WAT IS NIET- CONFESSIONELE ZEDENLEER ?   WAT IS VRIJZINNIGHEID ?

Filosofische stromingen 

Over heel de wereld zochten en zoeken de volkeren naar de oorsprong van het leven
Zo zijn de religies (de godsdiensten) ontstaan.
Veel mensen geloven nog in het bestaan van een god als wereldschepper.

Een gedeelte van de ‘gelovigen’ hebben zich verenigd in geloofsgemeenschappen: zoals de joden, de christenen (katholieken, protestanten, anglicanen, orthodoxen, enz), islamieten, hindoes, boedhisten enz.

 De gelovigen kunnen we ook nog indelen volgens geloofskenmerken:
-
          Actieve leden van een geloofsgemeenschap (kerkelijken)
-
         
Niet actieve leden van een geloofsgemeenschap
-
          Deďsten (er bestaat waarschijnlijk wel een god die alles stuurt)

 Naast de religies zijn er een aantal stromingen die we onder atheďsme kunnen catalogeren.
-
          Het vroege humanisme ( de Griekse Protagoras - de mens is de maat van alle 
           dingen-, de Griekse Socrates en de Chinese Confusius ), die aanzetten tot 
           zelfstandig denken….

 De evolutietheorie van Darwin en de relativiteitstheorie van Einstein (E=mc˛) hebben het (religieuze) denken in de 19° en 20° eeuw sterk beďnvloed.
De mens ging zich meer individueel opstellen, hij onderzocht zelf wat hij wilde weten.
D.m.v. steeds toenemende seculiere informatiebronnen vormde hij zijn eigen mening, nam hij zijn eigen beslissingen…

Vrijheid, autonomie, zelfontplooiing en zelfbeslissingsrecht, maar ook  verantwoordelijkheid zijn belangrijke sleutelwoorden.

Universele ethische waarden komen voort uit opvoeding, ervaring, reflectie.

Er is dus geen eenduidige seculiere ethiek. 

Wel zijn er seculiere filosofische stromingen:  

      -  Agnosticisme (of er iets als een god bestaat? Het verstand van de mens is te klein,
   we zullen het nooit weten)
-  Existentialisme (de vraag naar het zijn en de zin van het bestaan:  wie ben ik,
   wat doe ik hier… Als alles toeval is, is de mens alleen verantwoording
   verschuldigd aan zichzelf…)
-
 
Vrijzinnige humanisme (de mens centraal – verantwoordelijk voor zichzelf en
   de wereld). Alle waarden, normen en attitudes hebben een menselijke oorsprong..
-
  Naturalisme (de mens is een product van erfelijkheid, omgeving en opvoeding)
-
 
Nihilisme (het bestaan heeft geen waarde, er is ook geen betekenis aan te geven)

Religie versus vrijzinnigheid

Een religie wil de mens herverbinden met god. God heeft immers alles gemaakt.
Een terugkeer naar god is voor de gelovige de zin van het leven.

Hiervoor dient de mens te leven volgens welbepaalde regels of doctrines, dient hij ook absolute dogma’ s (niet bewijsbare stellingen) te aanvaarden.

 Vrijzinnig humanisme hoeft geen externe regels. De ratio primeert. De mens zoekt naar kennis, is een kritisch denker, zoekt een zinvolle invulling voor het leven, voor zichzelf, zijn omgeving en de wereld.

De mens is de schepper en de drager van morele waarden.

De cursus zedenleer  ( moraal)

Evolutie :

 -   Naast de 6 officieel erkende godsdiensten heeft de wetgever in ons land
     de vrijzinnigheid erkend.
     Sinds begin de jaren ‘60 wordt in het basisonderwijs het vak ‘niet-confessionele    
     zedenleer’ (moraal) georganiseerd. 
-    In 1978 werd in de gemeentescholen van Beerse voor de eerste keer NCZ  op
     het keuzeformulier aangeduid. (1 leerling in Schransdries)
-    In het schooljaar 2004-2005 volgen 27 leerlingen de cursus.
-    Ondanks de grote ontkerkelijking en secularisering is er toch eerder een trage 
     maar positieve evolutie van het leerlingenaantal.
     Mogelijke redenen: onwetendheid bij een deel van de ouders, sociale druk van
     familie, traditie.

Betekenis :
-    Moraal: ‘mores’: ‘zeden’: leer van de zeden en de gewoonten van de mens
-    Kinderen begeleiden in hun groei naar volwassenheid
-    Zie ook de website van de school:  
www.school-schransdries-beerse.be  (zedenleer)
-    Moraal kan niet aangeleerd worden, is als dusdanig geen leervak
     het ‘vak moraal’ streeft naar methoden die leiden tot moreel denken.
-    Het is echter onzinnig te verwachten dat via een cursus het morele denken van
     een volwassene kan overgeplant worden in het brein van een kind of jongere.

     Een cursus impliceert ook een zekere finaliteit, wat ook voor moraal of moreel
     denken onmogelijk is.

Symbool:
-    Fakkel (licht en warmte)
De fakkel helpt de mens zoeken naar wijsheid, schoonheid, kracht 

Wat doen we in klas:
-    Het welbevinden van de leerlingen staat centraal.
-    Er is een officieel leerplan: via diverse werkvormen  en thema’s worden 
      procesdoelen nagestreefd.
     Tegen het einde van de basisschool zijn de kinderen vertrouwd met een
     aantal elementaire begrippen (democratie, verdraagzaamheid, solidariteit, seksualiteit,
     oorlog en vrede, godsdiensten, geloof en bijgeloof…)

Waar streven we naar ;
-    Kinderen moeten kansen krijgen, eigen gedachten en gevoelens hebben
-    Kinderen moeten blij gemaakt worden met sfeer, met vormen van samen-zijn en
     samen-werken.
-    Kinderen moeten gevoelig gemaakt worden voor weerbaarheid, de andere mens,
     de andere omgeving, andere samenlevingsvormen
-    Kinderen moeten gestimuleerd worden tot experimenteren, durven, uiten, twijfelen
-    Kinderen moeten verbanden zien tussen gedragingen, behoeften, gebeurtenissen,
      reglementen, wetten…

De leerkracht moraal :
-    De leerkracht stimuleert de leerlingen in hun zoektocht naar zichzelf, de anderen, 
     de wereld om zich heen.
-    De kinderen leren er samen werken, taken verdelen, verantwoordelijkheid nemen,     
     respectvol met elkaar omgaan.
-    De leerkracht is ook een vertrouwensfiguur, tussen ouders en school, tussen kind
     en klastitularis.  

Thematiek versus attitude - een cursus NCZ versus vrijzinnige opvoeding:

De inspectie NCZ heeft samen met een werkgroep ethici en leerkrachten een aantal thema’s aangereikt die in de lessen zedenleer kunnen gebruikt worden.

Als leerkracht moeten wij er echter over waken dat wij vooral de nadruk leggen op de vorming van een aantal attitudes:
-
          zelfvertrouwen
-
          intellectuele nieuwsgierigheid
-
          kritische zin
-
          sociaal gevoel
-
          moreel aanvoelen
-
          creativiteit…

Thema’s ‘behandelen’ werkt immers wel begripsvormend, maar creëert geen attitudes..

Voorbeeld .
Een les over angst en bang zijn kan verklaren wat angst is en de eventuele gevolgen ervan duidelijk maken… maar neemt de angst niet weg..
Verbale, beeldende, muzische en lichamelijke expressie zijn technieken en werkvormen om vrijzinnige attitudes aan te kweken… 

Wat verwachten de ouders:
-    De jongeren moeten het recht hebben hun eigen mening te vormen over de wereld
     en alles ‘wat er rond draait’.
-    De leerkracht mag als mentor zijn eigen visie kenbaar maken, maar stelt zich open
     voor alle ideeën, zolang deze de waarheid nastreven en de waardigheid van de
     mens centraal stellen.    

Evaluatie / rapportering:
-    Het is moeilijk om bij kinderen een evaluatie te maken van hun morele vaardigheden.
     Bij een normale positieve ingesteldheid ontvangen de kinderen een  A.
     De leerlingen van het 6° leerjaar krijgen ‘echte’ toetsen, als onderdeel voor hun  
      ‘getuigschrift basisonderwijs’.

Het lentefeest (6/7-jarigen) en feest vrijzinnige jeugd (12-jarigen):

-    Feest vieren is van alle tijden, de eerste sporen van rituelen gaan zelfs tot 30.000 jaar 
      terug.
-    In onze regio organiseren de leerkrachten i.s. met de vrijzinnige verenigingen een    
     happening voor kinderen, ouders en familie.

     De ouders zij vrij of ze al dan niet deelnemen.