Op deze pagina's kan je een reeks oefeningen maken op de vervoegingen van de onregelmatige werkwoorden.
Op elke pagina moet je een grote tabel vervolledigen waar allerlei tijden, personen en werkwoorden in voorkomen. De volgende tijden komen aan bod: infinitif, indicatif présent, imparfait, futur simple, conditionnel présent en passé composé. Je moet telkens zelf het juiste antwoord invullen in een tekstvak (als er "XXX" in een hokje staat bestaat die vorm niet, laat dat gewoon staan).

Kies in het keuzelijstje hierboven (naast de titel) een oefeningenreeks en wacht tot de reeks oefeningen op je scherm verschijnt. We hebben getracht de werkwoorden te groeperen naargelang ze in de handboekenreeks Arcades voorkomen. Achter elke reeks staat vermeld uit welke Unités de werkwoorden gekozen werden. Een lijst van de beschikbare werkwoorden (en Unités) vind je onderaan deze pagina. Goede antwoorden worden beloond met een lachend groen gezichtje (smiley), foutieve antwoorden geven een nors rood gezichtje als resultaat.

Gezien de grootte van de tabel moet je de schuifbalken gebruiken om alle vormen die je moet invullen op het scherm te krijgen.

Lijst van in te oefenen werkwoorden:

  • U1 - U4
  • être / avoir / aller / pouvoir / vouloir
  • U5 - U8
  • faire / venir / voir / devoir / boire / prendre
  • U9 - U11
  • envoyer / savoir / dire / lire / écrire / mettre / recevoir
  • U12 - U13
  • ouvrir / bouilir / connaître / vivre
  • U14
  • tenir / éteindre / courir / suivre / rire / croire


    Terug