| |
|
Aanleiding - Opstelling - De strijd AanleidingNa hun nederlaag in de slag bij Taginae en de daaropvolgende dood van hun laatste koning Teja, verzochten de Ostrogoten de Frankische koning Theudibald om hulp tegen de Byzantijnen. Deze, zonder twijfel er op uit om een deel van het vruchtbare Noord-Italië in handen te krijgen, rekruteerde een leger van Franken en Alamannen, geleid door twee Alamanse hertogen, Liutharis and Butilinus. Terwijl de Byzantijnse aanvoerder Narses de laatste tekens van Gotische weerstand in centraal Italië aan het wegvegen was, staken de Franken de Po over. In de lente van 554 verzamelde hij zijn troepen in Rome en wachtte de twee Frankische colonnes af, die plunderend en rovend zuidwaarts trokken. Om een of andere reden leidde Liutharis zijn troepen terug huiswaarts en liet de verovering van Italië over aan Butilinus. Maar tijdens de terugkeer leden zijn troepen een verpletterende nederlaag tegen de Byzantijnen. Zijn leger strompelde terug naar de vlakte van Venetië, dat toen door de Franken was bezet. Daar stierf de ongelukkige hertog aan een ziekte. Ondertussen had Butilinus' leger de zeeëngte tussen Italiaanse vasteland en Sicilië bereikt, maar leed onder de uitputtende hitte, wat de ziekteverspreiding in de rangen stimuleerde. Hij sloeg zijn kamp op in Campania, nabij de rivier de Casilinus, en verdedigde het met een wal, bedekt met karrenwielen. Narses' troepen rukten op naar het zuiden en richten hun eigen versterkt kamp op dichtbij het vijandelijk kamp. ![]() OpstellingDe Frankische troepen, die grotendeels uit infanterie bestonden, probeerden zich op te stellen in grote colonnes, zodanig dat ze bij zijdelingse aanvallen niet konden uiteenvallen. Als de colonne werd aangevallen in de flank, zou ze stoppen en zich richten op de aanval. Met dit in het achterhoofd, plaatste Narses zijn infanterie (inclusief boogschutters) in het midden, met zijn bondgenoten de Herulen (o.l.v. Phoideratoi) als reserve achter hen. Tenslotte stelde hij de Byzantijnse cavalerie (boogschutters te paard) op in twee lange vleugels. ![]() ![]() De strijdDe Franken bonden de strijd aan: ze bewogen voorwaarts en braken zonder veel moeite door de eerste linie van Byzantijnse infanterie en de tweede linie van boogschutters. Nu kwamen zij in contact met Narses' Herulen, die vóór hem al de weg begonnen vrij te maken. Narses had zijn ruiterij bevolen om aan te vallen op beide flanken van de Frankische troepen. Die werden dus gedwongen te stoppen en zich klaar te maken om de plotse aanval op te vangen. Maar in plaats van de ruiters te laten aanvallen, stopte Narses hen op zowat negentig meter van de vijand. De boogschutters te paard lieten nu een regen van pijlen op de Frankische colonne neerkomen. Het was een gemakkelijk doel en de Franken durfden noch vooruit, nog naar de flank te vluchten uit angst de rangen te verbreken en de cavalerie toe te staan om hen te vertrappelen. Al wat ze konden doen was daar hopeloos blijven staan terwijl de Byzantijnse boogschutters hen met pijlen aanvielen. De heldhaftige Frankische infanterie stond verschillende uren in deze pijlenregen, tot ze uiteindelijk de moed verloor en sommigen vluchtten naar het hinterland - de enige mogelijke vluchtroute. Wanneer er tenslotte voldoende wanorde was in de Frankische rangen, beval Narses zijn cavalerie om aan te vallen. De Byzantijnse ruiters galoppeerden verschillende malen door de gebroken colonne en hakte haar in mootjes. De overwinning was compleet! Zie ook: De slag bij Taginae. Werken:
![]() Terug naar boven - Deze pagina afdrukken © 2000, Rien van de Wall Laatst bijgewerkt op 15 december 2003. | |