Home - Wie zijn we - Schip - Route - M@il ons - Gastenboek - Links

Verslag Juni 2006

Donderdag  01 Juni 2006 (Horta, Faial, Azores, Portugal)

De wind begint serieus aan te trekken en we verdubbelen de lijnen naar « Spellbound ». De wind fluit al in het want en de weerkaarten in de jachtclub vertonen een heleboel meer lijntjes op de windpijltjes: 35/40kn op 33W. Het systeem zou NE moeten tracken maar men is het er niet over eens. Elke morgen ga ik vragen of er nog geen box vrij is, maar met de storm in aantocht vertrekt niemand.
Tegen 09.30u zijn we op weg naar de wasserette van de jachtclub. Niets vrij, dan maar een koffietje in de bar. Tegen 11.00u hebben we eindelijk een machine en tegen 13.00u kunnen we de was gedroogd en al gaan ophalen. Wat wandelen langs de bootjes en de vele honderden tekeningen en logo’s van de jachten gaan bekijken. Het is hier een traditie van je logo op één van de kaaimuren aan te brengen (en het zou geluk brengen) en er staan er echt honderden. Sommige zijn wat slordig gespat met verf, maar anderen zijn echte kunstwerkjes. We vinden veel logo’s van mensen en boten die we gekend hebben, ja zelfs sommige van Belgen: “Scedemongske” van Nickey, die nu terug in Brazilië zit met boot, vrouw en kinderen, de “Ciris”,…
Natuurlijk ontmoeten we weer René en crew. Ze hebben een kabel van het onderwant bijna los door afgebroken en wachten op de herstelling. Ze beginnen kort in tijd te geraken, binnen 9 dagen moeten ze in Portugal liggen. Ze moeten even van kade af, omdat een boot ervan tussen moet om op een andere ligplaats te gaan en we blijven aan boord, met pint, om eventueel een handje te helpen.We krijgen ook een reeks dvd’s, onder andere een paar dvd’s met afleveringen van “FC de Kampioenen”.
Een hapje in de jachtclub gaan eten, een simpele hamburger met frietjes voor 2,5 Euro en dan vertrekken De “Spellbound” wil toch vertrekken, en ook “Oystercatcher XXV” een Oyster 72, met nieuwe mast (zie verslagen februari in Antigua, waar we het ongelukkige schip ontmoet hebben). Nu hebben ze weer pech, net zoals bij ons is bij het grootzeil de naden losgekomen. Ook “Ghost” wil vertrekken, maar dit is een 110ft koolstof superjacht. Deze jachten gaan naar de Middellandse zee en de storm zou NE gaan. Hoe meer mijl ze tussen de Azoren en de boot kunnen krijgen hoe minder de winden zullen zijn. Ze zijn allemaal gecharterd en hebben een programma te volgen. Als de storm hen inhaalt kan het zijn dat ze de komende dagen hier vast zitten. Even opstarten en de mooie Oyster laten vertrekken en we krijgen een 46ft Cat naast ons met 3 Fransen die de boot moeten afleveren in het Zuiden van Frankrijk. Ze hebben net 13 dagen vanuit Martinique erop zitten.
Daarna gaan we naar de grote Mercado. Het is een eindje stappen maar het loont de moeite. Men heeft er alles, en we beslissen een kaasavond te houden met brood en wijn.
Terug aan boord, aan de website werken en dan is het tv-avond. De boot rukt hevig aan haar springs maar buiten wat gekraak aan het touwwerk is er nog geen probleem.
Tegen 22.30u, een fles wijn, een brood en heel wat kaas begin ik de “Kampioenen” wat beu te geraken, we zitten ook al aan aflevering 8! Nog wat aan de website werken en dan gaan slapen.

 

Vrijdag 02 Juni 2006 (Horta, Faial, Azores, Portugal)
 
Weer uitgeslapen en dan een uitgebreid ontbijt. De meeste grote jachten zijn vertrokken of diesel aan het tanken om te vertrekken. De storm zou SE gaan tracken en ofwel wil iedereen er nu vandoor ofwel is het de storm voor een paar dagen hier uitzitten. Ook de “Mary Blue” is vroeg vertrokken, ze hebben nog 7 dagen om in Portugal te geraken. Even een praatje met de mensen van “Oystercatcher XXV” maken en op het secretariaat krijgen we te horen dat er nog steeds niets vrij is. De wind is 180° gedraaid en waait nu met een 25kn uit het oosten. Gelukkig is de deining beperkt zodat het eindelijk geen groot probleem is aan boord.
Deze middag is het een varkenshaasje met gebakken aardappeltjes en rode kool. We moeten meer kool eten want we hebben er nog wat over van de oversteek. Kool is een groente die je gemakkelijk op een boot een paar weken kunt houden, net als aardappelen, uien en groene plantaan.
In de middag kunnen we niet buiten, water gieten de ganse middag. We moeten toch wel even wennen aan dit Belgische weertje. Niet dat het in de Carib niet regende, maar dit is anders.
Ik moet zelfs het elektrische vuurtje bovenhalen om het wat gezellig en droog te houden in de boot. We zouden graag de boot eens leegmaken en alles op dek te drogen leggen, maar met dit beesten weer…
25/30kn op de windmeter als we even later met windjacks en polar naar de stad trekken. Even bij Mid Atlantic Marine binnen wippen om advies te vragen aangaande de problemen met de Raymarine log en de kuren van het fluxgate kompas en de autopilot.
We vinden een zaak waar je dvd’s kunt huren, en komen de “Zadar” crew tegen. Ze hebben nieuwe riemen voor de motor moeten kopen en hebben weer hoofdpijn, deze keer van teveel wijn. Tja, hun thuishaven is Liverpool, maar de boot moet naar de Med.
Dan nog een pintje gaan drinken in Café Sport en we ontmoeten een groepje Nederlanders, die nu eens geen zeil(st)ers zijn maar hier om een bridge tornooi zijn. Dit is echt de zaak om mensen te leren kennen, ook onze Franse buren zitten al een pint te drinken, en vooraleer de crew van “Zadar” binnenkomt gaan we snel terug naar de boot.
We krijgen een uitnodiging voor een drink in de jachtclub en deel te nemen aan de races, georganiseerd in het kader van hun 20jarig bestaan.
Terug aan boord is het restjesavond en met een flesje wijn is het “maar” 4 afleveringen van de FC de Kampioenen en een horrorfilm die verschrikkelijk tegenvalt.

 

Zaterdag 03 Juni 2006 (Horta, Faial, Azores, Portugal) 

De wind huilde de ganse nacht en helaas voor de Club is de wedstrijd uitgesteld. In de jachtclub hebben ze eindelijk een box voor ons gekregen maar we moeten die zo snel mogelijk innemen voor een ander die neemt. Dus snel terug aan boord, onze Franse buren zijn ook blij voor ons. Ze liggen dan ook alleen en dus is er minder kans op schade met deze wind.
Opstarten, Brutus op dek nemen en aflaten (zou kunnen wegwaaien met dit weer) en losgooien. Nu het lijkt eenvoudig om naar een box te varen, ware het niet dat er nu 25kn achterop staat. Ik moet de boot constant in half achteruit houden om af te remmen. Op de buiskap alleen doen we 4kn. Ik draai zeker vier boten af voor de box. Met de 25kn op de zijde hebben we nu enorm veel drift. Ik geef langzaam vooruit, maar de wind is te sterk. De Engelse buurvrouw neemt de voorlijnen aan van Inge, en de Noorse buurman van de andere kant, die later een Nederlander blijkt te zijn, komt ook helpen. Ik krijg de helft van de boot in de box maar de windstoten duwen de kont teveel af. De overbuurman komt ook helpen en met drie man en twee vrouwen en wat vooruit/achteruit slaan lukt het ons Eli in de box te foefelen. Misschien een kras in de gelcoat aan de hoek van het vingerponton, maar bij nader inzien toch  geen zichtbare schade. Het is geen afmeer manoeuvre zoals in het boekje maar gezien de weersomstandigheden lijkt het mij toch een goed geslaagde operatie. De omstaanders worden bedankt en we meren de boot goed verder af. Pfftt, tijd voor de aperitief en het is te laat om nog eten klaar te maken. Dan maar naar ons geliefkoosd restaurantje voor een dagschotel, met een flesje Vino de Casa Tinto…
Nu is het beginnen gieten, en met de regen is de wind even weg. Om in onze nek te schoppen zeker? Maak je maar geen illusies, want na de regen staat er weer een dikke 25kn. Spijtig genoeg is alles, net zoals op de Franse eilanden op de middag gesloten, dus ook de dvd-shop.
Maar de supermarkt is open! Heerlijk verse sardines en verse pijlinktvis, vino verde (de sprankelende witte wijn uit het noorden van Portugal), en nog wat dingen die we gemist hebben in de Carib…zoals verse aardbeien.
Een half uur later en met zes zakken gaan we terug naar Ponton B ligplaats 13, onze nieuwe thuis voor de komende week.
Het weer jaagt ons terug naar binnen, 25/30kn wind, slagwater regen. Boekje lezen, aan de site werken, glas wijn, kaas, brood, verwarming op, gehuil van de wind in de verstaging…enkel de kerstboom ontbreekt. Ik wil direct de kerstversiering uithalen, zo is er tenminste nog wat sfeer…We hebben dit jaar nog nooit zoveel tijd in de boot doorgebracht.
Tegen 20.00u weer televisie…”Fc de Kampioenen” en een hele goede film “the core”over een reis naar het middelpunt van de aarde. En dan onder de dekens, huilende wind en water gieten op het dek…en wij dicht tegen elkaar veilig in ons scheepje.

 

Zondag 04 juni 2006 (Horta, Faial, Azores, Portugal)

Pinksteren vandaag en dus doen we niet te veel, niets dus. We lezen wat en morrelen wat aan de boot, veel kun je niet doen met dit weer. Er zitten enkele hoge druk gebieden die zich aan het vormen zijn boven West- Europa en deze blokkeren die depressie die maar niet wil wijken. De meeste computerprogramma’s waren dus verkeerd en het ding is onder de eilanden Faial en Pico getrokken. De jongens van de Mary Blue zullen hun beste zeebenen mogen voorzetten. De windmeters staan hier in de jachthaven nog steeds rond de 30kn met uitschieters tot 37kn, buiten is dit dus dik over de 40kn. Met striemende regen en grijs weer. Typisch Belgisch dus.
Dus maken we het culinair dan weer in orde. Lula’s (kleine inktvisjes) met gebakken aardappelen en een Vino Verde…heerlijk.
De namiddag is even kleurloos. Piepende trossen en rukken aan de boot. Tussen twee regenvlagen in gaan we even de stad in, maar alles is gesloten. Dan maar terug aan boord en met een warme soep aangedikt met enkele pakjes Raemen Noodles, een deken over ons, de verwarming aan is het filmavond. Twee films gaan erdoor die we in leen hebben van de Zadar. Toch kerels hoor, de Zadar-boys. Nu heeft er een zo een mini-brommertje gekocht voor 159 Euro. Zo klein ding, 30cm hoog, waar je met je knieën tussen je ellebogen zit, tof dingetje.
Enfin een dag om te vergeten.  

 

Maandag 05 juni 2006 (Horta, Faial, Azores, Portugal)

Eigenlijk hebben we wat te doen aan boord, maar we doen het niet. We zouden willen op zoek gaan naar verf om onze muurtekening te maken, maar alles is nog steeds gesloten. Het is een traditie dat elk jacht hier zijn eigen tekening op de kaaimuren schildert en er staan er letterlijk duizenden. Je kunt een dag alleen al rondlopen enkel om ze te bekijken, ze zijn trouwens een toeristische attractie. Tegen 11.00u brengt Inge de was binnen en terwijl ik aan boord ben…tok, tok, tok. Het is Patrick van de Oasis, het Franse jacht dat in Januari naast ons lag in Pointe à Pitre, Guadeloupe. Heel wat bij te praten, hij is hier al een paar dagen maar heeft onze boot nu pas herkend. Ze hebben 17,5 dagen erover gedaan vanop Gwada. Hij nodigt ons uit op de koffie na de middag en dus hebben we weer iets te doen. Het waait nog steeds hard maar er is beterschap in de lucht. Natuurlijk is er het slechte nieuws als het stormt buiten. Een Bowman 42 van de Royal Yacht Squadron heeft zijn mast gebroken en een solo zeiler heeft een paar minuten met enkel drie reven en een stormfok, helemaal plat op het water gaan liggen. De windmeter is afgebroken aan 50kn wind! Gelukkig liggen we veilig binnen.
Patrick is nog maar van boord als de “Zadar” boys langs komen om wat software te kopiëren. Ze willen zo snel mogelijk naar Gibraltar vertrekken maar het weer houdt ze eveneens vast.
Spaghetti eten op de middag en dan op de koffie bij de Oasis. Ze liggen vlak naast de “Blue Iguana” die hun muurschildering van een boos kijkende iguadon aan het afwerken zijn.
Na de koffie is tijdelijk de regen uit de lucht en kunnen we eindelijk eens een wandeling maken. Naar het zwarte strand, aan de voet van de heuvel die de aanloop van Horta domineert. Het kleine baaitje van Puerto Pim heeft naast zijn strand een grote soort tunnel die naar een gerenoveerd gebouw loopt. Naast het gebouw, een oude fabriek, staan verschillende ruines van kleinere gebouwen. Blijkt dat dit een walvis verwerkingsfabriek was. Door de tunnel werden de karkassen naar binnen getrokken en in de huisjes nabij woonden de arbeiders. Gelukkig is dit nu een museum, dat natuurlijk op tweede Pinksteren gesloten is. We passeren een klein terrasje en drinken er een pintje, echt in de zon. Inge bestelt nog wat tapas en weer krijgen we lula’s, de kleine inktvisjes in een pikant saus. Heerlijk!
Maar mooie liedjes duren niet lange even later is de regen er weer. De berg Pico van meer dan 2300m hebben we nog maar één keer gezien deze week en nu is het een regenboog die het kanaal tussen de eilanden domineert.
Terug aan boord en dan is het weer filmtijd.   

 

Dinsdag 06 juni 2006 (Horta, Faial, Azores, Portugal)

Tok, Tok, Tok, weer volk en het is nog maar 09.00u, luie beesten die we zijn. Het is Jean-Pierre, een Belg, die hier de “mechanico” is in de jachthaven. De shop heeft ons probleem met de lekkende waterpomp aan hem gesignaleerd en hij komt even langs. Twee oplossingen: en nieuwe pomp van een 400Euro en een week wachten, of de as uit de oude pomp halen, het afgesleten deel oplassen en afdraaien en opnieuw monteren. Tweede optie is 70Euro en twee werkdagen…raad eens welke we gekozen hebben…juist ja.
Even een praatje met onze buurman, die een nieuwe motor heeft moeten steken en daar is Patrick weer. Hij komt ons uitnodigen om een Paella avond bij hem aan boord te houden morgenavond. We zeggen niet neen! Het is te laat om eten klaar te maken en we laten ons verleiden in de jachtclub op een hamburger met frieten.
Na de middag is het inkopen gaan doen. Naar de supermarkt en na de terugkeer gaan we even bij Peter’s Sport een T-shirt voor Patrick halen. We hebben al een paar keer bij hem uitgenodigd geweest en hij wil van geen wederinvitatie horen.
Dan maar terug aan boord, want het is ondertussen weer beginnen regenen. Twee dagen hebben we hier al wat zon gezien en zijn dus qua rotweer al heel goed aangepast aan België. 
Dan maar wat filmpjes kijken, na een heerlijke maaltijd van verse sardines met een flesje Vino Verde. Het leven kan mooi zijn…maar met iets meer zon.

 

Woensdag 07 juni 2006 (Horta, Faial, Azores, Portugal)

Weer te lang geslapen, en weer slecht weer. Wat wil je, gietende regen over dek, zouden jullie zin hebben om vanonder de lakens te kruipen.
Dan toch maar opstaan en wat inkopen gaan doen, even naar het internet café, naar een lokaal videotheekje en naar de “Zadar” boys. Ze hebben er hun buik van vol en Andy zit op de kaaimuur wat met verf te klodderen tussen twee regenbuien door. Hij zal ons de verfpotten komen brengen nadien. Ik doe even een tour aan boord met hen, als ik de dvd’s terug breng.
Ze hebben een stommiteit gedaan: ze hebben hun boot in de VS gaan halen en hebben hun batterijlader hier ingeplugd. Hier is het 220V, 50Hz in de VS 110V, 60Hz: en nu hebben ze geen batterijlader meer. De boot was een hurricane-slachtoffer maar ze hebben een jaar gewerkt om haar vaarklaar te krijgen, ondertussen aan boord levend op een jachtwerf.
Maar het resultaat mag er zijn, je kunt niet meer via de romp van boord stappen, en afgezien van wat esthetische correcties, is de boot in prima conditie.
Dan maar terug aan boord, want het regent weer. We horen water druppelen! In de boot, niet normaal…Na onderzoek blijkt dat de zeewaterpomp (die lekte en afgebouwd was en trouwens nog niet klaar is) haar dikke intake-waterleiding een bypass te hebben naar de lavabo in het wc.  Het water kan niet door de gesloten zeekraan uit de lavab weglopen, en zoekt zich een weg via de zeewaterleiding, nu in de boot. De afloop is in het zelfde circuit gemonteerd als deze van het koelwater. Zo heb je altijd wel wat klote-dingetjes aan boord van een boot.  
Enfin, tegen 19.00u gaan we aan boord bij Patrick en André, en een ander Frans koppel is eveneens uitgenodigd. We beginnen met een “planteurke”, en dan is het paella. Natuurlijk volgt kaas en wijn, zoals tijdens alle goede Franse maaltijden. Patrick is ook technieker die alle Franse schippers kent die de Route du Rhum gaan zeilen, dit jaar in oktober. Als we willen zal hij voor badges zorgen, die ons toegang zullen geven tot de pontons eind oktober in St Malo. Inge zal dan misschien de kans krijgen met Ellen Mac Arthur een praatje slaan, als oceaanzeilsters onder elkaar. Natuurlijk is het laat als we terug aan boord sukkelen, want voor Patrick is het hun laatste avond, ze willen immers, net als de Zadar-boys morgen vertrekken.

 

Donderdag 08 juni 2006 (Horta, Faial, Azores, Portugal)

Het is al laat als we opstaan, eindelijk worden we gewekt door de Zadar-boys die even goedendag kwamen zeggen en hun resterende verfpotten brengen. Gisterenavond hebben we er ook al gekregen van Patrick, maar met beide stocks hebben we spijtig genoeg niet alle kleuren die we nodig hebben.
De ligplaats van de Oasis is al leeg als we even later een wandeling gaan maken. We vinden een tof kerkje in Art Deco stijl en gaan een hapje eten op de middag in het restaurantje waar we de eerste dag gegeten hebben, 5 Euro voor een dagschotel.
Even later gaan we naar het internetcafé…gruwel ende horror. Ik krijg nieuws van mijn werk…op 1 augustus mag ik terug beginnen…in Brussel (bweeeeeeeeeeeek).Ik ben er ziek van. Echt waar, ik zie me alweer in de urenlange files, door syndicale acties geteisterd openbaar vervoer ontwijkend, in onveilige stations, in de duisternis vertrekken en in de duisternis terug aan boord komen van ons scheepje, ook in de zomer. En ik weet waarover ik spreek, ik heb het van 1996 tot 1999 gedaan, toen ik besliste op een dag in de file: “Ik ga naar de Carib”. En nu heb ik beslist: “Ik ga terug”. Misschien niet naar de East Carib…Eerst Brazilië en dan naar Cuba, Cozumel, Belize…
Maar ik ga jullie niet verder bezighouden met deze pesterij, en terug naar de site.
Inge en ik houden ons deze middag verder bezig met ons logo te schilderen. We kiezen een plekje net onder dat van Nickey’s “Skedemongske”. Nickey zeilt nu als een supergelukkig mens terug met familie in Brazilië.
De regen jaagt ons terug naar binnen en er zit niets anders op dan maar terug op de laptop te werken en wat dvd’s te bekijken, met een flesje rode Portugese wijn.  

 

Vrijdag 09 juni 2006 (Horta, Faial, Azores, Portugal)

Jeetje weer zo een rotdag. Net als mijn “mood”. Ook de Azorianen (of hoe noemt men ze) klagen steen en been. Om 11.30u gaan we naar de shop om te zien of de waterpomp herstelt is, en jawel. Nee toch niet, een kleine rubberen dichting ontbreekt nog. Tegen 16.30u is dit klaar. Dan maar terug aan boord en wat eten, dat me trouwens ondanks de goede zorgen van Inge helemaal niet smaakt. Enfin, de rest van de middag spenderen we aan ons logo. Het valt blijkbaar mee want we krijgen zelfs orders om iets te maken voor andere boten. Voor een fles rum uit Martinique is er best wat onderhandelingsruimte.
De regen jaagt ons terug naar binnen, en dus wordt het een kaas avond met wijn en een filmpje over een meid die alleen rond de wereld zeilt, in een 38ft boot, maar zonder wind valt in de “horse latitudes” en allerlei rare dingen begint te zien. Zo een thriller is niet zo best als je volgende week terug de oceaan op moet.
Tok, tok, tok, het is onze buurvrouw, die al wat tipsy is. Ze vraagt of we een glas komen drinken aan boord. Het is een ouder Engels koppel dat vanuit Turkije naar de Caribbean gezeild heeft, en nu terug naar Turkije vaart. Ze hebben een wat oudere boot en hebben er 23 dagen overgedaan vanuit St Maarten. Weer best een gezellige avond, dit soort dingen ga ik het meest van al missen.    

 

Zaterdag 10 juni 2006 (Horta, Faial, Azores, Portugal)

Jawel, een stralende dag, wat koud maar de zon is er eindelijk. Inge is al vroeg op en op weg
met haar verfpotten en borstels naar de muur. Ik werk nog even de site bij.Het wordt verder een prachtige dag, we hebben een hoop succes met ons kunstwerkje. Een paar van een Nederlands jacht is even verderop bezig met hun logo en we kunnen wat verf uitwisselen, wat weer wat meer kleur geeft aan ons beide logo’s. Dan nog even naar het internet met heel wat vragen aan mijn toekomstige werkgever, eens zien of ze snel zullen reageren. Ik plaats er wel bij dat ik snel terug op de Oceaan zal zijn en hoop dat dit hen tot wat meer elan een duidelijk antwoord te formuleren zal brengen. We nemen een hapje in de jachtclub en zijn even later terug aan boord. Wat kleine werkjes en eindelijk eens in de zon kunnen zitten, je zou haast vergeten hoe het aanvoelt. Ik mest eens de ankerbak uit om alle touwwerk, extra landvasten, sleeplijnen, een band om als hekankerlijn te dienen, en natuurlijk de ankerketting zelf. Alles gaat eruit en wordt gespoeld met klaar water en gedroogd gelegd in de zon. Deze krijgt een beurt zodat alle zeewier, en andere zeewezentjes eraf gespoeld worden. Wat een zootje beneden in de bak, ik met zelfs de zelflozers doorsteken van de rommel die zich het laatste half jaar opgehoopt heeft. Inge is ondertussen benedendeks de voorpiek aan het installeren voor onze “opstapper” Jean. Zo een middag gaat voorbij en voor we het weten is het weer aperitief tijd, eten en een filmpje.
 


Zondag 11 Juni 2006 (Horta, Faial, Azores, Portugal)

Vandaag een drukke dag, we hebben niet alleen een autootje, maar het was onze laatste nacht alleen op de boot. Om 0930u krijgen we van een meisje, dat waarschijnlijk ook pas uit haar bed was een Opel Corsa. Leuk wagentje en we zijn weer op weg. We beslissen tegenuurwijzersin het eiland rond te rijden maar eerst naar de supermarkt dat de zondagmorgen ook open is. Een half uurtje later zijn we terug buiten met een winkelkar vol, dingen die we dan niet meer naar de boot moeten dragen
Op weg dan maar, de heuvel op die een prachtig overzicht biedt van de haven van Horta en de Monte de Guia. We staan op het hoogste punt nabij de Praia do Almoxarife. Het weer is veel beter nu en het zicht is adembenemend. Er bloeien overal langs de weg hortensia’s, de haag staat in bloei en zelfs hier en daar gladiolen staan in bloei. We nemen de binnenweggetjes en belanden even later aan de noordzijde van het eiland. De Atlantische oceaan strekt zich uit voor ons. We rijden door naar de Playa Faja. Op 9 december 2005 was de “CP Valour” een containerschip, Bermuda geregistreerd, op weg van Canada naar Spanje, toen het een klein probleem met de motoren kreeg. In de toen razende storm koos het een plek, in de baai nabij Faja, om voor anker te gaan. Geen enkele yachtsman zou ooit het aandurven daar te ankeren, maar een 177m containerschip…no problem. De noordelijke winden duwden het schip natuurlijk op de wal, steeds verder geduwd door 5m hoge golven. En dat terwijl 15 mijl verder een haven was, en 10 mijl het in de luwte van het eiland kwam. Lekgeslagen  begon het zware fuel te verliezen vooraleer deze kon worden overgepompt, terwijl zeeslepers het probeerden vrij te trekken. Tevergeefs, pas na nieuwjaar was er een break in het weer en kon een 600 ton van de 1500 ton aan boord overgepompt worden na eerst verwarmd te zijn om de viscositeit te verlagen. Een tiental containers werden met behulp van Russische transporthelikopters van boord gehaald, deze met gevaarlijke producten. Ook een paar containers met rottende zalm moest opdat de bergingscrew zou kunnen verder werken van boord gehaald worden. De andere 500 staan nog op dek, en worden nu beetje voor beetje door het weer en de zee afgebroken. Toen we de baai bezochten stond er 10kn wind maar een zeegang van bijna 2m deining. De impacts op het schip waren fenomenaal. Het water slaat gewoon over de schip heen (zie foto’s) en dat terwijl er geen storm is. Het schip helt nu bijna 17° en haar stuurboord kant is al gedeeltelijk ingedeukt. Het is nog steeds een kopzorg voor het eiland en de Portugese regering.
Op naar de Capelhinos. Daar staat een eenzame vuurtoren, midden op het land. Tot 1957 was dit het meest westelijke punt van het eiland, maar toen besloot de natuur met een onderzeese vulkaanuitbarsting ettelijke vierkante kilometer aan het land toe te voegen. De vuurtoren is nu aan de tand des tijds overgelaten. Dan maar weer op weg. Eerst iets gaan eten in een restaurantje waar iedereen gekluisterd zit aan een reuzengroot televisiescherm, het WK voetbal, waren we vergeten.
Dan naar het kustdorpje Varadouro. Daar heeft men van de lavastenen op het strand creatief gebruik gemaakt. Er zijn afdammingen op de oceaan gemaakt zodat veel water kan binnenspoelen en terug traag buitenspoelen, zo verschillende kleine zwembaden makende. Ik kan het niet laten en ga het water, een vergissing want het meet 18°C, en we zijn minimum 28°C gewoon…en we zijn nog niet in België!
Op naar de Caldeira, het hoogste punt van het eiland, bijna 1100m. Het is een krater van 2km aan de top, 500m aan de bodem en 400m hoogteverschil. Je rijdt langs stoffige weggetjes er naartoe met enkel een kudde koeien die aantonen dat er nog ander leven is dan wijzelf. Grote struiken met bloeiende hortansia’s langs de weg, die uiteraard kleiner en kleiner worden. Boven op de krater is het steenkoud, 12°C, brrrr en een mist, we zitten immers in de wolken. We nemen wat foto’s en gaan terug naar de warme wagen. Onderweg nog even stoppen om wat bloemen te plukken voor aan boord en dan naar de botanische tuinen van Flamengos.
Het is er prachtig. Het eerste deel is het deel met inheemse planten, met twee poelen met ganse hordes kwakende groene kikkers. Het tweede deel is een tuin met medische en aromatische planten en het derde deel kenden we het best: exotische planten. Echt de moeite het eens te bezoeken want het is zelfs helemaal gratis.
Tegen 17.30u is het dan tijd om naar de luchthaven te vertrekken, Jean onze opstapper landt om 18.00u. Tegen 18.00u landt er een toestel maar het is een inter-island vliegtuig. “Delayed” verschijnt er op het bord maar de “delay” is maar een kwartiertje en even later landt zijn toestel. We staan met een papiertje “Crew S/Y Elegance” te wachten maar Jean had ons al herkent. Een prettige vlucht met tussenstop in Lissabon, en bij ons wordt het een tussenstop aan boord van “Eli”, met aperitief en dan naar Peter’s Café waar we ons te goed doen aan een reuze brochette met zeewezentjes erop.
Heel wat na te praten over het weer en de situatie in ons thuisland, maar het is weer een sfeertje in het café waar het deze keer Fransen met een accordeon zijn die de avond entertainen. Het is al snel na 23.00u als we terug naar ons scheepje gaan en Jean heeft zijn eerste nacht op het water van de Atlantische Oceaan. Niet op een boot want Jean heeft zijn eigen schip “Billy” in Nieuwpoort liggen. 

Maandag 12 juni 2006 (Horta, Faial, Azores, Portugal)

Ik moet natuurlijk als eerste uit mijn bed, kooi eindelijk, want ik moet ons wagentje gaan terug brengen. Eerst nog wat gaan tanken en dan terug naar de verhuurfirma. Het zelfde meisje als gisteren, duidelijk beter uit geslapen, neemt het wagentje terug over.
Tegen dat ik terug ben heeft Inge Jean al wegwijs gemaakt in de verschillende kasten om op zijn minst de koffie en de choco terug te vinden. Ontbijten en dan Jean de stad gaan tonen.
We komen op de markt terecht en hebben geluk. Een kerel heeft net een paar yellowfin tuna’s op ijs gelegd. Ik kan het niet laten en zeker niet aan 4,2Euro/kilo. Een homp tonijn van 2 kg gaat een plastiek zakje in en we hebben terug een paar heerlijke maaltijden. Inge en Jean laten zich ondertussen verleiden door een oud dametje dat brood verkoopt, aan 5Euro, terwijl een 800gr brood hier 0,39 Euro kost in de lokale supermarkt, ze moeten nog veel leren. Altijd opletten van lieve oude dametjes!
Een hapje gaan eten in ons routine restaurantje met een flesje lokale wijn en het is alweer middag. Terug aan boord wat gaan lezen en gaan schuilen want het is weer beginnen te regenen. De waterpomp die hersteld is lijkt niet meer te lekken, maar ik heb er toch niet zoveel vertrouwen in. Jean is zich verder aan installeren, raar hoor, weer volk aan boord te hebben. 16.00u, het is opgehouden met regenen en we kunnen nog een wandeling maken naar het strand en het verlaten “whale station”. Nog een pint op het terras en dan is tijd om de aperitief te nemen aan boord. Op het internet, natuurlijk weer geen antwoord van mijn werkgever, en dan is er het weer. Het zou mogelijks pas vanaf het weekend beter worden. Een depressie uit het niets gekomen moet nog even benoorden Terciera passeren en dan ziet het er goed uit. De Blue Iguana heeft geen contact met Herb gekregen maar met al die masten rondom ons is dat niet verwonderlijk. Als zij geen contact hebben dan wij zeker niet. Lekker eten, (paar) fles(jes) wijn drinken en een filmpje. Jean heeft last van een jetlag en ligt halverwege de film al te knorren.    

 

Dinsdag 13 juni 2006 (Horta, Faial, Azores, Portugal)

Prachtig weer deze morgen. Een westelijke wind die onze buurman doet vertrekken, enkel maar naar San Miguel. Er staan nog wat whitecaps in het kanaal tussen Pico en Faial maar het weer is duidelijk aan de betere hand. We zouden kunnen vertrekken maar dat is nog niet de bedoeling. Jean wil ook wat van het eiland zien en gaat op verkenning om een motorfiets te huren.
Met het vertrek van onze buren is een Frans koppel naast ons komen liggen. Ze hebben de Caribbean ook al eens gedaan en zijn aan hun tweede rondje Atlantic bezig. Deze keer was het Brazilië en dan rechtstreeks naar Cuba waar ze een paar maanden verbleven hebben. Ze hebben een verstekeling meegebracht: een 8 weken oud poesje dat meteen de show steelt. Ze hebben er twee gered in Havana, die de namen Fidel en Aicha dragen. Fidel is met een ander jacht vertrokken richting Europa en Aicha klimt nu via de grootschoot in de giek om met de reeflijnen te spelen. Onze nieuwe Franse buren hebben de storm op de oceaan uitgezeten, die wij gelukkig achter ons gelaten en hun verhaal is niet zo leuk. 3 dagen bijliggen met tot 60kn wind, buiskap weggeslagen, golf binnen gekregen over de kaarten tafel en HF zender verdronken, 15cm  water in de kajuit,….enkel Aicha trok het zich niet teveel en had slechts het probleem van natte pootjes bij het rondstappen in de kajuit.
Ik kuis de tonijn van gisteren en dan iets stom. De teil water rood van het bloed gooi ik overboord en daarin zit ook mijn beste fileermes. Sh…Sh…. Ook met de grote scheepsmagneet geen geluk. Dan maar duiken. Even later sta ik met vinnen, shorty en duikbril en snorkel, op het ponton en dan het water in naar beneden. Koud!!! Het is maar 4m diep en het water is redelijk helder. En ja hoor, na twee duiken heb ik mijn favoriete mes terug. De buurman aan de andere kant, een Nederlander, vraagt me of ik toevallig niet een antenne isolator beneden tegen gekomen ben. Even duiken en jawel daar ligt ie. Het ding is snel terug bij zijn rechtmatige eigenaar, in de Carib wordt je bedankt met wat rum…maar hier enkel met zeer weinig  woorden…hmm. Nu ik toch in het water ben even de schroef, kiel en roer inspecteren. Geen schade en niets van aangroei. Alles ok dus onderwater. Uit het water en …aperitieftijd is al aangebroken. Ik blijf om de traditie niet te breken in de rum…een t-punch. We gaan een hapje eten in de bar van de jachtclub…een hamburger met frieten.
Na de middag gaan we het internet onveilig maken en kunnen GRIB files downloaden. Nog steeds geen antwoord van mijn toekomstige werkgever. So far for Human Resource Management. Het weer ziet er beter en beter uit. Zelfs periodes met afzwakkende en geen  wind. Toch liever iets van wind, dan niets. Jullie kennen mijn standpunt qua motoren. 
Dan maar naar het strand. Deze keer geen wit strand maar een zwart vulkanisch strand dat snel opwarmt. We kunnen zelfs even gaan zwemmen, maar voor Jean is het toch iets te fris. Terrasje doen en dan aan boord verder aperitieven. Jean heeft echt het mooi weer meegebracht, want tot nu hadden we niets anders dan een Belgisch brokken zomertje te verwerken. Maar nu is het aangenaam warm. Deze avond staat er tonijn op de menu die iedereen aan boord weet te smaken…met de nodige vino verde. Geen televisie vandaag maar wat gezelschapspelletjes.         

 

Woensdag 14 juni 2006 (Horta, Faial, Azores, Portugal)

Jean is altijd een vroege vogel, wij niet. Dus is Jean al weg als wij weer tot het rijk der levenden komen, maar komt even later vrolijk aangestapt met een zak vol koffiekoeken. Braziliaanse koffie komt op dek en een uitgebreid ontbijt, zelfs met spek en eieren. Even langs gaan bij de Blue Iguana. Ze gaan vandaag vertrekken. Ze hebben eindelijk contact gehad met Herb en hij geeft voor de komende week een positief advies maar met “light and variable winds”.  Andy heeft er genoeg van alhoewel Julie wel nog even wil blijven. Dan verstoken we maar wat meer fuel, zegt Andy ons.
We kunnen er weer tegen. Jean gaat zijn brommer ophalen en gaat het eiland even verkennen.
Wij doen de was. Geen gemakkelijke zaak, want we moeten tot 2x terug op en af lopen omdat “madammeke” steeds maar geen machine vrij heeft. Een deel doen we aan boord in de teilen.
Net voor de middag vaart de Blue Iguana af met wie we weer een radionet afgesproken hebben en die eventueel relay zal spelen voor het geval dat we Herb niet te pakken krijgen op de radio. Veel gewuif en getoeter en even later zien we hun zeiltje over de havenmuur naar het noorden verdwijnen. Meerdere boten vertrekken nu en we kunnen eindelijk ook niet meer wachten.
Op de middag gaan we dan maar een restaurantje doen, en dvd-tje halen en een grib file downloaden, in onze mailbox zitten geen berichten meer…als jullie begrijpen wat ik bedoel. Ze trekken zich in België niets van ons aan, wij dus ook niet van hen. “Alberto” is al geboren, de eerste Tropical storm van het seizoen maar zal wel aan de oostkust van de US uitrazen, geen probleem voor ons dus. Het weer ziet er best leefbaar de volgende dagen maar niet qua wind. Licht weer voor de komende 48u. 
Jean is tegen 15.00u al terug en gaat snel zijn “brommerke” binnen doen. Het weer is opperbest en het strand ligt al goed vol. Dan maar erbij gaan liggen. Portugese vrouwen zijn toch niet zo mooi. Ik ben natuurlijk verwend door de prachtige negerinnetjes en de sensuele chica’s van de Caribbean. En het ergste moet nog komen…Engeland.
Weer hetzelfde scenario: terrasje, aperitief, varkenshaasje met porto, en …een studie van de GRIB files. Morgen kunnen we vertrekken. Inkopen nog te doen, uitklaren en weg zijn wij.

 

Donderdag 15 juni 2006 (Horta, Faial, Azores, Portugal)

Het weer wil niet mee, geen blaas wind, niets, een lichte mist hangt over de jachtclub. Er rest niets anders dan een wandeling te maken en de vele honderden muurschilderijen te gaan bekijken van de vele honderden jachten.
Hapje eten in de jachtclub, internet, …het wordt eentonig.
In de namiddag dan maar een grondige controle van de mast en stagen. Jean is zwaarder dan ik en ik ben zwaarder dan Inge, maar Inge ziet het werkje boven de bakstagen niet zitten, dus met Jean aan de winchen zit ik even later in de top van de mast. Ook daar moet ik aan de windmeter draaien om er beweging in te krijgen. Geen wind. En te zeggen dat we hier een week geleden bijna van dek waaiden. De top van de mast ziet er prima uit, alle kabels zijn nog mooi geïsoleerd en nergens is er schade aan de stagen. Enkel één bout zou misschien een beetje beter aangetrokken moeten worden van de onderste zaling, maar alles ziet er nog prima uit. 20min later sta ik weer op dek. Aperitief en een hapje gaan eten in ons restaurantje.
Ik heb het weer zitten. De nieuwe tondeuse die Inge gekocht heeft moet gebruikt worden en ik zit even later als een geschoren schaap op de rand van het ponton. Voor mij drijft de rest van schamele haartooi naar open zee. Ook Jean zit even later op het ponton en Inge haar machine graast alles af op 6mm….wat een ellende!
Het weer is wel prima want tegen de middag is de mist weggebrand en zijn we dan maar weer op stap naar Puorto Pim en het “whale station”. We beslissen dan maar eens de ruines en de begroeiing verder in te gaan trekken. Jean ontdekt er veel planten die een typische anijs geur hebben…ik vind het meer een Richard geur…en Inge vindt dat het naar ”zwarte spekken” geurt, in alle geval het is eetbaar. Bijna een km door het kreupelhout loopt het halfslachtige pad dood in een weggetje naar een strandje net onder de rotsen. Buiten een paar Portugese meiden die wat komen flikflooien met hun lokale lover is er niemand op deze verborgen strandjes, want er blijken er meerdere te zijn onder de rotswant.
Dan maar terug naar de boot met allerlei rode puntjes in onze kuiten van de lokale begroeiing. Klassieke scenario en we beslissen “morgen gaan we ervoor”.  

 

Vrijdag 16 juni 2006 (Horta, Faial, Azores, Portugal)

Het is allemaal niet zo gemakkelijk, het leven. We moeten nog heel wat doen. Eerst naar het weerbericht gaan zien in de jachtclub. De DVD binnendoen, naar huis telefoneren en zeggen dat we nu weer een tijdje enkel via de radio zullen bereikbaar zijn. En naar het internet. Weer geen reactie van mijn werkgever, maar ik hoop eens in Weymouth iets te weten te komen, alhoewel het nu al bijna 2 weken is. Dan terug naar de jachtclub om te betalen, we zijn duidelijk niet in onze thuishaven: 9 Euro/nacht (Incl water en elektriciteit) waar het thuis 28 Euro was…hmmm…het BTW verschil misschien? Jean moet ook op de crew list komen en de douane (Brigada Fiscal) heeft er geen problemen mee. We zijn bijna klaar. Nog even in de supermarkt passeren en zwaar beladen met allerlei verse en gekoelde dingen die worden ingeladen in Eli.
Tegen de middag is het zover…maar er is niets maar dan ook niets van wind.
Ik neem de harde beslissing van 18uur te wachten, mede omdat een oud zeemansgeloof zegt dat er nooit mag vertrokken worden op een vrijdag.
We gaan nog wat aperitieven en eten. Van mijn werkgever: niets. Dan maar tot over een tiental dagen. Het weerbericht geeft nog steeds licht weer, maar 100mijl benoorden zouden we meer westelijke stroming kunnen oppikken met een 15kn wind erin. We zullen zien morgenvroeg.
We hebben een uitnodiging gekregen van een lokale, eindelijk een op het eiland aangespoelde, artiest die in het “whale station” een tentoonstelling geeft van zijn werk en dat van andere artiesten. Allen daarheen. We worden verwelkomd met een likeurtje dat op het naburige eiland gestookt wordt, lekker…maar het is toch geen rum. Wat wel lekker is zijn hapjes die erbij horen. Een aangespoelde zeiler speelt op een gitaar en mondharmonica. Het leven is hier mooi. Via Peters Café dan maar terug naar de boot, onze laatste nacht in Horta.
Het wordt een rustige avond en we gaan vroeg slapen.

 

Zaterdag 17 juni 2006 (Horta, Faial, Azores, Portugal en Atlantische Oceaan 38°31,9N-28°37,5W)

Jean heeft er geen last mee, wij natuurlijk wel. 06.30u zo een onchristelijk uur om op te staan. Buiten is het grijs, mistig met motregen. Ik moet me echt uit dit warme bedje forceren en het eerste wat ik doe is de windmeters nazien: 3kn met windstoten tot 5kn. Dat betekent wind, de laatste dagen was er niets, helemaal niets. Nu zal er wel wind staan eens we buiten de eilanden zijn: op naar “the Atlantic Ocean”. 07.30u, de diesel slaat aan en alles lijkt OK. Voor los en achter los, Jean geeft de boot een zwier en we glijden uit de box en draaien achteruit af. De schroef begint te malen en Eli glijdt vooruit. We passeren de honderden schilderijen waar wij nu ook onze steen hebben ingenomen. Afdraaien uit de club, langs de commerciële haven en even later varen we door het pas tussen Pico en Faial. Grootzeil erop en de motor moet helaas aanblijven. Het is pas tegen 09.00u dat we de schroef kunnen ontkoppelen en de Nr 1 opzetten. We liggen nu benoorden Faial en hebben eindelijk 12kn wind…op kop. Zoals altijd was de voorspelling SW maar in realiteit altijd op kop welke de koers ook mag wezen. Deze keer is het N. De oceaandeining is terug en alhoewel de oceaan vlak is hebben Inge en ik nog geen echte zeebenen. Teveel gegeten en vooral teveel gedronken, vooral na het bericht dat ik naar Brussel moet pendelen. Maar laat deze miskleun nu onze laatste grote oceaantrip nu niet verder vergallen.
Lap daar begint de herrie, we liggen nu benoorden Faial en bewesten Terciera, en de wind trekt aan. Eerste zeilwissel, de Nr3 gaat erop maar we wachten even met reven. Dan is opeens 23/25kn, niet voorspeld maar ze is er toch, en op kop, dus moeten de reven er ook in. De boot loopt prima en de SOG (speed over ground) loopt ver over de 7kn, zalig…alhoewel de oceaandeining speelt toch parten met onze maag. Niet echt zeeziek maar toch wat “kwaks”. Middagmaal is onder andere “kuit” (voor de leken viseieren). Gekocht op de markt en zeer lekker gekookt met een wat pikante saus en wat ajuinen. Het wachtsysteem wordt ingezet. We gaan niet moeilijk doen en enkel een wachtsysteem lopen van 22u tot 07u, elk drie uurtjes: van 22u tot 01u, van 01u tot 04u en van 04u tot 07u.
Herb is ook weer van de partij, het lukt van de eerste dag ons in te schrijven. We moeten echter tot 22.00u wachten om opgeroepen te worden want de route “Azoren-UK”  is de laatste in de reeks routes op de Atlantic die hij behandelt. Blue Iguana komt er ook goed door en zo weten nu ook meerdere mensen dat we op de oceaan rondzwalpen. 15/20 kn uit NW richting, zeker de komende 36 uur. Het blijft grijs en overtrokken, maar het weer boven Europa is goed, en daar varen we nu heen. De eerste nacht gaat in. 

 

Zondag 18 juni 2006 (Atlantische oceaan, 40°44’,0N-026°13’,8W) Day’s run 117 miles

De nacht was redelijk goed, onder de Nr3 en met 2 reven zijn we bij 20kn wat onder bezeild maar we willen geen enkel risico lopen en pas tegen 08.00u gaat de Nr 1 erop. De wind gaat er een beetje uit in de voormiddag en met te weinig zeil op in de nacht is ons daggemiddelde net geen 120 mijl of 5kn/uur. Deze middag lopen we over de Sedlo Seamount, een 1km hoge berg die de diepte van 1,5km naar 500m brengt. Na de middag trekt de wind weer wat aan en ondanks verwoede pogingen om de motregenachtige mist weg te branden, blijft de zon schuil achter grijswitte stratus wolken. Ook de wind van nu toch 15/20kn rafelt de mist niet uit. We keren duidelijk terug naar Europa.
Veel gebeurt er niet vandaag. Het hoogtepunt is school walvissen, geen potvissen maar een kleinere soort. 18.00u piep, piep, piep…sh…de autopilot heeft weer kuren “no data”. De koers wat aan passen en het euvel is verholpen. Maar het is een ramp als de pilot het zou laten afweten. Na heel wat controles aan kabel en verschillende koersen uit te proberen blijkt er niets verkeerd te zijn met de verbindingen en schijnt het probleem over een hek van 40° te liggen. Boven en onder de twee koersen die 40° van elkaar liggen doet ie het prima, binnen deze hoek slaat ie soms na 30 seconden af, soms na 2 uur. We hebben een weerbericht van Herb om 22u, wat weinig verandering voorspeld maar gaan de nacht ongerust in. 
De wind gaat er weer uit en we sukkelen, gelukkig nu met de wind op kop omdat we dan schijnbare wind maken, verder aan 3 à 4kn. Gans de vooravond blijft de autopilot werken.
We gaan onze tweede nacht in op de oceaan. Er zit wel veel fluorescentie in de Oceaan vannacht, even over uitweiden. Dit fenomeen is eindelijk één van de meest ingenieuze verdedigingsmechanismen van de natuur. Eindelijk noemt het bioluminescentie. Het is een signaal van plankton in nood. Plankton dat aanvoelt dat het aangevallen wordt en dus verorberd zal worden, gaat licht gaan uitstralen. Dit in de hoop dat andere grotere aanvallers de aanvaller zal aanvallen (wat een zin!) en zo het plankton gerust zal laten. Het zijn vooral de zweepdiertjes zal marine biologen ze noemen. Het gaat om één of meerdere families van de “autotropische nannoflagelates”. Deze zweepdiertjes leven graag comfortabel, wie niet, en gaan als het warmer wordt naar de oppervlakte van de oceaan komen. Ze hebben geen last van grote dieptes en de daarmee gepaard gaande drukverschillen maar komen naar de zon. Vandaar dat je ze aantreft na warme zomerdagen en van juni in onze streken. Dan is het zeewater in de Noordzee voldoende warm en via de warme golfstroom komen ze tot bij ons. Dat betekent niet dat je ze alleen in de warmere wateren ontmoet, je kunt ze evengoed in de ijszeeën tegenkomen, maar ze komen naar de plekken waar het water warmer is. De minste verhoging van temperatuur activeert ze en worden ze in grotere aantallen naar het warmere deel van de ijszee. Een paar graden verschil betekent een zeer grote kans op “fluo” in de zomer, evengoed aan de polen, als aan de evenaar. Als je ’s nacht zeilt zie je ze dan meestal ook in de zomer, en sommige plekken lichten op zoals een kerstboom. Andere plekken, waar het water koeler is, is het dan weer minder. Waterskiën, snel catamaran varen, en op vlak water zeilen in deze zones zijn één van de mooiste ervaringen die een mens zich kan inbeelden. Een aantal van deze diertjes gebruikt de zuurstof in de lucht om aan de oppervlakte “licht” te maken, maar op geringe diepte zijn veel van deze zweepdiertjes ook al op zichzelf in staat om licht te maken. Als je ooit het geluk hebt, zoals wij gehad hebben, en erdoor te kunnen zeilen met dolfijnen die net onder de oppervlakte langs je boeg spelen, zie je een schouwspel waar je stil van wordt. Niet alleen de boeg van de boot en de golfjes achter je boot lichten op (alles wat schuimt overdag) maar de sporen die de dolfijnen als torpedo’s door het water trekken is om stil van te worden…en dit onder een sterrenhemel waarbij vallende sterren af en toe oplichten. Dan weet je pas waarom je leeft. Bij zwaar weer is de oceaan te turbulent en worden ze teveel heen en weer geschuwd dat ze de “motion of the ocean” incalculeren en pas bij bruuske bewegingen gaan oplichten. Daarom zie je ze in mindere mate bij brekende golven, maar lichten ze je dek op als je boot door een golf beukt en ze over het dek vloeien.  
Wisten jullie trouwens dat deze “oplichtingen” al taal erkent worden? De meest gebruikte taal op deze aardbol is…lichtsignalen. We praten in geluidsgolven die, helaas traag door lucht reizen en complex zijn. Het zijn golven die in het voor ons hoorbare spectrum worden uitgezonden en worden geregistreerd. Licht echter reist veel sneller door een medium; is het nu lucht …of water en dus is de boodschap sneller ter plaatse. Door aanpassing van de frequentie verander je gewoon het kleur van je licht en maak je een ander wezentje duidelijk wat je wil zeggen. In de diepzee leven miljarden wezentjes: auto tropic en hetero tropic nanoflagellates, dinoflagellates, metazoans, polychaetes, amphipoths, copepods, euphausids, en…vissen. In het Vlaams: plankton, kwallen, krabben, inktvissen en vissen, de ene al kleiner dan de andere. De densiteit is soms te vergelijken met de insectenwereld en daarvan zijn er wereldwijd al ettelijke miljarden meer dan dat er mensen zijn. Ah, jullie dachten dat wij de mens, baas op aarde zijn? In zekere zin wel want we zijn de enige die de andere systemen stelselmatig uitroeien. Maar verder nu. Al deze diertjes kunnen slechts op één manier communiceren met elkaar: door licht. Ze gebruiken licht om te jagen, om te paren, om zich te beschermen en om allerlei zaken waarvoor wij onze stem gebruiken. Als je de frequentie van deze signalen zou willen vastleggen, die soms te gering zijn om met het oog te zien maar pas duidelijk worden via de gevoelige plaat van een filmcamera, zul je zien dat er heel wat meer afgepalaberd wordt dan in onze vele parlementen. Licht is dus de manier om te communiceren op deze aarde. Als we ooit in contact gaan komen met andere levensvormen zal het hoogst waarschijnlijk door lichtcommunicatie zijn. Niet door wat stemmen in de ruimte te sturen.
Enfin, stof om, eens je op de oceaan bent, over na te denken, zeker nu we zeilen over de miljoenen zweepdiertjes, die er zijn, tot 4km onder ons. Van het 0,2mm grote dinoflegellates over de bathymonous giganteus (een 80cm grote zeeluis) tot de klassieke 23m lange blauwe vinvis (balaenoptera musculus).  Hoe nietig zijn we en hoe superieur wanen we ons!

 

Maandag 19 juni 2006 (Atlantische oceaan, 41°02’,8N-024°58’,2W) Day’s run 102 miles

Gans mijn wacht, van 01u tot 04u heeft dat kreng van een autopiloot gepiept. De wind ging eruit, en twee keer heb ik manueel gestuurd omdat de pilot besliste de boot alle windstreken van het kompas te tonen. Ik moet nu echt Noord sturen om haar aan de praat te houden. Het gepiep houdt op omdat we nu buiten de “slechte koershoeken” van de pilot varen, van 035° tot 080°. We halen net de kaap van 100mijl, best dat we gisteren nog wat wind gehad hebben. De boot gaat verder aan een slakkengangetje. Met het opkomen van de zon, lees daglicht worden, want de zon zien we niet, gaat de wind shiften. Onze koers zou moeten zijn 053° maar de wind komt net uit die hoek. We proberen met overstag te gaan: op de ene bord lopen we 330°, dat is richting Groenland, terug naar de mid-Atlantic; op de andere 100° dat is naar de Portugese kust…ellende, ellende, ellende. Jean duikt op de middag in de keuken en tovert een heerlijke spaghetti met vers gehakt gemaakt en een sausje van heel wat ajuinen en look. Het smaakt ondanks we beiden onze zeebenen nog niet hebben. Het weer klaart wat open na de middag en we zien echt waar, de zon. Ook de mast en zeiltjes van een ander jacht, maar hij reageert niet op onze radio oproep. De rest van de dag sukkelen we verder. Na het middagdutje is de wind even terug gekomen en wel eerder brutaal. De Nr 3 erop, even later reven erin, en nog even later reven eruit, Nr 1 er terug op en weer aan 3,5kn verder. Om 19.30u UTC meld ik aan bij Herb maar heb geen contact met de Blue Iguana. Ik ga geen zeil minderen want Herb geeft ons “light winds next 24hrs, backing NW”. We gaan de nacht in met alle zeilen bij.

 

Dinsdag 20 juni 2006 (Atlantische oceaan, 42°16’,0N-023°55’,0W) Day’s run 93 miles

Wat een sukkelgangetje. Geen blaas wind gang de nacht, niet overdrijven, we hebben 3 tot 5kn gehad. Later tegen de morgen 5 tot 8kn. Het dag gemiddelde is ernaar: onder de 100mijl. Maar er is beterschap in de lucht, de wind is inderdaad aan het shiften en in de loop van de komt de noordwester erdoor. Eli steigert als een paard, de wind doet haar deugd en eindelijk staat er weer 7kn op de GPS als “speed over ground”. Maar de wind brengt ook weer wolken, en alles is terug grijs. We kunnen nu weer recht op recht op koers lopen: 055° maar het herinstellen van de autopiloot doet het kreng weer piepen. We besluiten nu drastisch in te grijpen. Het probleem moet hem in het elektronisch kompas zitten, dus schroevendraaier erbij gehaald, en de positie in de kast van het kompas gewoon 90° gedraaid. Zo worden de koersen waarop de boot moet varen met 90° bedrogen maar de “slechte” hoek van niet bestuurbare koersen is daarmee naar het NW kwadrant gegaan, een kwadrant dat we toch niet gaan gebruiken. Het schijnt te lukken. Met ducktape wordt het elektronisch kompas nu vast gemaakt en de piloot stuurt de boot terug normaal. Pak van mijn hart!
Nu onze zeebenen stilaan terug gekomen zijn: steak met een speciaal sausje, verse prei en aardappeltjes…heerlijk. Enkel het flesje wijn ontbreekt maar we houden “dry ship”…ik ken mezelf en er liggen nog net 1000mijl voor de boeg. Onder ons gebeurt er weinig, de dieptes zijn constant meer dan 3000m maar deze avond zouden we over de Antialtair Seamounts  varen, weer een berg van een 1km hoogte. Daarna volgt de abys van Kings Trough met dieptes van meer dan 4000m, wat zou daar allemaal liggen?
Om de verveling tegen te gaan, ga ik wat vissen, en Jean wordt van tafel gespeeld door Inge met het spelletje UNO. Het weer is triestig: grijze lucht, loodkleurige oceaan, koud,…
De routine begint er nu in te geraken, eten, wat bijslapen, radiocontacten, navigatie, lezen…en nietsdoen. Goed weer qua wind komt eraan voor de komende dagen, natuurlijk geeft Herb enkel wind, of we nu in de gietende regen of in de stralende zon zitten maakt niet teveel uit voor Herb en eerlijk gezegd ons ook niet meer. Acclimatiseren noemt men dat. Psychologische training voor de toekomst. Als we maar niet in een diepe depressie geraken, maar het zou toch aangenamer zijn onder een zonnetje te zeilen. De depressie houden we liever voor als we terug gaan werken. 
Weer een dagje op de oceaan voorbij. Hoogtepunt van de dag: een groepje potvissen die wat mee zwemt met ons en een kudde dolfijnen voor de boeg. Altijd een plezier die speelvogels om je boot te hebben. 

 

Woensdag 21 juni 2006 (Atlantische oceaan, 44°12’,7N-022°23’,2W) Day’s run 135 miles

Gans de nacht NW 18/20kn en als ik om 04u van Jean overneem zie ik pas hoe slecht het gesteld is met ons weer: Jean ziet eruit alsof ie van een skipiste is gekomen: handschoenen, zeevest, zeebroek, polar, dikke kraag, muts. Even later zit ik ook buiten in een identieke outfit, mijmerend naar achteren, naar het zuidoosten kijkend, de boot de mijlen opstapelend tussen ons en de witte warme stranden van de Caribbean. Even minder de wind wat maar tegen 08.00u zijn we weer weg naar de 20kn, de dagafstand betert: 135 mijl, dat begint erop te trekken. De bestemming is nog steeds Weymouth, maar dat kan evengoed Bretagne of een andere haven aan de Zuid Engelse kust worden. Vandaag ook Zomerzonnewende. Ik ga er de tafels niet bijhalen maar in alle geval korten de dagen vanaf morgen. Het is echt al uitgesproken anders hier te zeilen qua daglicht. De zon gaat bijna tegen 21.30u onder en het klaart al om 05.00u (UTC times), met lange uren schemeringen. In de Carib was het zonsondergang om 18.00u en nacht om 18.30u, hier is het maar een paar uurtjes echt nacht.
Weer een staaltje sterke kookkunst aan boord: varkenshaasje in porto, boontjes en gebakken aardappeltjes. Hebben we het koud en is het grijs, we eten super. Verder gebeurt er niet veel.
Weer potvissen naast de boot, niets gevangen aan de sleeplijnen, geen jachten gezien en de ganse dag 18/22kn gusting 25kn uit het NW, dwars op onze koers. Het gaat lekker.
Herb waarschuwt ons voor 25kn+ deze nacht, maar rond 23.00u is daar nog steeds niets van te merken. Weer een boek van Dan Brown uit. 


 
Donderdag 22 juni 2006 (Atlantische oceaan, 45°47’,8N-020°03’,8W) Day’s run 137 miles

Het loopt lekker, weer net geen 140mijl afgeklikt deze morgen. Nu begint het af te tellen op de log, 751 miles to go. Alles is normaal aan boord. Bij de ochtendwandeling op het voordek, niet alleen om de benen te strekken maar om een visuele controle van alles (beslag, mast, zeilen,…) vinden we een soort ballyhoo op dek. Een visje met lange bek, dat het favoriete voedsel is van zwaardvis. Dus het lijfje van het overleden diertje wordt vakkundig aan de dubbele haken onder de plastieken inktvis vastgemaakt en 50m achter de boot mee getraild.
Het eten is weer prima. Weer steak op het menu. We hebben voor 7dagen vers vlees bij en dus…met ratatouille en rijst. Heerlijk. We proberen wat te prutsen met windmode van de autopilot om het ding op data van de wind te laten sturen, in de plaats van op het elektronische kompas. Dit lukt niet, want ook de windmode gebruikt data van het elektronische kompas om een inzicht van de hoeken te verkrijgen.
Op de middag draait de wind zelfs iets naar het westen, dus lopen we trager met deze achterlijke wind. Dan maar de Nr 3 op de spinakker boom gezet. We voelen ons even terug in de Trade winds. En dan om 16.00u: gruwel ende horror! Stormvogels zien we bijna altijd rondom de boot en eentje heeft het inktvisje met onze gevonden vis in het oog gekregen. Hij duikt erop af en helaas blijft de haak in zijn bek zitten. Eerst denken we dat het een strike was maar toen zagen we dat het een vogel was die aan de lijn hing. Twee andere vogels schreeuwen het uit. Ik haal de lijn zo snel mogelijk binnen, niet op de molen maar met de hand, het kan me niet schelen als de lijn zal verwarren, dat beestje moet gered worden. We krijgen hem aan boord en hij leeft nog. Maar aan 7kn lopend en tegen deze snelheid aan boord gehaald worden heeft hem veel water doen binnen krijgen. De haak had ie niet ingeslikt en was stomweg op een halve cm van de tip van zijn sterke bek blijven steken. 1cm verder en er was niets gebeurd. Ik duw zachtjes op de borst van het diertje en er komen gulpen zeewater uit zijn bekje. We zetten het diertje in een handdoek en laten hem tot zichzelf komen, het beste hopend. De lijn gaat niet meer overboord, tot ik zeker ben geen andere dieren buiten tonijn of zwaardvis te pakken te krijgen. Het mocht niet baten, misschien van de schrik maar even later is de prachtige grijsbruine stormvogel overleden. Scheepsbegrafenis dan maar. Zoals op weg naar de Cabo Verde schijnen vogels, eens aan boord, niet lang meer te leven. Op een houten plank glijdt zijn lijfje de oceaan in. Iedereen is ervan aan gedaan. Niemand wilde dat en we voelen ons allemaal schuldig. We hebben zonder het te willen een leven genomen dat we niet konden opeten. Maar gedane zaken nemen geen keer, en de mijlen tellen verder af. Zijn lijfje is binnen de minuut nog een stip tussen de golven van de oceaan.
Weerbericht binnen genomen en de wachten gaan verder. Via Radio France International horen we dat de Portugese kust van langs krijgt met winden tot 45kn, we gaan de nacht is met 18/22kn onder Nr 3 en dubbel gereefd aan 7,5kn. Er is wel iets meer verkeer op de oceaan, we zien al wat meer schepen en soms wordt het zelfs even plotten. Met dit weer komt af en toe een golf over dek en slaat het buiswater soms helemaal tot vanachter. Vreemd, we zitten met handschoenen, ski muts en volledige zeilkledij tegen de koude lucht en toch voelt de oceaan warm aan. De zweepwezentjes zijn er ook weer, de “fluo” licht af en toe het dek wat op. Trouwens weten jullie welke “hoger” dier het meest gevoelig is aan een lokale temperatuurswijzigingen in het water…de sphyrna mokarran of de gewone hamerhaai. De kop van de hamerhaai is een uiterst gevoelig instrument, zo complex dat de wetenschap er nog niet helemaal in geslaagd is te bepalen waarvoor het dient en hoe het werkt. Het zou een navigatie instrument bevatten, werkend op basis van het magnetisch aardveld, maar ook een soort radar die in staat is warmte lagen te onderscheiden in het water. Telecephalon olfactory kwabben in het bizarre hoofdje zijn in staat een partikeltje bloed op een zeemijl te detecteren. Deze soort haaien gaan dus enkel aanvallen als ze bloed detecteren. Natuurlijk zijn ze nieuwsgierig als ze iemand in het water zien, en aan de top van de voedsel piramide kunnen ze het zich permitteren eens te komen kijken in de plaats van te vluchten. Bij aanraking met hun huid, te vergelijken met schuurpapier kun je gaan bloeden en dat gaat de knop in hun hamerhoofdje dan weer op aanvalsstand zetten. Met soms ernstige gevolgen.
En zo gaan we weer een nieuwe nacht op de oceaan tegemoet mijmerend over hamerheads en zweepdiertjes.   

     

Vrijdag 23 juni 2006 (Atlantische oceaan, 46°46’,3N-016°53’,5W) Day’s run 142 miles

Bijna een week onderweg en nog 550 mijl te varen. Het is de ganse nacht goed blijven waaien, een 20/25kn over dek en de dagafstand is ernaar, over de 140mijl, Eli is in haar goede doen. Wel ijskoud vannacht, alléz voor ons toch: 13° à 15°C. De zeegang is beduidend bijgekomen en ik ga wat oostelijker varen. Telkens de boot over een grote golf komt beukt haar boeg teveel in de over krullende top en ze wordt erdoor afgeremd. Wat dan weer een pompende beweging in de mast geeft. Liever wat “off the wind” zeilen als we het materiaal kunnen sparen. Tegen de middag is het wat rustiger, zo een 18/20kn maar de vaart blijft in de boot, 6,5 à 7,5kn. Tijd om weer gastronomisch te gaan koken: varkenshaasje in portosaus (echte porto uit de stad Porto, een kelderrestje gevonden diep in de bar onder de vele flessen rum), met rijst en vergezeld met een Indische saus met rozijnen. Met het fruit dat door het beuken in de golven wat beschadigd is, maakt Jean een heerlijke fruitsalade als dessert. Verder wat lezen, de bilges nazien op water en wachten op het weerbericht van Herb. We slagen er niet in hem te bereiken, nochtans zijn de batterijen goed bijgeladen maar meer dan static ruis komt er niet uit. We hebben gelukkig nog het bericht van daags voordien en veel wijzigingen waren er toen al niet voorzien. Van de Blue Iguana hoorden we later dat hij zijn uitzendingen die dag heeft moeten afsluiten omwille van te slechte propagatie. We zitten nu al in de schemerzone en het verst op een oost-west lijn van hem. Dit betekent dat bij zijn uitzending, om 20.00u UTC hij met de meeste boten in een dag/dag situatie zit. Bij ons gaat het dan al schemeren en bij schemerzones ’s avonds en ’s morgens verandert de ionosfeer. Dan weerkaatst deze de golven niet meer of niet meer zo goed… en dus geen Herb vanavond. Ondertussen wordt het rustiger op de oceaan, 10/13kn en dus weer een 20° noordelijker gaan instellen op de autopiloot.      

 

Zaterdag 24 juni 2006 (Atlantische oceaan, 47°47’,6N-013°35’,8W) Day’s run 145 miles

Hopsa, we zijn een week onderweg en weer een dikke 140 mijl van de teller, rond de 400 te gaan, en over de 900 al gelopen. Ons gemiddelde ligt nu goed boven de 5kn en ik kan beginnen met de ETA (expected time of arrival) te berekenen. We maken een ankerwacht op: diegene die het dichtst bij het tijdstip “eerste lijn op de wal” of “anker aan de grond” zit, wint de drinks in de bar. Er is nu een lichte bries 8/10kn en wel lopen nog iets over de 5 mijl. Maar de wind gaat nu al meer naar het NE, niet zo best voor ons. Ik kan altijd Brest terug aanlopen, maar dan moeten we terug door de Chanal Du Four, een niet zo leuk kanaaltje tussen de rotsen en het Franse vasteland. We vinden weer een ballyhoo op dek maar willen niet meer vissen, de stormvogel indachtig zijnde. En trouwens binnen 72u zijn we aan wal.
Ik probeer om 12.00u nog eens Oostende Radio op te roepen; en om één of andere reden roept Jean of Inge me aan dek. De radio staat nog op en op de frequentie van Oostende radio. Ik hoor opeens duidelijk “Wie roept Oostende Radio?”. Het lukt dus toch. Ik kwam later te weten dat we een paar minuten moeten wachten tot hun zenders opgewarmd zijn opdat ze zouden kunnen antwoorden. Ze antwoordden dus altijd op onze oproepen, maar dan was ik al terug op een andere frequentie aan het werk. Dus weer een mysterie opgelost. We spreken nu af elke dag een positie en toestand door te geven. En eindelijk kunnen we met het thuisfront praten. Iedereen dolgelukkig eindelijk nieuws te horen van de Elegance op de oceaan.
We ontmoeten ook twee Russische schepen en eentje is zo vriendelijk in hun dialect Engels ons een weerberichtje door te spelen. Ik hoop binnen de 24hr ook weer Navtex berichten te kunnen ontvangen want Corsen, op bijna het uiterste puntje van Frankrijk is zeer ver te ontvangen. Het weer in Europa is opperbest maar we krijgen NE winden, natuurlijk op kop, voor de volgende dagen. Een paar minuten later is de “Transchem Sky” al uit het zicht en zijn we weer alleen onder een loodgrijze hemel. Alhoewel het een prachtige sterrenhemel was deze nacht is het bij daglicht bewolkt. Deze middag wordt het minder qua eten, onze vleesvoorraad is uitgeput en geen vissen aan de haak. Dus de grote hesp uit Charlotte Amalie (USVI) die al een paar weken te drogen hangt, wordt vakkundig door Jean ontbeend en met aardappelen en kool in een éénpansgerecht klaargemaakt.
Tegen de avond hebben we contact met de Blue Iguana, maar niet met Herb, ze zijn zeer dichtbij ondanks dat ze een paar dagen eerder zijn vertrokken. Ze voorspellen tot 25/30kn wind maar het ziet er echt zo niet naar uit. We blijven op koers zelfs al is de wind weer wat terug NNW gegaan, 10/15kn. We beginnen nu eindelijk een concretere planning te maken waar we “landfall willen maken. Brest ziet er nu weer beter uit op minder dan 400 mijl en met deze wind…hmm, Falmouth is even ver maar de wind zit niet zo goed. En onze initiële bestemming Weymouth is iets, 100mijl +, verder; ook tegen de wind in. We zien morgen wel. De wind begint eruit te gaan en net als Herb 30kn voorspelt! Middernacht, ik ben van wacht en zie alle streken van het kompas, de wind is weg en net voor middernacht moet ik zelfs opstarten. Na een week rust voor het ijzeren monster moet ie toch aan het werk. Hij met evenveel tegenzin als ik.

 

Zondag 25 juni 2006 (Atlantische oceaan, 48°20,4’N-011°00,2’W) Day’s run 135 miles

Weer een nachtje oceaan voorbij. Gelukkig heeft de machinekamer maar 2 uur moeten van dienst zijn. Nu zijn we ook gerust want alles beneden is met de mechaniek nog in orde. Tegen het begin van de opgaande wacht, mag het ijzeren monster gaan slapen, net als ik. Een laatste blik op de windmeter stelt me gerust 17kn, zalig het water weer te horen voorbij gulpen langs de romp. Een paar uur later komt Inge me wekken, het wordt weer teveel van het goede. De 30kn van Herb zijn er toch, maar het is zalig zeilen over een vlakke oceaan. Na een zeilwissel gaat alles weer rustig zijn gangetje. Het is een koude, grijze dag…net alsof ze ons willen voorbereiden op België…hmm. Zeilwissels en weinig slaap…Maar tegen 08.00u gaat de wind weer modereren.
Tegen 12.00u UTC hebben we terug kristalklare verbinding met Oostende Radio en Jean verneemt de examenuitslagen van zijn zonen…geen commentaar.
Opmerkelijk is dat we deze middag over het “continental shelf” komen. De diepte gaat van 3km naar 150m en we passeren zo een 30 mijl benoorden de little sole bank. Een spaghetti op de middag, uit “droogvoer” geeft, zowat de toon van ons gemoed aan…smaak en kleurloos…Ik probeer te vissen maar weer duiken de stormvogels uit het niet op, dus inhalen…ik wil geen tweede moord op mijn geweten.
Herb komt er ’s avonds niet door en de Blue Iguana heeft haar eigen problemen. Ze liggen maar op 50mijl van de Scilly’s en motoren al 18uur. Met een verlies van 3 uur om een verstopte dieselfilter te klaren.
Maar de windhoek is gebleven en de koers is nog steeds recht op recht, 065°. Nu beslissen: het wordt Falmouth. De Scilly’s zijn ook nog een optie, moest er zich een ernstig probleem voordoen, op 140mijl. We hebben genoeg koud gehad en te weinig zon gezien, en we gaan nog meer afzien op het vlak van het weer, eens terug in ons depressielandje. Brest is nu al verder van Falmouth en die dikke 100mijl naar Weymouth is er teveel aan.
Jean slaagt er nog in een lekkere uiensoep klaar te maken maar dat heeft ook zo zijn gevolgen. De wacht krijgt meer dan ooit vreemde geluiden op de oceaan te horen…en niet van zieke potvissen om de boot.  
Best een dag om te vergeten. Voor iedereen hier op de oceaan. Toeterend de nacht in…      

 

Maandag 26 juni 2006 (Atlantische oceaan, 49°07’,6N-007°38’,2W) Day’s run 122 miles
 
20/25kn wind…op kop. Je wil het wel uitstellen om zeil te minderen omdat de boot aan een ongelooflijk snelheid voort raast over een gladde oceaan, maar het tuigage en de mast zien teveel af. Nr3 erop en twee reven in het grootzeil. Een nieuw probleem biedt zich aan. De boot maakt redelijk wat helling over stuurboord deze keer, en het op en afgaan van de oceaanswell pompt water langs de afvoer van de twee spoelbakken naar boven door de zwanenhals van de leidingen. Gevolg meer en meer water stapelt zich op in de lij spoelbak. Net deze is afgedekt door een teflon cover…en zien we te laat dat deze overloopt en het oceaanwater in de kast met …propere glazen loopt. Ik duik onder het aanrecht om de kraan af te sluiten maar deze is “vast gecorrodeerd”. Weer iets voor de “thing to do list”, een boot is altijd een aaneensluiting van werkjes. Oplossing, de afvoerstoppers erin geduwd, maar die zijn niet berekend op de tegendruk. Met een ketel gevuld met water deze te blokkeren lukt het dan toch. Deze zijn de dingen die het leven zo onaangenaam maken dat veel zondagzeilers besluiten hun boot te verkopen. De spreekwoordelijke druppel van de emmer, bij ons een 10ltr emmer in een kast, 20 glazen vol zout water en onze handleiding “brood bakken” om zeep. Het wordt er niet beter op en ik beslis met Jean de stormfok erop te zetten, ik wil geen enkel risico lopen, zo dicht bij thuis en dan iets breken, neen hoor! De oceaan begint zich te vormen en nu hebben we ook nog de zeegang tegen. Een eind in de morgen, weer winden rond de 25kn…Nr 3 er terug op…wissel na wissel. Waar is de stabiliteit van de Trade winds? Ik wil terug! Ke zien ekik ier nie geeren!
Daar waar de voormiddag ons met 25kn wind bezig hielt en ons middagmaal tot (weer) een uiensoep herleidde met veel kaas, pest de wind ons in de namiddag met weg te zakken tot 6kn, maar met een zware restzeegang. Iemand daarboven wil niet dat we een concrete timing kunnen opmaken. Ook Herb en de Blue Iguana zijn niet te bereiken. De crew heeft nood aan een douche, niet mijn prioriteit, maar een stabiel weerpatroon houden me meer bezig.
We zijn duidelijk in het Kanaal terug aan het zeilen. Vannacht zijn we de Scilly’s gepasseerd. Spijtig, had ik wel eens willen bezoeken. En het is druk geweest! De traffic separtion zone van de Scilly’s doet heel wat kusters in onze omgeving varen, ook vissersschepen zitten in de buurt. Gedaan met oceaanzeilen dus! Echt uitkijken voor de wacht. Gelukkig reageert onze autpilot nog steeds goed op de koersaanpassingen met een met ducktape vastgeplakte fluxgate kompas. Creative Marine Engineering!

 

Dinsdag 27 juni 2006 (Atlantische oceaan, 49°47’,5N-005°06’,1W) Day’s run 124 miles (Falmouth, United Kingdom+ 25 miles tot 50°09’,2-005°03,9W)

Miserie, miserie, miserie… van middernacht tot 04.00u heeft de machinekamer het moeten overnemen. Ja, het is warm in de boot geworden, de geur dan diesel erbij genomen, en de batterijen staan te flirten met de 13v, toch iets positief. Om het verhaal kompleet te maken, is de wind gaan waaien net op de koerslijn. We lopen nu 135° ipv 065°, het ziet er zalig uit…om naar Brest te zeilen, en we hebben geen 24u geleden Falmouth geplot. Ik motorzeil dus, op grootzeil alleen, op een koers van 135°,  terug weg van de Engelse kust. Ik heb nu de wacht van 04.00u tot 07.00u maar laat de crew doorslapen tot ze wakker worden. Ik moet dit zelf, alleen uitzweten, en de crew niet lastig vallen met mijn gevloek. Daarboven hebben ze (de weergoden) het nu gehoord en de wind komt stilletjes terug. Van pure koppigheid stop ik de motor en zet de Nr 1 bij, ga overstag en trim alles…alleen. Het geratel van de winches, de andere helling van de boot wekt de crew niet, best. Ik ben alleen bezig tegen het begin van het Kanaal, het begin van de Noordzee, tegen de natuur. Deze laatste oceaanmijlen zijn van mij en van mijn alleen. Eli krijgt haar zin en weer over een vlakke zee glijdt ze verder met soms tot 20kn wind. Onder vol grootzeil en Nr1 splijt ze het water aan 8kn open. Ik neem alleen 1 rif, geen 2, ik wil voor de middag “fish and chips” eten!
07.30u Land! Eindelijk, en daar komen de kopjes van Inge en even later Jean boven dek. Twee koersaanpassingen heb ik nog moeten doen voor een trailer en een kuster. Maar de wind begint eindelijk toe te geven. We kunnen nu eindelijk eens, na 10,5 dagen, recht op recht varen. Na heel wat rekenwerk aan de kaartentafel hebben we, na een ommetje van 17mijl door te kruisen deze nacht en morgen, 124 mijl op de dagteller. De tegen 08.00u afgesloten milage zegt ons dat er nog 25 mijl resten tot de aanlegsteiger. We hebben ook nog verbinding met Oostende Radio en melden af, we lopen binnen 2 uur aan. Je kunt je niet voorstellen wat een gevoel het geeft en welke gedachten er allemaal door je hoofd razen. Echt waar, je ruikt land, je ruikt aarde en bloemen en… mensen en industrie. Opeens zijn er veel boten rondom ons…veel werk. Stroomatlas bekijken, kaarten wisselen, radiofrequenties opzoeken, aanloop voorbereiden en route memoriseren, peilingen nemen, boot opruimen, beleefdheidsvlag opzetten, opeens valt je routine leven in het water.
Jean gaat “manual” en stuurt Eli recht op de haven, de west ingang van de Black Rock. Natuurlijk vertrekt er een tanker en de Harbour pilot vraagt ons achter het schip te lopen. Normaal is dit geen probleem, maar na zolang op de oceaan te zijn denk je voorrang te hebben en te krijgen, maar we zijn terug in de echte wereld, waar regels en reglementen niet meer door de natuur zijn opgelegd maar door de mens, en terug in België zal het nog erger worden.
11.53u, Boei in aanloop dwars geplot, 12.30u St Anthony head dwars, 12.35u Black Rock dwars, 13.30u lokale tijd: eerste tros valt op Europese bodem. We liggen vast in de positie hierboven. Het is ons gelukt, de cirkel is rond; de oceaan is overgezeild.
We meren wel af naast een oudere Engelse tweemaster die in zeer rudimentaire omstandigheden terug naar Engeland is gekomen. De eigenaar, Stewart, heeft de boot in Trinidad gekocht en is ermee naar de UK gekomen: much more boat for much less money! Hij heeft problemen met de warmtewisselaar van zijn motor en wacht op wisselstukken. Zijn vriendin zou morgen het laatste stuk komen naar huis meezeilen.
Direct krijgen we een uitleg waar het best fish and chips restaurant is. De lijnen naar de wal en naar onze buurman liggen vast. Niet zo eenvoudig want het schip heeft geen verhaalklampen meer! En even later is het zover: vaste grond onder onze voeten. We krijgen wat informatie van de dame verantwoordelijk voor de ligplaatsen. Ik stel duidelijk dat we na 12.00u zijn aangekomen omdat, weeral zoals ze het bij ons zouden lappen, ze in staat zouden zijn je een extra dag aan te rekenen. Maar zo zijn ze hier niet. De dame is heel vriendelijk en haar assistente, Alice, is een “eyecatcher” met twee ravenzwarte vlechtjes aan beide zijden van een hoofdje, reeogen en een mondje met pruillipjes. Niet het type dat je in Engeland verwacht.
En jawel, wie zijn de eerste die we ontmoeten op onze weg naar de Pub: de complete crew van de Blue Iguana, op weg naar hun huis want dit is hun thuishaven. Maar veel tijd voor palaver hebben we niet: honger. Maar het valt tegen, we krijgen het niet over ons hart bijna 10£ te betalen voor een simpele “fish and chips”, iets wat je aan een frietkot kunt krijgen, dan maar kuit (viseitjes)…in het frietvet. Het is warm en er zijn frieten bij: de Engelse keuken is er ook niet op verbeterd, de afgelopen twee jaar. Dan terug aan boord en met de code van Alice naar de douches. Alice zelf ging niet mee. Doet toch wel goed een kwartier lang onder het stromende warme water te staan in een douchecel dat groter is dan je salon aan boord!
Het weer is grijs maar het regent niet. De rest van de dag houden we ons bezig met de stad te verkennen, inkopen te doen, naar huis te bellen en de boel aan boord op te ruimen. Tegen 18.00u wil ik op de walstroom gaan maar je moet een ticketje kopen voor 1£ en Alice is al naar huis vertrokken. We betalen hier om te liggen en dan wil ik wel alles, inclusief kunnen bijladen, de frigo’s opzetten, tv en dvd! Nu zie je op de tellers dat er nog wat restwaarden zijn van reeds vertrokken boten, daar kunnen we op inpluggen. Gelukkig maar dat een lieve, typische Engelse dame ons met het systeem verder helpt. Er komt wel een tweede verlengkabel aan te pas en dus hebben we toch elektriciteit. Nu staat er weer water in de bilges dit maal door de, jawel, waterpomp die weer gaan lekken is. De reparatie met oplassen en terug afdraaien van de as is bijzonder slordig gedaan. De pomp gaat eraf en wat blijkt. Door het slordig afdraaien zijn er bramen metaal gaan uitsteken die de dichting om zeep geholpen hebben, en zo blijf je bezig!
Op naar een Indisch restaurant waar we het er eens goed van nemen. Zo van nemen dat we even later met een “doggy bag” (voor de leken: zakje met restjes die je niet kreeg aan tafel) naar buiten wandelen. Aan boord dan maar gaan slapen. Hoe stil is het terug aan een ponton. Een kleine “kwéékhoane” (Ostends dialect komende van het Engelse woord “quick-one”) , een scheut rum…en dan slaaaaapen.

 

Woensdag 28 juni 2006 (Falmouth, United Kingdom)

Lang uitslapen en weer douchen. Inge neemt de wasmachines in beslag en Jean in ik duiken het machinekot terug in. De afgebouwde waterpomp uiteen gegooid en de dichting meegenomen naar de shop in town. Even langsgaan in de bibliotheek, hopende dat defensie eindelijk zou geantwoord hebben…Neen hoor, niets. Men wil blijkbaar groot doen door moderne woorden te gebruiken (Human Resource Management, Competentie management…) maar in wezen is de “in plaats stelling politiek van het personeel” nog steeds als dat van tussen de 2 wereldoorlogen uit de vorige eeuw. Zelfs de elementaire beleefdheid te antwoorden blijft uit. Ik zal er niet meer over zagen maar veel reclame zul je ons niet horen maken. Waar ben ik terug aan begonnen?????
We nemen op de middag wat “pastries” als lunch, soort koffiekoeken die de Engelsen met van alles en nog wat vullen en opwarmen. Is wel zeer lekker, als je de gemiddelde kwaliteit van de Engelse keuken in rekening neemt.
Dan maar wat inkopen gaan doen en zelfs na 4 shops is er niemand gebleken in staat te zijn een 3£ of 4.5Euro dichtingtje van Jabsko op stock te hebben. Een firma in Pendris zou dat wel hebben.
In de middag is Inge naar de kapper getrokken en Jean en ik gaan op stap naar Pendris. 4 jachtwinkels verder en telkens doorgestuurd worden leveren niets op. Eén shop, Marine Track, zal het bestellen en maximum in twee dagen zou het geleverd worden. We besluiten van te wachten, maar geven de dichting en de as niet uit handen. Met de bus terug want onze voeten doen pijn van de wandeling langs de rivier. Overal prachtige Engelse tuinen en nergens zwerfvuil. Falmouth heeft ook 68km stranden en is zeker een aanrader. De typische Engelse kastelen en huisjes, kleine jachthaventjes langs de rivier, stoomtreintje…echt prachtig. Zeker nu dat het weer wat beter is. Echt een aanrader, ook met de fiets (www.falmouthvisitor.com). Maar wij nemen toch de bus terug naar de boot.
Met Alice regel ik het havengeld en krijg ook de elektriciteit kaartjes. Met zo een kaartje doe je zeker meer dan 24hr, dus komt het toch weer eens goedkoper uit dan in onze thuishaven.
Avond maal zijn de keuken restjes met de doggy bag van onze Indische vriend van gisteren.
Stewart, onze buurman komt met een fles wijn aanzetten, wij dan nog eentje, en dan nog eentje van Stew en dan nog eentje van ons….pfoeaaah…

 

Donderdag 29 juni 2006 (Falmouth, United Kingdom)

Hoofdpijn!!! Die Portugese wijn is toch best niet te mengen met de Franse. We gaan dan maar douchen. Bij het wegbrengen van de vuilnis vind ik een reeks van het magazine “Yachting World” van de afgelopen 5 maanden, weer leeswerk. Inge en Jean helpen een Zweed afmeren die zijn mast verloren heeft. Ook andere zeilers komen helpen. De man heeft een trip van meer dan 30 dagen erop zitten en is er als solozeiler helemaal door. Zijn mast is afgebroken en de spinakkerboom is nu het “jury rig”. Hij verliest de pedalen en begint te wenen, snijdt zijn schoten over en geeft die aan Inge en Jean als landvasten. Hij verdwijnt in zijn boot en gaat slapen. Voor zo een mensen hebben wij, en de andere booteigenaars (zeil en motor!) op het ponton, een immens respect. Moest het aan mij liggen laat ik die man hier gratis een paar weken liggen om bij te komen, en voorzien wij, als “fellow cruisers” hem van alle gemakken en hulp. Iedereen aan het ponton wil die mens helpen. Ondenkbaar bij niet-booteigenaars maar bij co-oceaanzeilers en cruisers zit er echt nog kameraadschap. Ik denk terug aan mijn thuishaven waar het ook niet-booteigenaars zijn die de lakens (lees liggeldprijzen) uitdelen…stof tot nadenken.
Dan maar wat winkeltjes gaan afschuimen. Even bellen naar “Marine Track” maar de dichting is nog niet binnen, morgen zal het er “zeker” zijn en komen ze het bij Alice afgeven. Het weer is prachtig en we vinden een echte fish and chips shop. Op de middag zitten we dan ook op het plein in de zon uit een oude krant de fish and chips te verorberen. Wat een aanslag op onze lever de laatste 24hr. We krijgen de frieten zelfs niet op, maar hordes grote zilvermeeuwen zitten klaar en kijken ons bedelend aan. Thuis krijg je thans 200 Euro boete om zo een diertje eten te geven, kwestie dat jullie het weten. Hier geen enkel probleem en de diertjes zijn gelukkig, en er zitten er ook heel veel van die “vlooienbakken”.
Inge en Jean gaan terug naar de boot…om wat in de zon te gaan rusten. Ik ga de antiekzaken en boekshops afschuimen. Ik vind er enkele dinky toys wagentjes en heel wat lectuur. Zalig gewoon zo een namiddag in de zon van standje tot standje slenteren en overal over de prijs discuteren. De meeste hebben de inhoud van hun winkeltje met dit goede weer naar buiten gesleurd. Het is ook de moeite de dames van het Engelse ras te bewonderen. Toch prefereer ik de elegante benen van de Caribische zwarte schoonheden boven de melkwitte met sproeten en tatoeages bezaaide blubberarmen van de Anglosaxische bevolking. Alhoewel deze soms een paar extra punten scoren door de over benadrukking en expositie van hun zeer weelderige boezems. Terug naar de boot dan maar. We maken samen nog een wandeling langs de pontons en bekijken de bootjes. Een zeer onbeleefde nieuwe buurman komt naast ons afmeren aan de andere kant en breekt zelfs één van onze kandelaars af. Deze was eindelijk al stuk maar nu is ie helemaal afgebroken, zelfs geen “sorry”. Het bootje is een wrak, de kerel is een wrak en dus gaan we niet discuteren. Zijn twee masten zijn op dek liggend wrakhout en een Amerikaan, een jonge gast, gooit zijn spullen op het ponton en vertrekt. Dat was zijn bemanning. Zijn vrouw, een Filippijnse staat hem op te wachten. De boot is rechtstreeks van Bermuda gekomen en een storm heeft aangetoond dat de boot niet echt oceaanwaardig was. Nu liggen ze hier zonder masten.
Een Saddler 24 is eveneens aangekomen, picobello in orde, en de eigenaar is volop makreel aan het kuisen. Hij schrijft in een colum voor Practical Boat Owner, en vraagt ons ideeën. Ik toon hem ons leeslampje en ankerlichtje op zonneenergie, die in feite tuin lichtjes zijn. Hij is onder de indruk en zal het in de eerstkomende PBO als innovatie naar voor brengen. We nemen direct een patent erop.
Dan maar wat Trivial Persuit spelen terwijl de oven de ene na de andere warme pizza uitstoot. Natuurlijk sneuvelen er terug wat flesjes wijn maar de kater die opnieuw achter in de boot lag te lonken blijft uit. En deze keer vroeg gaan slapen.

 

Vrijdag 30 juni 2006 (Newton Ferres, River Yealm (Plymouth), United Kingdom) 

Wachten op de firma Marine Track, 09.00u niets en ik wil niet wachten. Het kost ons anders nog een dag. Van een lieve dame die we ontmoet hebben op het ponton en die ons de eerste avond met de elektriciteit geholpen heeft krijgen we een ticket voor het Cornwal National Maritime Museum. Gewoon weer opvragen als je buiten komt en het ticket haar terug brengen. Tegen 10.00u is de dichting er nog niet en ik geef Alice de opdracht de dichting te ontvangen, als die toch nog zou aankomen. Stewart zijn vriendin is ondertussen aangekomen en samen vertrekken ze nu al. Alice komt langs en onze andere buurman (met Filippijnse dame) wil niet betalen. Grote discussie, en de havenkapitein komt eraan te pas. Dat hij dan op anker gaat op de rivier.
Dan maar naar het Museum. En deze middag gaan we zeilen wat er ook moge gebeuren met de dichting. We willen op wat wind wachten en pas deze middag de baai van Plymouth overzeilen. Eerst nog wat profiteren van de vieuw en het museum. Met het kaartje lukt het ons toch binnen te geraken en het museum is echt de moeite. Van elke boot die ooit een olympische klasse is geweest en nog is, is er een exemplaar, de Lifeboat Association, van wedstrijdzeilen tot ijsexpedities, van overleven in een liferaft tot de tonijnvisserij, alles is er tentoongesteld (zie ook www.nmmc.co.uk). Helaas moeten we vroeger dan voorzien het bezoek afbreken, want er met nog gezeild worden.
Van Marine Track geen spoor, dus gaan we aan boord de waterpomp monteren met een reeks dichtingen die we liggen hadden tussen as en bestaande dichting, desnoods ledigen we de bilges wat meer. We eten wat en zijn klaar om af te varen tegen 14.30u, onder een stralende zon. De “Mir”, het Russische opleidingsschip heeft net Falmouth aangelopen voor de Tall Ships Race. In 2000 heb ik het schip nog bezocht, als deelnemer van de Millinium Tall Ship’s Race in New York. Toch weer een prachtig zicht.
De motor is wat vroeger opgestart en de waterpomp lekt weer wat, maar toch niet een constant gedruppel, zeker niet zo, dat we de zeekraan moeten afsluiten. 14.45u Black Rock is alweer dwars en het is een prachtig zicht, Zuid Engeland. Dit deel althans vinden we mooier dan Bretagne! Met 12/14kn wind schiet het goed op, de stroom  zet ook nog eens mee. Maar mooie liedjes duren niet lang, en tegen 16.00u is de wind al terug rond de 6kn. We zeilen nog wat maar niet echt snel. Natuurlijk op autopilot loopt Eli aan een slakkengangetje bijna recht op een motorbootje dat makreel lag te vissen. De Engelsen kijken niet eens op als we op een paar meter van hem passeren.
Het wordt avond en de motor moet nu echt op, tegenstroom! En tegen 19.00u is de wind helemaal weg. De waterpomp lekt wat, maar niet echt problematisch, wat wel eigenaardig is is het geklop in de motor, iets wat er niet is tijdens het stationair draaien. Toch niet weer de koppeling of de schroefas? Plymouth willen we niet aanlopen, het is nu een militaire haven geworden, daar waar het zwaartepunt vroeger in Portland (vlakbij Weymouth) lag, liggen nu een hoop fregatten en destroyers hier. We zien heel wat grote schepen op anker liggen maar we gaan door naar de Mew Stone. En eens voorbij de rots waar tot voor 20jaar één familie woonde, varen we de boeien af, die de bank afbakenen, aan de ingang van de river Yealm. Het is er pittoresk, de zon is net onder en de avondschemering werpt nog wat licht over de bomen en de huisjes langs de rivierbank. Helemaal een andere wereld voor ons en Eli. Door de bossen een rivier op bij valavond. Jean vindt het prachtig en plant meteen een trip naar hier met zijn eigen boot. We vinden nog een vrije boei en meren af. We eten een hapje maar hebben een brainstorming over de planning van de volgende dagen. Jean heeft nog een weekje en Inge wil eindelijk zo snel mogelijk naar België. Het op ontdekkingsreis gaan zit er bij mij nog het meest in. En ik wil natuurlijk de streek verder gaan verkennen, maar…morgen zeilen we verder… We hebben toch weer 42 mijl in de “goede” richting afgelegd en het weer is super. België en Brussel wil ik voor me uit duwen en maximum profiteren van het leven want op 1 augustus sterf ik figuurlijk.

Terug boven

 

 


Deze pagina afdrukken