|
|
13/06/2004
ZOOL
‘Ep One’
Soms
zegt het hoesje meer over een plaat dan een hele recensie. Op de eerste
EP van Zool – er volgen er nog twee – staat een haarscherpe foto van een
rode ui die als speldenkussen wordt gebruikt. De ui: het hoofd van de
luisteraar. De spelden: de nu eens licht klassieke, dan weer reutelende
maar altijd zinneprikkelende elektronica van Zool. De even mooi vormgegeven
website leert dat de man achter Zool Gerry Vergult is, Gentenaar met een
stukje Belgische muziekgeschiedenis achter de rug (oprichter van Aroma
di Amore, begin jaren tachtig). Op 'Ep One' heeft deze Vergult drie pareltjes
luisterelektronica gezet.
'Semtex' begint als een soundscape. De luisteraar komt een grote hal binnen
die gonst van de bedrijvigheid maar waar de nodige dempende filters over
gelegd zijn. De fijngeweven laagjes die daarna toegevoegd worden zijn
van een grote helderheid: een simpel, langzaam lijntje van belletjes en
een kort tikkend, stuwend ritme dat zich in vijf laagjes laat opbouwen.
Halverwege 'Semtex' komt de verrassing als een smerige bas en een hiphopritme
de opgebouwde subtiliteit van tafel lijken te vegen. Na een korte pauze
waarin de luisteraar even de weg in de hal kwijt is geraakt, komen traditionele
drums en laptopritmes weer samen en gidst een snelle, echoënde vibrafoon
de luisteraar weer naar het daglicht. Een ritmisch erg leuke ervaring.
Ook 'Oslo' begint donker, met lage wegebbende slagen en heldere van links
naar rechts zwevende tonen. Geleidelijk aan nemen klagende strings de
vorm aan van een melodie. Net op het moment dat je als luisteraar wel
iets anders zou willen, sleept er zich een zware dub-baslijn door het
nummer. De slome beat kraakt – letterlijk- de schoonheid van het geheel
een beetje af. Dat contrast is ook de grote troef van het nummer. De Schone
en het Beest in 1 track vervat.
Heel interessant om naar te luisteren is 'Kitty Hybrid'. 4'55" lang hoor
je geluiden die recht uit de staalfabriek zouden kunnen komen. Ponsmachines,
gesnerp, lasapparaten en gereutel, allemaal in een vierkwartsmaat geplakt.
Ook hier weer weet Zool deze geluiden knap te doseren: nooit te luid,
nooit overheersend. Hier komt een snerpend, hoog tikkend, waanzinnig subtiel
ritme uit voort. Wederom lekker langzaam en gevoed door een donkere bas.
De feërieke, warme keyboardlijntjes die recht uit het hart van de laptop
lijken te komen zorgen voor kinderlijke verwondering. Zo'n beetje als
een kind dat in een box naar een grote mobile ligt te kijken. Zool maakt
minimalistische, tot op de piepknor perfect afgestelde luistermuziek.
Elk effectje staat waar het moet staan en krijgt de ruimte om dat te bewijzen.
'Ep One' is een subtiel staaltje intimiteit. Met zijn allen in de boxen
van onze muziekinstallatie dus. Niet voor wereldschokkende muziek maar
voor een streepje ouderwetse elektronische gezelligheid.
Sam
Verhaert
|
|