|
Colloïdaal
Zilver is goed voor de gezondheid, aan u zelf, uw huisdieren,
vogels, koeien en of paarden , planten uw omgeving enz...
Men kan ervan uitgaan dat je heel wat minder ziek zal worden.
Heel
simpel : zilver 999 dood 99,99 % van alle slechte bacteriën
en schimmels.
Colloïdaal
zilver is een wonder die niet gepatententeerd kan worden.
Dit zorgt voor afremming van dit product door de Pharma industrie.
Het
is ons gebleken dat er zo nu en z.g.n deskundigen zijn, die
zonder enig fundament, studie of recht van spreken deze materie
proberen te ondermijnen. Zowel het ministerie van volksgezondheid
als de warenwet hebben wij mogen ontmoeten en zoals u van
ons mag verwachten is alles in orde bevonden.
Met
meest vriendelijke groet en natuurlijk veel informatief lees
plezier.
Hessel Hoornveld.
INTRODUCTIE
Micro-organismen
die resistent zijn tegen antibiotica en zijn heden ten dage
epidemisch in de VS en Europa en zijn de oorzaak voor een
groeiend aantal ernstige infecties.
Terwijl
de meeste antibiotica ongeveer een half dozijn micro-organismen
kunnen bestrijden, wordt van zilver gerapporteerd dat het
in staat is honderden ziekteverwekkers onschadelijk te maken.
Wat nog belangrijker is: In tegenstelling tot antibiotica
kunnen microben geen resistentie ontwikkelen tegen de werkzaamheid
van zilver. Een op de juiste wijze geprepareerde oplossing
van colloïdaal zilver is een speciaal vloeibaar preparaat
van dit sporenelement dat uiterst veilig is in gebruik, zelfs
voor kinderen, zonder vele van de bijwerkingen die antibiotica
bezitten.
Mits
op de juiste wijze geprepareerd, is colloïdaal zilver
een niet giftig, smaakloos, intern en extern toepasbaar, breed
spectrum bestrijder van microben; een desinfectans, dat een
opmerkelijke verkorting en vermindering van de heftigheid
van vele bacteriële infecties kan bewerkstelligen. Om
deze en andere redenen zal colloïdaal zilver bewijzen
één van de grote ontdekkingen te zijn op het
gebied van de preventieve natuurlijke gezondheidszorg.
WAT
IS EEN COLLOÏDALE OPLOSSING ?
De
term colloïdale oplossing refereert aan een "suspensie".
(ultra fijne deeltjes welke zijn opgelost in een medium van
een andere scheikundige samenstelling, b.v. een niet oplosbaar
mineraal of metaal in water). De deeltjes in een colloïdale
oplossing zijn 0,01 tot 0,001 micron in diameter groot. Ongeveer
een miljard van deze deeltjes passen in een kubus met een
ribbe van een tiende centimeter. Diagram 1 laat de relatieve
grootte zien van een colloïdaal deeltje in microns. De
Russische wetenschapper S.S. Voyutsky, schreef dat een colloïdaal
systeem de volgende drie karakteristieken moet hebben:
Het dient heterogeen te zijn,(hetgeen betekent dat het uit
verschillende ingrediënten of constituenten moet bestaan
zoals zilver en water).
Het systeem dient uit meerdere aggregaties te bestaan, (hetgeen
inhoud dat er verschillende fases of aggregatietoestanden
van de verschillende stoffen aanwezig zijn, b.v. vastvloeibaar
of gas/vloeibaar etc.)
De deeltjes dienen onoplosbaar te zijn in de suspensie. Elk
van deze karakteristieken heeft een interactie met de andere
twee, hetgeen een colloïdale oplossing haar unieke karakter
geeft. Het fascinerende van deze colloïdale oplossingen
is dat zij heterogeen, multigefaseerd en onoplosbaar blijven
bij verschillende concentraties, zolang als het grootste deel
van de deeltjes, zo niet alle deeltjes binnen de typerende
grootte van colloïden blijft (1 tot 100 nanometer).
De
grootte van de niet oplosbare deeltjes speelt een belangrijke
rol in de definitie van een stelsel, fase of systeem. Is deze
afmeting kleiner dan 1 nanometer dan spreken we in de scheikunde
van een moleculair stelsel. Van 1 tot 100 nanometer spreken
we van een colloïdale fase. Nog grotere deeltjes boven
de 100 nanometer worden meestal gevonden in systemen die variëren
van micro-heterogene stelsels die vele eigenschappen bezitten
van colloïdale oplossingen, tot de ruwe suspensies die
allebei deel uit maken van het dispersie continuüm.
Micro-heterogene
systemen hebben een andere kleur als de corresponderende colloïdale
stelsels. Hoe hoger de concentratie van de onoplosbare stof,
des te donkerder de kleur van de vloeistof, vanwege het licht
dat er doorheen kan schijnen. Hoe groter de deeltjes, hoe
sneller ze zullen zakken, zelfs als ze een elektrische lading
hebben gekregen. Dit komt natuurlijk doordat de zwaartekracht
sterker inwerkt op de zwaardere deeltjes. Deze zullen dus
eerder naar de bodem zakken.
Elementen
hebben een aantrekkingskracht ten opzichte van elkaar op atomair
nivo. Ze worden magnetisch tot elkaar getrokken en neigen
tot binding (cohesie kracht, vert.) Hoe hoger de concentratie
van de metaaldeeltjes in een oplossing, des te groter de cohesiekracht
en dus een steeds grotere neiging tot klontering. Zodra een
bepaalde maat in de grootte overschreden wordt, zal het metaal
neerslaan, als gevolg van de zwaartekracht. In de ideale colloïdale
oplossing, zijn de deeltjes klein genoeg om niet samen te
klonteren.
HUIDIGE
STATUS
Colloïdaal
zilver wordt door de F.D.A. (Food and Drug Administration
in de USA) beschouwd als een geneesmiddel van voor 1938. De
interpretatie van dit feit heeft gezorgd voor veel verwarring
als gevolg van een brief van de F.D.A. van 13 september 1991,
waarin staat dat dit product op de markt gebracht mag worden
zonder dat het eerst wordt onderworpen aan bewijsplicht betreffende
de veiligheid en effectiviteit (zoals dat wel het geval is
voor geneesmiddelen na 1938), zolang als het wordt aangeprezen
voor hetzelfde gebruik als in 1938 en zolang het wordt gefabriceerd
op de originele wijze. Vele bedrijven hebben deze brief (die
spoedig door een andere brief van de FDA werd herroepen),
uitgelegd als een verlening van autoriteit om claims te maken
ten aanzien van de effectiviteit van colloïdaal zilver
met betrekking tot infectieziekten.
In
feite is de huidige status van colloïdaal zilver, dat
het mag worden gefabriceerd en gedistribueerd, maar dat er
geen claims mogen worden gemaakt ten aanzien van de effectiviteit
tegen ziekte, zonder door de ingewikkelde en kostbare procedures
te gaan voor goedkeuring van geneesmiddelen. Het is één
ding om te zeggen dat colloïdaal zilver anti-bacteriële
eigenschappen heeft; het is iets anders te beweren dat colloïdaal
zilver een keelontsteking of bronchitis geneest.
PRODUCTIEMETHODEN
Een
andere bron van verwarring betreffende colloïdaal zilver
is dat er vele methoden waren om colloïden te produceren
voor 1938. Deze productiemethoden kunnen worden onderverdeeld
in 5 groepen.
- Vermaling
- Met
behulp van golven
- In
vloeistoffen
- Chemische
methoden
- Elektrische
methoden
Van
de vijf productiemethoden werden het vermalingsproces en het
electro-colloïdale proces voornamelijk gebruikt voor
de productie van colloïdaal zilver. Heden ten dage staat
de F.D.-A. beide productiemethoden nog toe. Van deze twee
methoden wordt het electro-colloïdale proces als superieur
beschouwd.
Met
de vermalingsmethode worden de zilverdeeltjes meestal niet
kleiner dan een tiende mm. Ze kunnen al dan niet elektrisch
geladen worden. De afmeting van de zilverdeeltjes is zo groot
vergeleken bij de mogelijke lading, dat de weerstand tegen
de zwaartekracht onvoldoende is om neerslag te voorkomen,
hetgeen een veel minder effectief product oplevert.
Om
dit probleem te omzeilen voegen sommige producenten een "stabilisator"
toe (meestal een eiwit) om de oplossing meer viskeus te maken
en haar langer in suspensie te houden. De zilverdeeltjes zullen
op den duur dan toch kunnen neerslaan. De flesjes of verpakking
zal dan geschud moeten worden om de deeltjes opnieuw te verspreiden.
Bovendien hebben stabilisatoren de neiging om de gunstige
werking van de zilverdeeltjes te blokkeren. Andere methoden
om colloïdaal zilver te produceren, zoals het vermalingsproces
in combinatie met een vloeistof hebben niet zoveel potentie
als electro-colloïden en zijn daarom ook van twijfelachtige
waarde. Het juiste elektrische proces zorgt er voor dat zilverdeeltjes
die kleiner zijn dan een tienduizendste millimeter kunnen
worden verkregen. Indien de deeltjes tussen de tienduizendste
en honderdduizendste millimeter in grootte zijn en dezelfde
lading bezitten (ionisatie, vert.), is er geen stabilisator
nodig om ze in suspensie te houden. De cohesiekracht zal de
zwaartekracht weerstaan en de "Brown beweging" zorgt
er voor dat ze bijna voor eeuwig in suspensie blijven in een
vloeibaar medium. De stabiliteit van de suspensie is immers
afhankelijk van het formaat van de deeltjes, het gebruikte
medium en het toegepaste productieproces.
HET
GEBRUIK VAN colloïdaal ZILVER IN HET VERLEDEN
Een
ander bron van verwarring betreffende het huidige gebruik
van colloïdaal zilver is het gebrek aan informatie over
het gebruik in het verleden. Het is bekend dat voor 1938 colloïdaal
zilver werd toegepast zoals heden ten dage bijna alle geneesmiddelen
werden toegepast: intraveneuze en intra-musculaire injecties,
gorgelen in de keel, verstuiving, inname via de mond, lokaal
gebruik en oogdruppels. Wat niet bekend is is de precieze
vorm van het toenmalige gebruik, de concentratie en de juiste
dosering voor een effectief resultaat.
Robert
J. Hartman schrijft in 1939: " Zilver suspensies op water
worden veel gebruikt om te gorgelen en bij aandoeningen van
ziekten aan het urogenitale stelsel om te verstuiven of als
irrigator voor ontstoken slijmvliezen.
Sommige
van deze colloïdale suspensies zijn zo geprepareerd dat
zij intraveneus of intra-musculair kunnen worden geïnjecteerd...
zilver in colloïdale suspensie... voegt zilver op zodanige
wijze toe, dat er een vernietiging plaats vindt van micro-organismen,
maar op een manier waarop er geen irritatie van het weefsel
plaatsvindt. Colloïdale zilverdeeltjes voorzien in een
voortdurende bron van deze ionen, maar deze deeltjes worden
niet opgenomen door het lichaamsweefsel hoewel ze in de juiste
oplossing wel gemakkelijk in de lichaamsvloeistof worden opgenomen.
Als gevolg hiervan kan colloïdaal zilver direct worden
toegepast op gevoelige slijmvliezen, zoals die van de ogen,
zonder dat irritatie optreedt en met gunstige resultaten...
Colloïdale zilverdeeltjes verspreiden zich geleidelijk
door het bloed en leveren een langdurig therapeutische werkzaamheid".
Aan
de andere kant van het dispersie continuüm, zo stelt
Kopaczewski, heeft het formaat van de deeltjes in de suspensie
een invloed op de effectiviteit. Hij schrijft: "Twee
feiten lijken de visie te ondersteunen dat de antiseptische
werking is te danken aan de colloïdale fase:
1e:
Alleen fijn verspreide colloïden hebben een antiseptisch
effect. Dit betekent dat de fysieke toestand van de colloïdale
oplossing van belang is. Het is overduidelijk aangetoond door
metingen van het geleidingsvermogen en door kwalitatieve analyse
dat de hoeveelheid opgeloste zilver en zilveroxide in grof
gestructureerde oplossingen aan de ene kant en fijnere oplossingen
aan de andere kant geenszins gelijk is en dat deze hoeveelheid
in de laatstgenoemde oplossingen aanzienlijk hoger is. 2e:
V.Henri ontdekte dat wanneer de intermicellaire vloeistof
van een fijn gestructureerde colloïdale oplossing werd
gescheiden van de micellen (de grotere deeltjes) door middel
van filtratie en deze micellen aan een cultuur werden toegevoegd,
dat dit dan geen antiseptisch effect produceerde. Dit leidde
Henri tot de conclusie dat het antiseptisch effect inherent
is aan de kwaliteit van de colloïdale toestand.
Alfred
Searle schrijft in 1919, na het beschrijven van zilver en
andere colloïden: " de bacteriedodende werking van
sommige metalen in colloïdale vorm is aangetoond. Alleen
de toepassing op de mens moest nog worden onderzocht en dit
is in vele gevallen gedaan met verbazingwekkende resultaten.
Hier wordt niet gesuggereerd dat colloïdale metaaloplossingen
de gebruikelijke desinfectans voor sterilisatie zouden moeten
vervangen (daarvoor was het toentertijd te duur, red.), maar
voor intern gebruik, zowel door de mond als onder de huid
hebben zij het voordeel dat zij snel fataal zijn voor parasieten,
van bacteriële en andere aard, zonder dat zij op enigerlei
wijze schadelijke zijn voor de gastheer.
Searle
stelt verder dat, " Colloïdale zilveroplossingen
zijn behoorlijk stabiel, zelfs in de aanwezigheid van zouten
en de normale bestanddelen van het bloed. De vernietigende
werking op toxinen is duidelijk aangetoond, zodat het konijnen
kan beschermen tegen een tien keer zo sterke dosis van tetanus
of difterie intoxicatie, dan normaal gesproken dodelijk is".
Met
betrekking tot metaal colloïden in de geneeskunde schrijft
Dr. Leonard Keene Hirschberg: " In het algemeen zijn
de metaal colloïden bijzonder vanwege hun gunstige werking
op infecties en bloedvergiftiging als gevolg van bacteria.
Deze werking is zoals aangetoond , het gevolg van hun stimulerende
invloed en hun vernietigende werking op micro-organismen en
hun toxinen zoals wordt aangetoond door het onmiddellijk zakken
van de temperatuur en het verdwijnen van de constitutionele
symptomen van de intoxicatie.
C.E.A.
MacLeod rapporteerd dat colloïdaal zilver met groot succes
werd gebruikt in de volgende gevallen:
Septische
en folliculaire tonsillitis, Angina v. Plaut Vincent, verschillende
vormen van conjunctivitis, catarre in het voorjaar, impetigo,
beenzweren, ringworm, tinea versicolor, zachte zweren, suppuratieve
appendicitis na operaties (snelle wondgenezing), pustulair
eczeem, chronisch eczeem van de gehoorgang, met terugkerende
steenpuisten, chronisch eczeem van de neus en stinkende afscheiding
in gevallen van chronische otitis media, bromhidrosis van
de voeten (zweetvoeten) en de oksels en steenpuisten in de
nek. Gonorroe en chronische cystitis, puisten en epididymitis.
Sir
James Cantlie bevond dat het zeer effectief was," in
gevallen van spruw, dysenterie en bij intestinale problemen.
A.
Legge Roe beschouwde stabiel colloïdaal zilver als een
zeer bruikbaar preparaat in de oogheelkundige praktijk en
in het bijzonder in gevallen van ophtalmia gonorrhoica, oftalmie
bij kinderen, infecties en verzwering van de cornea en hypopyon
(waarbij operaties en aftappen nog zelden nodig zijn, terwijl
als perforatie al voorkomt, zij veel beter behandelbaar is.
Verder bij: interstitiële keratitis, blefaritis, dacryocistitis
en brandwonden of andere wonden van de cornea.
Volgens
deze autoriteit," zou er geen blindheid of verminderd
gezichtsvermogen optreden als de chemosis die meestal optreedt
bij het gebruik van zilver, zou worden toegepast in gevallen
van oftalmie bij kinderen". Hij heeft vele gevallen gehad
van interstitiële keratitis bij volwassenen, waarbij
de opaciteit van de cornea volkomen verdween binnen 3 tot
5 maanden en iedereen die enige ervaring heeft met deze ziekte,
weet hoe vaak zij leidt tot blijvende vermindering van het
gezichtsvermogen bij volwassenen en hoe lang de behandeling
meestal duurt, vooral daar waar sterk irriterende geneesmiddelen
zijn gebruikt voordat men met colloïdaal zilver begint
te behandelen. De colloïdale oplossing wordt 3 x daags
ingedruppeld, waarna het oog enkele minuten gesloten moet
blijven.
Professor
Wolfgang Ostwald noteerde," Alle levensprocessen vinden
plaats in een colloïdaal systeem hetgeen opgaat voor
de gewone vloeistoffen en secreties van het organisme als
voor de bacteriële toxinen, evenals in hoge mate voor
de reacties die immuniteit verlenen."
Gebaseerd
op deze stelling schrijft Alfred Searle: " Gelukkig heeft
het inzicht dat bacteria en hun bijproducten in essentie colloïdaal
van karakter zijn, de studie van desinfectie vergemakkelijkt.
Men realiseert zich nu, afgezien van het feit dat bacteriën
leven, dat ze gezien de colloïdale eigenschappen van
henzelf en de bijproducten die ze produceren (zoals hun toxinen),
kunnen worden vernietigd door substanties die een tegengestelde
elektrische lading dragen. Het grote voordeel van het feit
dat micro-organismen colloïdaal van karakter zijn is
gelegen in het feit dat middelen die nodig zijn voor hun coagulatie
en dus voor hun vernietiging, niet noodzakelijkerwijs giftig
hoeven te zijn, een voordeel dat van het grootste belang is
wanneer we bacteriën moeten vernietigen in corpore villi....
Door het metaal in de colloïdale toestand te brengen,
kan men het toepassen in een veel grotere concentratie en
met veel betere resultaten"
Een
ander belangrijk voordeel van het gebruik van colloïdaal
zilver is dat het geen bijwerkingen heeft en ook dat zoals
Searle ontdekte geen verkleuring
van de huid geeft, zoals andere farmaceutische
preparaten waarin zilver verwerkt wordt.
HERONTDEKKING
VAN HET UNIVERSELE ANTIBIOTICA
Zilver
is één van de meest universele antibiotica.
wanneer het wordt gebruikt in de colloïdale vorm, is
het voor alle praktische toepassingen non-toxisch! Zilver
heeft bewezen voor honderden soorten infecties te kunnen worden
gebruikt. Hoewel het exacte proces van de antibacteriële
(en anti-virale, vert.) werking van zilver onbekend is, is
de meest geaccepteerde theorie dat zilver het specifieke enzym,
dat door veel soorten van bacteriën, vira en schimmels
wordt gebruikt voor hun stofwisseling, onwerkzaam wordt gemaakt.
Voor 1938 werd colloïdaal zilver beschouwt als één
van de belangrijkste antibiotica. Toentertijd beschouwde men
het als een behoorlijk technisch geavanceerd geneesmiddel,
maar vergeleken bij de hedendaagse colloïdale zilveroplossingen,
was het technisch inferieur. In het begin van deze eeuw bereikte
de zilverdeeltjes nooit het therapeutisch optimale ultra-microscopische
formaat.
Niettemin
publiceerde het prestigieuze medische tijdschrift " the
Lancet " in 1914 de resultaten van wetenschappelijke
studies over het succesvolle gebruik van colloïdaal zilver.
Gedurende een periode werd het gebruik van zilver als geneesmiddel
minder populair. Één van de redenen was "Argyria",
een huidverkleuring die het resultaat is van honderden keren
innemen of injecteren van zilver in grote doses, welke een
ongevaarlijke maar zichtbare verkleuring oplevert.
De
"come back" van zilver begon in de zeventiger jaren.
De overleden Dr. Carl Moyer, voorzitter van het departement
chirurgie, van de universiteit van Washington, ontving een
subsidie om betere behandelingen te ontwikkelen voor slachtoffers
van brandwonden. Dr. Margraf, het hoofd van de afdeling biochemie
werkte met Dr. Moyer en andere chirurgen samen om een antisepticum
te vinden dat sterk genoeg en voldoende veilig zou zijn om
over grote delen van het lichaam te worden toegepast. Dr.
Margraf onderzocht 22 antiseptische middelen, maar vond steeds
grote nadelen." Kwik bijvoorbeeld is een uitstekend antisepticum
maar het is giftig", aldus zijn commentaar.
"
Populaire antiseptica kunnen alleen over kleine delen van
de huid worden gebruikt". Verder kunnen micro-organismen
resistent worden voor antibiotica, waardoor een zeer gevaarlijke
superinfectie kan ontstaan. " Deze middelen zijn ook
ineffectief tegen een aantal schadelijke bacteria , inclusief
de grootste "killer" bij brandwonden, een groen
blauwe bacterie Pseudomonas aeruginosa. Deze verschijnt bijna
altijd bij brandwonden en geeft een gif af".
Bij
de bestudering van medische literatuur vond Dr. Margraf verschillende
referenties aan zilver. Het werd beschreven als een catalyst
welke de enzymen inactief maakt die het de microorganisme
nodig heeft om te "ademen". Als gevolg hiervan sterven
ze af. Daarom besloot Dr. Margraf gebruik te maken van Argentum
Nitricum (zilvernitraat) Geconcentreerd zilvernitraat was
corrosief en pijnlijk. Daarom verdunde hij het tot een 5 %
oplossing en ontdekte dat het de Pseudomoas aeruginosa bacterie
doodde en de wonden toestond te genezen. Littekens verschenen
niet. Zilvernitraat was echter verre van ideaal. Het verstoorde
de balans van de lichaamszouten, het was dik en lastig in
gebruik en tastte alles aan waarmee het in aanraking kwam.
Dr. Margraf zocht naar andere zilverpreparaten. Als gevolg
van deze inspanningen werden honderden belangrijke nieuwe
medische toepassingen van zilver (her)ontdekt. Medische rapporten
uit het begin van de eeuw demonstreerden dat een op de juiste
wijze geprepareerde colloïdale zilveroplossing de enige
toepassing was die niet werd gestapeld onder de huid, hoe
vaak deze ook werd toegepast. Toch waren er ook sceptici.
Sommige van de negatieve reacties die ten aanzien van colloïdaal
zilver werden gevonden , waren het gevolg van de premature
levering van verkeerd geproduceerde en onstabiele colloïden....
Kort
nadat de definitieve erkenning van de colloïdale natuur
van de belangrijke lichaamsvochten was vastgesteld, werd men
zich ook bewust van de geweldige mogelijkheden van de toepassingen
van colloïdale oplossingen... Een aantal colloïdale
substanties kwamen op de markt in Amerika en elders. Spoedig
ontdekte men dat de meeste preparaten snel hun waarde verloren;
sommige waren zo onstabiel, dat ze geen actieve colloïden
bevatten op het moment dat ze werden gebruikt.
N.R.
Thompson stelde vast dat, " Oligodynamisch zilver is
voor primitieve levensvormen even giftig als de krachtigste
chemische desinfectans en dit gekoppeld aan het feit dat het
relatief onschadelijk is voor zoogdieren, geeft het een grote
potentie als desinfectans".
Laboratoriumtesten
met colloïdaal zilver wijzen uit dat destructieve bacteria,
vira en schimmels binnen enkele minuten gedood worden, wanneer
ze er mee in contact komen.
Larry
C. Ford, MD van de afdeling gynaecologie, UCLA School of Medicine,
rapporteerde in een brief van 1 november 1988: "Ik testte
de zilveroplossingen, waarbij ik gebruik maakte van de gebruikelijke
antimicrobentesten voor desinfectiemiddelen. De zilveroplossingen
waren antibacterieel bij concentraties van 1000.000 (één
miljoen) organismen per ml. Streptococcus Pyogenes, Staphylococcus
Aureus, Neisseria Gonorrhea, Garnerella Vaginalis, Salmonella
Typhi en andere ziekteverwekkers voor de darm, maar ook voor
schimmels zoals Candida Albicans, Candida Globata en M. Furfur".
Jim
Powell rapporteerde in een artikel van " Science Digest"
in maart 1978 met de titel, "Our Mightiest Germ Fighter";
" Dankzij het baanbrekende onderzoek, blijkt zilver uit
te groeien tot een wonder van de hedendaagse geneeskunde.
Een antibioticum doodt misschien een half dozijn verschillende
ziekteverwekkers, maar zilver doodt er ongeveer 650!
Immuniteit
tegen zilver wordt door de ziekteverwekkers niet opgebouwd.
Bovendien is zilver in deze vorm voor de mens niet giftig".
Dr. Harry Margraf uit St Louis concludeerde; "Zilver
is het beste 'all round' antibioticum dat we kennen".
Er
ligt een prachtige toekomst voor colloïdaal zilver in
het verschiet. Met de huidige technologische vooruitgang kunnen
we hopelijk de vergissingen van het verleden vermijden en
ons voordeel doen met haar brede toepassingsmogelijkheden
bij de voorkoming en bestrijding van infectieziekten.
VISUELE
KWALITEITEN
Een
indicatie voor de kwaliteit van colloïdaal zilver is
de kleur. Naarmate het formaat van de deeltjes groter wordt
verandert de kleur van de suspensie van geel (de beste kwaliteit),
naar bruin, dan naar rood, vervolgens naar grijs en tenslotte
naar zwart (de slechtste kwaliteit). Hoe groter de deeltjes
, hoe slechter de kwaliteit van het product.
Zilvercolloïde
dat is geproduceerd met gebruikmaking van de elektro-colloïdale
methode, heeft een andere kleur dan die welke is geproduceerd
met de vermalings- of de chemische methode. Deze regel gaat
meestal op, behalve in die gevallen waarbij de producent kunstmatig
een gele kleurstof toevoegt om de juiste kleur na te bootsen.
De
kleurvariatie hangt ook af van de concentratie, van stabilisatoren
en de aanwezigheid of afwezigheid van andere spoorelementen.
De ideale vorm van colloïdaal zilver is bijna kleurloos
of het heeft een zeer lichtgele kleur. Behalve dat u het dient
te kopen van een bedrijf met een goede reputatie en het visueel
controleren van het product, is een andere snelle mogelijkheid
ter controle van de aanwezigheid van colloïden, het observeren
van het Faraday-Tyndall effect.
Wanneer
een scherpe en intense lichtbundel een colloïdale oplossing
passeert zal het lichtpad troebel lijken. Ook zal de lichtstraal
door de vloeistof veranderen. De lichtbaan zal een conische
vorm aannemen in de vloeistof. De beste manier om dit te controleren
is om een reageerbuis met colloïdaal zilver in een totaal
verduisterde kamer te plaatsen en er een zeer scherpe felle
lichtstraal doorheen te laten schijnen. Colloïdale oplossingen
zullen er melkachtig uit zien
(Opmerking:
Een bespreking kan worden gevonden in Jirgensons en Straumanis'
boek genaamd : "A short textbook of Colloid Chemistry";
New York: John Wiley & Sons, inc. London: Pergamon Press
Ltd.; 1954)
HET
BESTE COLLOïDALE ZILVER
De
laatste jaren is er een aantal colloïdale zilverproducten
op de markt verschenen, waardoor de consument in verwarring
is gebracht. De beste manier om te determineren of een product
een echte colloïdale zilveroplossing is, is door het
onderzoek naar de inhoud. Indien het een stabilisator bevat
(b.v. een proteïne of eiwit) of andere spoorelementen,
kan het product niet geschikt zijn. Als het product koeling
verlangt, bevat het waarschijnlijk ook andere ingrediënten,
die bederven bij kamertemperatuur.
De
beste kwaliteit colloïdaal zilver wordt verkregen door
de elektra-colloïdale/ niet chemische bereidingswijze
(elektrolyse) Daarbij worden de zilverdeeltjes in het water
volledig "gecolloïdeerd" en "gedispenseerd"
en in suspensie gehouden, door een elektrische stroom die
door de oplossing wordt gestuurd. Dit proces is de enige methode
om een echt homogeen (gelijkmatig verdeelde) oplossing te
verkrijgen van super fijne zilverdeeltjes (0,005 tot 0,015
micron) in suspensie in water, zonder de noodzaak van een
chemische stabilisator (proteïne), kleurstof of ander
ingrediënt. Er is dan nauwelijks een zichtbare accumulatie
van zilverdeeltjes in de oplossing of op de bodem van de container.
De beste producten zullen het grootste aantal zilverdeeltjes
bevatten van de kleinste hoeveelheid zilver.
Opmerking:
Een kunstmatig aangebrachte elektrische lading van ieder element,
inclusief zilver, kan niet voor onbepaalde tijd vastgehouden
worden. Net als een batterij zal de lading geleidelijk verdwijnen.
Daarom zal zelfs een door middel van elektrolyse verkregen
colloïdale zilveroplossing niet voor onbepaalde tijd
op de plank kunnen staan. Enige neerslag zal na langere tijd
kunnen ontstaan, in ieder product dat geen stabilisator bevat.
Schudden voor gebruik.
VEILIGHEID
EN EFFECTIVITEIT
Specifieke
documentatie over de optimale potentie of dosering is dun
gezaaid. Dit heeft geleid tot een groot assortiment van producten
van verschillende werkzaamheid, die allemaal claimen dat ze
"de beste" zijn. Volgens Thompson van het "Runcorn
Health Laboratory" in Engeland moet de concentratie van
het zilver dat nodig is om het water te steriliseren dat is
besmet met ziekteverwekkers, liggen tussen de 40 en de 200
gamma, of 0,04 tot 0,2 ppm ( 1 ppm = 1000 gamma). In 1940
en 1966 rapporteerden R.A. Kehoe en I.H. Tipon dat onder normale
omstandigheden het dagelijks voedsel van de mens ongeveer
50 tot 100 microgram zilver bevat.
Opmerking:
de reductie van zilver in het gemiddelde dieet, als gevolg
van de commerciële niet biologische teeltwijze is gelijk
aan die van de andere sporenelementen, inclusief chromium,
zink en selenium, die nu bekend staan als essentieel voor
een goede gezondheid. Deze reductie speelt waarschijnlijk
een rol in de wereldwijde epidemie van chronische infecties.
Daarom
lijkt het logisch dat een concentratie van 3 tot 5 ppm hetgeen
overeenkomt met 15 mcg tot 25 mcg zilver per theelepel, effectief
en veilig zal zijn, om dagelijks in te nemen. Een 4 oz. (ounce)
container van colloïdaal zilver met een concentratie
van 3 ppm zal ongeveer 355 mcg. zilver bevatten, hetgeen ruim
beneden de grens ligt van de bekende giftigheidsgraad van
oraal ingenomen zilver, zelfs als meerdere ounces dagelijks
zouden worden ingenomen gedurende verscheidene jaren.
Hogere
concentraties boven de 5 ppm of 591 mcg. zilver in een 4 oz.
container kan een zilverstapeling veroorzaken in het organisme
en zijn niet noodzakelijkerwijs meer effectief.
Bijvoorbeeld
een 25 ppm oplossing zou overeenkomen met 2.96 mg (2.960mcg),
een 500 ppm oplossing zou overeenkomen met 59 mg en een 5000
ppm oplossing zou overeenkomen met 590 mg.
Ieder
product dat hogere concentraties bevat, bijvoorbeeld wanneer
de hoeveelheid zilver de normale dagelijkse hoeveelheid in
het voedsel zou overschrijden, zou met voorzichtigheid moeten
worden genomen en dan alleen als het echt noodzakelijk is
en zeker niet voor lange tijd.
De
opmerking "minder is meer", wordt vaak gemaakt met
betrekking tot colloïdaal zilver en colloïdale technieken
in het algemeen. Dit betekent dat het aantal zilverdeeltjes
de kwaliteit en effectiviteit bepaald van het colloïdale
zilver en niet de concentratie op zich. De term ppm (parts
per million= deeltjes per miljoen) is verwarrend, want het
refereert niet aan het aantal deeltjes, het is een andere
wijze om het totale gewicht of de totale hoeveelheid zilver
aan te geven. Omdat een colloïdaal product deeltjes heeft
die qua grootte variëren van 1 tot 100 n. is het moeilijk
om de kwaliteit van een product af te meten aan het ppm. Bijvoorbeeld
een product met een concentratie van 5 ppm met een gemiddelde
deeltjesgrootte van 5 n., zou feitelijk meer zilverdeeltjes
bevatten dan een ander product van 25 ppm met een gemiddelde
deeltjesgrootte van 50 n. en dus veiliger en meer effectief
zijn!
De
stabiliteit vooral op de langere duur is een ander aspect
van colloïdale zilverproducten. Om neerslag te voorkomen
voegen sommige bedrijven een proteïne of een chemische
stabilisator toe, hetgeen een hogere concentratie zilver met
een grotere stabiliteit mogelijk maakt. Het nadeel is dat
de meeste stabilisatoren zich binden met zilver en daardoor
het antimicrobische effect ervan verminderen.
Deze
producten bevatten hogere concentraties zilver om dit nadeel
weer te compenseren en moeten dus met voorzichtigheid ingenomen
worden, want in alle gevallen van zilververgiftiging, Argyria
genaamd (permanente huidverkleuring als gevolg van zilverstapeling),
bevatte het gebruikte product hoge concentraties zilver in
verbinding met stabilisatoren zoals zilvernitraat en zilveracetaat.
Argyria is nooit gerapporteerd als gevolg van het gebruik
van zuiver elektracolloïdaal zilver dat vrij was van
proteïne of andere stabilisatoren. Een ander voordeel
van op de juiste wijze geproduceerd colloïdaal zilver,
is dat met een deeltjesgrootte die onder 1 micron ligt (0,015
tot 0,001),het bij een concentratie van 3 tot 5 ppm, onwaarschijnlijk
is, dat dit preparaat de gezonde darmflora aantast. Inname
via de mond onder de tong zal opname in het bloed veroorzaken,
voordat de zilverdeeltjes de mogelijkheid hebben om de darm
te bereiken. Is er echter een darminfectie dan kan men een
darmspoeling met colloïdaal zilver toepassen. dagelijks
gebruik van colloïdaal zilver zal de kans op een infectie
sterk verkleinen. De mogelijkheid dit op een veilige manier
te doen zou een krachtige preventieve gezondheidsmaatregel
zijn voor miljoenen die lijden aan chronische infecties. Dit
is een mogelijkheid die alleen de op de juiste wijze geprepareerd
elektracolloïdale zilver schenkt, dat 99,9999% zuiver
zilver bevat zonder bindmiddel, stabilisator of proteïne.
HET
GEBRUIK IN ONZE TIJD
Hoewel
er reeds sinds 100 jaar rapporten zijn over het gebruik van
colloïdaal zilver, is onderzoek naar het huidige gebruik
beperkt. Dankzij steeds meer artsen, tandartsen, dierenartsen,
voedingsdeskundigen en tevreden gebruikers stapelt de informatie
omtrent het gebruik in onze tijd zich op.
Deze
informatie bewijst geenszins dat colloïdaal zilver infectieziekten
geneest en deze claim zou niet gemaakt mogen worden door welke
producent van enige reputatie dan ook. Wel is het bewezen
dat colloïdaal zilver een geweldige antimicrobische kracht
bezit; de geschiedenis van veilig en succesvol gebruik van
colloïdaal zilver is uitgebreid en het aantal van de
huidige gezondheidswerkers en individuen die er met goed resultaat
gebruik van maakt om de duur en de ernst van infectieziekten
te bestrijden groeit exponentieel.
De
volgende tabel geeft een lijst van sommige , maar lang niet
alle moderne toepassingen. (Opmerking: Colloïdaal zilver
kan ook worden toegepast voor infectieziekten bij (huis)dieren
zoals katten, honden, vogels en paarden). De hoeveelheid en
methode van gebruik hangt natuurlijk af van de lokatie en
de ernst van aandoening.
Toepassingen
van colloïdaal zilver, Systematische interne infecties
en Locale externe infecties
- griep
/ koorts ogen & oren
- herpes
keelpijn
- hepatitis
ontstekingen van het gebit
- epstein
-barr neus en sinussen
- bronchitis
huiduitslag
- pneumonie
snij en brandwonden, beten
- schimmelinfecties
vaginaal schimmelinfectie voet, lies
- enz....
Locale infecties zijn meestal gemakkelijker te behandelen
dan systematische infecties, omdat colloïdaal zilver
lokaal direct in contact kan worden gebracht met de ziekteverwekker
( b.v. druppels in het oor, het oog, verstuiving in de neus
of long)
Bij
systematische infecties zal de hoeveelheid zilver en de duur
van de behandeling afhangen van de heftigheid van de infectie,
de ouderdom, het gewicht en de algehele gezondheidstoestand
van de patiënt. Gebruikers dienen zich te richten naar
de gebruiksaanwijzing in combinatie met informatie uit andere
bronnen met klinische ervaring.
In
het algemeen lijkt de effectiviteit en het veilige gebruik
van colloïdaal zilver bij de behandeling van talloze
infectieziekten alleen begrenst door de verbeelding en creativiteit
van hen die aan deze aandoeningen lijden.
|