Geschiedenis

volkskundige begrippen

vastenavond

vastenavond tot 1795

vastenavond wordt carnaval
- Aalst blijft trouw
- de carnavalstoet van 1851
- de
opmars van carnaval
- maskeraden en compagnies
- de voil jeanet
- de eerste carnavalsgroepen
- een nieuw soort carnaval
- de winterfoor
- de carnavalstoet van 1913

carnaval na WOI

carnaval na WOII

Aalst Carnaval vandaag


Vastenavond wordt carnaval

Vanaf 1900 werden nieuwe initiatieven genomen die de ontwikkeling van carnaval in een grote mate en blijvend zouden beïnvloeden. Nog voor de eeuwwisseling werd jaarlijks een kermis georganiseerd ter gelegenheid van de vastenavonddagen: de Winterfoor.

Winterfoor

Wanneer de Winterfoor voor de eerste keer werd georganiseerd is onduidelijk. Zeker is dat het nog voor het einde van de negentiende eeuw was. Een advertentie in De Denderbode vermeldt de vastenavondkermis reeds in 1897. De organisatie van de foor was in handen van het stadsbestuur. Haar voornaamste drijfveren werden verwoord op de gemeenteraadszitting van 1 oktober 1900, toen de organisatie door sommige raadsleden in vraag werd gesteld.

De Winterfoor zorgde voor verteer in de stad en was hierdoor voordelig “aan de algemeenheid der burgerij”. Vooral de opbrengst van de verpachting van de standplaatsen was voor de stad een belangrijke bron van inkomsten. Bovendien was de Winterfoor een manier om tijdens de vastenavonddagen aan het volk deftig vermaak te bieden.

Tijdens de eerste edities duurde de kermis van veertien dagen voor vastenavond tot de eerste zondag van de vasten. Vanaf 1900 werd deze periode ingekort tot zes dagen. Op vastenavond moesten alle barakken om middernacht sluiten. In 1913 was de kermisperiode nog korter. De “Groote Winterfoor te Aalst ter gelegenheid van Carnaval” werd beperkt tot vier dagen (zondag, maandag en vastenavonddinsdag en de zondag nadien).

De kermis stond opgesteld op de Grote Markt en de Hopmarkt en genoot bij de stadsbevolking heel wat bijval. De voornaamste attracties waren een stoom-carrousel, een hippodroom, een paardenmolen, theaters en verschillende kramen. Voor De Denderbode was het succes van de foor een bewijs dat de armoede in Aalst rond 1900 niet zo groot was als doorgaans gedacht. “Aalst wordt als eene stad aanzien waar de werklieden meestal in nood verkeeren. Zoo, zoo, kom eens kijken en ge zult kunnen bestatigen hoe zeer onze werkersbevolking in nood verkeert. Denkt ge dan dat de foorkramers niet weten wat ze doen?… Ze komen alle jaren terug en moesten ze slechte zaken maken ze zouden zich wel wachten naar Aalst te komen”. De laatste Winterfoor voor de Eerste Wereldoorlog was op dat moment de grootste ooit. Niet minder dan veertig attracties stonden verspreid op de Grote Markt, de Hopmarkt en de Graanmarkt.

Groeiende concurrentie voor de Zomerkermis

Vastenavond en haar Winterfoor waren rond de eeuwwisseling niet de grootste openbare feestelijkheden in Aalst. De zomerse Kermisfeesten waren zonder meer belangrijker. Ook in de pers genoten deze meer aandacht. Van weken tevoren werden allerhande activiteiten en programma’s gepubliceerd. Achteraf verschenen uitvoerige verslagen. Vastenavond kon de vergelijking met de Kermisfeesten niet doorstaan. Toch was er een kentering merkbaar. De inperking van de kermisperiode tijdens de carnavaldagen was immers ingegeven door de vrees dat de Aalsterse bevolking reeds in februari al het spaargeld zou opmaken tijdens de Winterfoor. Hierdoor zou die foor “de Kermisfeesten doen mislukken” en schade toebrengen aan herbergiers en neringdoeners.

De vastenavonddagen waren populair en de Winterfoor werd jaar na jaar een succes. De organisatie van de Winterfoor was dus lang voor de organisatie van de eerste officiële carnavalstoet (1923) de enige officiële carnavalactiviteit (Zie ook: .