ROLAND YUNO RECH

 


ZENDOJO BRUGGE

 

 

 

 

 

 

 

KUSEN ROLAND RECH OP ZAZENDAG TE BRUGGE
29 mei 1999

 

Roland Yuno Rech is Zen meester en ondervoorzitter van de Association Zen Internationale met hoofdzetel te Parijs.
Na een wereldreis ondernomen te hebben die hem uiteindelijk in contact bracht met de beoefening van Zen in Kyoto, keerde hij naar Frankrijk terug om Meester Taisen Deshimaru te volgen (1972 - 1982).
Na de dood van zijn meester, kreeg hij de shiho overhandigd (de overdracht van de dharma) door Niwa Roshi - Hoofd van Eihei-Ji en de hoogste autoriteit van de Soto Zen in Japan.

Meester Roland Rech begeleidt de Vlaamse dojo's en zengroepen aangesloten bij de Belgische Zenvereniging. De eerste zazendag, een volledige dag zazen, van de Brugse groep werd door Roland begeleid. Onderstaande tekst is het vertaalde verslag van zijn kusen (mondelinge leer tijdens het tweede zazengedeelte van een sessie).

 

ZAZEN 1

 

Vergeet niet, voor elke zazen, de duimen binnenin de vuisten te steken, de vuisten op de knieën te leggen en 7 à 8 maal van links naar rechts te schommelen in hetzelfde verticale vlak. Op het einde - als je het zwaartepunt in je houding gevonden hebt, doe je gassho, d.i. de handen voor het gezicht, de armen horizontaal, diep vooroverbuigen, kantel het bekken naar voor, plaats de linkerhand in de rechterhand, daarbij plaatst men de snijkant van de pinken op 3 vingers onder de navel. De voorarmen vallen natuurlijk, de armen los van de romp. Van bij het begin van zazen concentreert men zich op de houding.

Zich op de houding concentreren betekent zijn aandacht op het hier en het nu terugbrengen - zijn geest niet laten ontsnappen aan de beoefening.

Men gaat zich in het bijzonder concentreren op de belangrijke punten : het kantelen van het bekken naar voren, de lendenen mogen niet teveel gekanteld zijn, noch teveel gespannen, noch te los. Men zit op een zafu alsof de anus naar de hemel zou kijken. Men ontspant de buik op zo'n manier dat het lichaamsgewicht goed drukt op het contactpunt met de zafu, zodat het lichaamsgewicht drukt op de zafu en op de knieën. Men moet een goede stabiele houding vinden, goed geworteld in de grond. Vanuit deze basis strekt men goed de wervelkolom en de nek, alsof men de hemel zou willen drukken met de top van het hoofd. Zo is het hele lichaam uitgerekt tussen hemel en aarde, wordt een verbindingsteken tussen hemel en aarde.

Zich in deze beide richtingen concentreren is belangrijk, niet alleen naar de aarde toe, niet alleen naar de hemel toe. Maar beide verbinden.

De kin is ingetrokken, het aangezicht goed ontspannen, vooral de kaken zijn ontspannen.

Ook de blik is ontspannen, men gaat niet een bepaald punt fixeren. De blik omvat alle ruimte voor zich uit op de grond. Zo is het een blik die ruim wordt en dit beïnvloedt het bewustzijn. Het bewustzijn bij zazen is ook weids, ruim, waarbij alle fenomenen ingesloten, ontvangen worden zonder zich aan een bepaalde te hechten, terwijl men telkens met aandacht terugkomt naar de houding, met de uitademing, laat men de gedachten voorbijgaan. De tong is tegen het verhemelte gedrukt . Door zich te concentreren op de tongpunt, kan men alle innerlijke dialoog stoppen.

Tijdens zazen gaat men zo weinig mogelijk denken met woorden maar met het hele lichaam, de waarneming van het hele lichaam. Het is terugkomen naar bewustzijn voor elke spraak, voor elke scheiding. Niet al zijn gedachten volgen (wat men maakt met zijn gedachten), zich niet vereenzelvigen met zijn opinies, zijn mening. Ze gewoon zien verschijnen en ze laten voorbijgaan.

De schouders zijn goed ontspannen, los, naar beneden. In Zazen draagt men niets, verdraagt men niets. Men kan alles afleggen wat op ons weegt in het leven: laten vallen en zich aldus licht voelen.

Men concentreert zich ook op de houding van de handen. De 4 vingers van de linkerhand staan bovenop de 4 vingers van de rechterhand. De uiteinden van de linkerhand zijn geplaatst aan de wortel van de vingers van de rechterhand, en aldus staan de 4 vingers van beide handen exact op mekaar. De horizontale duimen vormen een goed ovaal met de wijsvingers. Het ovaal vertegenwoordigt de hele cosmos. In Zazen gaat men af en toe terug met de aandacht naar het contact van de duimen die geen berg of dal mogen vormen. De duimen zijn horizontaal zoals het vlakke Vlaamse land. Dit de gewone toestand. Als de duimen een berg vormen is men teveel gespannen, teveel gedachten. Op dat ogenblik brengt men de duimen weer horizontaal. Men concentreert zich op het zacht contact van de duimen met mekaar en men legt zijn aandacht in de holte van de linkerhand. Zo gaat heel snel de onrust van de geest gekalmeerd worden. Men gaat zich goed op een diepe uitademing concentreren terwijl men goed tot op het eind van elke uitademing gaat, terwijl men alle energie concentreert in de onderbuik. Dit help om de geest stabiliteit te laten vinden. Dit helpt om de gedachten te laten voorbijgaan, zich ervan te onthechten.

Als men integendeel wat vermoeid of slaperig is, hebben de duimen de neiging een dal te vormen, naar beneden te zakken. Op dat moment gaat men zich opnieuw concentreren op het contact met de duimen en dan gaat men zich vooral op de inademing concentreren. Men doet meerdere keren een diepe inademing, dit help om de geest te verfrissen, om wakker te worden en op dat moment gaat men meer de observatie beoefenen. Men is zeer aandachtig aan alle fenomenen die verschijnen in onze geest, men observeert het verschijnen van de gedachten, zonder zich eraan te hechten. Zeer snel zal de geest zijn helderheid, zijn waakzaamheid terugvinden. En zo vanzelf tijdens zazen leert men terug te keren naar het vinden van een evenwicht.

In het dagelijks leven zijn de meeste mensen teveel gestresseerd of te opgewonden, verloren in hun gedachten en emoties. Of het omgekeerde : te uitgeput, te slaperig, niet aandachtig. De beoefening van Zazen helpt om de juiste waakzaamheid terug te vinden, de juiste helderheid. Om altijd goed bewust te zijn van wat er is, een heldere klare geest. Deze klare geest helpt om beter zichzelf te begrijpen, onze eigen schaduwen te belichten, en zo niet geleid te worden door onze automatische reacties. Deze waakzaamheid helpt ons ook aandachtig te zijn voor de anderen, er zorg voor te dragen, en bewust onze eenheid met onze omgeving te beleven. Dit is het ontwaakte leven. Aanwezig in de realiteit. Helemaal verantwoordelijk voor onze eigen daden.

(klokken van een nabijgelegen klooster luiden)

Het is hier zoals in een Zenklooster : de klokken luiden.

Iedere keer dat een klok luidt : terugkeren naar het huidig moment. Daarvoor zijn er klokken. Hier en nu is het moment om volledig verbonden met zijn lichaam en zijn ademhaling te leven, volledig geconcentreerd op de houding van het lichaam.

 

ZAZEN 2

Tijdens Zazen is niet bewegen een essentieel punt. Dwz helemaal in eenheid zijn met zijn houding, geconcentreerd op zijn houding, alle gedachten, alle verlangens, alle zin om te bewegen, alles laten voorbijgaan.
In het dagelijks leven heeft men een neiging te denken dat vrijheid is doen wat men wil doen. Dit is waar; d.i. de vrijheid van het ego. Men heeft zin iets te doen en men doet het. Men heeft een verlangen en men probeert het te realiseren. Maar in Zazen laat men deze wijze van mentaal functioneren vallen. Men is niet meer geleid door onze verlangens. Men stelt zich tevreden om er gewoon bewust van te zijn en ze te laten voorbijgaan. Deze capaciteit om te laten voorbijgaan -niet onmiddellijk te reageren op elke impuls - geeft een grote zelfcontrole in het dagelijks leven. Dit wil niet zeggen zichzelf onderdrukken, maar de vrijheid vinden om te handelen of niet te handelen. In elk geval niet handelen omwille van een reactie of vanuit een automatisme. Bewust zijn van wat er in ons woont en dus positie kunnen nemen om iets al dan niet te doen. Dit is de ware vrijheid van Zazen.

Gisterenavond tijdens de voordracht was er een nadrukkelijke vraag over satori of verlichting.

In onze traditie van Sotozen, is het de beoefening op zichzelf die satori is, elk moment dat bevrijding is, ontwaken. Maar natuurlijk moet het dan ook de juiste beoefening zijn, niet alleen zitten en blijven zijn gedachten herkauwen en blijven bewegen. Anders is het zitten zoals men in het dagelijkse leven zit en geen zazen. Het volstaat niet om aan de buitenkant de juiste zazenhouding te hebben, het gaat om de juiste innerlijke concentratie.

Er zijn 3 fundamentele basissen opdat de beoefening ontwaken wordt, onwaken is. Men zou kunnen zeggen de 3 pijlers van Zen (niet de 3 pijlers van het boek van Capiaud). De 3 pijlers zijn : Shikantaza, Hishiryo en Mushotoku. Het zijn Japanse woorden maar die helemaal overeenkomen met de realiteit van onze beoefening en die ga ik dit tijdens zazen becommentariëren. Omdat er veel beginners bijzijn vandaag is het een goede gelegenheid om tot de basis terug te keren, in onszelf de geest van beginner terug te vinden.

SHIKANTAZA

Shikantaza wil zeggen : gewoon, eenvoudigweg alleen maar zitten. D.w.z zijn hele energie en aandacht in de houding zetten. Zonder wat anders ook achterna te hollen, zonder zijn gedachten te herkauwen, de dagelijkse beslommeringen opgevend, zich er niet aan hechten, zonder zich bezig te houden met koans, gebeden of mantra's. Er is niets nodig. Enkel aanwezig zijn, hier zijn. In eenheid met de lichaamshouding, zonder bewegen. Wanneer men zegt dat Zen alleen zitten is, zijn de mensen soms ontgoocheld en denken dat het om een beperkte oefening gaat. Maar het is zitten met een juiste tonus van het lichaam, niet teveel gespannen ook niet te los, de wervelkolom goed recht en de geest helemaal in eenheid met deze houding, volledig doordringend in de realiteit van elk ogenblik. Doorheen onze gewaarwordingen, volledig bewust van zijn lichaam en zijn ademhaling. Zijn geest niet laten ronddwalen in alle mogelijke richtingen. Als men zo oefent, wordt het huidige ogenblik het leven helemaal geleefd, helemaal in contact met onszelf en met de omgeving. In het terugvinden van deze eenvoud is er niets anders nodig om de volheid van het leven in elk moment terug te vinden. Zich voorbij teveel of tekort bevinden.

Maar deze manier van zijn is niet beperkt tot de houding van zitten. Wanneer men opstaat en in Kin Hin stapt is men helemaal geconcentreerd op elke stap, men gaat tot op het eind van elke uitademing gaan. Zo is elke actie helemaal volledig gemaakt. Dit is ook Shikantaza : niet de dingen maar half beleven. Bijvoorbeeld tijdens een reis, het meeste van de tijd heeft men maar één iets in het hoofd en dat is aankomen. Men wordt gestresseerd, gehaast, soms veroorzaakt dit ongevallen, maar als men Shikantaza beoefent tijdens het reizen, wil dit zeggen dat de reis zelf de beoefening van de weg is. De weg ligt niet een doel om te bereiken, maar in de manier van vooruitgaan, van stappen.

Een Zazendag beoefenen is dit ervaren. Van elk ogenblik van de dag een gelegenheid maken om te oefenen, terug te komen naar de concentratie op de houding, helemaal bij het eten te zijn als men eet, helemaal met het mes zijn als men groenten snijdt, alles doen terwijl men bewust is van zijn omgeving, zich harmoniseren met de anderen, ze respecteren, aandachtig zijn voor de anderen. De Zenconcentratie is niet alleen naar binnen gekeerd zijn, maar de niet-scheiding realiseren tussen het vanbinnen en vanbuiten. Aanwezig zijn bij zichzelf en de anderen tegelijkertijd en zo een meer harmonieuze manier van leven terugvinden, in harmonie met de diepe realiteit van het bestaan. En zo wordt het hele leven Shikantaza. Shikan kinhin, Shikan eten, Shikan samu, Shikan met iemand spreken, uiteindelijk is Shikan onbeperkt. En de dojo wordt de hele cosmos. Alle plaatsen zijn goede plaatsen om de weg te volgen.

 

 

ZAZEN 3

 

HISHIRYO

De 2de pijler van onze Zazenbeoefening is wat men hishiryobewustzijn noemt. "Hi" wil zeggen "overstijgend", "voorbij" en "shiryo wil zeggen "gedachte". "Shiryo" is de activiteit van het gewone denken, die probeert de realiteit te grijpen doorheen concepten, woorden. "Shiryo" is het denken dat meet, dat berekent, dat probeert de wereld te beheersen. Het denken dat vergelijkt, een scheiding maakt, zoals in het begin een kind begint te spreken van ik en jij, dit is van mij, dit is niet van jou. Om te leven is dit soort van denken zeker nodig. Maar als dit soort van denken helemaal onze geest beheerst, worden wij er de gevangene van. Dan zijn we niet in contact met de wereld maar enkel met onze eigen gedachten. En uiteindelijk nemen we dit dan nog voor waar aan. Men schept noties, en nadien behandelen we ze alsof ze de realiteit zelf zijn.

Hishiryo is niet het tegenovergestelde, het is niet het niet-denken. Niet-denken is fushiryo. Fushiryo betekent de gedachten willen onderdrukken, maar dit is niet de betekenis van de beoefening van zazen. Hishiryo is waarnemen van de gedachte die er is maar er zich niet mee vereenzelvigen, zich er niet aan hechten. Hishiryo is dus de beweging van het bewustzijn dat niet stopt bij het denken maar dat het denken overstijgt. Een goede manier om dit te beoefenen is door, terwijl men bewust is van het lichaam en de uitademing, het moment te bekijken dat er een nieuwe gedachte ontstaat, juist het ogenblik van het ontstaan. Zoals een bel die ontstaat op de bodem van het water: ze zien ontstaan, opstijgen, vergroten en uiteindelijk zien uiteenspatten aan de oppervlakte. Als ze uiteenspat aan de oppervlakte gaat de bel terug naar haar oorsprong, dan ziet men dat ze geen wezenlijk bestaan heeft. Het is hetzelfde met gedachten die ontstaan uit de bodem van het onderbewuste, vanuit de bodem van het niet-denken. Van het niet-denken komt er een gedachte, in het begin niet al te duidelijk maar langzamerhand meer en meer duidelijk voor ons. Eenmaal we ze gezien hebben laten we ze terugkeren vanwaar ze ontstaan is. Zo, zonder moeite of inspanning te doen om gedachten te onderdrukken, kan men vrij zijn van zijn gedachten. In het dagelijks leven laat dit toe vrij te zijn van zijn obsessie, zijn zorgen, en zijn denken vrij te kunnen gebruiken als dit nodig is, zonder door onze automatische gedachten geconditioneerd te zijn. Zonder ook gehecht te zijn aan onze vooroordelen, onze opinies. Zelfs niet aan wat we denken dat de waarheid is.

Hishiryo is de meditatie van de Boeddha onder de boddhiboom die hij beschreef als de 4 etappes waarover ik gisteren sprak. Eenvoudigweg tijdens zazen zijn er geen 4 opeenvolgende stadia, elk ogenblik is een nieuwe etappe en men blijft bij geen enkele etappe steken. Dikwijls zijn er begeerten die tevoorschijn komen: willen bewegen , willen eten, drinken, soms een erotisch verlangen, allerlei verlangens verschijnen tijdens zazen. Dikwijls komt het tegenovergestelde, vijandigheid, als de zazen te lang duurt, worden sommigen ontevreden naar de godo toe. Van al die emoties worden we bewust en we laten ze voorbijgaan zonder er bij te blijven stilstaan. Op andere momenten begint men na te denken, om bevrijd te worden. En zelfs als onze gedachten interessant lijken voor ons, stelt men zich ermee tevreden er één ogenlik van bewust te zijn en ze dan te laten voorbijgaan. Hetzelfde voor gevoelens van vreugde, vrede, sereniteit die men kan ervaren. Hishiryo is de staat van voortdurend overstijgen van gehechtheid aan om het even welke toestand.

Men kan Hishiryo vergelijken aan de vlucht van een vogel in de lucht, die geen sporen nalaat, die zich niet aan een bepaalde plaats hecht, die geen voorgetrokken weg volgt en toch gaat hij niet verloren. D.w.z zeggen dat Hishiryo de ware vrijheid is van onze geest is, voorbij al onze mentale conditioneringen. Niet nodig de verschijnselen te willen verwerpen, ontvluchten, te willen vluchten van de wereld. Gewoonweg zich niet hechten aan wat zich voordoet.

MUSHOTOKO

Deze vrijheid houdt het derde aspect van onze beoefening in nl. Mushotoku. D.w.z vrij zijn van elk object, van elke bijzondere bedoeling. Dit wil niet zeggen zonder bedoeling zijn, maar er geen gevangene van zijn. Bijvoorbeeld, het is nogal evident dat als je hier bent vandaag, je gemotiveerd bent voor de beoefening van zazen. Anders zou je misschien naar het strand geweest zijn of thuisgebleven zijn. Onze motivatie is wat ons brengt tot aan de poort van de beoefening, die ons op de weg brengt. Maar éénmaal we in de beoefening geëngageerd zijn, gaan we ons enkel op de beoefening zelf concentreren. Zo is er geen dualiteit meer tussen zichzelf en de beoefening. Men laat de beoefening niet degenereren tot het nog enkel een techniek is Men concentreert zich absoluut op elk moment dat zo op zich de verwerkelijking is. Op dat ogenblik, door het loslaten van al onze bedoelingen, van al onze verlangens, is de verwerkelijking reeds daar, daar verwerkelijken betekent zich emanciperen, zich bevrijden van onze onwetendheid, van onze begeerte, en van onze afkeer, de drie vergiften die de wereld van samsara beheersen. Als deze 3 vergiften opgegeven zijn, zelfs zonder de wereld te verlaten, wordt onze manier van in de wereld te zijn nirvana, vrede en vrijheid en dat beïnvloedt onze omgeving, is niet alleen voor onszelf gunstig. Het is daarom dat we op het einde van zazen, tijdens de ceremonie, de verdiensten van zazen opdragen aan alle levende wezens, in het verleden, nu en in de toekomst.

 

 

MONDO 1

Vraag : Het is een vraag die betrekking heeft op wat je gezegd hebt over Hishiryo. Tijdens zazen overkomt het me dikwijls niet alleen van gedachten te hebben maar ook een idee, een idee dat me belangrijk lijkt voor het dagelijks leven. Ofwel kan ik mij op dat ogenblik op dat idee concentreren, wat dan geen zazen is, ofwel proberen het me nadien te herinneren. Ofwel te laten voorbijgaan, maar dan herinner ik het mijn nadien niet meer.

Antwoord : Ik ken iemand die een boekje in zijn mouw heeft en tijdens kinhin schrijft hij het op. Bovendien is het geen beginneling. Maar normaal moet je dat niet doen, anders wil dit zeggen dat je gehecht bent aan de gedachte en dat is niet nodig. Als het een echte belangrijke gedachte is zal je ze wel herinneren, anders is ze niet zo belangrijk. Dan is het maar een idee tussen de andere. Als het werkelijk een diep begrijpen is, ga je je dit wel herinneren en daarna maakt het deel uit van de wijsheid van zazen. Zazen geeft deze wijsheid. Juist omdat tijdens zazen onze gewone manier van denken verandert en er kan dus wel een creativiteit zijn tijdens zazen. Onze mentale gewoonten veranderen, dit bevrijdt de geest, het opent naar andere gezichtspunten, een andere manier van denken.. Dit is ook waarom zazen helpt om creatief te worden en de geest te deblokkeren. Men vergelijkt het met een blok ijs: als je geest als een blok ijs is kan er niets vloeien. Dit is dikwijls in het dagelijks leven als men geen uitweg vindt: men is niet in staat om een ommezwaai van 360° in het denken te maken, men ziet slecht 1 standpunt en geen andere. Zazen is dus het denken 360° omdraaien. Alle aspecten zien. Dikwijls is het zo Eureka, een gedachte, een idee die opkomt. Soms is het zelfs een gedachte die ineens na zazen verschijnt: men is in zazen, men denkt aan niets en plots komt er een oplossing voor waar men mee bezig is. Het is dus niet de moeite om een gedachte blijvend te onderhouden. Het zoals je een foto zou nemen: een flits (gezien) en dan laat je het voorbijgaan. Wel er bewust van zijn maar dan laten voorbijgaan. Als men iets duidelijk gezien geeft zal men het niet vergeten.

 

 

MONDO 2

Vraag : Ik heb tijdens zazen altijd moeite om mijn ogen onbeweeglijk te houden. Men mag niet de ogen fixeren en daarom hebben mijn ogen de neiging te bewegen, heen en weer te gaan.

Antwoord : Niet noodzakelijk. Ik zit zo, ik zie tot de muur ginder, ik zie tot de tuin daar maar mijn ogen bewegen niet. Ze gaan niet zo… ’t is niet de moeite.

Vraag : Het is niet zo erg, ze bewegen wel iets

Antwoord : Ze moeten niet gefocused zijn op iets. Als u de blik echt op iets gaat focussen dan creëert is het normaal dat je ogen gaan willen bewegen. Omdat dit spanningen in de ogen creëert en om te ontspannen ga je je ogen bewegen. De blik van zazen is dus helemaal niet focussen, maar werkelijk een helemaal ontspannen blik. Het werkelijk vanuit een onbewust kijken, dus niet naar iets bepaalds. Als men echt te gefixeerd is kan men zelfs dingen gaan scheppen (makyo), hallucinaties: men ziet speciale vormen, daar bijvoorbeeld, en het wordt zoals een cinema.

Tussenkomst vraagsteller: dit gebeurt met mij, mijn brein creëert beelden.

Antwoord : als het dit is wat je gebeurt is het omdat je teveel gepolariseerd, gefixeerd bent.

 

MONDO 3

 

Vraag : Aan het begin van Zazen neemt men een goede houding aan en bij mij na 10 - 15 minuten gaat deze houding wat ineenzakken. Wat is dan het beste : niet bewegen ofwel de houding verbeteren?

ANTWOORD : Niet bewegen wil zeggen geen belangrijke bewegingen maken zoals krabben, aan je neus wrijven, niet bewegen. Dit wil echter niet zeggen verkrampt, versteend zitten als een blok. Het is belangrijk dat er een soort flexibiliteit, soepelheid is in de houding om voortdurend de tonus aan te passen. Ik ga nu een beetje overdrijven, een beetje karikaturaal maken. Na 10 - 15 minuten (veronderstellen we dat dit zo is - RR doet een ineengezakte houding na), plots constateert men er gaat iets niet en dan kan men zelf de houding subtiel verbeteren (RR gaat opnieuw in de juiste houding zitten). Het is niet altijd zo zichtbaar, het kan ook heel miniem zijn. Soms kan men zich rekenschap geven dat zijn schouders gespannen zijn en dan gewoon loslaten. Het kan dus heel subtiel zijn, soms 2 à 3 millimeter. Soms kan je houding ook ineenkrimpen en dan, zoals een draad aan je hoofd zou hangen laat je je wervelkolom weer rechtopkomen. Dit is niet echt bewegen maar je eigen houding verbeteren. Zo blijft je houding levendig en niet zoals een bok. Als men teveel geblokkeerd is zal de energie slecht stromen; als men voortdurend aanpast kan men een evenwicht houden, en het zelf corrigeren van je houding brengt je aandacht bij jezelf, bij je houding. Dat creëert een echte eenheid van geest en lichaam; het is geen metafysische gedachte maar een voortdurend zelf corrigeren van de houding en daardoor blijf je bij jezelf. Dus bewust zijn van de staat van je lichaam en zelf corrigeren. Vervolgens loslaten, niet altijd in een te bewuste controle willen zijn, dat zou ook overdreven zijn: er is ook een tijd om los te laten, zazen alleen te laten handelen. Als men dit doet is er na een tijd weer de neiging van je lichaam te gaan ineenkrimpen, oude gewoonten van en dan kun je weer corrigeren.

 

  

 

 

MONDO 4

Vraag : De essentie van zen is zazen en dus enkel zitten. Ik ben een nieuwe zazenleerling. Wat bij mij spontaan weerstand oproept is de Japanse teksten die gereciteerd worden, waar ik niets van begrijp. Ook de ceremonie van deze morgen, ik vind dit prachtig, maar ik heb het gevoel dat ik een vreemde mantel aantrek, waar het net andersom de bedoeling is om mantels te kunnen uitdoen!

Antwoord : Dit is een lange vraag. Om daar goed op te antwoorden zou ik eigenlijk lang moeten spreken.

Ten eerste: de ceremonie is helemaal niet belangrijk, niet noodzakelijk. Zen is inderdaad enkel zazen en zazen op zich is compleet, het is niet nodig rituelen te doen. D.w.z als je dit niet voelt kun je daar gewoon achteraan blijven. Dit is mogelijk.

Maar als je begrijpt dat de ceremonie - alhoewel niet noodzakelijk - toch een uitdrukking is van zazen. Het is geen Japanse folklore, geen vreemd Japans kleed, iets buiten zazen. Het is niet erbuiten, het is de uitdrukking van zazen. Al wat men tijdens de ceremonie doet, het zingen, de bewegingen en ook de teksten zijn echt een uitdrukking van zazen, absoluut alles. Als ik dat allemaal moet uitleggen is dit zeer lang. Ik ga proberen kort te zijn.

Dit is wat we dus doen tijdens de ceremonie en de betekenis is helemaal zazen. Dit wil ook zeggen dat de ceremonie een overgang is tussen het zitten, de stilte van zazen, en het dagelijks leven. Uiteindelijk - hoewel het dus niet noodzakelijk is - merkt men dat als we direct opstaan en weggaan na zazen, dit te brutaal is, er is iets tekort. Ik geloof zelfs dat er een menselijke nood is die fundamenteel is, bijna alsof het in zijn genen zit, om een diep religieus gevoel te kunnen uitdrukken, dat het geloof is in een dimensie van het leven, iets dat voorbij ons kleine ego gaat. Daarover is een studie gemaakt in Frankrijk in de jaren 78- 80. Allerhande professoren en onderzoekers van de Sorbonne (van diverse disciplines : historici, archeologen, geneeskundigen, etnografen…) hebben het religieus fenomeen doorheen eeuwen onderzocht en men heeft ontdekt dat overal waar mensen zijn dit fenomeen daar is en zelfs als men het wil onderdrukken komt het op een andere manier naar boven. Het is werkelijk een fundamentele nood zoals eten of ademen. Het bestaat erin de goede formule te vinden om dit tot uitdrukking te brengen, een vorm die ook geen bijgeloof moet worden, maar die een ervaring uitdrukt en dit is de betekenis van de ceremonie die we doen na zazen. Het is de verlenging van wat we beleven tijdens zazen, niet iets abstracts. Trouwens, nu gaan we het ook doen.

Dank u wel.

 

BEGINPAGINA