstig ongeluk". Europese Unie is hierin stelliger in haar oordeel.

Het Sykes-Picotverdrag (1916) en het Verdrag van Sèvres (1920) regelden de verdeling van het Ottomaanse Rijk onder de overwinnaars. Voor de Turken was slechts een deel rond Ankara gereserveerd. De Turken namen in de door hen zo genoemde Turkse onafhankelijkheidsoorlog het tegen de geallieerden op. Het was de legerleider Mustafa Kemal (die later de naam Ataturk aan zou nemen) die een bepalende rol speelde.

Hij tekent ook het Vrede van Lausanne (1923), die een eind maakt aan de oorlog en de grenzen van het nieuwe Turkije vastlegt. Hij stichtte op 29 oktober 1923 de Republiek Turkije.

Mustafa Kemal lanceerde hierna zijn politieke visie, het kemalisme geheten, die Turkije moest moderniseren. Zo werd het kalifaat afgeschaft, werd Turkije seculier (1928), veranderde het schrift van Arabisch naar Latijns, werd traditionele kleding afgeschaft en werd de hoofddoek veboden in openbare ruimtes.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog bleef Turkije lange tijd neutraal, maar in februari 1945 verklaarde het - voornamelijk symbolisch - Duitsland en Japan de oorlog. In 1952 traden Turkije en Griekenland tegelijkertijd toe tot de NAVO. Hierdoor kreeg de NAVO toezicht op de Bosporus - een belangrijke scheepvaartroute voor de Russen.

In 1960, 1971 en 1980 pleegde het leger een staatsgreep. Na enkele jaren militair bestuur kwam er steeds weer een civiele regering. De staatsgreep van 1980 werd niet geaccepteerd door de Raad van Europa en de EG en leidde tot schorsing van het lidmaatschap van de Raad van Europa en schorsing van het associatieverdrag met de EG.

In 1974 bezetten Turkse troepen het noorden van Cyprus na een coup van Nicos Sampson die de leiding had van een rebellenorganisatie EOKAmet als doel Enosis. Dit resulteerde in een Turks-Cypriotische republiek die alleen door Turkije en Pakistan wordt erkend.

Vanaf het jaar 1980 strijden de separatistische Koerden in Oost-Turkije voor (gedeeltelijke) autonomie. Turkije erkent hun cultuur wel maar separatisme is verboden. Koerdisch onderwijs was verboden totdat rebellenleider Abdullah Öcalan opgepakt werd door de Turkse commando's in Kenia. Lange tijd werd zelfs het gebruik van de Koerdische taal verboden. De Koerdische rebellenbeweging PKK (Partiya Karkeren Kurdistane) - Arbeiders Partij Koerdistan) voerde jarenlang een guerrilla, maar na de arrestatie van hun leider Öcalan is de guerrilla geluwd. Op 4 april 2002 besloot de partij de gewapende strijd op te geven.

Sinds 3 oktober 2005 onderhandelen Turkije en de Europese Unie over toetreding van Turkije tot de EU

 

 

 

 

 

In de jaren voorafgaande aan 2001 beleefde de Turkse economie een grote crisis met torenhoge inflatie. Naast economische en monetaire hervormingen waren het de terroristische aanslagen op 11 september 2001 die het land er weer bovenop brachten: als enige islamitische NAVO-land werd Turkije plotseling van geopolitiek belang als intermediair tussen het westen en de islamitische wereld, en kreeg daarom aanmerkelijke financiële steun. Als tegenprestatie speelde Turkije een leidende rol in de vredesmacht in Afghanistan. Maar ook de binnenlandse politiek van Kemal Dervis, superminister van economie en financiën, speelde een niet te onderschatten rol.

Onder zware druk van de EU zijn de politieke bevoegdheden van het leger geschrapt en heeft de Koerdische minderheid meer rechten gekregen. De corruptie en het moslimfundamentalisme worden nu in Turkije als de grootste nationale problemen gezien.

Bij het begin van de 20e eeuw telde het gebied dat nu Turkije is 12 miljoen inwoners; dat aantal is nu ruim vervijfvoudigd

Bevolking
In Turkije wonen er zo'n 70 miljoen mensen. Hiervan zijn 73% Turken, 21% Koerden, 2% Circassiërs, 2% Arabieren, 0,5%Lazen, 0,1% Syriërs en 0,06% Armeniërs.

Taal
De talen in Turkije zijn: Turks (90,5%) is de enige officiële taal. Tot de vele minderheidstalen behoren Koerdisch (18,6%), Arabisch (3%), Armeens, Lazisch, Georgisch, Circassisch, Ladino en andere.

Religie
De belangrijkste religie in Turkije is de islam, waarvan volgens schattingen (in Turkije wordt iemands religie niet geadministreerd) meer dan 95% van de bevolking een aanhanger is.
Volgens de heersende doctrine van het kemalisme is de staat seculier. De staat heeft een ministerie voor godsdienstzaken, de Diyanet, die de moskeeën controleert en alle imams opleidt. De Diyanet volgt een stroming binnen het soennisme. De meeste Turken hangen de officiële stroming aan, maar tussen de 7% en 30% hangt een sjiitische stroming aan. De belangrijkste sjiitische stroming is het alevitisme en een minderheid, vooral etnische Azeri's, volgt het twaalver sjiisme.Naast de islam erkent de Turkse staat drie andere religies: de Grieks-Orthodoxe Kerk, de Armeens-Orthodoxe Kerk en het jodendom. Er leven zo'n 200.000 christenen in Turkije.

Economie
munteenheid: 1 Nieuwe Turkse Lira (YTL) = 100 Nieuwe Kurus (YKr)
koers 1 EUR = 1,86 YTL (december 2006)
BNP: 410 miljard US$ (5508 p.p. 2006)
Groei BNP: 7,8% (2006)
werkloosheid: 9% (2006)
landbouw: granen, katoen, zonnebloemen en andere oliegewassen, maïs, suikerbieten, aardappelen, thee, wijn, noten, olijven, vijgen
veeteelt: schapen, geiten, runderen, pluimvee
delfstoffen: bruinkool, chroom, koper, borax, aardolie, aardgas, bauxiet, ijzer, mangaan
industrie: vooral textielindustrie. Daarnaast ook levensmiddelen, staal-, automotive-, papier-, elektronica-, petrochemische en chemische industrie.
export: 86 miljard US$ (2006)
exportproducten: halffabricaten 29%, kleding 26%, voedingsmiddelen 14%, auto's
exportpartners: Duitsland (21%), Verenigde Staten (9%), Verenigd Koninkrijk (7%)
import: 125 miljard US$ (2006)
importproducten: machines en transportmiddelen 39%, halffabricaten 18%, chemie 14%
importpartners: Duitsland (15%), Japan (11%), Italië (8%)
(Er is in Turkije al 20 kwartalen achterelkaar een economische groei sinds 2002).