De bevolking leefde hoofdzakelijk van de landbouw en de ontginning van de
zandgroeven. Niet alleen de volkswoningen, het kasteel en de kerk ter plaatse, maar ook belangrijke bouwwerken in de hoofdstad en waterwerken in Nederland werden uitgevoerd in Diegemse zandsteen. Sedert de dertiende eeuw worden de heren van Diegem genoemd, zoals Gilbert Van Didengehm (1265) en Jan van Diedeghem (1339). Achtereenvolgens kwam de heerlijkheid in handen van de families Van Brecht, Oudart, Happart, Piermans, Lanfranchy en Le Boucq de Beaudignies. De laatste
vijftig jaar is Diegem grondig veranderd. Het modern wegverkeer en de vlieghaven hebben de romantische hoekjes grotendeels opgeslokt. De vestiging van belangrijke industriële ondernemingen hebben het omvormingsproces bespoedigd. De pretentieloze prentkaarten van begin twintigste eeuw kwamen net op tijd om de herinnering van oud-Diegem voor het nageslacht te bewaren. (Uit “Diegem in oude
prentkaarten” van de Europese Bibliotheek) |