|

II Sadhana Pada
Sadhana betekent: inspanning, spirituele oefeningen.
Versterving (Tapas), studie (Svadhyaya) en overgave aan God (Ishvarapranidhan) is kriya Yoga.
Kriya Yoga leidt tot Samadhi en verdrijft alle Kleshas (aandoeningen).
Onwetendheid (Avidya), egoisme (Asmita), aantrekking (raga), afstoting (Dvesha), levenshonger (Abhinivesha) zijn de kleshas.
Avidya is de oorzaak (Kshetram of veld) van de andere vier, die bestaan in
1. een sluimerende vorm (Prasupta)
2. als spoor of overblijfsel (Tanu),
3. onder kontrole (Vichchinna)
4. volledig ontwikkeld (Udaravam).
Het vergankelijke (Anitya) houden voor het onvergankelijke (Nitya), het onzuivere (Asuci) voor bet zuivere (Suci), het pijnlijke (Dukha) voor het aangename (Sukha) en het niet-Zelf (Anatma) voor bet Zelf (Atma) is Avidya.
Asmita is dat waardoor het Bewustzijn (Drkshakti) zich vereenzelvigt met dat wat het Bewustzijn weerspiegelt (Darshanashakti).
Raga is dat wat verwijlt op plezier.
Dvesha is dat wat verwijlt op pijn.
Abhinivesha vloeit door zijn eigen kracht en is zelfs inherent in de wijze.
Deze kunnen worden vernietigd als ze worden teruggebracht tot hun subtiele vorm (Sukshma), door tegenovergestelde veranderingen op te zoeken. (Suksma: subtiele of spoorvorm (II 4).
De Vrittis kunnen worden overwonnen door meditatie.
Alle Karmas waarvan de Kleshas de wortel (Mula) zijn, dragen vrucht in dit leven of volgende levens.
Zolang de oorzaak (Mula) bestaat heeft ze geboorte (Jati), leven (Ayu) en plezier en pijn (Bhoga) tot gevolg.
Deze geven de vruchten van geluk en lijden, omdat ze de mens aanzetten tot goede en slechte daden.
Voor de mens met onderscheidingsvermogen (Viveka) is alles lijden, omdat er de Parinama Dukha (lijden dat ontstaat uit genot), de Tapa Dukha (lijden door de onmogelijkheid genoten genot te herhalen) en de Samskara Dukha (lijden door het niet vevuld zijn van begeerten en de eruitvolgende inspanningen) in verborgen zijn en omwille van de wisselwerking van de Gunas (I 16).
Het lijden dat nog moet komen kan worden vermeden.
De oorzaak van wat te vermijden is, is de vereenzelviging (Samyoga) van de Ziener met het geziene.
Het geziene (Drishyam) is samengesteld uit Prakasha, Kriya, Sthiti, elementen en zintuigen en bestaat opdat de Ziener het kan ervaren en worden bevrijd.
De Goenas manifesteren zich in vier toestanden: grof (Visesha), subtiel (Avisesha), primair (Lingamatra) en ongeëvolueerd (Alinga) (I 45).
De Ziener bestaat als Zuiver Bewustzijn (Drishimatra), maar schijnt de veranderende toestanden van de geest aan te nemen, ofschoon Hij onveranderlijk is.
Het heelal bestaat alleen voor Hem.
De objektieve werkelijkheid van het heelal wordt onwerkelijk voor degene die zijn doel heeft bereikt, maar houdt niet op werkelijk te zijn voor andere wezens.
De reden van vereenzelviging (Samyoga) van de Purusha (Svamishakti) en Prakriti (Svashakti) is de realisatie van hun ware aard.
De oorzaak van die vereenzelviging is onwetendheid (Avidva).
Als de onwetendheid wordt vernietigd verdwijnt ook de Samyoga. Dat is het doel. Het is Kaivalya (IV 34).
Het middel tot dat doel is ononderbroken diskriminatie (Vivekakhyati).
Zijn kennis gaat door zeven stadia.
Het licht van de kennis (Jnanadipte) dat schijnt ten gevolge van bet verdwijnen van de onzuiverheden door voortdurend met geloof de Yogatreden (Yogangas) te beoefenen, brengt Vivekakhyati.
Yama, Niyama, Asana, Pranayama, Pratyahara, Dharana, Dhyana en Samadhi zijn de acht Yogatreden.
Ahimsa ,Satya, Asteya, Brahmacharya, Aparigraha zijn de Yamas.
Yama is niet afhankelijk van ras, plaats en tijd. Het is een uniVersele gelofte.
Shaucha, Santosha, Tapas, Svadhyaya en Isvarapranidhan zijn de Niyamas.
Ongewenste gedachten (Vitarkas) moeten worden bestreden door tegenovergestelde gedachten aan te kweken (Pratipaksha Bhavana).
Himsa (geweld) enz. (I 30: Vitarkas zijn gedachten en daden die tegengesteld zijn aan de Yamas) zijn Vitarkas (ongewenste gedachten en daden), die worden gesteld door onszelf (Krita), door anderen met ons als oorzaak (Karita) en door anderen met onze goedkeuring (Anumodita). Ze worden gemotiveerd door hebzucht (Lobha), toorn (Krodha) en zelfzucht (Moha). Ze zijn mild (Mridoe), matig (Madhya) of extreem (Abhimatra) en leiden tot lijden (Dukha) en onwetendbeid (Ajnana). Dit altijd onthouden is Pratipaksha Bhavana.
Door standvastigbeid in Ahimsa bereikt de Yogi dat alle wezens in zijn nabijbeid hun gevoelens van vijandigheid verliezen.
Door standvastigheid in Satya verwerft de Yogi de vruchten van goede daden.
Door standvastigheid in Asteya wordt bij de bezitter van alle weelde.
Door standvastigbeid in Brahmacharya verwerft hij spirituele energie.
Door standvastigbeid in Aparigraha verwerft bij kennis van zijn vorige levens.
Door standvastigheid in Shaucha verwerft hij ongehechtheid voor zijn eigen lichaam en voor associatie met andermans lichaam.
Ook verwerft zo'n Yogi zuiverbeid van hart (Sattvashuddhi), blijmoedigheid (Saumanasya), eenpuntigbeid van geest (Ekagrata), meesterschap over de zintuigen (Indriya Jaya) en Zelfkennis (Atmadarshana).
Door Santosha verwerft hij het hoogste geluk.
Door Tapas worden alle onzuiverheden verwijderd en komen er in het lichaam en de zintuigen speciale krachten of Siddhis.
Door Svadhyaya heeft bij kommunie met zijn Ishta Devata.
Door Ishvarapranidhana bereikt bij Samadhi.
De Asana (zithouding) moet vast (Sthira) en aangenaam (Sukham) zijn (Sthirasukhamasanam).
De Asana wordt vervolmaakt door de natuurlijke neiging (tot rusteloosbeid) te beheersen en door meditatie (Samapatti) op de oneindigheid (Ananta).
Dit bevrijdt van de invloed van tegengestelden (Dvandvas).
Daarna moet men Pranayama beoefenen door de beweging van de inademing (Shvasa) en uitademing (Prashvasa) te beheersen.
De adem wordt lang of kort ingehouden, met lege of met volle longen en geregeld volgens plaats, tijd en aantal.
In de vierde soort van Pranayama (Chaturtha) stopt de adem niet na een inademing of een uitademing.
Dan wordt de bedekking (Avarana) van het innerlijk licht (Prakasha) weggenomen.
De geest (manas) wordt dan geschikt voor koncentratie (Dharana).
Pratyahara is de toestand waarin de zinnen zich niet meer vereenzelvigen met hun voorwerpen en als het ware de aard van de Chitta (geest) nabootsen.
Dan volgt de volledige beheersing over de zinnen.
Kontakteer
Yoga@pandora.be
met vragen en comentaren over deze Site.
Copyright 1998, Frans Moens. All rights reserved.