zizo-schema (stand 21.11.2005) - vaast.van.herreweghe Memo: deze schematische voorstelling gaat over samenwoonst, en niet over huwelijk.


Schematische voorstelling van de procedure tot samenwoonst in België

van een 'Belgische' en een 'vreemde' (met nationaliteit van buiten de Europese Gemeenschap) partner.

 
Deze voorstelling is schematisch, is gebaseerd op en onderhevig aan wijzigende ministeriële omzendbrieven. Een omzendbrief heeft geen reglementaire waarde, en kan niet voor de rechtbanken ingeroepen worden (R.v.St. nr. 87.112, 9 mei 2000, http://www.raadvst-consetat.be ). Dit schema wordt verstrekt te goeder trouw, en louter ten titel van vrijblijvende informatie.


  1. De 'vreemde' partner moet een verzoek indienen, met bijlagen, tot het bekomen van een verblijfsmachtiging in België, op basis van de samenwoonst.

  2. Dit verzoek moet in principe ingediend worden op de ambassade of het consulaat van België, in het land van de 'vreemde' partner. Slechts uitzonderlijk kan het ingediend worden in België.

  3. Er bestaat geen officieel formulier voor het indienen van het verzoek. Als de Ambassade in het land van de 'vreemde' partner een voorgedrukt formulier ter beschikking stelt, kan dat formulier gebruikt worden. Het verzoek moet door de 'vreemde' partner (en niet door de 'Belgische' partner) opgesteld en ondertekend worden, en van bijlagen voorzien worden.

  4. In het verzoek moet aangetoond worden dat een aantal voorwaarden vervuld zijn. Als bijlage moeten een aantal stukken gevoegd worden:
     

4.1.

Wanneer is een partner "Belgisch"?


De 'Belgische' partner moet in het bezit zijn van een titel voor een verblijf van meer dan drie maanden op het Belgisch grondgebied. Dit betekent dat de 'Belgische' partner

* ofwel Belg is

* ofwel onderdaan is van de Europese Economische Ruimte

* ofwel in België gevestigd is of toegelaten of gemachtigd om er te verblijven voor meer dan drie maanden.

Bewijs : inschrijving in het bevolkingsregister (of vreemdelingenregister) van de 'Belgische' partner ; kopie van de identiteitskaart van de 'Belgische' partner ( bijlage 1) .


4.2.

Beide partners moeten ongehuwd zijn of wettelijk gescheiden zijn.


Uitzondering : indien 1 van de partners naar aanleiding van wettelijke beletselen onafhankelijk van zijn/haar wil nog niet uit de echt gescheiden is, kan hierop een uitzondering worden toegestaan.

Bewijs : de ongehuwde staat van beide partners moet worden bewezen door een officieel document ( bijlage 2 en 3). Het is aangewezen dat dit document niet enkel de naam, doch ook het adres vermeldt.


4.3. 

Leeftijdsvoorwaarde.


Beide partners moeten minstens achttien jaar oud zijn.

Bewijs : voor de 'vreemde' partner : geboorteakte ( bijlage 4).

Bewijs : voor de 'Belgische' partner : raadpleging van de bevolkingsregisters (geen afzonderlijke bijlage : dit wordt door de gemeente van de 'Belgische' partner verricht).


4.4. 

Samenwonen.


De verklaring van de 'vreemde' partner, in het verzoek, dat :

* beide partners effectief in België zullen samenwonen gedurende de gehele duur van hun relatie ;

* zij in het bevolkings- of vreemdelingenregister zullen ingeschreven worden op hetzelfde adres ;

* zij naar buiten toe (bijvoorbeeld ten aanzien van de werkgever, de belastingsdienst en het ziekenfonds) hetzelfde adres zullen gebruiken.


De omzendbrieven vereisen niet dat beide partners een verklaring van wettelijke samenwoning afleggen op de gemeente.


4.5.

Bestaansmiddelen.


De 'Belgische' partner moet een 'duurzaam' netto maandinkomen hebben van (bedragen volgens omzendbrief 30 september 1997) minstens 30.000 BEF, vermeerderd met 5.000 BEF per persoon ten laste (dus in ieder geval minstens een netto maandinkomen van 35.000 BEF). Doel van deze regel is, dat de 'vreemde' partner niet ten laste mag komen van het O.C.M.W. - zie leefloon en de laatst gepubliceerde aanpassing van de bedragen inzake leefloon.

Bewijs ( bijlage 5):

* de interim-werker : moet zijn/haar inkomen van de laatste drie jaar voorleggen om de duurzaamheid ervan naar de toekomst toe aan te tonen ;

* zelfstandigen : kunnen de duurzaamheid van hun inkomen aantonen aan de hand van de maandelijkse bedrijfsresultaten ; in de praktijk worden de belastingbrieven van de laatste drie jaar ook aanvaard ;

* loontrekkenden : loonfiches.


4.6.

Verbintenis tot tenlasteneming.


De 'Belgische' partner moet een verbintenis tot tenlasteneming ondertekenen overeenkomstig een bijzonder model . Hij of zij verbindt zich ten opzichte van de 'vreemde' partner, de Belgische Staat en elk bevoegd O.C.M.W., gedurende een termijn van drie jaar en zes maanden, de kosten voor verblijf, gezondheidszorgen en repatriëring van de vreemdeling te zijnen/haren laste te nemen.
Tip: de tenlatsteneming heeft pas zin als de 'Belgische' partner een inkomen heeft dat voldoende hoog is om als garantie te dienen - zie Loonbeslag

Bewijs : de verbintenis tot tenlasteneming, door de 'Belgische' partner ingevuld en ondertekend (via de gemeente van de woonplaats van de 'Belgische' partner) ( bijlage 6).


4.7.

Openbare orde.


De 'vreemde' partner mag geen gevaar opleveren voor de openbare orde of de nationale veiligheid.

Bewijs : attest van goed gedrag en zeden van de 'vreemde' partner ( bijlage 7). Het is aangewezen dat dit document niet enkel de naam, doch ook het adres van de 'vreemde' partner vermeldt.


4.8. 

Notarieel samenlevingscontract. 


De beide partners moeten een notarieel samenlevingscontract laten opstellen. Best voorafgaand aan het verzoek tot verblijfsmachtiging, doch uiterlijk binnen de zes maanden vanaf de dag dat een machtiging tot voorlopig verblijf werd toegekend. Dit notarieel samenlevingscontract moet geregistreerd worden in de gemeente waar zij ingeschreven zijn in het bevolkings- of vreemdelingenregister (gebeurlijke bijlage 8).

De oorspronkelijke omzendbrief bevatte de voorwaarde dat, in het notarieel samenlevingscontract uitdrukkelijk vermeld moest worden dat de 'Belgische' partner de 'vreemde' partner gedurende de eerste drie jaar en zes maanden te zijnen/haren laste neemt ; deze voorwaarde zou niet meer gelden, en vervangen worden door een bewijs van registratie van de samenwoonst in de gemeente.


4.9.

Duurzame heterosexuele of homosexuele relatie , in België of in het buitenland.


Bewijs : het duurzame karakter van de relatie dient door de aanvragers te worden bewezen. Dit bewijs kan bestaan uit  onder meer (best diverse bijlagen ):

* betrouwbare getuigen : de getuigen moeten verklaren dat zij beide partners kennen, moeten omschrijven waarom zij menen dat de relatie 'duurzaam' is, vermelden hun naam, adres en handtekening (tip : de legalisatie van de handtekening van de getuige, door de gemeente van de woonplaats van de getuige, maakt deze getuige zeer betrouwbaar),

* een gemeenschappelijke huishouding, bijvoorbeeld een bankrekening op beider naam,

* de samenwoonst, in België of in het buitenland, die voldoende lang moet zijn om 'duurzaam' te zijn (tip : vermeld de namen van beide partners op de deurbel ; neem een foto van deurbel, namen en huisnummer),

* foto's van beide partners samen, met vermelding waar en wanneer genomen,

* facturen : aankopen op beider naam en hetzelfde adres,

* vliegtuigtickets : bezoeken aan mekaar (tip : drie bezoeken aan mekaar van minstens 15 dagen per bezoek, gedurende een periode van minstens 1 jaar. Let op! De “vreemde” partner moet bij binnenkomst in België een inreisstempel hebben in het paspoort, en moet na de aankomst een aankomstverklaring afleggen bij het gemeentebestuur van de verblijfplaats),

* de enveloppes van briefwisseling tussen beide partners (tip : e-mail wordt niet aanvaard),

* en elk ander mogelijk bewijs van de duurzaamheid van de relatie.


  1. Als de bijlage een buitenlandse akte is, die opgesteld is in een andere taal dan het Duits, Engels, Frans of Nederlands, moet de akte vertaald worden door een beëdigd vertaler, gewaarmerkt conform het origineel.

  2. Als de bijlage een buitenlandse akte is, moet het een kopie zijn die eenvormig verklaard is met het origineel, tenzij een uittreksel van de akte kan overgelegd worden overeenkomstig de internationale verdragen, met name de Overeenkomst betreffende de afgifte van bepaalde uittreksels van akten van de burgerlijke stand bestemd voor het buitenland, gesloten te Parijs op 27 september 1956 en de Overeenkomst betreffende de afgifte van meertalige uittreksels uit akten van de burgerlijke stand, gesloten te Wenen op 8 september 1976.

    De buitenlandse akten moeten bovendien gelegaliseerd worden overeenkomstig de Omzendbrief van de Minister van Justitie van 17 februari 1993 betreffende de legalisatie van buitenlandse akten van de burgerlijke stand ( Belgisch Staatsblad van 27 maart 1993), tenzij deze akten vallen onder het toepassingsgebied van het Verdrag van Den Haag van 5 oktober 1961 tot afschaffing van de vereiste van legalisatie van buitenlandse openbare akten, die de vereenvoudigde procedure van de apostille heeft voorzien. Zie ook de Omzendbrief van 14 december 2006 (Belgisch Staatsblad van 11 januari 2007).