Verslag Juli 2006
Zaterdag 01 juli 2006 (Dartmouth, United Kingdom)
Een lichte mist hangt nog over de heuvels en om 07.30u willen we de stroom meenemen richting Dartmouth, Brixam of Torquay, de Côtes d’Azur van Zuid Engeland. Maar tegen we aan de manoevers kunnen beginnen komt de “taxman” al langs, hier halen ze in Oostende hun inspiratie om de prijzen te bepalen: 20£ om 8 uur op een boei te liggen. Weg hier! Langs de boeien, banken en de rotsen terug naar open zee.
Tegen 10.00u moet de Nr 1 eraf en de Nr 3 erop, met 20kn wind. Een plezier om weer te zeilen. Weer wat problemen met water dat in de spoelbakken komt, maar wat me het meest stoort is dat het weer hakken is tegen de wind. We zitten in een plek op de wereld waar 75% van de tijd de wind uit het SW komt en natuurlijk als we hier zijn, komt de wind uit het oosten…waarschijnlijkheid dat dit hier gebeurt: 8%. Meer moet ik niet zeggen.
Dartmouth dan maar. 14.00u is Start Point dwars en eindelijk kunnen we afvallen.
Weer een pareltje van de zuidkust van Engeland. Gewoon prachtig. Een kasteel bewaakt de ingang van de rivier Dart en we varen op (een raar schokkende) motor de rivier op. Er is geen plaats meer aan het stadsponton met gangway naar de wal. Alternatief is een ponton op de rivier, maar dan moet “Brutus” terug opgepompt worden en wordt het op en af varen. De prijs is hier zeer redelijk 13,4£ alles inbegrepen (water, douches en elec). En vanaf 17.00u kunnen we aan het stadsponton, dat nu ferrydok is, afmeren MET “hook on” elektriciteit en water. Dan maar wat wachten en verhalen. Een oude Russische destroyer, opleidingsschip, ligt midden op de rivier op caissonboeien als “show the flag” schip. Vedettes varen op en af met rekruten met enorme pannenkoeken kepies op hun hoofd. We gaan dan maar een pint drinken in de Yachtclub van Dartmouth. Grote teleurstelling voor de lokale bevolking: Engeland heeft net op penalty’s de kwart finales van Portugal verloren in de wereldbeker voetbal. Niet dat we het volgen maar in Engeland kun je er echt niet naast kijken. De Engelsen zijn ontgoocheld, diep ontgoocheld. Dan maar een endje verder. Dan maar terug aan boord. We starten op het stadsponton de bbq op. Ik probeer even te vissen in de haven en jawel even later hangt er een dikke makreel aan de haak. De starter voor de bbq. Helaas zijn zijn broertjes en zusjes minder hongerig, dus blijft het bij deze ene makreel. Even later liggen de steaks op de kokoskolen te sudderen. Russen met pannenkoeken op hun hoofd kijken toe. Even later is het muziek aan de vlag en bij zonsondergang, zoals bij elke marine, wordt de vlag gestreken. Het is al weken goed weer en er is weer goed weer beloofd. Maar net als de bbq opstaat, begint het te regenen. We eten dan maar benedendeks. De bbq regent wel uit. Nog even een rum en dan gaan slapen.
Zondag 02 juli 2006 (Channel 2 miles S of Portland, United Kingdom)
Tegen 09.00u moeten we weg want dan komen er terug ferry’s aan dit ponton. De enige geluiden die we horen is onze trouwe motor die aanslaat en in de verte de stoomtrein die fluit. Snel even de BBQ leeggieten (regen van vannacht) en inladen. Het weer is nog wat bewolkt maar de bewolking is al vol blauwe gaten . Het belooft weer een mooie dag te worden. We vertrekken in de ochtendnevel maar op zee staat toch al snel 18/20kn wind, en de Nr 3 gaat erop. Heerlijk, we zeilen. Tegen 11.00u is het zingen eruit. Nog 10kn en de Nr 1 met nu naar boven. De zon staat al hoog aan de hemel, maar we zeilen nog. Ik had beter gezwegen want tegen 12.00u is het helemaal gedaan en moet de motor weer op, nog 3kn wind. En zo gaat het de ganse namiddag door: even 15kn wind en dan weer zeilen, 30 min later weer 3kn wind en weer op motor…en dan nog net geen tegenstroom.
16.30u, we lopen weer op motor, want de stroom is beginnen te keren. Door het op en af gaan van de wind hebben we redelijk wat tijd verloren en zijn we net als we de tegenstroom krijgen op 5 mijl van Portland. Portland heeft ook een “Race of Portland”…ttz stromen die aan de piek kunnen oplopen tot 5,5kn…tegen! t’ Zal weer tof worden! Even later is het zover: een verschrikkelijk gerammel diep in de buik van Eli. Ik ontkoppel meteen de motor. Wat is er gebeurd? Mijn eerste gedachten gaan naar de koppeling, zonder olie gelopen? Kan niet! Ik kijk de oliepeilen van motor en koppeling na, geen probleem. Ik vraag Inge weer op te starten en de motor slaat normaal aan. Inge zet de schroef op en weer een luid geratel dat dan opeens een frequentie begint te krijgen. Met een lamp ga ik naar de schroefas kijken in de achterste cabine. Jawel, dat is het. De schroef draait niet mee, maar de motor en de koppeling draaien normaal. De kineet draait ook maar de schroefaskoker op de kineet neemt de schroefas niet mee, dat kan maar één ding betekenen: de spie in de schroefas is eruit of kapot. Daar liggen we dan: zonder wind en zonder propulsie met een steeds sterker wordende stroming. Ik ga eerst de “Reeds Almanac” na om in contact te geraken met de LifeBoat association, om eventueel ons te laten afslepen. Maar: wat kunnen we zelf doen? Ik schroef er de kineet af en ontkoppel de schroefas koker. Daarvoor met de schroefas eruit. Gelukkig heb in Antigua de zinkanode zover achteruit gezet dat ik de schroefas eruit kan schuiven zonder dat deze eruit valt, mede door er een spanring erop te zetten. Ik heb net genoeg as in de boot laten steken om deze in en uit te schuiven zonder probleem met een tang. En jawel: de bronzen spie is helemaal afgesleten en heeft geen verbinding meer met de as. Een nieuwe spie is de oplossing, maar waar vind je die, hier? Gelukkig hebben we genoeg wisselstukken aan boord en ondermeer een roestvrij stalen spie van 5mm op 5mm. Net niet genoeg om de reeds uitsleten spiebaan te vullen, want die is 6,5mm op 6 geworden. Dik onder het vet en het zweet leg ik het probleem uit aan de bemanning. Dit is pas “Creative Marine Engineering”. Denken, denken, denken… Inge heeft de oplossing. Ze duikt de keuken in en komt naar boven met een roestvrijstalen brochettestokje van 1,5mm. Jean zit al achter de ijzerzaag en tovert binnen een paar minuten twee roestvrij stalen schijfjes van 1,5mm op 5cm. Wat schuiven, vijlen en passen en de oplossing is nabij. De stroom helaas ook, want GPS geeft aan dat we nu achteruit gaan, weg van de vuurtoren van Portland. Nog steeds geen zuchtje wind en geen andere jachten in de buurt. Te diep om te ankeren met teveel stroom en een slechte ondergrond: wat een situatie. Alles moet nu nog aan gebracht worden. De kineet wordt er weer ingeschroefd. Ik zit helemaal onder het vet. De verlijming van beide delen met de Loctide van Wim zou een alternatieve oplossing zijn maar het uitharden en het ontvetten zou te lang duren, waar zouden uitkomen met deze stroming? En het wordt stilaan avond en donker. Nog even de schroefas spiebaan opvullen met de nieuwe spie en vastzetten met de brochette stukjes van Inge. Wel een proces dat we drie keer moeten herhalen en Jean moet heel wat bijvijlen. Na drie uur werk, anderhalve liter zweet, kom ik koolzwart van het vet terug aan dek. Schroefas zit er ook in en de bouten zijn aangetrokken. Opstarten maar. Inge zet de koppeling op en jawel. Eli vaart terug, ik zie de schroefas netjes meegenomen worden door de koppeling. Jean roept ook: “ik zie schroefwater, we varen”. Ik voel me als de kapitein van “Das Boot”, de duikbootkapitein van de half gezonken U boot als het schip terug boven water komt en de machines opgestart worden. Koers “Portland” Mr Jean. En warempel het begint weer wat te waaien, een bescheiden 10kn maar genoeg om te zeilen. Traag, ellendig traag schuift de vuurtoren van Portland dichterbij, op GPS is de maximum speed net geen 2kn. Het zal “een laten” worden deze avond. We proberen verschillende keren overstag te gaan maar telkens neemt de stroom ons dwars en spoelen we achteruit.
Tegen 23.00u is het varen er weer uit, weer geen wind meer. En nu staat er bijna 4kn stroom. Motor dik tegen mijn goesting terug opstarten, want wie weet hoelang onze “noodoplossing” het zal uithouden. En ankeren is geen oplossing, te diep: van 70m tot 30m en in die stroming, te dicht bij de wal ook. Ik ben bloednerveus. Maar de schroef blijft gestadig draaien en de motor schokt helemaal niet meer. Door de kapotte spie, was de uitlijning van de schroefas aangetast wat schokken in de motor teweeg bracht. Motorzeilend schuift Portland nu voorbij en aan een schamele 3kn groundspeed komen we dichter en dichter. Even een tanker ontwijken en dan kunnen we eindelijk aanlopen. Weymouth 02.00u ’s morgens!
Maandag 03 juli 2006 (Weymouth, United Kingdom)
02.00u ’s morgens, afmeren 4 boten dik, maar we zijn binnen en onze herstelling heeft het prima uitgehouden. We hebben 78 mijl gevaren in plaats van de 49 op kaart, wat een dag! Nog een dikke rum en dan gaan slapen. Het is 03.30u als we onder de lakens liggen.
07.00u…klop, klop: ” Good morning Sir, we are leaving with the other 2 boats”. Uiteraard is het weer de afdeling geriatrie die helemaal niet gewoon is om te manoeuvreren. Er zit niets anders op om zelf weer op te starten en te gaan manoeuvreren, met een “onbetrouwbare schroefas”. Maar ze houdt het goed en tegen 08.30u liggen we terug aan een ponton, met elektriciteit en water. We zijn moe maar gaan niet slapen. Het is al lekker warm en de zon is al op. Dan maar een authentiek English breakfast gaan nemen. Yachthaven gaan betalen en informatie vragen om een nieuwe spie te vinden. En dan douchen en een kwart kilo vet van onder mijn nagels doet bijna het afvoerleiding verstoppen. We stappen gans Weymouth af en de grootste zaak “Kingfisher” die alles op stock heeft kan ons helpen, maar ze moeten het wel bestellen: levertijd 3 dagen. We kennen dat. Ik zeg nee, gewoon niet te vertrouwen en de dame aan de balie zegt ons ook geen garantie te geven dat het stuk er binnen 3 dagen zal zijn. Inge en ik gaan dan maar inkopen doen, Jean gaat even naar huis bellen.
Tegen de middag stappen we aan boord: “oh ja, zegt Jean lakoniek, ik heb een cadeautje” En hij tovert een nieuwe 6,5mm spie uit zijn broekzak. Hier vlakbij was een rommel hokje met bootspullen, een winkeltje en een oudje en Jean; deze combinatie en wat snuffelen en bingo! Uit het rommelhok toverde het oudje een staaf van 50cm op 6,5mm op 6,5mm uit, waar hij netjes een paar spies uitzaagt. We zijn geholpen en kunnen verder, en dat voor een paar pond!
Na de maaltijd met brie en andere lekkernijen, duik ik het machine kot in en binnen het uur zit de nieuwe spie in de schroefas. Wat binnensijpelend water uitscheppen en klaar is Kees (Dirk). Inge en Jean gaan op het strand liggen en bekijken de lokale bevolking. Jean vertelt verhalen over het ondergoed van een oud dametje in zijn buurt als hij kind was. Het ondergoed van de dames hier, is heel erg gelijkend op de “snelzeikers” van toen. We liggen letterlijk plat van het lachen. Ik ga even langs bij “Books afloat”, een tweedehands boeken winkel met alleen maritieme boeken. Natuurlijk zijn de prijzen ernaar!
Terug op het strand nog even gaan zwemmen. Bizar, hier kun je tot voorbij de staketsels wandelen en nog maar kniediep in het water staan. Bij hoog en bij laag water.
Terug aan boord vieren we dan ook uitbundig met rum als aperitief de goede afloop van het schroefasavontuur. De bbq gaat op en even later komt een wel bijzondere rondborstige jonge dame (moeder van 3!) van de motorboot achter ons vragen of we geen makreel moeten hebben, ze hebben er teveel gevangen. Geen probleem en terwijl de makrelen op de bbq liggen te braden, trakteren we de dame en haar man op een grote glazen rum. Steaks en ander vlees volgen en het wordt weer middernacht. Nadat alles opgeruimd is vallen we als een blok in slaap.
Dinsdag 04 juli 2006 (Weymouth, United Kingdom)
Deze morgen kunnen we lekker uitslapen, tot 09.00u lokaal, dus…UTC +1, die uuraanpassingen zijn toch wel even wennen. Ik rush onmiddellijk naar de Club om de laatste weerberichten te krijgen…weer ellende “Variable”, niets dus. Ook na de middag, zelfs geen kans op thermische winden, alles ligt compleet vast zoals de “doldrums”, de ITCZ (inter tropical covergentian zone), no wind, so no sailing, en ik vertik het diesel te verstoken om “thuis te geraken”, ik vind het best hier nog wat te blijven.Ik beslis van nog een dag te blijven, beter dan op zee aan 2,5 mijl verder te sukkelen. De wind zou binnen 48u naar het zuid/westen moeten draaien.
Jean gaat zelf op verkenning uit en Inge en ik gaan “the brewery” gaan verkennen. Tientallen kleine shops, veel groen, en een zeer propere omgeving. De bars, de zaken, of ze nu kranten en telefoonkaarten of keukenapparaten verkopen, alle zaken hebben bakken bloemen buiten hangen. Waarom kan dit in Godsnaam niet bij ons? Grijs en grauw is bij ons troef, hier GROEN! Zalig, even een museum bezoeken…wisten jullie dat de uitvinder van de torpedo en de grootste fabriek van torpedo’s hier in Weymouth was? Oud speelgoed, oude treintjes, Corgi en Dinky toys, Mecanno, … het is een plezier op je jeugd weer eens mee te maken, de Engelsen zijn toch echt traditiemensen. De antiekzaak van nautische instrumenten is pas om 14.00u open dus gaan we terug naar de boot…de vishandel heeft nog net 3 grote pijlinktvissen op ijs liggen en die gaan 10 min later de frigo in aan boord van Eli. Wat gaan we eten? “Frieten” beslist Inge, en we gaan uiteraard akkoord. We nemen de apero aan boord en ik ga met Jean wat hamburgers en wat groente en fruit halen…en dikke vettige frieten. Tegen 13.30u is het middagmaal verslonden, te vettig en slecht voor de gezondheid…maar lekker. Jean gaat even een uiltje knappen en Inge en ik gaan nog even naar huis bellen en onze mails bekijken. Denk je maar even dat je een reactie van een (vrouwelijke) “kolonel” krijgt in verband met je “nieuwe plaats van tewerkstelling” bij defensie…neen hoor, drie weken verder en men vindt geen tijd om je maar een antwoord te geven, onze minister plaatst en promoveert wel de juiste mensen. Best dat dit soort mensen niet in het bedrijfsleven terechtkomen.
Enfin, in België blijkt het ook warm te zijn en er is geen wind. De nautical shop valt tegen, niet qua beschikbaarheid, maar qua prijs. Ik kocht hier ooit een groot navigatielicht voor 50£, nu kost dit hier 150£, een ruler (om koersen op kaarten te zetten) 45£, vroeger 15£…
We gaan ook even binnen bij de Royal National Lifeboat Institute en geven wat £ uit aan boeken en voor de Lifeboats, want deze mensen gaan op zee om anderen gratis te helpen.
We laten ons met een klassiek houten bootje overroeien van de ene kant van de haven naar de kant waar Eli ligt te wachten, door een oudere man voor 1£, zalig gewoon. Met Jean gaan we dan maar naar het strand en blijven er tot 18.30u…nog steeds geen wind.
Dan maar aperitief aan boord genomen en een heerlijke menu van in look gebakken inktvis met champignons in roomsaus overspoeld met een Vinho Verde…als dessert verse aardbeien met slagroom. We zitten hier toch vast zonder wind, dus nemen we het maar van, want wie weer welke tropische ziektes zullen toeslaan na 01 Augustus in Brussel.
Website bijwerken en tot na middernacht de “wereld” verbeteren met een Virgin Islands rum.
Woensdag 05 juli 2006 (Mid Channal, United Kingdom)
Het goede weer heeft ook zo zijn nadelen, zeker als er geen wind is: mist. En dat is er nu juist wat er aan het gebeuren is. Het is op zijn Engels: grijs en mistig maar het is warm. De weerkaarten zien er beter uit, maar het is nu of pas veel later. Er kleine depressie passeert deze middag over het Kanaal en zal SW tot W winden tot 15kn meebrengen, ideaal dus. Vanaf zaterdag zou dan weer een sterk hoge druk gaan opbouwen met zeer zwakke oosten winden.
Nog wat last minute inkopen doen en nog even de klassiekers: eten, internet en naar huis bellen en tegen de middag, als de regen gestopt is (het mist-regende vanaf 09.00u) besluiten we te vertrekken. De wind is naar het zuiden gedraaid en zal op zee wel naar het SW gegaan zijn. Dus even later slaat de motor aan en tegen 13.45u verlaten we Engelse bodem.
Net buiten in de baai van Weymouth worden we gepraaid door “H.M.S. Coastguard”. “Please alter course to 110°”. Er is een “firing range”, schietoefeningen. We zien al lang de kust niet meer van de mist. Er is een aanbevolen koers, die ik volgde, we moesten immers naar open zee en niet op de klassieke route langs de kust naar “The Solent”. Maar dat was niet voldoende want het ging om een schietoefening met zware wapens. We horen inderdaad de “doef, doef, doef” van de zware mitrailleurs. De mensen van de Coastguard zijn zeer vriendelijk en ze zeggen ons te zullen supporteren voor ons. Eerst begrijpen we het niet maar dan wordt het duidelijk. Duitsland speelt de halve of volle finale in de wereldbeker, en onze vlag hangt er slap en nat bij. Ze dachten dat we Duitsers waren. Ik toon onze Belgische vlag en de Coastguard ziet nu dat de zwart-geel-rood verticaal staan. België mag dan een “apeland” zijn, we zijn toch geen Duitsers, mijn overgrootvader moest het eens weten! Verder dan maar.
18.00u we hebben nu een lekkere 18kn uit het SW, en de genakker staat al sedert 16.30u bij, we trailen aan 8kn maar nu weer tegen stroom, speed over ground 6,2kn. Als je de berekening goed maakt kun je met het kenteren van de stroom nabij Nab Tower (wedstrijdmerk bij de eerste America’s Cup 1851) 6u stroom mee hebben en daarbij aansluitend met de “slack” in het nauw van het kanaal nog eens 6u stroom mee naar het noorden meepikken, richting Thames. Dus wat rekenwerk.
Maar het lukt niet, de stroom begint te minderen en draait mee te vroeg, net als we St Catherine Point dwars hebben, het meest zuidelijke punt van White. We gaan met een povere 10kn wind onder vol grootzeil en uitgeboomde genakker de nacht in.
Donderdag 06 juli 2006 (Duinkerke, Frankrijk)
Het is niet zo leuk op het Kanaal vannacht. Eens voorbij White ligt de TSS, de Traffic Separation Scheme, dichter onder de kust en vermits we van W naar E varen, mogen we de zone niet gebruiken, niet tegen de verkeersstroom in. Onder geboomde genakker is er ook niet teveel manoeuvreer ruimte en daarin boven is de zichtbaarheid slecht. Inge hoort de schepen rond ons maar ziet ze niet. Ik neem over van haar om 01.00u en het zicht is soms maar een paar scheepslengtes. Ik zet de navigatielichten af omdat het in de mist je nachtzicht zo aantast dat je niets meer ziet. Het is spookachtig. Met nog 12kn wind en nu stroom mee gaat Eli er goed tegenaan en we scheuren met 8kn over de golven. Alles is grijs rond ons, waar je ook kijkt. Een zwarte schim doemt op voor ons, maar ik had hem al gehoord. De zware diesel en het geratel van kettingen van vistuig. Nav lights op en weer verder af. Ik moet toch een keer gijpen maar wacht tot Jean op dek is. Alleen in de nacht in de mist met een 5,5m boom gaan vechten op het voordek, in de mist: “bad idea!”
07.30u het gaat goed! We zijn al dwars van Brighton. “Next stop” kan Newhaven zijn, omdat de architect van de boot daar woont. Maar de Navtex spuwt uit dat het zaterdag terug mooi weer zal zijn, met weinig wind. Bovendien is het met laag water aanlopen en ik weet dat daar het wachtponton voor bezoekers maar 1,5m heeft: in het slijk dus. Doorgaan! We lopen recht op Oostende. Newhaven dwars om 09.00u en Beachy Head dwars om 10.00u. Jean slaagt er in met zijn “paravan” een makreel te vangen, die wordt klaargemaakt in olie en azijn: rauwe vis, heerlijk! We naderen nu de Sovereign Wrecks, waar een paal met licht opstaat. Niets gezien, nog 102 mijl te gaan, al 110 mijl gelopen in minder dan 20 uur. Eli trekt weer mijlen!
“We zijn goe bezig”, zegt onze regering altijd…en de waterpomp lekt en de schroefasdichting lekt en we doen gewoon voort en sluiten de ogen voor de problemen. 16.30u Dungeness dwars en ik beslis op de 51°N parallel te varen en de oversteek te van de TSS te maken aan de Varne. Een uitwijkmogelijkheid af te slaan naar Boulogne indachtig zijnde. Even nemen we de genakker eraf, over de 20kn wind en op Nr3 uitgeboomd gaat het iets minder snel. Nu volgen de gebeurtenissen elkaar snel op. Weer minder wind, Nr 3 naar beneden, en genakker terug op. We hebben winden van 6kn tot 25kn, dat is nu éénmaal het Kanaal. Inge en Jean tokkelen koortsachtig op hun GSM om het Franse netwerk op te pikken en eens dat gebeurd is verlaat SMS na SMS het schip. Voor mij te ingewikkeld: ik ben eerder deze achter de Navtex en de GPS…daar voel ik me meer in thuis! 20.00u we zijn over het TSS, maar het is er niet minder druk op geworden. We lopen een 8,5kn over de grond en het plotten van de schepen die oplopen en kruisen is om elke navigator kippenvel te doen krijgen. Al die ferry’s en schepen, maar tegen 22.00u ligt Calais dwars, speed over ground 10,5kn. Beginnen aan onze aanloop van Duinkerke net door de nauwe zuidelijke pas. Natuurlijk schuiven de navigatielichten van verschillende schepen ons naar mijn gedacht te dicht voorbij. Maar we nemen de boeien net aan de buitenzijde en storen niemand. Ik neem er de genakker pas af als het goed donker begint te worden. 22.35u Gravelines dwars en dus een paar koersveranderingen om het volgende pas in te gaan. Grote schepen passeren ons en leiden ons eindelijk met hun navigatie lichten de weg. De wind is er wat uit gegaan en de stroom mindert. We lopen op grootzeil en Nr 3, onder bezeild, nog 5,2kn. De haven en fabrieken zijn geel verlicht en de desulferisatietorens van raffinaderijen braken vuur en rook uit. De nacht is oranje gekleurd, we zijn bijna thuis…wat is deze kust toch verschrikkelijk. Een scenario waard voor een nieuwe Mad Max film. 00.15u de stroom is eruit en de wind ook. Een kleine berekening brengt ons in de vroege morgen in Oostende. Niet zo best. Duinkerke dan maar aanlopen, de tegenstroom van 6 uur uitslapen en dan in de vroege morgen vertrekken. ETA Oostende: 11.00u.
Vrijdag 07 juli 2006 (Oostende, België)
Het is net na middernacht als we afmeren. Ik durf niet achteruit te slaan om te remmen met de werken aan de schroefas. En het afmeren is niet zo schitterend. Ik spring de wal op om het achtereind vast te leggen en maak een prachtige val op het natte, vol besche…, houten ponton. Jean dan maar op de spring afremmen en Eli maakt een korte sprong als ze op die manier gestopt wordt. Het touw kraakt en piept… Maar we liggen vast. Inge heeft intussen, als wij de elektriciteit aansluiten, een paar pizza’s in de oven gestopt en met een fles wijn smaken die best. Gaan slapen…ik besef maar al te goed dat dit voorlopig onze laatste nacht aan boord is. Vol gedachten val ik in slaap.
06.30u piep, piep, piep,…”azoo” vroeg. Vuilniszakken gaan wegbrengen en met de papieren van het schip naar de jachthaven. Geen kat te zien. Hier zijn het toch geen zo een bende geldwolven! Ik ga niet wachten op het personeel en we starten op. 07.15u slaat de diesel aan en een “Aantwaarpenaar” komt vragen of we van ver komen. Wat een vraag! De diesel en de watertanks op dek verraden ons. Als ik zeg dat we twee maanden geleden op de US Virgins lagen, kijkt hij ons wantrouwig aan. Tja “Aantwaarpenaars” hebben we daar niet tegengekomen! Hij denkt waarcshijnlijk: “bloazen, moar ikke goan naor Engel-land.”
07.30u: Eli verlaat de havenhoofden van Duinkerke, op haar laatste rit na de Atlantische Oceaan rond gezeild te hebben! 08.30u we zitten in het Pas van Zuydcote en tegen 10.00u passeert de eerste groene Belgische boei ons aan bakboord: de Trapegeer. De genakker staat weer bij en op de GSM’s verschijnt nu “Proximus”. Nu beginnen we echt te beseffen dat het bijna gedaan is. De ETA met weer bijgesteld worden als de wind wegvalt voor Westende. Naast ons loopt een 54ft charterbak. We zetten de genakker op de boom en hij wil niet onderdoen en zet ook zijn genakker erbij. Natuurlijk voor de wind lukt dat niet zo best en gefrustreerd moet hij en zijn dure betalende crew frustreren als we hem uitlopen. Tja een oud Nederlands gezegde is toch: “zet twee boten op het water onder zeil en je hebt een wedstrijd.”
11 tot 15kn wind en we lopen 7,5kn Oostende doemt op uit de ochtend en andere nevels, natuurlijk zie je eerst de “supertoren” en dan pas de skyline van onze “prachtige kust”.
Als Eli voor de Koninklijke Villa komt, die nu staat te verkommeren, breekt de zon erdoor. De trouwe zon die ons zoveel beschenen heeft wil ons onder haar stralen doen binnenlopen. De lichten staan op groen, eindelijk eens geluk met de havenlichten. Zou er zoveel verandert zijn? Ik zie toch twee ferry’s, eentje aanlopend en eentje uitlopend. Ik roep de verkeersleiding van Oostende op en we zijn direct een eerste illusie rijker. We mogen niet aanlopen, ook niet door het “groene” licht, want de “lichten zijn kapot”! We zijn duidelijk weer thuis.
Dan maar een fly-by onder volle genakker en grootzeil. Ook 21 vlaggetjes van de 21 landen die we aangelopen hebben de laatste twee jaar hangen op de achterstag.
Genakker in de zak geschoven en dan met motor op beginnen we onze aanloop. 12.25u we lopen binnen. Via GSM hebben we broertje Frank al verwittigt die ervoor zorgde dat de sluizen naar het visserdok open zouden staan. Familie en vrienden staan op de havenmuur te wachten op ons. Nog even een stormrondje in het midden van de haven, om het grootzeil te zakken. Een snelle motorboot komt ons al praaien om in de dure jachthaven af te meren, maar de sluizen staan al open. Even de verkeersleiding bedanken omdat we de bevlagging mogen voeren hebben, en zelfs de politieboot zegt niets. Jammer dat we altijd de lokale autoriteiten ervaren hebben als een steun en een toeverlaat en in onze thuishaven de aanloop maken met een argwanende blik van “zijn we wel in orde met alles, want de boetes zijn ernaar”. Met een zucht varen we de sluis binnen en deze sluiten om 12.45u achter ons. Nu is het definitief over. De metalen ladder op en moeder met traantjes in de ogen, die moeders toch. Erna, Eric, Frank, Mieke, Freddy…ze zijn er allemaal. Veel babbelen en vertellen en natuurlijk het nodige papierwerk. De mensen van sluizen zijn vriendelijk en om 12.35u openen de deuren al opnieuw voor ons. Moesten het versassen overal zo vlot gaan in Oostende…Nu nog even een kwartje mijl varen en Eli meert af om 12.47u aan hetzelfde ponton waar ze 713 dagen en 4 uur geleden vertrokken is. Na 10766mijl onder haar kiel te hebben getrokken of 2091 uur op de zee, oceaan of in de mangroves te hebben doorbracht, is ze terug waar ze vertrokken is. Ik bedank voor de laatste keer de machines en het afmeren is een makkie. Iedereen wil helpen afmeren. Het is wat tumultueus. We beseffen het nog niet zo goed. Mijn moeder komt eens aan boord om te zien hoe de kindjes geleefd hebben, en ze krijgt prompt een glas rum in haar handen geduwd. Even later rijden de wagens voor om te gaan lunchen in restaurant “De Yot”.
Ik kijk nog even naar ons scheepje en krijg zo en wrang gevoel. “Is het nu allemaal echt voorbij?” “Is dit het?” “Stopt het hier?”…Ze heeft ons zoveel mijlen trouw en veilig gebracht waar we moesten zijn en nu laten we haar hier achter, zomaar. Ik betrap me erop dat ik tegen haar spreek, en stel haar gerust. Ze zal niet meer afzien van het oceaan gebeuk en zal een knusse winter tegemoet gaan in de veiligheid van een loods. Ze zal een complete refit krijgen met veel verf en vernis en…een nieuw plan ligt alweer in embryonaal stadium te groeien in mijn in rum en zeewater zwalpend brein. “Eli”, hier eindigen onze avonturen niet, dit is maar een “grotere” logistiek stop.
In “de Yot” is het mijn lievelinsgkostje: gebakken zeetongen met frieten…en elk eiland in de Carib, elke anecdote, elke zeemijl passeert de revue. Ik denk wel eens af en toe terug aan ons schip deze middag.
Mijn moeder heeft ons appartement helemaal in orde gezet, en zelfs het bed opgemaakt, de frigo gevuld en alles aangesloten,…zelfs met de pc kunnen we direct op het net!
De volgende dagen zullen hectisch worden, alleen al de boot ledigen en terug aanpassen aan dit “land”bestaan. Alles regelen en binnen 3 weken terug in de werksleur, ik met een 4uur per dag (in de winter 5uur) per dag durende woon-werk trajectduur. Maar we houden jullie op de hoogte. Ook al kan het even duren.
“Sailing is like a drug, once you’ve tasted it, it will never let you go”