Adi Sankaracharya's
A P A R O K S H A N U B H U T I
[DIRECT ERVAREN]
1. Ik buig voor Hem - Sri Hari (de vernietiger van onwetendheid), de hoogste zaligheid, de eerste leraar, Ishvara, hij die alles voorziet en de oorzaak van alle loka's (het universum) is.
2. Hierin wordt Aparokshaanubhuti (zelfrealisatie) verklaart, voor het verwerven van de uiteindelijke bevrijding. Alleen de zuivere van hart zal met constante en met de volledige inspanning mediteren op de waarheid die hierin wordt vertelt.
3. De vier voorbereidende vereisten (de middelen om Kennis te verkrijgen), zoals Vairagya en de andere, voor de mensen door hari gunstig te stemmen, door strenge soberheid en zijn verplichtingen dit in overeenstemming met zijn sociale klasse en het stadium van het leven.
4. de onverschilligheid waarmee men de uitwerpselen van een koe behandeld of onverschilligheid tot alle objecten van genot van de werkelijkheid tot Brahman tot deze wereld, wordt zeer zeker vairagya genoemd.
5. Atman alleen is, het geziene is ondergeschikt tot het, zo een vaste instelling is waarlijk gekend als vairagya.
6. Het ten alle tijden opgeven van alle verlangen wordt Shama genoemd en het weerhouden van alle uitwendige functies van organen wordt Dama genoemd.
7. Het volledig afkeren van alle zintuiglijke objecten is de hoogste Uparati, en het geduldig verdragen van alle spijt of pijn is gekend als Titiksha, dewelke u leid naar geluk.
8. Onvoorwaardelijk vertrouwen in het woord van de vedas en de leraren die ze interpreteren, is gekend als Shraaddhaa, en concentratie van het denken op het ene object Sat (Brahman) wordt beschouwd als Samaadhaana.
9. Wanneer en hoe zal ik, O Heer, vrij zijn van de gebondenheden van deze wereld (geboorte en dood) zo een brandend verlangen wordt Mumukshoetaa genoemd.
10. Enkel die persoon die in het bezit is van voorgenoemde kwaliteiten (de betekenis van kennis) zal voordurend zijn verlangen weerspiegelen, om kennis te verkrijgen.
11. Kennis wordt niet door iets anders gebracht dan door Vichaara, net als een object zichtbaar wordt met de hulp van licht.
12. Wie ben ik? Hoe is dit (wereld) geschapen? Wie is de schepper? Uit welk materiaal is dit (wereld) geschapen? Dit is de manier van Vichaara.
13. Ik ben niet dit lichaam, een combinatie van de (vijf) elementen (van materie), noch ben ik een verzameling van de zintuigen. Ik ben iets anders dan dit. Dit is de manier van Vichaara.
14. Alles is een product van onwetendheid en lost op in Kennis (Weten). De verschillende gedachten (veranderingen van antahkarana) moet de schepper zijn. Zo is deze Vichaara.
15. Het materiaal (de oorzaak) van deze twee (onwetendheid en gedachten) is het Ene (zonder een tweede), subtiel (onbegrepen door de zintuigen) en onveranderlijk Sat (Bestaan), Net als de klei er de oorzaak is (materiaal) van de pot en andere. Dit is de manier van Vichaara.
16. Zoals ik ben ook het Ene, het subtiele, de Kenner, de getuige, het Bestaan, het Onveranderlijke, zo bestaat er geen twijfel over dat ik Dat ben (Brahman). Zo is deze ondervraging.
17. Atman is een en ondeelbaar, waar het lichaam bestaat uit verschillende delen; en toch zien mensen deze twee als een. Wat anders dan dit kan onwetendheid genoemd worden?
18. Atman is de heerser over het lichaam en is innerlijk, het lichaam is de beheerste en is uiterlijk en toch, enz.
19. Atman is bewustzijn en heilig, het lichaam is volledig van vlees en onzuiver; en toch enz.
20. Atman is de (hoogste) verlichte en zuiverheid zelf, het lichaam, zo wordt gezegd, is van nature duister; en toch enz.
21. Atman is eeuwig, omdat het Bestaan zelf is; het lichaam is transcendent, omdat in essentie niet-bestaand is; en toch enz.
22. De uitstraling van Atman bestaat in de manifestatie van alle objecten. Zijn straling is niet als dat van vuur of zoiets, omdat (in tegenstelling aan de aanwezigheid van zo een licht) duisternis tevoorschijn komt bij nacht (op sommige plaatsen).
23. Hoe vreemd is het dat een persoon, uit onwetendheid, tevreden rust met het idee dat hij het lichaam is, terwijl hij weet dat het hem toebehoord (en daarom apart van hem) zoals een persoon die een pot ziet (wetend dat het apart van het is).
24. Ik ben waarlijk Brahman, evenwichtig, bewegingsloos, en bij nature absolute Bestaan, Bewustzijn en Zaligheid. Ik ben niet dit lichaam dat niet-bestaand is. Dit wordt door de wijze ware kennis genoemd.
25. Ik ben onveranderlijk, zonder vorm, vrij van smet en verval. ik ben niet, enz.
26. Ik ben niet onderhevig aan ziekte, Ik ben voorbij alle begrijpen, vrij van veranderingen en allesomvattend. Ik ben niet, enz.
27. ik ben zonder actieorganen, eeuwig, altijd vrij en onbevattelijk. ik ben niet, enz.
28. ik ben vrij van onzuiverheden, onbeweeglijk, onbeperkt, heilig, onvergankelijk en onsterflijk. Ik ben niet, enz.
29. O u onwetende! Waarom beweert u dat de zaligvolle, onvergankelijke Atman, die verblijft in je eigen lichaam er (duidelijk) verschillend van is, wat is gekend als Purusha en bewezen (door de Shruti (schriften) als gelijk aan Brahman), als absoluut niet bestaan.
30. O u onwetende! Probeer te kennen, met de hulp van de Shruti en beredenering, uw eigen zelf, Purusha, wat verschillend is van het lichaam (niet een leegte maar) de uiteindelijke vorm van bestaan, en heel moeilijk voor personen zoals u om te realiseren.
31. Het hoogste (Purusha) Gekend als "IK" (ego) is een, waar het grofstoffelijke lichaam veel zijn. Zo hoe kan dit lichaam Purusha zijn?
32. "IK" (ego) is wel bewezen als een subject van waarnemen waar het lichaam het object is. dit is gekend uit het feit dat we spreken van het lichaam als, Adit ben ik. Zo hoe kan dit lichaam Purusha zijn?
33. Het is een feit dat direct ervaren dat "IK" (Atman) zonder verandering is, waar het lichaam altijd onderhevig is aan verandering. Zo hoe kan dit lichaam Purusha zijn?
34. Wijzen hebben vastgesteld dat de (ware) natuur van Purusha van de Shruti tekst, (er is niets) hoger dan Hij (Purusha), enz. Zo hoe kan dit lichaam Purusha zijn?
35. Nogmaals heeft de Shruti verklaart in de Purusha Sukta Aal dit is waarlijk Purusha. Zo hoe kan dit lichaam Purusha zijn?
36. Zo is er ook gezegd in de Brihadaranyaka,: Ade Purusha is volledig ongehecht. Hoe kan dit lichaam waar oneindig aantal onzuiverheden zijn, de Purusha zijn?
37. Er wordt ook duidelijk naar voren gebracht dat Ade Purusha is zelflichtend. Zo hoe kan het lichaam dewelke traag (gevoelloos) en verlicht door een uitwendige bron de Purusha zijn?
38. Bovendien, verklaart de karma-kanda dat atman verschillend is van het lichaam en blijvend is, als het overblijft zelfs na de val van het lichaam en het de vruchten van zijn daden plukt (opgelopen tijdens dit leven).
39. Zelfs het subtiele lichaam bestaat uit vele delen en is onstabiel. Het is ook een object van waarnemen, veranderlijk, begrenst en niet bestaand. Zo hoe kan dit de Purusha zijn?
40. Het onveranderlijk Atman, het substraat van het ego, is dus verschillend van deze twee lichamen, en is de Purusha, Isvara (heer van alles), het Zelf van alles; het is aanwezig in iedere vorm en toch transcendeert hen alle.
41. Dus de verkondiging van het verschil tussen Atman en het lichaam heeft (indirect) instemming, zeerzeker, na de manier van de Tarkashastra, de waarheid van de fenomenale wereld. Maar wat eindigt er na een leven en het verschil erbij.
42. Dus het zichtpunt dat het lichaam atman is, is hierbij weerlegt door de verkondiging van het verschil tussen Atman en het lichaam. Nu is er duidelijk gemaakt de onwaarheid van het verschil tussen de twee.
43. Geen deelbaarheid in Bewustzijn is toelaatbaar omdat het altijd een en hetzelfde is. Zelfs de individualiteit van Jiva moet gekend zijn als onjuist, net zoals de illusie van de slang ik de koord.
44. als door de onwetendheid van de ware natuur van de koord de juistheid van de koord in een ogenblik als een slang verschijnt, zo ook met zuiver Bewustzijn is de vorm van het fenomenale universum tevoorschijn komt die geen verandering ondergaat.
45. Er bestaat geen ander materiële oorzaak van het wonderlijke universum uitgezonderd Brahman. Omdat dit hele universum Brahman is en niets anders.
46. Van zo een verklaring (van de Shruti) als Aalles is Atman volgt het het idee van de schepping en het geschapene als een illusie. Dus de hoogste Waarheid die gerealiseerd wordt, waar is er plaats voor een onderscheiding tussen de oorzaak en het gevolg?
47. Zeerzeker heeft de shruti de veelvuldigheid van Brahman ontkent. Het niet-dualistische oorzaak is een vaststaand feit, hoe kan deze wonderbaarlijke universum er verschillend van zijn?
48. Bovendien, veroordeelt (het geloof is variëteit) de Shruti Ade persoon die , misleid door Maya, A de variëteit ziend in dit (brahman), en van dood naar dood gaat.
49. Is zovele wezens is Brahman geboren, het hoogte Atman, ze moeten begrijpen dat ze dit Brahman zijn.
50. De Shruti heeft verklaart dat Brahman alleen de oorzaak is van alle variëteiten van namen, vormen en acties.
51. Net als iets dat van goud is gemaakt altijd de eigenschappen bezit van goud, zo ook een wezen dat geboren is uit Brahman altijd de natuur heeft van Brahman.
52. Angst is een eigenschap voor de onwetende die rust nadat men zelfs de geringste onderscheid tussen Jivatman en de Paramatman maakt.
53. Wanneer dualiteit verschijnt door onwetendheid, ziet men iets anders; maar wanneer alles geïdentificeerd is met Atman, verkrijgt men niets anders zelfs niet op het laatste.
54. In die staat wanneer men alles identificeert als Atman, komt geen bedrog of verdriet tevoorschijn, als gevolg van de afwezigheid van dualiteit.
55. De Shruti in de vorm van de Brihadaranyaka heeft verklaart dat dit Atman, dewelke het Zelf is van alles, Brahman is.
56. Deze wereld, alhoewel een object van onze ervaring en dienst doend als praktische doel, is, zoals een droomwereld, van de natuur van niet-bestaand, aangezien het tegengestelde is op een ander moment.
57. De droom (ervaring) is onwerkelijk in waken, waar de waak (ervaring) afwezig is in de droom. beiden, hoe dan ook, zijn niet-bestaand in de diepe slaap, welke in geen van beide ervaren wordt.
58. Dus alle drie de staten zijn onwerkelijk aangezien ze de creatie zijn van de drie goenas, maar de getuigen (de werkelijkheid achter hen) is, achter alle goenas, eeuwig, een, en is Bewustzijn zelf.
59. Net als (nadat de illusie voorbij is) men niet meer misleid is om een kruik te zien in aarde of zilver in een schelp, zo ziet men Jiva niet meer als Brahman wanneer de laatstgenoemde gerealiseerd is (als je eigen zelf).
60. Net als aarde beschreven wordt als een kruik, goud als een oorring, en een schelp als zilver, zo wordt Brahman beschreven als Jiva.
61. Net als blauwheid in de lucht, water in de luchtspiegeling, en een figuur in een paal (zijn illusies), zo is het universum in Atman.
62. Net als de verschijning van een geest in een lege plaats, of een kasteel in de lucht, of een tweede maan in de lucht (als illusie), zo is de verschijning van het universum in Brahman.
63. Net als water dat verschijnt als een druppel en golven, of terug als koper, dat blijkt een vat blijkt te zijn, zo is het Atman dat verschijnt als het ganse universum.
64. Net als aarde de naam krijgt van kruik, of het is draad dat de naam krijgt van kleding, zo is het Atman dat verschijnt onder de naam universum. Dit Atman wordt gekend door namen.
65. Mensen verrichten al hun acties in en door Brahman, (maar door hun onwetendheid zijn ze er niet bewust van), net als door onwetende personen die niet weten dat kruik en andere aardezaken niets anders zijn dan aarde.
66. Net als er altijd een relatie bestaat tussen de oorzaak en het effect tussen aarde en een kruik, zo bestaat dezelfde relatie tussen Brahman en de geschapen wereld; dit is tot stand gekomen door de teksten van schrifturen en beredenering.
67. Net als (het bewustzijn van ) aardekracht zelf komt in ons denken terwijl we denken aan een kruik, zo ook komt (het idee van) altijd stralende Brahman op terwijl we mediteren over de geschapen wereld.
68. Atman, ofschoon altijd zuiver (voor een wijze), altijd verschijnt als onzuiver (voor de onwetende), Net als een koord altijd verschijnt op twee verschillende manieren, voor hij die weet en de onwetende.
69. net als een kruik aarde is, zo ook is het lichaam bewustzijn. Het opdelen, daarvoor, in het Zelf en niet-Zelf wordt gemaakt door de onwetende en is zonder een doel.
70. Net als een koord wordt voorgesteld als een slang en een schelp als een stuk zilver, zo is het Atman vastberaden het lichaam voor de onwetend persoon.
71. Net als aarde is gedacht als een kruik (gemaakt van) en draad als kleding, zo is Atman, enz.
72. Net als aan goud wordt gedacht als een oorring en water als golven, zo is Atman, enz.
73. Net als een stronk van een boom wordt aanzien voor een menselijke gedaante en een luchtspiegeling voor water, zo is Atman, enz.
74. Net als een massa hout wordt benoemd als een huis en staal als een zwaard, zo is Atman, enz.
75. Net als men de illusie van de boom ziet of de beschouwing van water, zo beschouwd een onwetend persoon Atman als het lichaam.
76. Net als een persoon die in een boot stapt, alles in beweging is, zo beschouwd een onwetend persoon Atman als het lichaam.
77. Net als een persoon die aan een ziekte lijd (geelzucht) witte dingen verschijnen als geel, zo beschouwd een onwetend persoon Atman als het lichaam.
78. Net als een persoon met een oogafwijking alles foutief ziet, zo beschouwd een onwetend persoon Atman als het lichaam.
79. Net als een vuur, door de beweging van water, cirkelvormig lijkt zoals de zon, zo beschouwd een onwetend persoon Atman als het lichaam.
80. Net als alle dingen die in werkelijkheid groot zijn over een afstand klein lijken, zo beschouwd een onwetend persoon Atman als het lichaam.
81. Net als alle dingen die heel klein zijn, wanneer ze door lenzen worden bekeken groot lijken, zo beschouwd een onwetend persoon Atman als het lichaam.
82. Net als de oppervlakte van glas wordt verward met water, of omgekeerd, , zo beschouwd een onwetend persoon Atman als het lichaam.
83. Net als een persoon een juweel voorstelt in vuur, of omgekeerd, zo beschouwd een onwetend persoon Atman als het lichaam.
84. Net als de wolken die bewegen, de maan in beweging lijkt, zo beschouwd een onwetend persoon Atman als het lichaam.
85. Net als een persoon door verwarring de onderscheiding tussen de verschillende punten van een kompas verliest, zo beschouwd een onwetend persoon Atman als het lichaam.
86. Net als de maan (wanneer gereflecteerd) in water onstabiel lijkt, , zo beschouwd een onwetend persoon Atman als het lichaam.
87. dus door onwetendheid verschijnt in Atman de valse voorstelling van het lichaam, welke, nogmaals, door zelfrealisatie, verdwijnt in het hoogste Atman.
88. Wanneer het ganse universum, beweegbaar en onbeweegbaar, gekend als Atman, en dus het bestaan van al het andere ontkent wordt, waar is er dan nog plaats om te zeggen dat het lichaam Atman is?
89. O verlichte, gebruik je tijd voor meditatie op Atman terwijl je ondervind dat al de resultaten van Prarabdha voorbijgaan; voor het slechte komt het gevoel van de pijn.
90. De theorie die men hoort van de schriften, dat Prarabdha wat iemand heeft, ophoud, zelfs nadat men kennis heeft verkregen van Atman, is nu weerlegt.
91. na het voortbrengen van de kennis van de Werkelijkheid, verdwijnt Prarabdha, in zoveel als je een lichaam hebt dat ophoud te bestaan, net als een droom dat niet bestaat in waken.
92. Dat Karma wat je hebt opgelopen in een vorig leven is gekend als Prarabdha (wat wordt uitgewerkt in dit leven). Maar dit karma kan niet de plaats innemen van Prarabdha (voor een man van kennis), als hij geen andere geboorte heeft (bevrijd van het ego).
93. Net als het lichaam in een droom een beweging in het denken is (en daarom een illusie), zo is ook dit lichaam. Hoe kan daar een geboorte zijn van het gedachte, en in de afwezigheid van geboorte (van een lichaam) waar is er dan plaats voor dat (i.e. , Prarabdha)?
94. De vedantatext verklaart dat onwetendheid waarlijk het materiaal (oorzaak) is van de wereld der verschijning net als aarde van een kruik is. Die (onwetendheid) wordt vernietigt, waar kan het universum bestaan.
95. Net als een persoon zonder verwarring enkel de slang laat voor de koord, zo ziet een onwetend persoon enkel de geschapen wereld zonder kennis van de werkelijkheid.
96. De ware natuur van de koord kennend, de verschijning van de slang die niet langer bestaat; zo is het onderliggende gekend, de geschapen wereld verdwijnt volledig.
97. Het lichaam dat ook bestaat binnen de geschapen wereld (en daarom onwerkelijk), hoe kan Prarabdha bestaan? Het is, daarvoor, voor het begrip van de onwetende alleen dat de Shruti spreken van Prarabdha.
98. "en al de acties van een mens houden op wanneer hij dat realiseert (atman) welke beiden zijn het hogere en het lagere". Hier een duidelijke meervoudige uiteenzetting van de Shruti om alsook Prarabda te negeren.
99. Als de onwetende dit nog willekeurig behoud, zullen zij zich niet alleen mengen in twee onredelijkheden maar ook de kans lopen voor het verval van de Vedantische besluiten. Zo men zal enkel die Shrutis aanvaarden van waaruit ware kennis voortkomt.
100. Nu, voor het verkrijgen van het voorgaande (kennis) zal ik de vijftien treden uitleggen met deze hulp zal men de diepgaande meditatie ten aller tijden beoefenen.
101. Atman is absoluut Bestaan en Bewustzijn het kan niet gerealiseerd worden zonder voortdurende beoefening. Zo iemand die zoekt naar bewustzijn zal lang mediteren op Brahman voor het bereiken van het verlangende doel.
102-103. De treden, in volgorde, zijn beschreven als volgt: de controle van de zintuigen, controle van het denken, afstand nemen, stilte, ruimte, tijd, houding, de basis (mulabandha), evenwichtigheid van het lichaam, juiste visie, controle van de vitale krachten, het terugtrekken van het denken, concentratie, zelfcontemplatie, en de volledige versmelting.
104. Het weerhouden van de zintuigen met de bedoeling van de kennis als Aalles is Brahmanwordt Yama genoemd, dewelke steeds weer zal beoefend worden.
105. Het constante vloeien van een enkel soort gedachten tot de uitsluiting van alle andere gedachten, wordt Niyama genoemd, welke de hoogste zaligheid is en wordt geregeld door de wijzen beoefend
106. Het opgeven van de illusie van het universum door het te realiseren als het al-Bewustzijn Atman is de ware verzaking geëerd door de groten omdat het de ware natuur is en de onmiddellijke bevrijding.
107. De wijze zullen altijd een met de stilte zijn, waarvan woorden tezamen met het denken terugkeren zonder het te bereiken, maar wat te verkrijgen is door de yogis.
108-109. Wie kan Dat beschrijven (Brahman) waar woorden zich afkeren? (stilte is onvermijdelijk terwijl Brahman wordt beschreven). Of als de geschapen wereld werd beschreven, zelfs dat is voorbij woorden. Dit, om een alternatieve beschrijving te geven, mag benoemd worden als stilte gekend onder de wijzen als aangeboren. Het gadeslaan van de stilte door spraak te weerhouden, is aan de andere zijde, voorgeschreven door leraren van Brahman voor de onwetendheid.
110. Die eenzaamheid is gekend als ruimte, waar het universum niet bestaat in het begin, einde of midden, maar waarbij het alle tijd doordringt.
111. Het Niet-dualistische (Brahman) wat onzichtbare zaligheid is aangeduid door het woord Atijd, omdat het in bestaan brengt, in een oogwenk alle wezens vanuit Brahman.
112. Men zal dat kennen als de ware houding in dewelke meditatie op Brahman spontaan en onophoudelijk vloeit, en geen andere dan dewelke iemands geluk vernietigd.
113. Dat wat wel gekend is als het begin van alle wezens en de steun van het ganse universum, wat onveranderlijk is en waarin verlichte kompleet versmolten zijn .... Dat alleen is gekend als Siddhasana (uitwendig Brahman)
114. Dat (Brahman) wat de basis van alle bestaan en op wat het terugtrekken van het denken is gebaseerd wordt de teruggetrokken basis (mulabandha) genoemd, wat altijd zal aangenomen worden omdat het voor de rajayogis is.
115. Absorptie in Brahman zal gekend zijn als de gelijkheid van delen (Dehasamya), anders meer rechtheid van het lichaam zoals dat van een verdroogde boom is geen gelijkheid.
116. Zet een gewone zienswijze om in dat van Kennis men zal de wereld zien als Brahman zelf. Dat is de nobelste visie, en niet dat wat gericht is op de tip van de neus.
117. Of, men zal zijn visie richten op Dat alleen waar alle onderscheiding van de ziener, zien, geziene verdwijnt en niet op de tip van de neus.
118. Het weerhouden van alle veranderingen van het denken door te kijken naar de mentale staat van Chitta als Brahman alleen, wordt Pranayama genoemt.
119-120. Het ontkennen van de geschapen wereld wordt gekend als Rechaka (uitademen), de gedachte, "IK" ben Brahman is gekend als Rechaka (inademen), en de standvastigheid van gedachten wordt Kumbhaka (inhouden) genoemd. Dit is het ware verloop van Pranayama voor de verlichte, waar de onwetende enkel de neus kwellen.
121. Het versmelten van het denken in het superbewustzijn door Atman te realiseren in alle objecten is gekend als Pratyahara (terugtrekken van de zintuigen) wat zal beoefend worden door zoekers naar bevrijding.
122. De standvastigheid van het denken door de realisatie van Brahman waar het denken ook gaat, is gekend als Dharana (concentratie).
123. Onafhankelijk blijven van alles als een resultaat onaantastbare gedachten door,"IK" ben Brahman, is gekend door het woord Dhyana (meditatie), en is het product van de hoogste zaligheid.
124. Volledige gedachteloosheid door het eerst onveranderlijk te maken en dan te identificeren met Brahman is Samadhi gekend als Kennis.
125. De aspirant zal zorgvuldig deze (meditatie) beoefenen wat zijn ware natuur onthuld totdat, onder zijn volledig controle, verschijnt het spontaan, op een ogenblik wanneer het tot actie geroepen wordt.
126. Dat hij, de beste onder de yogis de perfectie bereikt hebbend vrij wordt van alle beoefening. De ware natuur van zo een persoon wordt nooit een object van het denken of spraak.
127-128. Terwijl je Samadhi beoefend verschijnen er onvermijdelijk vele hindernissen, een gebrek aan onderzoek, nutteloosheid, verlangen voor zintuiglijk plezier, slaap, lusteloos, afleiding, op zoek naar genot, een gevoel van leegte. Men verlangt de Kennis van Brahman men zal daarom langzaam van deze oneindig aantal hindernissen afraken.
129. Terwijl men denkt aan een object zal het denken zich identificeren met dat, en terwijl je denkt aan een leegte wordt het leeg, waar als je het gedacht opgaat in Brahman het perfectie bereikt. Zo zal men constant denken aan (Brahman om te verkrijgen) perfectie.
130. Diegene wie deze hoogst zuiverende gedachten opgeeft aan Brahman leeft in zonde en zijn van hetzelfde niveau als de beesten.
131. Gezegend inderdaad zijn deze deugdzame personen die dit Bewustzijn van Brahman heeft en het meer en meer ontwikkeld. zij zijn overal gerespecteerd.
132. Enkel deze in wie dit Bewustzijn (van Brahman) altijd aanwezig is groeit in rijpheid, verkrijgt de staat van altijd-bestaand Brahman; en niet de andere die meer gebruik maken van woorden.
133. alsook deze personen die slim genoeg zijn om te discuteren over Brahman maar geen realisatie hebben, ze zijn veel te veel gehecht aan wereldse plezieren, zijn worden geboren en sterven steeds weer als gevolg van hun onwetendheid.
134. De zoekers naar Brahman zal geen moment onbenut laten zonder de gedachte op Brahman, net als Brahma, Sanaka, Suka en andere.
135. De natuur van de oorzaak is eigen aan het effect en niet omgekeerd; zo door redenering is gevonden dat de afwezigheid van het effect, de oorzaak, als zodanig ook verdwijnen.
136. Dan die zuivere werkelijkheid (Brahman) wat voorbij spraak is alleen blijft over. Dit zal begrepen worden, telkens weer door de illustratie van de aarde en de pot.
137. Op deze manier alleen komt er een denken tevoorschijn een staat van bewustzijn (van Brahman), wat nadien versmelt in Brahman.
138. Men zal eerst kijken voor de oorzaak bij de negatieve methode en het dan vinden bij de positieve methode, als altijd oorzaak in het effect.
139. Men zal de oorzaak in het effect zien, en dat het effect volledig laten verdwijnen. Wat dan overblijft, wordt de wijze zelf.
140. Een persoon die mediteert op iets met grote ijver en vaste overtuiging, wordt dat ding. Dit kan begrepen worden uit de illustratie van de wesp en de worm.
141. De wijze zal altijd denken met grote voorzichtigheid van het onzichtbare, en al het andere, als zijn eigen zelf dewelke Bewustzijn zelf is.
142. Het zichtbare verminderd hebbend tot het onzichtbare, zal de wijze denken van het universum als een met Brahman. Dus hij zal alleen verblijven in de eeuwige zegen met een denken vol van Bewustzijn en zaligheid.
143. Aldus werd beschreven Raja-Yoga bestaand uit deze treden (hierboven aangehaald). Met dit zal men Hatha-Yoga combineren voor (de voordeel van) diegene van wie de aardse verlangens gedeeltelijk zijn verzwakt.
144. Voor diegene wiens denken volledig zijn gezuiverd zal deze (raja-yoga) alleen productief en perfectie zijn. Zuiver het denken, nogmaals, dit is snel toegankelijk voor diegene die devotie hebben tot de leraar en de Godheid.
EINDE
Kontakteer
Yoga@pandora.be
met vragen en comentaren over deze Site.