Geschiedenis

volkskundige begrippen

vastenavond

vastenavond tot 1795

vastenavond wordt carnaval
- Aalst blijft trouw
- de carnavalstoet van 1851
- de
opmars van carnaval
- maskeraden en compagnies
- de voil jeanet
- de eerste carnavalsgroepen
- een nieuw soort carnaval
- de winterfoor
- de carnavalstoet van 1913

carnaval na WOI

carnaval na WOII

Aalst Carnaval vandaag


Vastenavond wordt carnaval

Een nieuw soort carnaval

In het begin van de twintigste eeuw was het gedaan met het organiseren van carnavalsstoeten met praalwagens, verklede groepen en muziekmaatschappijen. Het werd de gewoonte dat verschillenden politieke partijen tijdens de vastenavonddagen een "uitstap met muziek" organiseerden. De liberale Oude Garde of Les Vrais Amis Constants was de eerste muziekvereniging die van haar jaarlijks uitstapje op vastenavond een traditie maakte. In 1906 beschreef De Dendergalm het initiatief als een optocht met "honderden en nog honderden gemaskerden" die in een "bonten, vroolijken stoet, dansend en zingend tot het avond werd" de stad doorkruiste.

Tegen 1910 manifesteerde de liberale muziekmaatschappij zich als de vastenavondvereniging bij uitstek. Op zaterdag zette de harmonie de feestelijkheden in. Gedurende de volgende dagen vonden in de Zonnestraat verschillende bals plaats. Op vastenavond ging de muziekmaatschappij een tweede maal uit.

Het liberale initiatief kreeg navolging bij de christen-democraten. Zowel in 1912 als 1913 maakte de daensistische fanfare Tot Heil des Volks haar rondgang door de stad. Vertrek- en eindpunt was het lokaal Volksverheffing.

Ook de katholieken lieten zich in deze niet onbetuigd. In 1912 ging de katholieke Jonge Garde of Al Groeiend Bloeiend op dezelfde dag en hetzelfde uur als de daensisten de straat op voor een carnavaleske optocht.

Straatcarnaval en volksmuziek

De Aalstenaars trokken tijdens de carnavalsdagen zelf de stad in. Rond de eeuwwisseling vormden de Varkensmarkt, de Werf, de Molenstraat, de Grote Markt, de Lange Zoutstraat en de Hoofstraat (Louis D'Haeseleerstraat) een grote uitgaansbuurt vol cafés, herbergen, danszalen en café-chantants. Volksliedjes en carnavalshits wisselden elkaar af. In de café-chantants en café-concerts zorgden optredende straatzangers, begeleid door een orkestje, voor een vrolijke sfeer. De twee bekendste Aalsterse straatzangers waren Servatius 'Vaasken' De Witte en Victor 'Sigaret' Van der Haegen.

In de meeste danszalen werd muziek gemaakt met een mechanisch orgel. Voor de betere burgerij werden gemaskerde bals georganiseerd. Het bekendste katholieke bal vond jaarlijks plaats in zaal In de Graanmarkt bij Karel Penneman. De liberalen organiseerden hun bal bij Jozef Singelyn, in zaal Concordia in de Schoolstraat (Bert Van Hoorickstraat).

Tegen 1912 hadden ook de Aalsterse socialisten, traditioneel tegenstanders van vastenavond, hun afkeer overwonnen. Ze organiseerden in 1912 niet minder dan drie vastenavondbals in het Volkshuis aan de Saskaai.


Feestzaal Concordia, ca. 1900.

Hoofdlokaal in de Schoolstraat van verschillende liberale wijkclubs
en het decor van het jaarlijkse
carnavalbal van de liberale Oude Garde
of Les Vrais Amis Constants.