8. ROM
8.1 Probleemstelling
Deze groep bekijken we apart omdat hij nog meer gesloten is dan de andere
subgroepen, intense internationale contacten onderhoudt, nomadisch leeft ... kortom een
grote afstand tegenover de burgermaatschappij heeft en dat ook gerespecteerd wil zien.
Dit weerspiegelt zich o.a. in de lage scholingsgraad bij de Roms: 97% van hen moeten
beschouwd worden als functioneel analfabeet. Hun beperkte kennis van het Nederlands is
hieraan zeker niet vreemd. (2)
Zowat alle Roms in Vlaanderen worden sedert 1969 begeleid door het echtpaar Tambour-Pierre
uit Merksem. Zij hebben daartoe een vzw Keree Amende (Romanes voor "Samen, Onder
ons"). De meer dan 300 mensen die zij begeleiden hebben bijna allemaal bij hen hun
referentieadres. Dhr. Leon Tambour doet deze begeleiding als voltijds vrijwilliger (binnen
zijn statuut als bruggepensioneerde), zijn echtgenote Elisa Pierre heeft binnen het VCW
het statuut van voltijds opsteller DAC en gaat in 1997 op pensioen.
Hun werk neemt dus de tijd van minstens 2 full-times in beslag vermits zij zeer
persoonlijk betrokken dienen te werken met hun doelpubliek. Hun huis staat van s
morgens tot s avonds open 7 dagen op 7.
Door deze vergaande vorm van engagement zijn zij erin geslaagd een zeldzame graad van
aanvaarding te bereiken binnen de Romgemeenschap.
Op basis daarvan zijn zij er ook in geslaagd de Roms dichter bij onze maatschappij te
brengen op de eerste plaats op het vlak van sociale administratie (ziekenfonds,
zelfstandigenstatuut, belastingen ...) maar ook qua mentaliteit kunnen zij stukje bij
beetje invloed uitoefenen.
Om deze aanpak te kunnen verderzetten moeten wij nu werken aan de opvolging van deze
pioniers.
De doorgave van de vertrouwensrelatie en van de bijbehorende zeer vertrouwelijke
informaties moet zeer geleidelijk aan opgezet worden.
Het VCW wenst dit op te nemen indien daarvoor de financiële middelen voorhanden zijn.
Deze moeten voorzien in minstens 2 voltijdse krachten die opereren vanuit twee
verschillende locaties: 1 in Antwerpen en 1 in Brussel. Deze locaties moeten ruimte bieden
voor een bureel maar ook voor onthaal, vermits de zigeuners er hun referentieadres zullen
nemen en er vaak met familie of vrienden op bezoek komen.
Wij moeten ten allen prijze voorkomen dat deze lokaties gaan fungeren als loketten.
Het is pas als er een persoonlijke band groeit tussen de hulpverlener en de cliënt dat de
Roms hun zaken er blijvend komen regelen. Hiertoe is een projectbetoelaging dus ook uit
den boze. Zulke werking mag slechts opgezet worden met een structurele subsidie: het enige
kader dat een maximale continuïteit garandeert.
Indien deze benaderingswijze niet kan doorgegeven worden, is 30 jaar begeleiding van de
Roms vergeefs geweest.
Gezien de kinderen van de Roms vandaag de dag geleidelijk aan Nederlandstalig onderwijs
beginnen volgen kunnen we hopen dat verschillende onder hen, zodra ze volwassen zijn,
stilaan hun eigen zaken zullen kunnen beredderen; vandaar zeker de noodzaak om nu vooral
de draad niet los te laten, nu er perspectief komt voor structurele verbeteringen.
8.2 Algemene Doelstelling
Het VCW wil de verworvenheden van Keree Amende vrijwaren als centrale bemiddelingsdienst
voor de Roms die in Vlaanderen en Brussel verblijven
8.3 Werkdoelen
8.3.1 Wonen
8.3.1.1 Sedentaire en doortrekkersterreinen
Voor de Roms zijn er 50 nieuwe sedentaire standplaatsen nodig.
Roms ervaren door hun nomadische levenswijze voortdurend problemen met het verwerven van
een stedebouwkundige toelating voor het plaatsen van hun woonwagens. Deze precaire
woonsituatie heeft een dusdanige negatieve invloed op alle andere beleidsdomeinen dat het
tot de topprioriteiten van het VCW behoort.
De strategie die het VCW voorstaat om hieraan tegemoet te komen wordt, beschreven in
hoofdstuk 2 "Wonen".
Het is noodzakelijk zowel voor de Roms als voor de relatie tussen het VCW en de Roms dat
voor elke familie een gereglementeerde standplaats zal bekomen worden. Dit vereist de
creatie van minstens 50 nieuwe standplaatsen. Dit kan door de aanleg van bijkomende
gemeentelijke terreinen, vooral in en rond Brussel, maar ook door stedebouwkundige
vergunningen voor private terreinen in de driehoek Leuven-Brussel-Antwerpen.
8.1.2 Domiciliëring
Het VCW wil twee regionale secretariaten inrichten als referentieadres voor Roms, één in
Antwerpen en één in Brussel.
De Zigeuner dient vrij te zijn om te kiezen of hij zijn domicilie op een terrein of bij
een referentieadres neemt. Omdat Zigeuners een vaste verblijfplaats niet belangrijk vinden
is het bijzonder moeilijk om hen "te domiciliëren" op een of ander
"vast" adres. Vermits zij vaak vertrekken en daarbij geen inzicht hebben in het
belang dat de samenleving hecht aan de administratie daarrond zullen we zeer vaak
geconfronteerd worden met ambtshalve uitschrijvingen. Ook zal dit voor gevolg hebben dat
te veel Zigeuners te weinig contact zullen onderhouden met referentiepersonen uit de
sedentaire maatschappij. Door gebruik te maken van het systeem van het referentieadres
kunnen we veel beter problemen voorkomen, hetgeen minder tijd vergt dan ze op te moeten
lossen.
Stilaan zullen bepaalde families overgeheveld worden van het huidige naar een nieuwe
referentieadressen, die gevestigd zullen worden op de secretariaten van het VCW te
Antwerpen en te Brussel.
Door onderhandelingen met het Ministerie van Binnenlandse Zaken en met o.m. het Centrum
voor Gelijkheid van Kansen en Racismebestrijding zal gepoogd worden om de goede regeling
rond referentieadressen aan te passen zodat ook deze secretariaten van het VCW in
aanmerking komen als referentieadres.
8.3.2 Maatschappelijk werk
8.3.2.1 Nationaliteit
De echtgenotes van sommige gezinnen zijn enkel getrouwd volgens de 'Zigeunerwet.
Indien wij hen kunnen overtuigen om ook volgens het Belgisch recht te huwen krijgen deze
vrouwen de mogelijkheid om de Belgische nationaliteit te verwerven. Hierdoor verwerven ze
ook de hun noodzakelijke rechten, terwijl ze nu in een blijvende afhankelijkheid zitten.
Er dient nauwkeurig afgetast te worden welke belangen en motivaties er in het spel zijn.
Een ingreep hierin mag zeker niet ten nadele van de betrokken vrouwen uitvallen. Dit is
dus slechts op middellange termijn te realiseren.
Nog steeds zijn er een 50-tal Roms met een onbepaalde nationaliteit. Voor de jongeren die
18 jaar worden kan dit op eenvoudige aanvraag en zonder al te veel kosten geregeld worden.
Het betreft hier slechts een paar gevallen per jaar.
8.3.2.2 Ziekenfonds
We werken eraan om de betaling van de bijdragen aan de mutualiteit in orde te houden. Waar
dit niet lukt schakelen we het OCMW in om, al was het maar bij wijze van voorschot, de
bijdrage te betalen.
Om te verhinderen dat dit zou leiden tot afhankelijkheid zullen we eraan werken om dit af
te bouwen. Indien de betrokken OCMWs hiertoe stappen ondernemen zullen wij onze
schakelfunctie opnemen om een graduele normalisatie te bepleiten.
8.3.2.3 Financiële verplichtingen
Blijvende aandacht en energie wordt besteed aan de opvolging van afbetalingen en het
voldoen aan financiële verplichtingen.
8.3.2.4 Vervangingsinkomens
Bijzonder zal erop gelet worden dat personen die recht hebben op steun deze ook zullen
verkrijgen zonder dat dit als een collectief recht zal verdedigd worden.
8.3.3 Onderwijs
Het VCW wil bereiken dat Romkinderen opgenomen worden in het reguliere doelgroepbeleid van
het Vlaamse Onderwijs
Door hun nomadische levenswijze zijn de Roms dubbel gehandicapt t.o.v. het
onderwijssysteem. Enerzijds worden ze in hun woonplaatsen bedreigd door verdrijving en
"staat hun hoofd" niet naar andere waarden zoals volgehouden scholing.
Anderzijds zijn de kinderen vaak afwezig uit de klas.
Dank zij een zeer goede samenwerking tussen het Departement Onderwijs en het VCW zijn er
twee projecten lopende. Een voor toeleiding naar het lager onderwijs in twee
projectscholen in Holsbeek en Mortsel, en een project voor toeleiding naar het middelbaar
onderwijs in Laken. De projectomschrijvingen vindt u in hoofdstuk 4 "Onderwijs".
Er zal meer en meer aandacht gaan naar het ter beschikking stellen van leermateriaal voor
tijdens het trekseizoen.
Naast deze projectscholen zullen bijkomende scholen aangezocht worden om stilaan
Romkinderen te onthalen. Naast dit prosepectiewerk zal de begeleiding van de Roms erop
gericht zijn hun motivatie tot schoollopen levend te houden en hun evaluatie van de
onderwijsdeelname door te spelen naar de scholen en naar het beleid.
Bij de inschrijving van Roms in het doelgroepenbeleid van de Vlaamse Regering zal ervoor
gepleit worden dat er voor het kleuter- en lager onderwijs tot 2002 extra lestijden
voorzien worden bovenop het reguliere doelgroepenbeleid. Er zal didactisch materiaal
aangemaakt worden dat de kinderen kunnen gebruiken tijdens het trekseizoen. Onderwijs op
afstand, onder toezicht van de school waar de betrokken kinderen schoollopen, zal
geïntroduceerd worden ter erkenning ervan binnen de wet op de leerplicht. Voor de
leeftijdsgroep 12-15 zal gedurende drie jaar een projectmatige aanpassing bepleit worden
in het middelbaar onderwijs. Deze moet geïntegreerd worden in het reguliere beleid naar
analogie met bijv. kermiskinderen in het deeltijds onderwijs.
8.3.4 Socio-professionele integratie
8.3.1 Administratief
De fundamentele voorkeur van de Roms voor zelfstandige arbeid wordt gerespecteerd door het
VCW. Dit neemt niet weg dat op aanvraag van individuen een arbeidsgerichte
trajectbegeleiding zal opgezet worden.
Hierin zullen we verder gaan met het in orde stellen van de zelfstandigen met betrekking
tot de sociale zekerheid. Op het vlak van begeleiding in de BTW-administratie moeten we
naar een oplossing evolueren waarbij de begeleider niet meer dient te fungeren als
BTW-adviseur.
8.3.2 Kansen op werk
Hier focussen we vooral op de jongvolwassenen. Het VCW wil hen bijkomende kansen bieden
via drempelverlaging naar het middelbaar onderwijs. Het Youthstartproject, beschreven in
hoofdstuk 4 "Onderwijs", is hiervan een voorbeeld. Ten behoeve van deze groep
bestaat de voorbereiding tot de arbeidsmarkt uit verdergezette Nederlandstalige
alfabetisering, cursus theorie voor het rijbewijs en technische en huishoudelijke
opleidingen. Met het beleid zullen daartoe stimulerende maatregelen voorgesteld worden.
Deze zullen opgevolgd worden in de scholen en in de gezinnen.
De toeleiding naar het middelbaar onderwijs zal uitgebreid worden naar de regio's
Antwerpen en Leuven.
Gezien de wijzigende wetgeving met betrekking tot vestiging als zelfstandige handelaar zal
het VCW initiatieven nemen, bijvoorbeeld in het kader van het Europees programma Leonardo,
om categoriale opleidingen te organiseren als toeleiding naar de reguliere instituten.
Tevens zal voor de jongeren systematisch hun inzicht in de arbeidsmarkt verhoogd worden
door hen zoveel mogelijk te confronteren met leeftijdsgenoten, bedrijfstakken en
opleidingsvormen die aansluiten bij hun professionele interesses.
8.3.5 Socio-cultureel werk
Roms hebben een volledig eigen circuit voor de uitingen van hun culturele eigenheid. Hun
hele manier van leven, werken, feesten, religieuze beleving zijn ervan doordrongen.
Het VCW wil de banden met de Romgemeenschap nauwer aanhalen. Daartoe zal een
geformaliseerd overleg tussen belangrijke gesprekspartners van de Roms en de voorzitter
van het VCW in het leven geroepen en gehouden worden. Hierbij zal het VCW ook meerdere
gesprekspartners van de Roms trachten te bereiken. Dit vereist een taktvolle benadering
van de huidige en van de toekomstige gesprekspartners. Dit kan slechts bereikt worden door
een zorgvuldige persoonlijke relatie op te bouwen met de betrokken personen.
8.6 Gezondheid
Hier staat de samenwerking met Kind&Gezin centraal. Het VCW wenst dat Kind&Gezin
één of twee specifiek voor de Rom-vrouwen sociaal verpleegsters aanduidt zodat wij nauw
met dezen kunnen samen werken. Het taboe op het bespreken met de gadgé van alles wat met
hygiëne te maken heeft vereist in een eerste fase een individuele aanpak: vorming via
huisbezoeken. Pas binnen enkele jaren kunnen we dan via groepswerk sommige
gezondheidsthemas aanpakken.
Nota
Deze taakstelling naar de Roms is zeer ambitieus en heel wat van deze doelstellingen
zullen misschien niet haalbaar blijken. Lobbyen voor standplaatsen, schooltoeleiding,
schuldbemiddeling, arbeidstoeleiding, administratieve hulp enz. voor meer dan 120 gezinnen
vergen langlopende en vaak juridische interventies
Het is daarom dat het VCW de noodzaak wil onderstrepen om 2 voltijdse Rom-specialisten in
een structureel kader ter beschikking te hebben.
Elke doelstelling kan slechts bereikt worden indien via het sociaal werk persoonlijke
banden tot stand komen op basis waarvan de begeleiding kan opgebouwd worden. Begeleiding
die door Mr. en Mevr. Tambour-Pierre op gang is gebracht en die niet mag onderbroken
worden.