2. WONEN
2.1 Probleemstelling
Een woonwagen is in de Belgische en
Vlaamse stedebouwkundge regelgeving een "rariteit". Dit geeft aan iedere
beleidsmaker op elk ogenblik een perfect middel om woonwagens te doen verwijderen,
desnoods manu militari.
Hoe vaak moesten we al niet vaststellen dat men inbreuken op stedebouw of ruimtelijke
ordening oogluikend toelaat. Als het echter over woonwagens gaat is men meestal geneigd om
deze regels zeer strikt toe te passen. Elk jaar weer worden er gezinnen getroffen door
processen verbaal en dwangsommen, zodat ze steeds op zoek moeten gaan naar een andere,
wellicht weer precaire, standplaats.
Tot op heden is over de huisvesting van woonwagenbewoners in geen enkele
regeringsverklaring een standpunt ingenomen.
Binnen de Vlaamse Intersectoriële Commissie Armoedebestrijding functioneert een werkgroep
"Huisvesting woonwagenbewoners". Deze werkgroep ontwierp een gedetailleerd plan
voor de realisatie van voldoende standplaatsen en doortrekkersterreinen tegen het jaar
2002. Dit plan werd opgenomen door de Intersectoriële Commissie Minderheden, doch het is
een speelbal geworden tussen de kabinetten van Welzijn en Huisvesting.
Sedentaire terreinen
Anno 1996 waren er in Vlaanderen slechts 387 standplaatsen op gemeentelijke
woonwagenterreinen, gespreid over 27 gemeenten. Deze terreinen zijn hoofdzakelijk bestemd
als vaste verblijfplaats voor het woonwagengezin.
De gemeentelijke woonwagenterreinen zijn in Vlaanderen nagenoeg de enige wettelijk erkende
en toegelaten plaatsen waar de woonwagenpopulatie kan verblijven. Toch herbergen ze
slechts
40 % van de Vlaamse Voyageurs en Zigeuners die in wagens wonen. Woonwagengezinnen die niet
terecht kunnen op een gemeentelijk woonwagenterrein, hebben zich geïnstalleerd op een
eigen of gehuurd perceel grond. Zij riskeren echter uitdrijving, krijgen geen aansluiting
op water en elektriciteit , omdat zij geen bouwvergunning kunnen krijgen. Momenteel is zo
een honderdtal gezinnen onmiddellijk bedreigd, waarvan de meeste in en rond Brussel. Een
beperkt aantal gezinnen heeft geen vaste (overwinterings)plaats en zwerft rond. Andere
woonwagengezinnen wonen gedwongen in huizen. Omwille van hun financieel precaire situatie
en sterk schommelend inkomen wonen zij vaak in weinig aangepaste huizen van slechte
kwaliteit.
Lijst van sedentaire terreinen in
Vlaanderen
Gemeente
Locatie
Aantal standplaatsen
Aalst
Hofstade
13
Aarschot
Ourodenberg
11
Antwerpen
Deurne
24
Antwerpen
Wilrijk
12
As
6
Bilzen
3
Diest
5
Genk
Horensberg/Waterschei
57
Gent
Ottergemse
Steenweg 12
Gent
L.De
Heerestraat 5
Grobbendonk
10
Heist o/d Berg Booischot
10
Hasselt
Kiewit
8
Hasselt
Kuringen
18
Ham
Kwaadmechelen
10
Leuven
Kessel-lo
18
Maaseik
Wurfeld
24
Maasmechelen Eisden
26
Mechelen Grote
Nieuwendijk 20
Mortsel
26
Oud-Turnhout
8
Puurs
5
Rotselaar Werchter
6
St-Jans-Molenbeek
8
St Katelijne Waver
12
St-Truiden
16
Wetteren
15
TOTAAL
387
Doortrekkersterreinen
Naast de residentiële terreinen zijn pleisterplaatsen en doortrekkersterreinen
noodzakelijk. Doortrekkersterreinen zijn deze terreinen die speciaal voor dit doel zijn
aangelegd en beheerd. Pleisterplaatsen zijn terreinen die voor andere doeleinden zijn
aangelegd (bijv. als parking bij een domein) doch waarop doortrekkenden tijdelijk kunnen
verblijven.Er trekken jaarlijks ongeveer 1.000 gezinnen rond in Vlaanderen, vooral
buitenlandse zigeuners en de 150 Belgische Rom-gezinnen. In Vlaanderen zijn er geen
doortrekkersterreinen. Rondtrekkende woonwagenbewoners komen daardoor voortdurend in
conflict met de gemeentelijke overheden.
2.2 Algemene doelstelling
Het VCW wil ertoe komen dat de wooncultuur van de Voyageurs
en Zigeuners een volwaardige plaats heeft in het woonbeleid.
2.3 Werkdoelen
2.3.1 Participatie
Het VCW wil dat woonwagenbewoners
rechtstreeks betrokken zijn bij het beleid rond wonen op wielen.
a- Op het gewestelijk niveau zullen 2 woonwagenbewoners deel uitmaken van de op te richten
Commissie Woonwagenbewoners "Wonen"
b- Op het provinciale en lokale niveau neemt het VCW het initiatief om
beleidsontwikkelingen die de woonsituatie aanbelangen te confronteren met de doelgroep.
Dit zal gebeuren door hoorzittingen van doelgroepleden met beleidsverantwoordelijken.
c- Stimuleren, opstarten en opvolgen van lokale woonwagencommissies in de gemeenten met
een openbaar woonwagenterrein. In elk van deze gemeenten zal minstens 1 woonwagencommissie
gehouden worden in het bijzijn van de betrokken woonwagenbewoners.
d- Het VCW schept zelf een overlegkader tussen zichzelf en groepen en verenigingen van
Voyageurs en Zigeuners en onderhoudt geregeld overleg met sleutelfiguren. Dit overlegkader
heeft een "formeel" statuut volgens de gewoonten van de doelgroep: de voorzitter
van het VCW treedt daarbij op in relatie met de referentiepersonen uit de doelgroep.
2.3.2 Voldoende duurzame en aangepaste
woonwagenterreinen aanleggen.
Er dienen 593 standplaatsen aangelegd te worden verdeeld over gemeenten volgens hun
bevolkingsaantal en 415 doortrekkersplaatsen evenwichtig verdeeld over en binnen de
provincies en Brussel.
2.3.2.1 Vlaanderen
Wetgevend initiatief
Het VCW voert besprekingen met het Vlaams Parlement met het oog op het bekomen van een
beleidsvisie en maatregelen die bovengenoemde doelstelling gestalte geven. Dit moet ervoor
zorgen dat er een wettelijke basis geschapen wordt voor de inplanting van nieuwe
sedentaire en doortrekkersterreinen. Voorstellen en/of ontwerpen van decreet worden
daartoe ter bespreking voorgelegd en opgevolgd. Deze opvolging zal gebeuren samen met de
vertegenwoordigers van de doelgroep en telkens waar mogelijk in officiële zittingen van
de bevoegde Parlementaire Commissies. De besprekingen zouden moeten afgerond raken in 1997
en de stemming in 1998.
Project van de Vlaamse Regering.
Het project van de Vlaamse Regering "Voldoende duurzame en aangepaste
woonwagenterreinen aanleggen" uitgaande van de Intersectoriële Commissie Minderheden
zal actief doorgespeeld worden aan de ondergeschikte besturen.
Op het provinciale niveau zal het geïntroduceerd worden als integrerend onderdeel van het
provinciale huisvestingsbeleid. Er zal voor gezorgd worden dat elke provincie en Brussel
minstens 1 doortrekkersterrein opstarten.
Naar het lokale niveau zal het project aangeboden worden in het kader van een van een
overleg geïnitieerd door de provinciale overheid. Behoudens uitzonderingen zal het
lobbywerk voor nieuwe terreinen op het lokale niveau enkel opgenomen worden als het kadert
in een beleidsvisie van het bovenlokale vlak.
In elke wijziging van gewestplannen zal het VCW een bijdrage leveren voor reservering van
gronden voor woonwagenterreinen.
Alle subsidiekanalen (bestaande en nieuwe) zullen aan elk betrokken beleidsniveau
doorgespeeld worden om de kansen op realisatie van bijkomende terreinen te maximaliseren.
Beleidsontwikkelingen zullen samen met de doelgroep geëvalueerd worden, steeds met het
oog op de realisatie van dit Vlaamse project.
Dit houdt in dat er intensieve contacten worden onderhouden met Huisvesting, Welzijn,
Ruimtelijke Ordening, Vlaamse Huisvestingsmaatschappij ...
Dit houdt ook in dat het VCW de nodige sociale actie zal ondersteunen en helpen
organiseren.
Pleisterplaatsen
Er zal buiten het genoemde project (dat handelt over speciaal in te richten standplaatsen)
gezorgd worden dat elke provincie een pleisterplaats aanduidt waar 200 woonwagens
tijdelijk terecht kunnen op doortocht.
Ad hoc
Het VCW zal steeds ervoor zorg dragen dat niet te voorziene plannen of problemen van
woonwagenbewoners kunnen opgenomen worden. Dit geldt eveneens de tussenkomsten bij
onverwacht opduikende doortrekkers.
2.3.2.2 Brussel
Het VCW zal het initiatief nemen tot een zeer nauwe en aangehouden samenwerking tussen
VCW, Nationaal Comité van Woonwagenbewoners, Dienst Huisvesting van het Brussels
Hoofdstedelijk Gewest en onze Franstalige zusterorganisatie COPRODEV.
Deze samenwerking moet eerst resulteren in een Brussels woonwagenplan. Dit plan zal aan de
bevoegde beleidsinstanties en politieke verantwoordelijken voorgelegd worden om via
ordonantieën en/of een eigen Brussels project, naar analogie met het Vlaamse,
verwezenlijkt te worden.
Als streefcijfers stelt het VCW voorop: 100 legale sedentaire standplaatsen, 2
doortrekkersterreinen van 50 à 100 plaatsen en éénmaal om de twee jaar de toelating
voor een grote bijeenkomst van 1.000 wagens gedurende 10 dagen.Hiervoor zal bij de
bevoegde Brusselse Ministeries een aanvraag ingediend worden voor de nodige
personeelsomkadering: 1/2 maatschappelijk werker.
2.3.3 Informeren en adviseren
Het VCW wil de informatie rond het wonen van Voyageurs en Zigeuners in Vlaanderen
coördineren en deskundig advies verlenen aan zowel instanties en diensten als aan
Voyageurs en Zigeuners.
2.3.3.1 Gericht op de doelgroep
Voyageurs en Zigeuners worden geïnformeerd over de woonwagenproblematiek, reglementering
en beleidsontwikkelingen.
a- Beknopte informatie via het VCW -tijdschrift De Trekhaak : minimaal 2 blz
per nummer zijn gereserveerd voor "wonen".
b- Informatie via georganiseerde groepsmomenten: lokale hoorzittingen, zelforganisatie van
woonwagenbewoners, provinciale en nationale overleggroepen.
c- Individuele informatie aan woonwagenbewoners op vraag of naar aanleiding van bepaalde
situaties (nieuw terrein, verdrijving enz..)
2.3.3.2 Gericht op de bredere maatschappij
a- Verder in kaart brengen van de omvang van de doelgroep, de woonbehoeften en -evoluties,
de woonmogelijkheden en het aangeven van knelpunten en prioritaire acties. Deze informatie
wordt stelselmatig opgebouwd, in een hanteerbare vorm gegoten en jaarlijks geactualiseerd.
De verzameling gebeurt door de VCW-werkers en vrijwilligers, ondersteund door het
nationaal secretariaat. De verwerking en verspreiding gebeurt volledig centraal.
b- Actief ter beschikking stellen van juridische en technische informatie rond kennis van
de doelgroep, mobiel wonen, de subsidiemogelijkheden, de wetgeving en
beleidsontwikkelingen.
c- Opvolgen van aanverwante problematieken, in het bijzonder campingbewoning en
alternatieve woonvormen.
2.3.4 Kwaliteitszorg
We willen bereiken dat voor de inplanting en uitrusting van woongelegenheden voor
Voyageurs en Zigeuners kwaliteitscriteria worden ontwikkeld.
2.3.4.1 Evaluatieonderzoek
Een evaluatie van de bestaande gemeentelijke woonwagenterreinen dient te gebeuren. Hiertoe
wordt aan de Vlaamse Gemeenschap een onderzoekstoelage aangevraagd.
2.3.4.2 Beleidsnota
Initiëren en voorbereiden van een beleidsnota van de Ministers van Welzijn, Ruimtelijke
Ordening en Huisvesting over de criteria waaraan woonwagenterreinen en hun inplanting
moeten voldoen. Een kwaliteitslabel wordt opgesteldDit label komt tot stand via
consultatie van de doelgroep i.v.m de criteria.
2.3.4.3 Terreintoezichters
In gemeenten met een woonwagenterrein zullen stappen ondernomen worden voor de aanwerving
van één halftijdse terreintoezichter per 20 wagens. In gemeenten waar er kleinere
terreinen zijn zullen deze stappen gericht zijn op de integratie van de toezichtstaken in
de opdrachten van de wijkagenten.
________________________________________________________
Tabel 3. Het tekort aan standplaatsen tegen het jaar 2002 (1)
a- huidig aantal gezinnen: 980
b- huidige capaciteit gemeentelijke terreinen: 387
c- huidig tekort aan standplaatsen (a-b): 593
d- verwachte netto-aangroei populatie: 132
e- verwacht aantal gezinnen in 2.002 (a+d) : 1.122
tekort aantal standplaatsen in 2.002 (e
-b) : 735
_______________________________________________________