| 1.5 |
Olympische
atleten en Belgische recordhouders |
|
|
| 1.5.2 |
PAUL DE PRETER |
|
|
|
Hoogspringer Paul
De Preter was een pionier, een eenzaat-kamper in een club van
afstandslopers. Hij werd de eerste mannelijke Belgische kampioen en
recordhouder alle categorieën van Duffel AC. Paul was een zeer
rustig, kalm, eerder verlegen man, de tegenpool van zijn grote
concurrenten Guy Moreau en Bruno Brokken, typische lawaaimakers van
’t stad. Spijtig genoeg werd hij zowel door de KBAB als door de
jury van de Duffelse sporttrofee miskend en zag meerdere selecties
en trofeeën aan zijn neus voorbijgaan. Hij was ook een “geval apart”
vanwege zijn dubbelleven als handballer. Met 70 caps in the
nationale ploeg was het handballen voor Paul niet zomaar een
nevenactiviteit. Selecties voor Europese kampioenschappen indoor en
outdoor sieren zijn erelijst, alleen het toetje, een olympische
selectie ontbreekt. |
|
|
|
DE WEG NAAR DE
2 METER |
|
|
|
Paul begon in 1964 als miniem bij AC Lyra met hoogspringen
en overschreed er 1m47. Reeds als scholier komt Paul in Duffel
terecht omdat hij naar eigen zeggen niet goed genoeg was voor AC
Herentals. Natuurlijk ook omdat zijn woonplaats Putte toch korter
bij Duffel lag. In Duffel leert Paul de beginselen van de
“straddle” of buikrol en maakt snel vorderingen: 1m71 in 1967 en
1m77 in 1968 met een 4e plaats op het BK scholieren. Na het St.
Romboutscollege in Mechelen te hebben doorlopen ging hij op kot naar
Leuven om er politieke en sociale wetenschappen te studeren. In
Leuven vond hij niet alleen ideale trainingsomstandigheden (indoor-
en powerzaal), maar leerde hij ook pater Bert Van der Linden
kennen. Bert was federaal trainer hoogspringen en ontfermde zich in
het sportkot over de studenten en de hoogspringers van Daring
Leuven. Bert werd vrij vlug de persoonlijke trainer van Paul. Het
sportkot en ook het Don Bosco instituut in Haacht, waar Bert leraar
was, werden voortaan de trainingsplaatsen van Paul De Preter.
Slechts tijdens de verlofperiodes zakt Paul af en toe nog eens af
naar het gemeentelijk sportcentrum in Duffel om er een eenzame
training af te werken. De resultaten laten niet lang op zich
wachten. In 1969 gaat Paul reeds over 1m86 en tijdens de winter
daarop springt hij indoor reeds over 1m95 zodat de 2m in het
vooruitzicht worden gesteld voor 1970. Het blijft echter bij 1m96
en een eerste Belgische titel bij de juniors. Op een vroege
indoormeeting te Leuven op 18.12.70 maakt hij met 2m03 toch op de
valreep zijn doelstelling voor 1970 waar. |
|
|
|
|
OP WEG NAAR HET RECORD |
|
|

Paul De Preter |
Als 19-jarige maakt hij ook kennis met handbal en komt hij
via de universitaire ploeg ook daarmee in de belangstelling. Twee
sporten beoefenen op topniveau is geen sinecure. Wanneer hij in
1971 ook outdoor voor de eerste maal de 2 meter overschrijdt gaat de
meeste trainingstijd toch opnieuw naar het hoogspringen. Vijf
trainingen per week (3 à 4 uur per dag) en een tweetal
handbaltrainingen en soms een wedstrijd, het kan tellen. In 1971
hijst Paul zich zeven maal boven de 2 meter met 2m04 als top en is
naast André Boonen kandidaat voor de eerste sporttrofee van de
gemeente Duffel. Paul zal er een goede gewoonte van maken om
telkens reeds in het indoorseizoen te schitteren met persoonlijke en
later Belgische records. In 1972 is het zover en breekt hij eerst
met 2m07 het Belgisch indoorrecord en in het begin van de zomer in
Rehlingen het outdoorrecord met 2m10. In hetzelfde jaar verbeterde
hij het record nog tweemaal en bracht het op 2m12. Ondanks een
kwetsuur werd hij ook voor de eerste en enige maal Belgisch kampioen
aller categorieën, vóór de aankomende vedette Guy Moreau. Deze
kwetsuur maakte echter een einde aan zijn olympische droom van
München 1972. |
|
|
|
Record met muziek
In Rehlingen, waar Paul voor de eerste maal het
Belgische record outdoor verbeterde, vond de aanloop nog plaats op
transportbanden en één van zijn concurrenten was er een zekere
Zacharias, zoon van de wereldbekende dirigent Helmut Zacharias.
|
| |
MISTER EK INDOOR |
| |
|
| |
In 1973 krijgt Paul als compensatie een selectie cadeau en
mag hij samen met André Boonen naar het EK indoor te Rotterdam.
Vanaf 1974 wordt de jacht op de limieten opnieuw ingezet en het
Belgisch record indoor sneuvelt opnieuw: 2m14 en een selectie voor
het EK indoor te Göteborg. Op de Memorial Vertommen in Duffel
zorgen De Preter en Brokken voor een pakkend duel met een Europees
minimum (2m14) voor beide atleten en een nipt gemist Belgisch record
op 2m16 voor Paul (lat laattijdig naar beneden gevallen). Paul
heeft daarmee de lang beoogde selectie voor het EK in Rome binnen.
In 1975 evenaart Paul in Arnhem met 2m16 het Belgisch indoorrecord
en gaat daarmee voor de derde maal naar een indoor EK, deze maal
naar Katowice in Polen. In het olympische jaar 1976 gaat Paul voor
een laatste maal op limietenjacht. Hij slaagt daadwerkelijk in zijn
opzet door 2m18 te springen, maar krijgt door de selectieheren nog
een ultieme testwedstrijd voorgeschoteld op de Heizel. In het hol
van de leeuw, het clubterrein van zijn concurrent Guy Moreau,
verliest Paul uiteindelijk met een prestatie van 2m13 zijn selectie
voor Montreal. Dit betekent meteen een nieuwe start van een
schitterende handbalcarrière, die wat op de achtergrond was verzeild
door de atletieksuccessen. Een 70-tal selecties in de nationale
ploeg vielen hem te beurt. Hij speelde bij handbalclub Mechelen,
toen topklasse in België. Later werd hij speler-trainer bij
handbalclub Duffel in zijn grote periode en bleef er nog lang
trainer. Paul bleef daarna nog enkele jaren aan atletiek doen en
toonde zijn grote clubliefde door elk jaar present te zijn op de
interclubmatchen van Duffel AC. Zo was hij één van de architecten
van de eerste Duffelse interclubtitel in 1979 in Luik, waar hij nog
2m00 overschreed. |
| |
|
| |
Waar gebeurd
Paul De Preter is afkomstig uit een gezin van 7
kinderen. Door een administratieve fout op het Putse gemeentehuis
werd hij vrijgesteld van legerdienst, maar broer Flor, zijn
grootste supporter, moest daarvoor opdraaien en werd
opgeroepen..., maar tante nonneke heeft dat uiteindelijk
“geregeld” met VDB.
|
| |
Paul De Preter heeft het ook in het beroepsleven gemaakt.
Nadat hij afgestudeerd was, werkte hij drie jaar als opsteller bij
het BLOSO. Nadien verhuisde hij naar de RVA, waarvan hij momenteel
directeur is in Hasselt. |
| |
|
|
|
|
|
Vervolg |
|
Terug naar overzicht historiek |
|
Terug
naar beginpagina
|
|
|
|